Waar je staat bepaalt wat je ziet

Waar je staat bepaalt wat je ziet

Dit is het motto van Ewald Engelen waar hij vaak aan refereert tijdens zijn colleges. (Zie mijn college verslagen). Aan de discussie in Nederland over de euro is dat vaak mooi te zien. Veel mensen zien de problemen van de euro als het falen van de ander, de Griek die ligt te luieren en ons harde werkers daarvoor laat betalen. Grieken zien dat heel anders kan ik u verzekeren.

Over de benoeming van de nieuwe premier van Griekenland Papademos schrijft Spits:

[Hij] doet zijn naam eer aan met de benoeming tot interim-premier. Demos, waar het woord democratie van afstamt (krateo betekent regeren), betekent in het Grieks volk. Hij wordt dus de papa van het Griekse volk, hopelijk een strenge.

Hier wordt de verantwoording voor pijnlijke maatregelen eenzijdig gelegd bij de Griekse regering en burger. Nu is dit natuurlijk maar een geïsoleerde uiting en wie weet heeft Spits de rol van de banken, en de voordelen van de euro, elders goed gedocumenteerd. Maar de benadering van Spits is hier duidelijk: Grieken hebben een strenge leider nodig zodat die voor hun vervelende maatregelen nu eens uitgevoerd kunnen worden.

Een ander voorbeeld is onze eigen minister van Financiën, Jan Kees de Jager. Naar aanleiding van Wilders voorstel om te onderzoeken of we niet beter weer de gulden kunnen invoeren wordt hem gevraagd of hij dat snapt (ga naar 12:30):

Transcript:

[begint op 12:30, Interviewer] Snapt u ook het gevoel bij mensen: voor de invoer van de euro hadden we ook geen last van die zuidelijke landen die de boel niet op orde hebben?

[de Jager]: Ja dat gevoel begrijp ik wel, alleen toen hadden we er ook heel erg veel last van, nog meer last zelfs dan de afgelopen tien jaar in ieder geval, alleen dat zag je dan misschien niet zo snel. Dat gebeurde doordat ze hun munt in geld lieten ontwaarden, dat zie die ineens naar beneden brachten die koers en daardoor kregen onze exporteurs weer in eens veel minder geld terug, in harde guldens, dan wat ze hadden verwacht.

Vraagsteller èn minister benaderen het probleem vanuit het perspectief van de Nederlandse burger. Volgens de vraagsteller hebben de zuidelijke landen “de boel niet op orde”. En de minister gaat wel erg makkelijk voorbij aan het belangrijkste nadeel van de munt-unie: het niet meer hebben van de mogelijkheid om je munt te devalueren om recessies te bestrijden. Hij beschrijft dat als onbetrouwbare buitenlanders die hun geld afwaarderen zodat wij blijven zitten met onze harde guldens. Zo ging dat toen.

Het is allemaal een kwestie van perspectief, en in dit geval is dat het perspectief van het eigenbelang. Het gebeurt in een paar seconden en het is voorbij zonder dat je het in de gaten hebt, maar de kijker heeft ongemerkt wel wat geleerd: het is de ander die het doet en wij zijn het slachtoffer. De term framing wordt geloof ik ook wel gebruikt voor dit fenomeen. Wie er op let ziet het dagelijks op TV of leest het in de krant. Zo bezien is het niet onbegrijpelijk dat de burger boos is en heimwee heeft naar de gulden.

  1. 1

    Het verbaast me dat de rol van de banken en hedgefunds in deze hele crisis inmiddels helemaal lijkt te zijn vergeten. Mooi uitgangspunt: waar je staat bepaalt wat je ziet.

  2. 2

    Engelen noemt ze wel, maar het is een “side show” (letterlijk zijn term). In het boek bespreekt hij ze uitvoerig. Hij geeft het weinig aandacht denk ik omdat ze instrumenteel waren, ze zijn niet de oorzaak.
    Daar komt bij dat veel hedge funds gewoon van banken waren.

    (private equity noem je niet maar die horen daar ook bij de “alternative investments”)