Tijdens mijn vakantie kwamen de Geallieerde landingen in Afrika, Italië en Normandië in aanraking met de kopzorgen van Amerika’s fine fleur van de haute finance. Voor de camping bij Calais had ik slechts ruimte voor twee boeken: Jonathan W. Jordans Brothers, Rivals, Victors. Eisenhower, Patton, Bradley, and the partnership that drove the Allied conquest in Europe en Andrew Sorkins Too Big To Fail. Inside the battle to save Wall Street. Ik heb de (slechte) gewoonte om boeken niet serieel, maar parallel te lezen (parallel reading om een term te coinen). Dat leidt vaak tot onvoorziene dwarsverbanden. Nu ook.
De overeenkomsten tussen de problemen van Amerika’s CEO’s van Lehman Brothers, AIG, de Federal Reserves en het stelsel van Amerikaanse centrale banken enerzijds en de strijd tegen Hitler Duitsland in Afrika en Europa anderzijds zijn opvallend. Zowel de Geallieerde generaals als de bankiers hebben te maken met de a) werkelijke gang van zaken die hen grotendeels overkwam, b) de strategie om grip op de situatie te krijgen, c) de uitvoering daarvan en d) de (publieke) opinie die hen daarover oordeelt. Zo algemeen geformuleerd geldt dat voor alles en iedereen, verschil met al die anderen, zijn de (fout)marges. Die zijn, voor soldaten als bankiers, heel erg klein.