Neoliberalisme – vrije markt of bestraffende staat?

Het neoliberalisme is diep in alle poriën van het maatschappelijk leven doorgedrongen, schrijft Willem Visser. Is het ons overkomen of ons opgedrongen door een onzichtbare hand? Tik 'neoliberalisme' in en Google hoest 5.790.000 resultaten op. Het maakt de tongen los, maar leidt tot een Babylonische spraakverwarring. Beschrijvingen staan haaks op elkaar en over de oorsprong is niemand het eens. Neoliberalisme is een kameleontisch begrip. Kenmerkend voor het neoliberalisme is de grote (lees: allesbepalende) rol van de economie. De mens is een homo economicus, een rationele speler op een volledig vrije markt. Deze markt vrijwaart ons van bureaucratie. Het brengt een goedkopere staatshuishouding met zich mee en draagt bij aan de maximalisatie van individuele ontplooiingskansen. In kleine lettertjes lezen we nog iets over de flexibilisering van de arbeidsmarkt en de nadruk op korte termijnrendement.

Door: Foto: kevin (cc)
Foto: copyright ok. Gecheckt 22-02-2022

Het einde van Presseurop

ELDERS - Voor de rubriek ‘Elders’ maakte ik de afgelopen jaren dankbaar gebruik van Presseurop, een onafhankelijk, Europa-breed nieuwsorgaan. Dat kan niet meer, want de Europese Commissie weigert het blad nog langer te subsidiëren. Een gevoelig verlies voor de Europese publieke opinie.

Presseurop was een unieke site met persartikelen uit heel Europa, van Bulgarije tot Denemarken en van Spanje tot Estland, die dagelijks werden vertaald in tien talen. Met mogelijkheden voor commentaar en discussie. ‘Nergens anders,’ schreef de redactie bij het afscheid, ‘konden Europese burgers terecht voor zowel Griekse hoofdartikelen, artikelen uit de Hongaarse pers als reportages uit de Baltische, Roemeense of Duitse pers. Nergens anders konden analyses van de meest invloedrijke journalisten uit Europa zo makkelijk worden vergeleken. En nergens anders, misschien nog wel het belangrijkste punt, konden lezersreacties worden gelezen en geschreven in verschillende talen, die automatisch werden vertaald.’

Het project werd vanaf 2009 als experiment gefinancierd door de Europese Commissie en uitgevoerd door het Franse weekblad/website Courrier International.  Ondanks de extra financiële middelen die het Europese Parlement beschikbaar heeft gesteld voor mediaprojecten in 2014 heeft Commissaris Reding besloten dat de subsidie aan Presseurop niet wordt voortgezet. Daarmee komt vlak voor de Europese verkiezingen een einde aan een weliswaar kostbaar, maar voor de Europese democratie wezenlijk project.

Foto: Eric Gjerde (cc)

Wiesenthal Centrum verandert titel “antisemiet” in geuzennaam

OPINIE - Het Wiesenthal Centrum, een organisatie die zich mensenrechtenorganisatie noemt en zich vooral bezighoudt met het levend houden van de herinnering aan de Holocaust en de strijd tegen antisemitisme, heeft de wereld op Oudejaarsdag verblijd met het publiceren van de lijst van ”Top Tien antisemieten van het jaar 2013”. En  daar waren verrassende keuzes bij, zo blijkt uit de krant The Jerusalem Post  (en een verbazend groot aantal andere rechtse publicaties die dit nieuws ook zonder commentaar overnamen).

Bovenaan de lijst van het Centrum, dat zijn hoofdkantoor heeft in Los Angeles,  stonden ayatollah Ali Khamenei, de opperste gids van Iran, en de Turkse premier Recep Tayyep Erdogan. Khamenei verdient de plaats volgens het Centre omdat hij Israël in november de ”dolle hond van de regio” heeft genoemd en onder meer had gezegd dat zionisten in feite degenen zijn die in de VS de touwtjes in handen hebben. Volgens de mensen van het Centrum was dat een ”update” van de aloude antisemitische sage dat er sprake is van een Joodse samenzwering die streeft naar de wereldheerschappij.Erdogan stond op nummer twee omdat hij de demonstraties in Istanbul in juni zou hebben geweten aan de ”rente-lobby” (waarmee hij volgens een van zijn ondergeschikten de ”Joodse diaspora” zou hebben bedoeld). En hij zou hebben gesuggereerd dat Israël iets te maken had met het wegsturen van de islamistische Egyptische president Mohammed Morsi.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Gerard Stolk (cc)

Onderwijsinstellingen moeten buitenlandse netwerken promoten

ACHTERGROND - Ik zag gisteravond een prachtige documentaire over de HEMA, waarin de VPRO een jaar lang de topman Ronald van Zetten volgde. Van Zetten is al meer dan tien jaar CEO: dat is op zich al bijzonder. De manier waarop men met elkaar omgaat, doet me sterk denken aan een familiebedrijf, waarbij ook de lange termijnrelaties met leveranciers onderdeel zijn van de cultuur. Tegelijkertijd is de HEMA in handen van een buitenlandse investeerder, die snelle winsten wil, en is er stevige concurrentie van winkels die veel kortere productieketens hebben. Dat dwingt de HEMA te expanderen en te vernieuwen.

We zien Van Zetten met slechts een paar medewerkers op avontuur in Frankrijk en China. De manier waarop dat dan gaat komt wat knullig over. Zo vraagt Van Zetten aan een handdoekenfabrikant of hij wil samenwerken om HEMA-winkels te openen. De beste man heeft vier grote handdoekfabrieken voor ieder werelddeel, en de HEMA is een kleine klant. Of dat nu de meest logische zakenpartner voor expansie is? In Frankrijk test men een nieuwe formule uit, zonder rookworsten, en met kleine winkels. Het gaat allemaal zeer voorzichtig, en op eigen kracht. 
Dat is knap, maar met de grafiek van vandaag vroeg ik me twee zaken af:

  • weten bedrijven als HEMA dat veel onderwijsinstellingen een veel groter buitenlands netwerk hebben dan zij zelf?
  • waarom gebruiken bedrijven die netwerken niet veel beter?
Foto: President of the European Council (cc)

Ach, Europa

ANALYSE - ‘Je kunt geen gemeenschappelijke munt hebben zonder gemeenschappelijk beleid,’ zegt de voorzitter van de Europese raad, Herman van Rompuy, onlangs in Trouw. Dat haal je de koekoek, zou je zeggen: het was immers de bedoeling dat economische integratie zou leiden tot gemeenschappelijk beleid.

Voor de jongere lezertjes: tijdens de Tweede Wereldoorlog werd duidelijk – en dit kunnen jullie nalezen in de redactionele commentaren van bijvoorbeeld de verzetskrant Het Parool – dat de toekomst behoorde aan de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten, dat de Europese mogendheden hun koloniale rijken zouden kwijtraken en dat ze hun welvaart alleen zouden kunnen wederopbouwen door een grote interne markt te scheppen. Dat betekende onvermijdelijk dat Duitsland, als machtigste land van het continent, zou moeten worden ingekapseld in nieuwe bestuurlijke structuren.

Dat gebeurde ook. In 1952 werd de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) opgericht, waaraan Duitsland en Frankrijk de voornaamste deelnemers waren. Italië en de Benelux brachten het totale aantal leden op zes: zes landen die welbewust hun ertsen en kolen supranationaal begonnen te besturen. De opzet was van meet af aan dat de samenwerking er enerzijds toe zou leiden dat voormalige vijanden elkaar weer zouden leren vertrouwen en anderzijds dat er een prikkel zou zijn tot verdere samenwerking.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Fragiele staten verdienen meeste aandacht?

Fragiele staten verdienen de meeste aandacht, of niet? Gaat het om de fragiliteit van een staat of om de kwetsbaarheid van een samenleving? vraagt Jan Pronk zich af.

Stabiliteit is een voorwaarde voor ontwikkeling. Fragiele staten zijn instabiel. Boeren en industriëlen durven niet te investeren, buitenlandse ondernemingen en banken evenmin. De onzekerheden zijn te groot. Steeds minder mensen vinden werk. De inkomens en bestedingen dalen. De overheidsinkomsten stagneren, waardoor er minder middelen zijn voor onderwijs, gezondheidszorg en andere basisvoorzieningen. Zo ontstaat een negatieve spiraal. Die kan alleen van buitenaf doorbroken worden. Daarom verdienen fragiele staten in het kader van ontwikkelingssamenwerking meer aandacht en hulp dan andere landen. Als zij die niet krijgen is het risico groot, dat de instabiliteit en het geweld overslaan op buurlanden, op de regio en ook op stabiele landen in het Westen.

Er lijkt geen speld tussen te krijgen, maar toch is het een drogreden. Op zich is positieve aandacht voor fragiliteit en instabiliteit een stap vooruit ten opzichte van de tijd waarin dezelfde redenering leidde tot een tegenovergestelde conclusie: geef hulp pas wanneer een land stabiel is geworden, het geweld heeft uitgebannen, zijn zaakjes op orde heeft en goed wordt bestuurd. Voordat dit stadium is bereikt, heeft hulp geen effect. Maar die conclusie bleek rigide. Landen waren vaak niet in staat zelf uit het dal te klimmen en er kwamen meer fragiele staten bij. Bovendien golden humanitaire overwegingen: men kan mensen die het slachtoffer zijn van instabiliteit en geweld toch niet aan hun lot overlaten?

2014 zou een jaar waarin de volgende grote oorlog begint kunnen zijn

ANALYSE - The National Interest schrijft in het commentaar over hoe honderd jaar geleden de Eerste Wereldoorlog begon, ondanks de oprichting van het Vredespaleis dat jaar en de roep om internationale samenwerking. Ook in 2014 is er roep om saamhorigheid, maar een nieuwe grote oorlog is geen onmogelijkheid. Rusland en Europa zijn daar geen partij in, zij zijn hun wereldmachtstatus al lang kwijt, schrijft het blad. De strijd zou gaan tussen de VS en China, met het Midden-Oosten, Afrika en Zuid-Amerika als battle ground.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Vorige Volgende