Post-Atheïst | De joodse Jezus
COLUMN - Jezus was een jood en zijn leerlingen waren dat ook. Dat roept de vraag op waarom de christenen geen joodse sekte zijn gebleven. Daar wordt veel onderzoek naar gedaan, maar helaas nemen de historici die zich bezighouden met ‘the parting of ways’ nauwelijks de moeite het onderwerp uit te leggen aan het publiek, zodat er ruimte is voor kwakhistorici die verouderde interpretaties opnieuw tot leven brengen.
Eén zo’n zombietheorie is te vinden in het vorige maand dankzij FOX News onverwacht populair geworden boek Zealot, waarin Reza Aslan een Jezus schetst die werd gedreven door anti-Romeinse sentimenten. Nu de rijkdom van de Dode Zee-rollen is ontsloten, weten we beter welke onderwerpen destijds belangrijk waren, en dat was minder het verzet tegen de Romeinen dan de halacha, de juiste manier om te leven volgens de Wet van Mozes.
Een joodse Jezus moet dus halachische discussies hebben gevoerd. Een voorbeeld vinden we in het Matteüs-evangelie, waarin Jezus iemands verschrompelde hand geneest. Meteen volgt kritiek. Het is sabbat! Joden mogen niet werken! Jezus geeft lik op stuk:
Stel dat u maar één schaap hebt en dat valt op sabbat in een kuil, wie van u zou het niet vastgrijpen en het er weer uit halen? En is een mens niet veel meer waard dan een schaap? Daaruit volgt dat we op sabbat goed mogen doen. [Matteüs 12.9-12; NBV]