Vergeet Adam en Eva, Kaïn en Abel, Babel, Abraham en Sara: het meest verbazingwekkende verhaal in Genesis draait zonder twijfel om Lot en zijn familie (Gen 19). Terwijl Abraham op reis is komt de Here bij hem langs in de vorm van twee boodschappers, die hem vertellen dat ze de steden Sodom en Gamorra verderop in de vallei gaan checken. Het schijnt daar, nu ja, nogal een Sodom en Gamorra te zijn. Op voorspraak van Abraham belooft God de steden niet te vernietigen als er voldoende rechtschapen mensen te vinden zijn (Gen 18). Bij Sodom aangekomen worden de boodschappers vriendelijk ontvangen door Lot. Maar Sodom zou Sodom niet zijn als er niet wat gesodomiseerd zou worden:
Eer zij zich te slapen leiden, zo hebben de mannen dier stad, de mannen van Sodom, van den jongste tot den oudste toe, dat huis omsingeld, het ganse volk, van het uiterste einde af. En zij riepen Lot toe, en zeiden tot hem: Waar zijn die mannen, die deze nacht tot u gekomen zijn? breng hen uit tot ons, opdat wij ze bekennen. Toen ging Lot uit tot hen aan de deur, en hij sloot de deur achter zich toe; En hij zeide: Mijn broeders! doet toch geen kwaad! Ziet toch, ik heb twee dochters, die geen man bekend hebben; ik zal haar nu tot u uitbrengen, en doet haar, zoals het goed is in uw ogen; alleenlijk doet dezen mannen niets; want daarom zijn zij onder de schaduw mijns daks ingegaan.