Zoekresultaten voor

'kernenergie'

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Weekendbedenking – Biofuelwaanzin en waterstofoptimisme

weekendlogo123.jpgHet kan aan mij liggen, maar steeds vaker zie ik dat de discussie over biofuels gekoppeld wordt aan die over klimaatverandering. Op de een of andere manier verwachten mensen van een massale overstap op biofuels, brandstof gemaakt van organische stoffen, een grote bijdrage aan het tegengaan van de klimaatverandering. Niemand schijnt te beseffen dat dat een bijna nog grotere revolutie inhoudt dan de overstap van een aardolie- naar een waterstofeconomie. Want als je met onze huidige landbouw- en omzettingsmethoden biofuels gaat produceren neemt de CO2-uitstoot echt niet af, integendeel zelfs, zonder een technologische revolutie zal de CO2-uitstoot waarschijnlijk nog toenemen.

Het is niet moeilijk te raden wat er allemaal mis is in de misplaatste verwachtingen. Of je nu aardolie laat ontploffen in een motor of maiskiemolie, het blijft een verbrandingsproces, en dus levert het CO2 op. De huidige processen om uit landbouwgewassen biofuel te maken kosten allemaal veel energie en de opwekking daarvan resulteert nog steeds in CO2-uitstoot. De landbouw zelf is eveneens erg energie-intensief. Kortom, van biofuel als zodanig zijn op korte termijn geen wonderen te verwachten. De enige reden om er op over te stappen kan zijn om minder afhankelijk te worden van aardolie.

Op zich is er voorlopig nog aardolie genoeg. Maar het is inderdaad een eindige energiebron en bovendien een grondstof voor tal van kunststoffen die je niet uit zonnebloemolie kunt maken. Een beetje zonde dus om de aardolie in een gierend tempo door automotoren heen te jassen. Het enige alternatief voor aardolie waarbij je geen opwarming van het klimaat veroorzaakt lijkt op dit moment waterstof te zijn. En dan speciaal bij omzetting in een zogenaamde brandstofcel. Voorwaarde is wel dat de productie van waterstof geschiedt met duurzame energiebronnen, voornamelijk zonne- en windenergie en dan nog zo veel mogelijk lokaal, daar waar de vraag is. Waterstof houdt dan inderdaad de belofte in van een onuitputtelijke energiebron die zelf vrijwel schoon geproduceerd kan worden.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Betrouwbaarheid kernenergie in twijfel

kernenergie_nee.pngKerncentrales staan bekend om hun robuustheid. Als ze er eenmaal staan dan ben je zeker van stroomlevering. Dat lijkt echter steeds minder op te gaan voor de oudere kerncentrales van vandaag de dag. In Japan, India en ook Engeland staan gezamenlijk 14 kerncentrales stil, vanwege onderhoud, corrosie en ouderdom.kernenergie_ja.png

Gisteren zette British Energy 2 kerncentrales stil wegens scheuren in de boiler en gecorrodeerde staaldraden. De prijs van elektriciteit steeg na de aankondiging met 30% op de spotmarkt. Daarmee staan nu 7 van de 16 Britse kerncentrales stil, zij produceren geen stroom. De hoogleraar en kernenergie expert Ian Fells vertelde aan de BBC dat het probleem vooral ligt aan een gebrek in investeringen en dat het serieuze gevolgen kan hebben: “It is disturbing. I mean, we’re going to have to rely on it being a warm winter…If it isn’t, maybe we will run into power cuts. And the consequential loss of that is not just the loss of electricity, it’s the loss to industry when everything fails..It’s a really quite serious matter.”

Tegelijkertijd heeft men in de hele wereld besloten om de levensduur van kerncentrales te verlengen met 20 tot 30 jaar. Zo ook in Nederland waar de kerncentrale Borssele die tot 2033 open zal blijven. Toen de centrale in 1973 gebouwd werd was gerekend op een levensduur van 30 jaar. Gezien het toenemende onderhoudt en de veelheid aan kleine incidenten waardoor kerncentrales stil vallen in de wereld, lijkt dat besluit te overmoedig. Of zou het aan slecht financieel beleid liggen, waardoor er teveel gekort wordt op regelmatig onderhoud? In Japan lijkt dat laatste het geval te zijn: “After a government-led investigation earlier this year, many of Japan’s 10 nuclear power plant operators admitted they had modified safety data in the past, including covering up unintended start-ups of reactors.”

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

QdJ – Cramer dwarsboomt kerncentrale

Quote du Jour“Het kabinet zal tijdens deze regeerperiode geen vergunning verstrekken voor de bouw van een nieuwe, tweede kercentrale in Nederland. Dat heeft minister Jacqueline Cramer van VROM maandag gezegd” (FD 2 oktober)

“Energiebedrijf Delta, medeeigenaar van de kerncentrale in Borssele, zal tijdens deze kabinetsperiode geen vergunning aanvragen voor de bouw van een nieuwe, tweede kerncentrale in Nederland. Dat zegt woordvoerster Mirjam van Zuilen van Delta. Er moet draagvlak zijn in de politiek en de maatschappij. Wij vragen alleen een vergunning aan als we denken dat het zin heeft , zegt Van Zuilen in reactie op uitlatingen van minister Jacqueline Cramer van VROM.” (FD 3 oktober)

Regeringspartij CDA heeft de afwijzing van nieuwe kerncentrales door minister Jacqueline Cramer van VROM als voorbarig bestempeld…De discussie of er in Nederland een tweede kerncentrale gebouwd moet worden, vindt kamerlid Liesbeth Spies (CDA) prematuur. Er ligt nog helemaal geen wettelijke aanvraag , zegt Spies. De discussie over kernenergie moet nog beginnen en is zeker niet gesloten.” (FD 3 oktober)

Schiet Cramer wederom in haar eigen voet? Door openlijk te gaan beweren dat er geen vergunning verstrekt wordt? In het regeerakkoord is vastgelegd dat er geen nieuwe kerncentrale bijgebouwd wordt in deze kabinetsperiode, maar de PVDA lijkt te concluderen dat dat inhoudt dat er geen discussie mag zijn. Kan het CDA de zaak nog redden?

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Thoriumreactoren voor energievoorziening

thoirum_logo.pngIn de jaren ’50 van de vorige eeuw werd de grote belofte gedaan van een onuitputtelijke stroom schone nucleaire energie. Jarenlang kwamen er tientallen kerncentrales bij totdat diverse ongelukken met als slotakkoord Chernobyl leidde tot decennialange stilte. De afgelopen jaren beleeft de nucleaire industrie echter een opleving waarin nieuwe dromen geboren worden. Één daarvan is de ophanden zijnde thoriumreactor.

Een nieuwe vorm van kernenergie, gevoed door het naar de Noorse dondergod vernoemde element thorium. Volgens de nucleaire industrie zou er bij dit type reactor geen meltdown mogelijk zijn, geen materiaal voor kernwapens geproduceerd worden, het radioactieve afval maar een aantal honderden jaren een probleem opleveren en de stroom vrij goedkoop opgewekt worden voor een zeer lange tijd aangezien thorium meer voorkomt in de natuur dan uranium.

Dat klinkt té optimistisch, de recente breedgedragen interesse in de thoriumreactor in Noorwegen geeft echter een reden om erin te geloven. Die interesse is zeer opmerkelijk, aangezien het land namelijk altijd gevrijwaard gebleven is van kerncentrales wegens een gewortelde tegenbeweging. De Noren hebben echter de afgelopen twee jaar een radicale omslag gemaakt mede dankzij een fikse publiekscampagne. Nu de bevolking om is heeft het Ministerie van Petroleum & Energie een speciale commissie in het leven geroepen om de voordelen en risico’s van een thoriumreactor op een rijtje te zetten. Eind 2007 komt de commissie met haar eindrapportage, waar drie Noorse energiemaatschappijen geduldig op wachten om een licentie te verkrijgen. Statkraft, Bergen Energi en het toepasselijk genaamde Thor Energi. De CEO van het Noorse staatsbedrijf Statkraft, Bård Mikkelsen, vatte de nieuwe overweging tot het bouwen van een Thoriumcentrale samen met de woorden: “It would be a sin of omission not to consider it”. Die overtuiging wordt gedeeld door de Noorse investeringsmaatschappij Scatec AC en de buren van het Zweedse Vatenfall en het Finse Fortum waar Statkraft in mei een alliantie mee sloot.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Energiebesparing door huishoudens

Sargasso publiceert deze maand drie artikelen uit het Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde dat deze keer geheel gewijd is aan het onderwerp energie. De vorige twee bijdragen gingen over wind- en kernenergie. De derde en tevens laatste bijdrage is een artikel van Paul van der Sluis over energiebesparing. Paul van der Sluis is principal scientist bij Philips en werkt aan verschillende onderwerpen, waaronder een kooktoestel dat het mogelijk maakt om rookvrij en efficiënt te koken met behulp van hout.

Met de publicatie van het jongste rapport van het IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change; fourth assessment report) staat energie weer volop in de aandacht. Daardoor vragen veel particulieren zich af hoe energie bespaard kan worden en of dit een serieuze vermindering van hun CO2-uitstoot kan bewerkstelligen. De gestegen energieprijzen kunnen daarbij een extra motivatie zijn. In dit artikel worden de mogelijkheden geëvalueerd die huishoudens hebben om energie te besparen en hieronder wordt verstaan het uitvoeren van dezelfde activiteiten of vervulling van dezelfde functies met minder energieverbruik.

Huidig energieverbruik
Het totale temperatuurgecorrigeerde primaire energiegebruik in Nederland in 2002 is 3.204 PJ per jaar [1] waarbij onder het ‘primaire energiegebruik’ wordt verstaan energie, inclusief de energie die nodig is voor de opwekking van verbruikte energie. Dat betreft vooral de 59% omzettingsverliezen in de elektriciteitsopwekking: het rendement van de elektrische energieopwekking is gemiddeld slechts 41% [2]. Bij temperatuurcorrectie wordt het energiegebruik gecorrigeerd voor de jaarlijkse variatie in dagelijkse temperaturen waardoor verschillende jaren met elkaar vergeleken kunnen worden.
Van het totale primaire energiegebruik komt 22% rechtstreeks voor rekening van de sector huishoudens. Dit betreft voornamelijk aardgas, brandstof voor vervoer en elektriciteit (scroll voor diagram).
Gas- en elektriciteitsgebruik zijn echter maar een deel van het totale energiegebruik. Met het kopen van goederen en diensten wordt ook energie gekocht, de zogenaamde indirecte energie, ofwel die energie die nodig is om vanuit de grondstoffen, het product te maken. De hoeveelheid gebruikte indirecte energie in de diagram is gebaseerd op de verdeling van 1994 [4] en genormeerd op het verbruik van 2002. Het totaal is met 21,9% toevalligerwijs vrijwel gelijk aan het directe energie gebruik, zodat het totale energiegebruik dat door huishoudens direct beïnvloedbaar is gelijk is aan 44% . De ontbrekende 56% gaat onder andere naar producten uit sectoren die je als burger afneemt zonder ze expliciet te kopen, zoals de straatverlichting, onderwijs, overheid en de gezondheidszorg.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De duurzame perspectieven en hindernissen voor kernenergie

Sargasso publiceert deze maand drie artikelen uit het Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde dat deze keer geheel gewijd is aan het onderwerp energie. De eerste bijdrage ging over windenergie. De tweede bijdrage is een artikel over kernenergie en bevat o.a. een interview met van Tim van der Hagen: directeur van het Reactor Instituut in Delft

In 1896 ontdekte Henri Becquerel bij toeval het spontane radioactieve verval van uranium met behulp van een fotografische plaat. Met Einsteins E = mc2 werd het in het begin van de twintigste eeuw duidelijk dat door het massadefect bij het splijten van een gram uranium evenveel energie vrij zou komen als bij het verstoken van 2.500 ton goede steenkool. Voor een efficiënte energiewinning moet het verval echter op een of andere manier sneller verlopen. In 1939 lukte het de Duitsers Hahn en Strassman de splijting van 235U op te wekken met een bombardement van neutronen hoewel ze niet begrepen wat er gebeurde. Lise Meitner en haar neef Otto Frisch snapten het wel en publiceerden de verklaring meteen in Nature [1]. De zoektocht naar het in gang zetten van een kettingreactie in radioactieve elementen begon, zowel in Duitsland als in de Verenigde Staten, Rusland en Japan, met als vernietigend resultaat de atoombommen op Japan in 1945. In de jaren vijftig kwamen civiele toepassingen van kernenergie tot ontwikkeling. Na de ongelukken in Harrisburg (1979) en Tsjernobyl (1986) is er wereldwijd weinig meer geïnvesteerd in kernenergie. Is het nu tijd voor een opleving? Een gesprek over de perspectieven van kernenergie met Tim van der Hagen, directeur van het Reactor Instituut in Delft. (door: Claud Biemans)

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Eenling weerstaat het grote geld

Live Earth Sydney eerder deze maand: de Australische band Blue King Brown verschijnt op het podium in t-shirts met de tekst: “Say No To Nuclear Energy” (foto). Een paar uur later bij Live Earth Amsterdam gaat precies op het moment dat Nederland tijdens het optreden van Fedde Le Grand even wereldwijd te zien is op 2 miljard televisieschermen een spandoek omhoog: “Don’t Nuke The Climate” (foto). De toon is gezet.

Jeffry Lee is de laatste van zijn stam en woont in Northern Territory, Australië bovenop een schat aan uranium ter waarde van 5 miljard australische dollar (3,2 miljard euro). De franse energiegigant Areva, die naar eigen zeggen erg begaan is met het reduceren van CO2-emissies wil graag de Koongarra afzettingen afgraven maar Jeffry ligt dwars. Voor hem is het land van zijn voorvaderen niet te koop: “I’m not interested in money. I’ve got a job; I can buy tucker; I can go fishing and hunting. That’s all that matters to me.” (SMH) Lang heeft Jeffry er niet over willen praten, maar de druk op hem en zijn land wordt opgevoerd. De wereld wil uranium. Op dit moment probeert Jeffry zijn land op de Werelderfgoedlijst te krijgen zodat het voorgoed beschermd zal worden. Laten we hopen dat Jeffry voortijdig niet een ‘ongelukje’ krijgt tijdens het vissen en dat hij op tijd een leuke vrouw (Sargassolezeressen wat doet u voor de natuur?) vindt om zijn stam nieuw leven in te blazen.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Perspectieven van Windenergie

De komende dagen publiceert het weblog Sargasso drie artikelen uit het Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde dat deze maand geheel gewijd is aan het onderwerp energie. De eerste bijdrage is van Gijs A.M. van Kuik: hoogleraar Windenergie aan de TU Delft.

offshore windenergyWindenergie is het stadium van kinderziektes voorbij. Jaarlijks groeit het marktaandeel met 20 tot 30% en in landen als Denemarken, Duitsland en Spanje draagt het substantieel bij aan de elektriciteitsvoorziening. De afmetingen van windturbines zijn toegenomen, ze zijn beter aangepast aan de netwerken en de windparken zijn langzaamaan richting zee getrokken. De kosten van windstroom komen in de buurt van de kosten van fossiele elektriciteit. Met deze groei ontstaan nieuwe uitdagingen: integratie van windenergie in de totale elektriciteitvoorziening, de stap van windturbines naar (offshore) windcentrales, de erbij behorende eisen van betrouwbaarheid en een verdere afname van kosten. Dit verhaal gaat over de stand van zaken en de perspectieven van windenergie.

Moderne windenergie is met ongeveer 30 jaar een relatief jonge, maar snel groeiende bron van energie. Het wereldwijd geïnstalleerde vermogen is toegenomen van 2,5 GW in 1992 tot bijna 60 GW eind 2004, een jaarlijkse groeisnelheid van bijna 30%. De bijdrage aan de elektriciteitsbehoefte in de wereld was eind 2005 0,7% en verwacht wordt dat dit toeneemt tot 3% in 2015. Zeventig procent van het geïnstalleerde vermogen staat in Europa. In Denemarken wordt 20% van de elektriciteit opgewekt met windenergie, in Duitsland is dit 6% en in Spanje 8% [1]. De European Wind Energy Association (EWEA) heeft berekend dat in de EU-15 bij voortgezette politieke steun windenergie een geïnstalleerd vermogen van 75 GW zal hebben in 2010, 5,5% van de elektriciteitsbehoefte in deze landen. Verwacht wordt dat dit toeneemt tot meer dan 12% in 2020 [2]. De huidige status en de perspectieven voor 2020 en daarna laten zien dat windenergie zich ontwikkeld heeft van een kleine alternatieve energiebron, vooral op handen gedragen door milieubewuste mensen, tot de snelst groeiende energiebron, waarmee verschillende landen een groot deel van hun Kyoto-verplichtingen na kunnen komen. De windturbine-industrie wordt tegenwoordig aangevoerd door grote multinationals als Vestas, Siemens, General Electric en Mitsubishi, die binnen afzienbare tijd de eerste windcentrales gaan bouwen ter grootte van conventionele energiecentrales (500–1.000 MW, bestaande uit honderden turbines). Er zijn prototypes van turbines met een generatorcapaciteit (maximaal te leveren vermogen) van 5 tot 6 MW en een diameter van 110-120 m.
De ontwikkelingen van wind in de elektriciteitsvoorziening hangen af van twee belangrijke factoren: een verdere kostenreductie die subsidieregelingen overbodig maakt en efficiënte maatregelen om windenergie te integreren in het totale elektriciteitsysteem.

Vorige Volgende