GPD-gate
Met enige regelmaat biedt Sargasso ruimte voor gastredacteuren. Vandaag een stuk van MG, een van de vaste reaguurders.
Het is een veel te grote storm in een piepklein glas water en nog op de verkeerde plaats ook: “GPD-gate”. Journalisten die zich als bloedhonden op hun prooi werpen en de mooiste grote woorden gebruiken om maar te laten blijken dat ze het allemaal maar heel erg vinden. Is het allemaal wel zo verschrikkelijk? Loopt de persvrijheid gevaar en zo ja: wie is daarvan dan de schuldige? Ligt er niet een ander probleem aan de basis van het GPD-verhaal?
Woordvoerders, persvoorlichters, voor elke rechtgeaarde journalist zijn het muren waar je doorheen moet. Wil je een organisatie in dan struikel je over deze drempel. Persvoorlichters zijn de mensen die het bedrijf moeten beschermen tegen lastige vragen. Een verkeerde uiting kan immers koppen doen rollen of, nog erger, miljoenen kosten. Persvoorlichter is dan ook eigenlijk per definitie een verkeerde omschrijving.
De “voorlichter” zie ik dan ook als iemand die tot taak heeft de informatie die de organisatie verlaat te controleren, censureren. Daarom ook dat menig bedrijfsprotocol over contacten met de pers begint met: “Parkeer de journalist netjes, geef koffie en waarschuw direct de dienstdoende persvoorlichter!”. Dit gevolgd door telefoonnummers van thuis, de mobiel, het vakantieadres, de pieper en van de schoonmoeder van de betreffende persoon.
Voor de journalist is het natuurlijk de truc om die barrière te mijden. Je krijgt namelijk alleen te zien en te horen wat de voorlichter je wil laten zien en horen. Gelukkig is de journalist goed geschoold, kent hij de trucjes en (gespreks)technieken om daar te komen waar hij wil wezen: bij de waarheid.
Begin dit jaar werd het Europees Parlement opgeschrikt door de vorming van een extreemrechtse fractie, onder de naam Identiteit, Traditie, Soevereiniteit (ITS). Voorheen was het extreemrechts nooit gelukt om leden uit genoeg lidstaten bijeen te krijgen om een
Op Sargasso is ook plaats voor gastbijdragen. Deze week een culturele bijdrage van Esther Vreeland.
Topsport in Amerika blijft iets aparts. Vooral in Europa vragen wij ons af het echt topsport is, of toch meer topamusement. De shows om de wedstrijden heen duren meestal langer dan de sportieve prestaties zelf. De grootste sterren en
?Ik heb een kwart eeuw rondgezworven als komisch persoon?, vat Herman Finkers zijn carrière tot dusverre samen. Veel te bescheiden natuurlijk voor één van de succesvolste cabaretiers van de jaren ?90. Toch schuilt er een kern van waarheid in. Finkers was inderdaad komisch ? héél komisch ? maar meestal ook niet meer dan dat. Hoe knap zijn taalvondsten ook waren, hoe geestig zijn presentatie ook was en hoe vol de zalen ook zaten. Na zeven jaar pauze laat Finkers in een nieuw programma de breedte van zijn talent zien. Eindelijk.
Max Havelaar is slecht voor koffieplukkers. Greenpeace bedreigt het regenwoud. Organisaties die het moeten hebben van politiek correcte stellingname liggen de laatste tijd onder scherp vuur van een nieuw soort activisten met een meer pragmatische inslag. Geen strijd meer tegen het kapitalistische systeem, maar de instrumenten daarvan gebruiken om de idealen te verwezenlijken. De les van de discussie is vooral dat activistische middelen hun effectiviteit kunnen verliezen als ze grootschalig worden ingezet.
Vraag het een Fransman, een Duitser, een Spanjaard of een Italiaan. Ze zullen allemaal hetzelfde antwoord geven:
Purrschuim. Handig spul bij verbouwingen en bij
Wat hebben Iggy Pop en Ruud Lubbers gemeen? De twee zestigers zijn graag geziene gasten op festivals. Onvermoeibaar propagandeert Ruud Lubbers daar het belang van de millenniumdoelen. Daarin ziet hij een belangrijke rol voor jongeren.