COLUMN - Vanmorgen hoorde ik op de Zwitserse radio een reportage over de zelfinparkerende auto. Deze auto zoekt een parkeerplaats, waarna je kunt uitstappen om hem vervolgens via je iPhone opdracht te geven in te parkeren. Voor veel mensen met parkeerfobie is dit een handige gadget, mede omdat auto’s steeds groter zijn geworden – kijk maar eens naar een kever of een lelijke eend – en parkeerplaatsen niet. Inparkeren is dus objectief lastiger geworden.
De auto parkeert keurig in, en automatisch inparkeren is niet eens riskant: met een druk op de knop kun je de manoeuvre stoppen. Maar, en nu komt het, voorlopig is deze technologie niet toegestaan in Zwitserland. Een politieman legt fijntjes uit waarom dit is: volgens de wet moet een auto een chauffeur hebben, en als deze er niet is, kan en mag de auto niet rijden. In de EU is men al bezig om de wetgeving aan te passen, de Zwitsers sloffen er als altijd achteraan.
Achter de feiten aanlopen
Dit probleem komt in de politiek veel voor: de ontwikkelingen gaan sneller dan de politiek, de politiek reageert, vaak te laat. De EU is een schoolvoorbeeld van deze strategie: er wordt pas gehandeld als het echt niet anders meer kan, dan moet er een compromis worden gevonden en wordt er tot in de vroege uurtjes dooronderhandeld. Hoeveel Griekenland- en eurotops zijn er de laatste jaren niet geweest? Onder druk wordt alles vloeibaar, zo lijkt het devies.