Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Je moet je leven veranderen

Het was voor veel media een geinig berichtje, gisterenmiddag: een Belgische wegpiraat die ‘onophoudelijk aan het slippen’ was ‘op een rotonde’ is veroordeeld tot het lezen van de roman Tonio van A.F.Th. van der Heijden, dit alles met instemming van de auteur, in ieder geval volgens De Telegraaf: “Zo zou het eigenlijk over de hele wereld moeten””, stelt hij. “Als de wegpiraat hierdoor tot inkeer komt, dan heb ik het in elk geval niet voor niets geschreven.”

Ik weet niet zeker of de schrijver dit meent, het lijkt mij in ieder geval dat er nog wel wat haken en ogen aan deze kwestie zitten. In hoeverre moet een schrijver er bijvoorbeeld blij mee zijn dat het lezen van zijn boek als straf dient? Is een boek dat ondanks de overduidelijke autobiografische grondslag expliciet aangekondigd is als roman inderdaad pas “niet voor niets geschreven” wanneer het tot gedragsverandering leidt bij wetsovertreders? En, het belangrijkste: zou de wegpiraat zich echt veel gelegen laten liggen aan dat boek?

Ik wil niemand zijn illusies ontnemen (Van der Heijden zegt in hetzelfde stukje in De Telegraaf: “Als schrijver twijfel je soms hoe maatschappelijk relevant je boeken zijn, zeker bij zo’n persoonlijk werk als dit. Deze uitspraak bewijst dat dat wel degelijk het geval kan zijn”), maar ik heb mijn twijfels. Uit Tonio blijkt wel dat de zoon van Van der Heijden niet is omgekomen onder de wielen van een wegpiraat. Nu zou vrijwel ieder normaal mens inzien dat dit feitelijk niet veel uitmaakt voor het verdriet van de ouders, maar daar is een belangrijke uitzondering op, en dat is nu juist de persoon die zo’n boek voor straf leest. Zo iemand zal geneigd zijn zich af te sluiten voor iedere interpretatie waarbij hijzelf in het geding komt. Het is een bekend psychologisch mechanisme dat iedere mens van nature geneigd is zich met de goeien te vereenzelvigen in plaats van met de kwaaien. Het is dan ook niet ondenkbaar dat zo’n dader redeneert: ja, maar ik slip alleen een beetje op mijn rotonde, ik scheur niet in het holst van de nacht door Amsterdam. Dat laatste is iets voor onverantwoorde gekken, maar daar hoor ik niet bij.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Smali en baksmali

Toen ik langzaam wakker werd, voor de wekker, waren de eerste woorden die tot me doordrongen: smali en baksmali. Het duurde even voor ik besefte waar mijn hoofd aan had gewerkt, in mijn afwezigheid.
    Gisteravond had ik urenlang rondgehangen op xda-developers.com. Mijn nieuwe telefoon draait Android en ergens in de paar weken die ik met het toestel heb doorgebracht heeft zich een ambitie in mij genesteld: ik wil een aangepaste email-widget – dat is venstertje op het thuisscherm waarin mijn zakelijke inbox direct zichtbaar is. Zwart op wit is de standaardvormgeving, ik wilde wit op doorzichtig.
    Sommige ambities zijn een vorm van masochisme.
    Het leek me dat iemand dat al gemaakt moest hebben. Eerst zocht ik naar een geschikte app. Lang verhaal kort: was er niet, mede omdat ik de nieuwste versie van Android heb.
    Maar dan zijn er nog de knutselaars. Op xda-developers.com is een thread van 304 pagina’s and counting waarin zo ongeveer elke denkbare widget doorzichtig is gemaakt en van bijpassende tekstkleuren wordt voorzien.
    Maar de mensen deze tweaks schrijven, zijn zelf geen gebruikers van programma’s voor zakelijke emailaccounts. Dat is software voor oude mannen in grote kantoorgebouwen. De widgets voor Facebook, Twitter en Gmail waren allang aangepast.
    Ik vroeg op de site of iemand de email-widget voor me wilde aanpassen. Ja hoor, zeiden twee mensen – want zo’n site is het. Een paar dagen later gaven ze het op. Het bleek ingewikkelder dan de andere widgets, omdat het dieper in Android was ingebed. Het was ongetwijfeld oplosbaar, maar ja, ze gebruikten het emailprogramma zelf niet. Dus.
    Bij elke stap in dit proces, probeerde ik af te haken. Ik bespotte mijn verlangen naar een gestroomlijnd thuisscherm. Ik hield mezelf voor dat ik geen tijd heb voor deze flauwekul. Ik probeerde met nieuwe waardering te kijken naar de standaardwidget. Hij kende misschien enkele esthetische beperkingen, maar er was best goed over nagedacht.
    Het hielp niet. Ik werd steeds verder naar de dark side gezogen.
    En zo bekeek ik gisteravond hoe je apk’s kunt decompilen, xml kunt bewerken in een disassembler en wanneer je resources.arsc moet verwijderen voordat je gewijzigde code via de abd tool terug kunt pushen naar de geroote telefoon. O, en hoe je smali en baksmali gebruikt om machinecode aan te passen.
    De afgelopen twee dagen had ik, voor het eerst in maanden, weer tijd om aan mijn roman te werken. In eerdere perioden werd ik wel eens wakker werd met een idee voor een scene of een personage. Nu droomde ik over smali en baksmali. Gelukkig moest ik de kinderen uit bed gaan halen.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De farce van het Nationaal Historisch Museum

De farce rond het Nationaal Historisch Museum blijft de gemoederen bezig houden. Bas Heijne wijdde er onlangs een boek aan en medievist Henk ‘t Jong zei er gisteren verstandige dingen over (hier). Beide heel lezenswaardig.

Ik heb er zelf voortdurend een ongemakkelijk gevoel bij gehad. Eén reden was persoonlijk, namelijk dat ik in een vroeg stadium ben geciteerd als voorstander van de nationale canon die het museum aanvankelijk geacht werd te zullen presenteren. De reden was dat ik in een boekje aan immigranten had uitgelegd hoe Nederlanders hun verleden graag zien. De eerste zin maakte al duidelijk dat ik het beschouwde als een mythografie. Dat de voorstanders van een canon me als geestverwant rekruteerden – en dat ze dus een mythe niet van geschiedenis konden onderscheiden – gaf mij een ietwat nare bijsmaak bij wat op zich leuk projecten hadden kunnen zijn: vijftig vensters op het verleden en een daaraan gewijd museum.

Voor het goede begrip: ik had, en heb, er geen eenduidige mening over. Ik zie het voordeel van een canon voor het onderwijs, maar het is wel een ladder die, na te zijn beklommen, dient te worden weggeworpen. Geschiedenis is immers vooral een open dialoog, een discussie zonder einde, die echter toch ten einde komt als er een canon is.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Transparantie is voor overheden geen wondermiddel

Transparantie zou een wondermiddel zijn om het vertrouwen van burgers in de overheid te vergroten. Maar de ontsluiting van informatie brengt overheden in een lastige spagaat: mensen krijgen meer vertrouwen in de eerlijkheid van gemeente, maar minder vertrouwen in haar competentie, zegt universitair docent Stephan Grimmelikhuijsen.

Al jaren verkondigen politici – Barack Obama voorop – de belofte van meer overheidstransparantie. Behalve dat transparantie corruptie en misstanden aan kaak moet stellen, zou zo ook het vertrouwen van burgers in de overheid worden vergroot. ‘Onbekend maakt onbemind’, dus zal meer kennis van besluitvorming en beleid leiden tot een overheid die meer ‘bemind’ is, zo luidt de gedachte achter transparantie.

Andere politici pleiten juist voor minder transparantie. Voormalig minister Donner zorgde in mei vorig jaar voor ophef met zijn uitspraak: ‘Wetten zijn als worstjes. Je kunt maar beter niet zien hoe ze gemaakt zijn.’ Het zou volgens Donner beter zijn om overheidstransparantie in te perken: meer kennis van burgers leidt tot minder vertrouwen.

In het wetenschappelijke debat over de effecten van transparantie op vertrouwen zien we deze tweestrijd terug. Optimisten beargumenteren dat transparantie een positief effect heeft op vertrouwen in de overheid. Pessimisten zien het tegenovergestelde. Daarnaast zijn er ook nog sceptische wetenschappers die zeggen dat transparantie geen enkel effect heeft of dat het effect zo klein is dat het wordt overstemd door andere determinanten van vertrouwen, zoals ontevredenheid met een regering of zorgen over de economische crisis.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

https://youtube.com/watch?v=BJiU4TRiDRA

Kunst op Zondag | Gezichtsbedekking

Gezichtsbedekkende kleding wordt verboden, als het kabinet haar zin krijgt. Men bedoelt de boerka, want de voorgestelde wet kent wel uitzonderingen. Voor zover wij weten is het kabinet vergeten gezichtsbedekkende kunst in het rijtje uitzonderingen op te nemen. Misschien omdat het kabinet denkt dat het zinloos is, nu ze heel wat kunst heeft wegbezuinigd.

Of is het juist wel de bedoeling verhullende kunst te verbieden? In veel gevallen waar de kunstenaar iets maskeert, is het een commentaar op starre normen en waarden, overdreven regelgeving, dictatoriale censuur en angst. Neem bijvoorbeeld James Ensor, een kunstschilder die te boek staat als een van de eerste vernieuwers van de Belgische kunst.  In zijn latere werken duiken veel maskers op. Ze staan symbool voor zijn afkeer en verzet tegen de gevestigde orde en tegen zijn criticasters. Hier zijn ‘Zelfportret met masker” (1917).

László Moholy-Nagy vluchtte voor de ellende in Hongarije en nazi-Duitsland.  Zijn compositie met twee maskers (1934)verwijst naar het carnaval en Venetiaanse maskerades. De identiteit verhullen om even loos te gaan.

Maurio Anzeri pakt met naald en draad foto’s aan en voorziet de geportretteerden zo van fraaie maskers. Meer daarvan in een artikel van de Saatschi Gallery.

Met afbeeldingen van maskers zal de boerka-wet geen moeite hebben. Het gaat uiteindelijk om het dragen van gezichtsbedekkende zaken. De feestelijke maskerade of moderne varianten van rituele maskers uit Afrika en Azië zijn nog steeds inspiratiebronnen voor hedendaagse maksermakers. Nu zijn de volgende voorbeelden niet strikt gebonden aan het Limbursge carnaval, dus mocht de wet er doorkomen dan moeten we afwachten wat de poltie doet als je een kunstzinnig feestje in de openbare ruimte houdt. 

Vorige Volgende