serie

Anders nog iets?

Anders nog iets? | Pessimistische optimist

COLUMN - Mensen blijken onverbeterlijke optimisten te zijn. Dat is een natuurlijk overlevingsmechanisme in elk mens, waardoor we altijd zonnig naar onze toekomst blijven kijken en waarbij we voorspoed in ons verschiet zien liggen. Want wie wil er nu niet lekker onbezorgd vooruit kijken naar de jaren die we nog mogen leven? Niet op elke weg die we bewandelen, die spreekwoordelijke beer tegenkomen? Wie wil er nou geen probleemloos leven leiden, zonder paniek, onrust en gevaar? Nou, ik in elk geval… niet.

Iedereen is van nature uitgerust met een bepaalde mate van optimisme. Zo kennen we allemaal die immer vrolijke en optimistische persoon, die nooit een probleem ziet (of wil zien). “Problemen bestaan niet, het zijn enkel uitdagingen”, zal dan ook de lijfspreuk zijn van deze rasoptimist. Ook kennen we allemaal diegene die aan alles een positieve draai weet te geven. Wanneer we nog maar net “ja, maar…” kunnen uitspreken, zal zo’n opper-optimisticus je al in de rede zijn gevallen. “Ja, maar… is bij voorbaat een NEE!”, zal deze persoon u indoctrinerend uitleggen. Tja, de geboren optimistici onder ons maken nergens een punt van.

Ik wel. Ik ben gelukkig een overduidelijke raspessimist. Ik maak lekker overal een punt van. Zie nooit meteen het geluk of de progressie voor mezelf en mijn naasten. Leef enkel op “ja, maar…” zinnen. Geef nooit toe aan een eventuele positieve ontwikkeling. En zie zelfs op elk klein doodlopend landweggetje een grote beer verschijnen. En die gaat ook nooit zomaar voor mij aan de kant. Gelukkig maar. Nee, pessimisme is mijn levensstijl. Mijn eigen afweermechanisme ter verdediging van het optimisme.

Anders nog iets? | Digitale (social) media ontwrichten maatschappij

COLUMN - Facebook is de hel voor voornamelijk (tiener)meisjes. Selfies maken blijkt vaak levensgevaarlijk te zijn. We worden gemanipuleerd tijdens ons dagelijkse rondje op de social media. En er vallen doden door cyberpesten. Kortom, de digitale wereld staat relatief gezien nog in zijn of haar kinderschoenen en toch is de impact op het dagelijkse functioneren in de huidige maatschappij inmiddels immens en ondenkbaar uit te bannen.

Dat de wereld aan onze voeten ligt en dat er geen grenzen meer zijn, moge inmiddels duidelijk zijn. Het gemak waarmee we tegenwoordig in staat zijn om te ‘connecten’ met wie dan ook en waar dan ook ter wereld, is een machtig mooi gegeven. Het biedt ons kansen en mogelijkheden die we een kleine twee decennia geleden nog niet voor mogelijk hadden gehouden. Toch zal ik niet de enige, enigszins neurotische, (digitale) criticus zijn, die van mening is dat we met deze snelheid, waarmee we de digitale snelweg op dit moment terroriseren, onszelf en anderen op diverse fronten in gevaar brengen.

Zo lopen tegenwoordig wereldwijd veel jonge mensen bij psychologen en andere hulpinstanties om te werken aan hun dramatisch lage zelfbeeld. Met name de digitale Facebookwereld heeft hen overtuigd van het feit dat iedereen een beter, leuker, vrolijker en ontspannender leven heeft dan zijzelf. De vele gelukzalig lijkende foto’s, die dagelijks zichtbaar zijn in hun Facebookprofiel, bewijzen dat immers.

Anders nog iets? | Commercieel wachten voor gevorderden

COLUMN - Onderzoeken hebben bewezen dat de gemiddelde mens zo’n twee jaar van zijn of haar leven wacht. Dat komt neer op zo’n half uur per dag. Minstens drie uur in de week. Minimaal twaalf uur per maand. Zonde van de tijd. Maar vaak ook zonde van je geld én gemoedstoestand. Want de hel van het moeten wachten anno nu, is toch wel het immens gehate ‘commerciële wachten.’

Met de groei van de populariteit van het Internet en het mobiele altijd-en-overal-bereikbaar-zijn, is het commerciële wachten toegenomen. Je komt er tegenwoordig namelijk niet meer onderuit om soms een ‘helpdesk’ te moeten bellen. Dit soort vriendelijke hulptroepen, mogen wat mij betreft, om meerdere redenen, alles behalve ‘help’ voor hun desks plaatsen. Hier viert het commerciële wachten namelijk hoogtij! Is het al eens iemand gelukt om meteen een desk’helper’ aan de lijn te krijgen en direct geholpen te worden? Mij niet in elk geval.

Wanneer je zo’n hulpnummer belt, krijg je eerst een staccato robotstem te horen, die je vertelt hoe duur het gesprek per minuut zal zijn. Een weinig hoopvol, ergerlijk en bloeddruk verhogend begin. Dan treedt het betaalde (commerciële) wachten officieel in werking. De meest zouteloze liftmuziek wordt gestart om mij het wachten zogenaamd zo aangenaam mogelijk te maken. Tussendoor wordt ik gerustgesteld, dat ‘de medewerkers mij zo spoedig mogelijk te woord zullen staan.’

Anders nog iets? | Alles goed?

COLUMN - Twee woordjes die dagelijks uit miljoenen kelen van mensen in Nederland komen. Helaas meestal geen vraag uit interesse. Zelfs niet eens een echte vraag. Wel een korte oneliner, vermomd als vriendelijk gebaar naar degene aan wie je het vraagt. En we doen het allemaal. Vaak onopgemerkt. We denken hiermee vriendelijk te zijn en aandacht te hebben voor de ander. Maar is dat ook zo?

Iedereen herkent waarschijnlijk de situatie: Je loopt op een willekeurige plek, op een willekeurig moment. Opeens kom je iemand tegen die je (her)kent. Op dat moment kun/moet je razendsnel iets bedenken om te zeggen. Enkele voorbeelden: “Hey, das lang geleden!” (afhankelijk van de blijheid die het met zich meebrengt om die persoon weer te zien, maak je een keuze hoe vriendelijk je hierbij kijkt) of “Wat een weer weer, he?!” (kan altijd, zowel in positieve als in negatieve zin) of “Jij ook hier?” (dat zie je toch, knakworst!) of, daar komt ‘ie: “Alles goed?” Meestal komen deze vraagzinnetjes naar buiten, als vervanging van het traditionelere “hallo” of “hoi.” Net even wat meer variatie in de Nederlandse begroetingswereld dus. Maar allen even ondoeltreffend en nietszeggend.

Toch is er op zich niets mis mee natuurlijk. Beter dit, dan iemand compleet negeren of net doen alsóf je iemand compleet negeert. Maar de frequentie van het quasi-interesse-hebbend vragen of alles goed is, verdient ook geen schoonheidsprijs. We leven tenslotte in een nare wereld, die bol staat van de recessies, armoede, ziektes en onverdraagzaamheid. Een wereld waar bij niemand ALLES goed kan zijn. Onmogelijk.

Anders nog iets? | Lezen is in, ezel

COLUMN - Een gruwelijke droom. Badend in het zweet wakker worden. Een hartslag van 380 hebben. En panisch bedenken waar je bent en wat je hier doet. Het overkomt me geregeld. Als dromen de spiegel van de geest zijn, heb ik een erg verrotte geest. Als dromen de verwerking van de dag moeten voorstellen, ben ik een psychopaat in het kwadraat. Gelukkig zijn het ‘maar’ dromen. Onschuldig en niet corresponderend met de werkelijkheid.

Nog onschuldiger is het fenomeen: PALINDROOM. Een keurig symmetrisch opgebouwd woord, dat je zowel van links naar rechts, als van rechts naar links kunt lezen. Ook wel een spiegelwoord genoemd. Een palindroom is een taalkundig grapje, waar sommige mensen een sport van hebben gemaakt. Het Guinness Book of Records heeft het langste Nederlandstalige palindroom genoteerd als: koortsmeetsysteemstrook. Van achter naar voren hetzelfde leesbaar als van voren naar achteren. Enkele fanatieke palindroomfreaks kwamen aanzetten met het woord: potstalmelkkoortspilstaalplaatslipstrookklemlatstop. Ze hadden gelijk, het klopt aan alle kanten. Helaas was het een Nederlands woord dat niemand kent of snapt. Dus afgekeurd.

Palindroomzinnen blijken ook te bestaan. Mezelf afvragende wie ooit op het idee is gekomen om dit te ontdekken, lees ik bijvoorbeeld: Baas, neem een racecar, neem een Saab. Geweldig toch?! Of deze: Nelli plaatst op ’n parterretrap ’n pot staalpillen. Verzin het maar! Als beginnend “palindromist” kwam ik in eerste instantie niet verder dan lepel, negen en pap. Wanneer je dit al verwarrend vindt worden; het kan nog erger. In Engeland en Frankrijk zijn complete verhalen geschreven in het ‘palindrooms’. Hierin is elke zin die je leest omkeerbaar en toch ook weer leesbaar. Geniale meesters der taal hebben hier hun levenswerk van gemaakt. Waarschijnlijk ademen, eten en poepen ze palindromen. Waarschijnlijk hebben ze ’s nachts ook wel eens gruwelijke dromen. Net als ik.

Anders nog iets? | Hoge cijfers geen garantie voor een gelukkige toekomst

COLUMN - De hedendaagse maatschappij schreeuwt meer dan ooit om mensen met een goed ontwikkeld EQ. Dat het Emotioneel Quotiënt een grote inhaalslag aan het maken is, ten opzichte van het Intelligentie Quotiënt (IQ), is voor veel bedrijven allang bekend. Zo vragen ze bijvoorbeeld bij Google tijdens sollicitatierondes niet meer naar diploma’s en bijbehorende cijferlijsten van de sollicitanten. Ook gecompliceerde ‘breinbrekers’, waar de sollicitanten zich voorheen ter plekke over moesten buigen, worden al een tijdje achterwege gelaten.

Laszlo Bock, een topman bij Google, zei ooit dat ‘een enkel academische wereld, een kunstmatig aangeleerde wereld is.’ Hij vindt het veel interessanter voor zijn bedrijf, wanneer mensen op zoek zijn naar een antwoord dat niet overduidelijk vastligt en als enige waarheid wordt gezien. In deze context is het dan ook geen vreemd gegeven, dat het onderwijs steeds meer zal gaan inspelen op deze ontwikkelingen.

Van oudsher wordt er nog altijd gedacht en verwacht dat de vakken, zoals wij die hebben geleerd op de middelbare school, gelden als norm voor het wel of niet slagen in de maatschappij. Echter, een zo hoog mogelijk genoten opleiding staat niet (meer) garant voor een succesvol leven, waarin een baan op hoog niveau helaas nog vaak als gelukzalig wordt gezien.

Anders nog iets? | ‘Swing Copters’ als voorbeeldfunctie

COLUMN - Zo’n half jaar geleden was Dong Nguyen in één klap wereldnieuws én miljonair. Door het maken van een ingenieus en verslavend spelletje dat ‘Flappy Bird’ heette, veranderde plotseling zijn leven. Hele volksstammen waren kortstondig in de ban van de meesterlijk simpele app, die elke middelbare schoolleerling op zijn of haar smartphone bleek te hebben.

Tijdens de lessen besprak ik met mijn leerlingen wat vooraf ging aan de totstandkoming van de ‘Flappy Bird’-app. Het spelletje werd ontleed en ze kwamen erachter dat de maker van de app verstand moest hebben van ontwerpen, marketing en computers. Daarnaast moest hij doelen stellen en een enorm doorzettingsvermogen hebben om de app te realiseren en tot een hit te maken.

Hierbij haalde ik ook aan dat wanneer je succesvol wilde worden, je niet per se hoefde te voldoen aan alleen maar hoge opleidingen en uitmuntende cijfers. Wanneer je een droom najaagt, passies hebt en in staat bent om creativiteit aan het licht te brengen, kun je het ver schoppen in de maatschappij van de toekomst, onderwees ik de leerlingen, die opeens met andere ogen keken naar de populaire app die een onvervalst ‘less is more’-principe uitstraalde. Korte tijd later trok Nguyen zijn spel én zichzelf terug in de anonimiteit. Hij was publiek bezit geworden. ‘Flappy Bird’ stierf een snelle dood. Nog voordat het vogeltje ten hemel kon vliegen, was hij al begraven.

Nu is reeds (per 21 augustus) het vervolg op het meedogenloos verslavende spelletje ‘Flappy Bird’ uit: ‘Swing Copters’. Herkenbaar aan de bijna identieke, staccato jaren ‘80 looks die het overleden ‘Flappy Bird’-spelletje kenmerkte. Alleen is nu een soort mannetje met een propeller op zijn hoofd de nieuwe hoofdfiguur en wordt het spelletje in verticale richting gespeeld. Als bijna letterlijke klap op de vuurpijl, moet je tijdens het spelen van het spel oppassen voor zwaaiende hamers die je ten gronde (lees: ‘Game Over’) willen slaan.

Anders nog iets? | Betrouwbaar liegen

COLUMN - Mannen liegen gemiddeld zo’n drie keer per dag. Vrouwen hooguit maar één keer per dag. Dit blijkt uit het onderzoek naar de betrouwbaarheid van mannen en vrouwen. Meteen heb ik hier al mijn twijfels over. Is dit onderzoek wel te vertrouwen? Is er niet gesjoemeld met de cijfers, om ons mannen er slechter uit te laten komen? In al mijn argwaan zou ik nu kunnen denken dat dit onderzoek door een vrouw gedaan is. Mijn vertrouwen wordt er in elk geval niet beter op. Ik ga dan ook direct bij mezelf te rade. Het is op dit moment van schrijven, zaterdagmiddag 14.15 uur. Ik heb vandaag nog geen enkele keer gelogen. Alhoewel, dat is deels gelogen. Ik heb eerder vandaag tegen mijn vriendin gezegd dat de kleine potjes huismerkmayonaise uitverkocht waren, terwijl ze er eigenlijk wél nog eentje hadden in de supermarkt. Leugentje om bestwil, want de grote pot Calvé mayonaise is natuurlijk relatief goedkoper dan het kleine potje. Die reden wordt geaccepteerd.

Dat we soms gewoonweg niet onder een leugen(tje) uit kunnen komen is niet zo vreemd. De heersende maatschappij eist natuurlijk op alle fronten honderd procent inzet en participatie van ons. Daarbij is het vaak onmogelijk om onder een leugen(tje) uit te komen (zoals mijn mayonaiseleugen(tje) van zojuist, waarmee ik voldoe aan het feit dat de helft van de mannen liegt om het leven makkelijker te maken (want: geen gezeur van vrouwlief over die grote pot mayo, die kleine was immers ‘op’…)). Nu is mijn mayonaiseleugentje een minuscuul deeltje in een groot en complex geheel. Want blijkbaar is dat pas 1/1095e deel van al mijn leugens dit jaar! Moet ik nu gaan vrezen voor mijn relatie? Is deze vanaf nu dan enkel en alleen op onbetrouwbaarheid gebaseerd, door ‘mayonaise-gate’?

Anders nog iets? | Beste aanstaande brugklasser…

COLUMN - …Eindelijk is het zover. Je bent definitief schoolverlater! De basisschool heeft een stempel gedrukt op je nog prille (school)leven, door je zo’n zeven of acht jaar lang op alle denkbare manieren te toetsen en voor te bereiden op wat er na deze zomervakantie staat te gebeuren. Een nieuwe, spannende tijd, die héél belangrijk voor je gaat worden. Want dan ga je eindelijk écht werken aan je toekomst, beste ex-basisschooloudste. Dan moet er gebikkeld gaan worden, om die stevige basis die je nu hebt, om te zetten in oogverblindende successen op de middelbare school.

Daar hangt veel van af, hoor… Nee joh, zenuwachtig hoef je niet te zijn daarvoor! Meester Piet en juf Marie-José vertrouwen er immers op dat je het VWO zal halen. Sterker nog, dat weten ze zeker! Dat hebben ze toch nog tegen je gezegd, na afloop van de schoolmusical? Jij móet wel een topper worden! Papa weet zeker dat jij, na het behalen van je VWO-diploma en je universitaire rechtenstudie, een topbaan gaat vinden in het bedrijfsleven en veel centen gaat verdienen. Dan kun je hem eindelijk de schoolkosten en studieschulden terugbetalen die je de komende jaren zal gaan maken. Want naar school gaan is immers duur.

En weet je, beste pre-puber, als verrassing mag je op het einde van de zomervakantie nog een weekje een speciale training gaan volgen, bij mensen die verstand hebben van brugklassers enzo. Zij zullen je binnen een aantal dagen een grote voorsprong gaan geven op al die andere aanstaande brugpiepers die, continu al ‘WhatsAppend’ hun Nederlandse taal verloederen door de vele slechtlopende zinnen en afkortingen, in combinatie met de nietszeggende emoticons, wekenlang op het strand van Mallorca hebben liggen luieren. De verwende nesten! Of thuis op straat de buurt wat liggen te terroriseren, met hun eindeloze getrap tegen die bal en het gejoel rondom die gemiste kans op het doel – nee, je bent nog lang geen van Persie! – dat met stoepkrijt getekend is op de muur van de garagebox van tegenoverbuurman Henk. De ‘wannabees’ in de dop! Of wekenlang hun nest niet uitkomen vanwege de naderende high-score in level 863 van een of ander hersendodend, levensecht lijkend gevechtsspel waarbij de dode lijken – dat is trouwens een pleonasme, beste vriend, maar dat wist je toch wel al, neem ik aan? – je om de oren vliegen. Het zijn de verslaafden van de nabije toekomst. Dat is toch een fantastisch idee, ex-groepachter?

Anders nog iets? | Sentimentele media

COLUMN - Moeten we ons zorgen gaan maken #zorgelijk? Dat de social media ons leven voor een groot deel beïnvloeden en domineren is inmiddels een feit. Maar daar blijft het niet bij. De mens is van nature namelijk ongeduldig. We willen niet blijven stilstaan. Stilstand is immers achteruitgang. ‘We’ (in Mart Smeets termen: het volk) moeten mee met de hypes, in deze digitale tijd waarin ‘communiceren’ met elkaar hoogtij viert. Op welke manier dan ook #communiceren.

Daarnaast is de mens commercieel ingesteld. We hebben graag succes en zien succes het liefst omgezet worden in klinkende munt #succes. Deze feiten, in combinatie met de huidige staat van ons bezuinigingsklimaat, zorgen ervoor dat we steeds meer op het gevoel van de mensen gaan inspelen. Het sentiment. En daarin zijn we, wat mij betreft, tegenwoordig de ultieme grens aan het oprekken #sentiment. De diverse soorten van social media hebben inmiddels hun (on)nut bewezen. De Facebooks, Twitters, LinkedIns en alle andere klonen van deze slimme grootmachten, hebben grote triomfen mogen vieren en doen dit tot op heden. Ze hebben wereldwijde megasuccessen mogen ervaren en een enorme (social) macht gecreëerd #dominant. Die dominantie en allesoverheersende veroveringsdrang, in combinatie met de commerciële belangen, maakt ons nietig en klein. Een soort van gewillige marionetten, die in handen van de social media-heersers hun kunstjes mogen uitvoeren. Puur zakelijk, voor onze eigen lol #zakelijk #lol.

Anders nog iets? | Evolutionaire miscommunicatie

COLUMN - Eigenlijk is het gewoon de schuld van de evolutie. Al die veranderingen in de afgelopen miljoenen jaren hebben ons geen goed gedaan. Zo zijn we bijvoorbeeld rechtop gaan lopen. Een houding die, lichamelijk en menstechnisch gezien, onnatuurlijk blijkt te zijn. We moesten zo nodig primitieve werktuigen ontwikkelen om in leven te blijven. Een uitvinding die zeer urgent bleek te zijn destijds, maar in de loop der duizenden eeuwen is geëvolueerd tot het vervaardigen van moord- en massavernietigingswapens. En er moest een vorm van communicatie ontstaan, om elkaar beter te begrijpen wanneer er kreten werden uitgeslagen die ook nog gepaard gingen met gebaren en een scala aan emotionele gezichtsuitdrukkingen!

Dat zou een probleem gaan opleveren, blijkt nu achteraf. Het leven bestond miljoenen jaren geleden namelijk niet uit vaardigheden ontwikkelen, die ervoor zorgden dat men zo empathisch mogelijk en sociaal verantwoord met elkaar zou gaan communiceren. Daar waren onze hersengebieden destijds nog te marginaal voor ontwikkeld. Het bestaan was letterlijk een gevaarlijk spel op leven en dood, waardoor de standaard rolpatronen tussen mannen en vrouwen het minst zijn geëvolueerd ten opzichte van de grote sprongen die we op andere gebieden hebben gemaakt. Iets wat nu nog steeds ten koste gaat van ons menselijk communiceren en de onderlinge verstandhoudingen tussen mannen en vrouwen.

Zo was het in het allereerste menselijke begin gebruikelijk dat de mannen dagelijks op jacht gingen en hun territorium verdedigden. En waarschijnlijk is het voor de man op dat punt misgegaan met het herkennen en beleven van de emotionele gezichtsuitdrukkingen van de vrouw en het bijbehorende wederzijdse begrip. Onderzoeken hebben namelijk aangetoond dat mannen veel moeite hebben met het herkennen en begrijpen van de vele gezichtsuitdrukkingen van een vrouw. En dat is dus weer te herleiden naar de vroegere jachtvelden. Naarmate de mannen meer gingen jagen en vechten voor hun levensbestaan, werd het steeds belangrijker om de gezichtsuitdrukkingen van hun mannelijke opponenten te herkennen. Deze blikken zijn door de miljoenen jaren heen zó goed opgeslagen bij de man, met als gevolg dat de gezichtsexpressie van de vrouw niet of nauwelijks wordt herkend en begrepen. Met alle gevolgen van dien.

Anders nog iets? | Dr. Phil is een held!

COLUMN - Met deze column ga ik waarschijnlijk een aantal mensen tegen het hoofd stoten. Ik ga het namelijk hebben over een held. Een God. Een fenomeen! En elk fenomeen heeft zijn voor- en tegenstanders. Dat is normaal. Zo ook het Amerikaans fenomeen Dr. Phil. Er zijn hele volksstammen die weglopen met Zijn helende adviezen en innemende kwaliteiten. Er zijn ook hele volksstammen die weglopen bij de eerste aanblik van deze Dr. Phil en bij het horen en zien van alle bullsh*t die deze populaire, selfmade Dr. uitkraamt. Ik hoor bij de laatste groep.

Dat deze Dr. Phil een held is, moge duidelijk zijn. Hij brengt massa’s mensen in ver- en ontroering tijdens Zijn live-consulten, die grotendeels plaatsvinden in het Amerikaanse tv-heiligdom der tv-heiligen: de Harpo studio’s van Zijn buddy for life, Oprah Winfrey.

Het is haar schuld dat we al zo’n tien jaar opgezadeld zitten met deze goedbedoelende praatwaterval, Dr. Phil. En ik heb een slecht voorgevoel. Ik vermoed dat we voorlopig nog niet van Hem af zijn. Want mocht Dr. Phil ooit niet meer weten wat Hij de hulpeloze en wanhopig om vergiffenis smekende Dr. Phil-o-fanatics moet voorliegen, dan hebben we het geluk dat men hier in Nederland een kei is in het herhaald uitzenden van kijkcijferwonderen (lees: Dr. Phil).

Ik heb Hem nooit gemogen, die Dr. Phil. Hij is niet echt. Fake. Té – “Yes, we can!” – Amerikaans. Ik kan me dan ook niet voorstellen, dat er mensen zijn die hun hele hebben en houwen op (inter)national tv gaan uiten. Een man en vrouw die ruzie maken omdat het tandpastadopje niet op de tube tandpasta zit, komen echt niet door de strenge screening van het programma.

Vorige Volgende