Opsporing en vervolging via sociale media

Stel: je wordt verdacht van een ernstig misdrijf en opsporingsambtenaren leggen een link tussen daad en dader door gebruik te maken van sociale media. Mag dat, vraagt gastauteur Sebastiaan van der Lubben zich af? In Amerika is een debat ontstaan over deze zoekmethode. Een verdachte van ontvoering en moord werd herkent door gebruik te maken van profielen die hij aanmaakte op datingsites. Daarop veel foto’s vanuit verschillende hoeken van de dader. Slimme gezichtsherkenning (denk CSI) deed de rest. Dus kopte (het uitstekende NextGov): Feds turn to dating websites and facial recognition tools to catch crooks. Logisch: de zoekmethode gaat een stuk sneller dan het opsporen en overtuigen van (onwillige) getuigen om mee te werken aan het proces. De techniek doet de rest. Gezichtsherkenning gaat sneller en beter dan vijf, zes jaar geleden.

Door: Foto: copyright ok. Gecheckt 10-03-2022
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De Hoge Raad over de benoeming die niet doorging

Ter gelegenheid van de installatie van drie nieuwe vice-presidenten stak de president van de Hoge Raad, Corstens, een gloedvolle rede af over de betekenis van de rechtsstaat. De kwestbaarheid van de rechtsstaat en met name de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht liet zich makkelijk illustreren met de muilkorving van de rechterlijke macht, zoals die in Hongarije steeds openlijker plaatsvindt. Tegen die achtergrond deed Corstens ook even de luiken open over de recente commotie omtrent de afgeketste benoeming van mr. Aben in de Hoge Raad.

Aben kwam volgens de tot nog toe gebruikelijke procedures in aanmerking voor een benoeming, maar werd tijdens een besloten commissievergadering van de Tweede Kamer getorpedeerd door de PVV (mede mogelijk gemaakt door CDA en VVD). De Hoge Raad schrapte toen zelf de naam en niemand wist er iets van totdat Folkert Jensma de kwestie in de openbaarheid bracht. Corstens daarover:

Ook in de benoemingsprocedure voor raadsheren in de Hoge Raad die in de media de laatste tijd enige aandacht kreeg, komt het machtsevenwicht tot uitdrukking. De Hoge Raad is verantwoordelijk voor het opstellen van een aanbeveling van kandidaten, de Tweede Kamer is verantwoordelijk voor de voordracht en uiteindelijk is de regering de voor benoeming verantwoordelijke instantie. De aanbeveling van de Hoge Raad is uitsluitend gebaseerd op de inhoudelijke kwaliteiten en specialismen van de kandidaten en is afgestemd op de behoeften in dit verband van de Hoge Raad. Gelukkig wordt de aanbeveling meestal unaniem gevolgd door de Tweede Kamer en de regering. In het recente verleden liepen de hazen in dit verband soms anders. Dan rijst de vraag wat wijsheid is. In het ene geval kan de tegenwind overwonnen worden, dan is het goed standvastig te zijn. Maar, om een op deze stormachtige januaridag passende metafoor te gebruiken: welbewust het oog van een orkaan instappen in de aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dat de kandidaat daaruit ernstig beschadigd van de radar zal worden weggeslingerd zou niet van wijsheid getuigen. Het te verwachten resultaat en de te verwachten schade aan de institutie zijn ook belangrijke elementen bij deze afweging.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Plak Brad Pitt op je gezicht

Gezichtsherkenning maakt een grote vlucht en ook digitale animatie kun je tegenwoordig al voor een schijntje doen. Een combinatie van die twee is ook al mogelijk: gratis en voor niks. En het resultaat is ‘dynamische gezichtssubstitutie. Eng? Fascinerend? Vet? Hier vind je meer over de code die gebruikt wordt.

Face Substitution from Kyle McDonald on Vimeo.

Via Flowing Data

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

CleanIT: schoolvoorbeeld van een ontspoord veiligheidsproject

Het bestrijden van criminaliteit via internet is belangrijk. Het is dan ook onvergeeflijk als overheden geen idee hebben wat ze aan het doen zijn, onze internetvrijheid te grabbel gooien en bakken met belastinggeld pompen in amateuristisch broddelwerk zoals het CleanIT-project, stelt Ot van Daalen, directeur van Bits of Freedom.

Het onlangs gelanceerde Clean IT project is één van de ergste voorbeelden hiervan. We twijfelden zelfs of we er aandacht aan moesten besteden. Maar omdat het van serieuze overheidspartijen komt, leek het ons goed om toch eens in detail uit te leggen waarom dit project rechtstreeks de prullenbak in kan.

De drijvende kracht achter het Clean IT project is de Nederlandse Nationale Coördinator Terrorisme en Veiligheid (NCTV). Deelnemers zijn onder meer Spanje, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, België en Europol. Het doel van het project is “to counter the illegal use of the internet by terrorists”, zo staat op de website.

De leden zijn een aantal keren bij elkaar gekomen en gaan dat het komende jaar blijven doen. Uiteindelijk hopen ze regels te ontwikkelen om, ja wat precies? Het is onduidelijk, maar belooft weinig goeds. 

Het doel is niet duidelijk

Alle overheidsprojecten moeten een helder omschreven en zo beperkt mogelijk doel hebben. Op die manier zorg je dat belastinggeld zo effectief mogelijk wordt ingezet. Bovendien kan je niet alle problemen in één keer oplossen. Daarnaast beperk je zo het risico dat het project ook voor andere doeleinden wordt ingezet (zogenoemde “function creep“). En als privacy en communicatievrijheid in het geding zijn, is een heldere doelomschrijving zelfs verplicht op grond van Europese mensenrechtenverdragen.

Het doel van het Clean IT project is de eerste maanden al hopeloos uit de klauwen gegroeid:

  • Eerst was het projectdoel “combating the misuse of internet for Al Qaida influenced terrorist purposes” (project outline van 15 september 2011, PDF).
  • Nog niet een maand later werd dit al uitgebreid. De workshop van het project werd georganiseerd “to discuss illegal use of the internet”. Opeens blijkt het project zich te richten op het misbruik van het internet door “terrorists and extremists”. En dat zijn er nogal wat: “all kinds of terrorists organizations, including lone wolf terrorists and individual extremists. Including (alphabetical) animal rights, left-wing, racist, religious, right-wing, separatist and all other terrorist and extremist organizations and individuals.” Al Qaida wordt niet meer specifiek genoemd. Zie het verslag van de workshop van 24 en 25 oktober 2011 (PDF).
  • Bovendien blijkt het project zich opeens te richten op geweld en hate speech: “The project also aims to limit the use of the internet by organizations or individuals inciting murder and violence, and or publishing or disseminating racist and xenophobic material, and hate speech.”
  • En terloops wordt opgemerkt dat het internet “is misused in many forms, including cybercrime, hate speech, discrimination, illegal software, child pornography and terrorism”.

De uitbreiding van het project wordt bevestigd in een voortgangsrapportage van 16 november 2011 (PDF). Desondanks schrijft het NCTV in een persbericht op 18 november 2011 dat het project nog steeds beperkt zou zijn tot Al Qaida: “The project focuses on Al Qaïda influenced content.”

Niet alleen zijn in een paar maanden de groepen waar het project zich op richt uitgebreid: ook is het soort gebruik in de loop van het project uitgebreid. Hoewel het project zich in eerste instantie richtte op “the illegal use” van het internet door bepaalde groepen, is het doel een maand later uitgebreid tot “the illegal and unwanted use” van het internet (verslag van workshop van 24 en 25 oktober 2011, onderstreping toegevoegd).

Dat betekent dus dat het project erop is gericht om gedrag dat niet op basis van een wet verboden kan worden, toch te beperken. Ook hier stelt het persbericht van een maand later weer dat het project zich beperkt “to counter the illegal use of the internet by terrorists”. Dat steekt des te meer, nu het project parlementaire controle omzeilt. We komen hieronder op terug.

De vraag is niet helder

Niet alleen moet het doel helder omschreven zijn: ook de vraag moet  kraakhelder zijn. Want pas dan weet je naar welke oplossingen je moet zoeken. Het klinkt bijna te simpel. Maar niet voor het Clean IT project. In de project outline staat slechts een aanname: “The internet plays a central role and is of great strategic importance for Al Qaida influenced extremist networks.” Daar volgt geen vraag uit.

Terwijl de vraag van alles kan zijn: hoe kan worden voorkomen dat aanhangers van Al Qaida gebruik maken van het internet, of dat sympathisanten fondsen werven via het internet, of dat zij nieuwe recruten werven via het internet? Ga zo maar door.

Ook een maand later was nog steeds niet duidelijk wat de deelnemers precies aan het oplossen waren. En toch organiseren ze allemaal workshops. Als je geen duidelijke vraag hebt, zijn alle zogenaamde oplossingen nutteloos. Want je weet niet of ze werken.

De gevolgen voor communicatievrijheid en privacy worden niet besproken

Clean IT maakt inbreuk op de privacy en communicatievrijheid. Daarom schrijven de organisatoren dat respect voor fundamentele rechten onderdeel moet zijn van het project. Maar dat voornemen opschrijven is niet voldoende: er moet expliciet onderzoek worden gedaan naar de manieren waarop deze grondrechten worden ingeperkt en wat de onbedoelde en ongewenste neveneffecten van het project kunnen zijn.

Want zelfs als zo een systeem met de beste bedoelingen zou worden opgezet: het risico dat dit project in de toekomst wordt misbruikt voor censuur en surveillance is groot:

  • Dit project heeft een megalomane reikwijdte en zou zich richten op misbruik: “within in [sic] all layers and parts of the internet. This includes (in alphabetical order) audio messages posted on internet, blogs, chat rooms, documents posted, e-mail, messaging systems, payment systems, social media, static texts on websites, video messages, web forums” (verslag van workshop van 24 en 25 oktober 2011).
  • En vrijwel de hele internetgemeenschap zou moeten meewerken aan deze regels: “browser providers, certificate providers, cloud providers, domain registrars, e­‐mail service providers, exchange points, filter providers, hosting providers, hotlines, investigation companies, law firms, security consultants, search engine companies, social network sites, technology innovators, vendor sites and web forum providers”.
  • Daarbij komt dat de oplossingen die worden voorgesteld in het document het grondrecht op communicatievrijheid en privacy inperken, zoals het publiceren van zwarte lijsten van verboden websites of het afschaffen van anonimiteit.


Het project wordt niet gebaseerd op bewijs

Het lijkt voor de hand liggen: alle beleid moet worden gebaseerd op stevig bewijs. Het bestaan en de omvang van het probleem moet onderbouwd worden met deugdelijke, onafhankelijke data. En vervolgens moeten de effectiviteit en de gevolgen van alternatieve oplossingen op basis van onafhankelijk onderzoek in kaart worden gebracht. Als dat bewijs ontbreekt is een project niet meer dan een mening van een paar deelnemers. Helaas ontbreekt in Clean IT iedere poging om het project met bewijs te staven. Het probleem wordt niet onderbouwd – het blijft slechts bij aannames – en de oplossingen komen uit de lucht vallen.

Het project omzeilt parlementaire controle

Bij het Clean IT project is ervoor gekozen om parlementaire controle te omzeilen, zo blijkt uit de project outline:

“In addition to regulatory approaches, public-private partnerships can cause a breakthrough in deadlocked talks between government and industry. The internet is in most countries predominantly privately owned, and the internet knowledge is 100% privately owned. Therefore, the solutions to these problems can be found in direct cooperation between member-states and the Internet business.”

In plaats daarvan streven de deelnemers naar “gentlemens agreements” tussen de overheid en marktpartijen:

“The main objective of this project is of a non-legislative  ́framework ́ that consists of general principles and best practices. The principles will be used as a guideline or gentlemen’s agreement, adopted by many partners. They will describe responsibilities and concrete steps public and private partners can take to counter the illegal use of Internet. The principles should fill the gap between Member States (national) regulation and private initiatives / best practices.”

Iedere inperking op de communicatievrijheid en privacy die afkomstig is van de overheid moet gebaseerd zijn op een formele wet. Dat volgt uit de Europese mensenrechtenverdragen. En terecht: het parlement moet zich over die maatregelen kunnen uitspreken, regels moeten in volledige openheid tot stand komen en burgers moeten precies weten waar ze aan toe zijn.

Dat in dit geval ervoor is gekozen om het parlement te omzeilen, is onacceptabel, zeker omdat het project ook is gericht op het beperken van gedrag dat niet op basis van een wet verboden kan worden.

Conclusie: het Clean IT project kan de prullenbak in

De bestrijding van criminaliteit is te belangrijk om met dit soort halfbakken plannetjes aan te pakken. We hopen dat het parlement het Clean IT project in de kiem smoort en dat de overheid ons belastinggeld in de toekomst beter besteed.

Foto: copyright ok. Gecheckt 09-02-2022

Innoveer nou!

Iedereen praat elkaar na dat piraterij de entertainmentindustrie doodmaakt, en dat strengere wetgeving nodig is om films en tv-series rendabel te houden.

Het is simpelweg niet waar. Films die veel worden gedownload, doen het in de bioscoop uitstekend. Downloaden fungeert eerder als een geweldige reclamecampagne van onderaf. Vroege kijkers raden hun vondsten aan vrienden aan, schrijven erover, en scheppen de zo gewenste buzz die een film of serie bij een groter publiek gewild maakt. (Niemand vertrouwt reclame nog, maar naar authentieke fans die uitleggen waarom je dit écht moet gaan zien, luisteren we zonder argwaan.)

Voorts blijken downloaders keer op keer de beste klanten van de entertainmentindustrie te zijn. Zij geven beduidend meer geld uit aan filmbezoek, dvd’s en cd’s dan de gemiddelde burger.

De film- en tv-industrie zou downloaders beter kunnen beschouwen als bondgenoot dan als haar vijand. En vooral kan de industrie van ze leren: waarom downloaden mensen?

Uit alles blijkt dat het ouderwetse model van nationale pakketten en van gefaseerde distributie niet langer wordt geaccepteerd. Amerikaanse films zijn pas maanden na de première in Europa te zien, vaak duurt het jaren voordat goede buitenlandse series hier op tv komen. Er er is geen nette manier voorhanden om aan mijn film- en serieliefde te voldoen. Ik kan buitenlands spul niet op HBO of op Netflicks bekijken, niet via iTunes of Amazon kopen. Ik ben Nederlands: aan ons wordt nog niet gedistribueerd. Mijn geld wordt botweg geweigerd.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: copyright ok. Gecheckt 24-10-2022

Bonus of malus?

Minder privacy voor persoonlijke aanbieding’, kopte RTL Nieuws gisteren. Albert Heijn wil de data van de bonuskaart gebruiken om gerichte aanbiedingen te doen die per persoon verschillen. Het is zeker nieuws, maar niet omdat sprake zou zijn van een privacy-inbreuk.

De bonuskaart wordt al sinds 1998 gebruikt om het koopgedrag van klanten in kaart te brengen (dat is immers het doel van alle klantenkaarten). Op zich zie ik er niet zoveel problemen mee dat de AH weet wat ik koop. Omdat ik vrijwel altijd met PIN betaal, weten ze dat toch al en zoals gezegd, het is niet bepaald nieuw. Anno 2011 is persoonlijke informatie een ruilmiddel geworden met geldelijke waarde. Er zou alleen een groot privacyprobleem zijn als AH deze informatie met derden deelt of geen inzage geeft in de verzamelde gegevens (oeps)

Wat wel nieuwswaardig is, is dat klanten dus aanbiedingen op maat krijgen via Mijn Bonus. Daarmee krijg ik bijvoorbeeld korting op luiers (ik heb een klein kind) en mijn buren met puberkinderen niet. Nu zitten mijn buren wellicht niet op die korting te wachten, maar doordat aanbiedingen op invididueel niveau worden gedaan, gaat ook veel transparantie verloren. Hoeveel korting krijgen andere  klanten? Krijgen ze meer korting dan jij? En hoe werkt dat? Krijgen rijkere klanten meer korting? Of juist klanten die vaker euroshopper-producten kopen?

Foto: copyright ok. Gecheckt 07-11-2022

Democratie is slecht. Het is tijd voor … de beslissingsmachine!

Democratie is leuk, maar kent ook vele problemen. In deze tijd ontkomen we er niet aan om belangrijke maatschappelijke beslissingen door machines te laten nemen, betoogt informatiedeskundige Frans Knibbe.

Democratie, de macht van het volk. Zo’n vijfentwintig eeuwen geleden, in de stadstaat Athene, bleek het een goed medicijn tegen tirannie te zijn. De directe democratie van Athene ontwikkelde zich tot representatieve democratie – geen referenda, maar bestuur via politieke partijen en volksvertegenwoordigers – en wordt nu wereldwijd gezien als het neusje van de zalm onder de bestuursvormen. Dit geloof gaat zelfs zo ver dat een land dat de democratische principes niet naleeft net zo lang met bommen of economische sancties bestookt mag worden totdat het ook in het democratisch gelid komt.

Is de faam van democratie terecht? Is het echt de beste manier om naties van miljoenen mensen te besturen? In ieder geval zijn er vele zwakke punten te vinden. Hieronder een tiental:

  • Bij verkiezingen mag men kiezen tussen een aantal politieke partijen. Elke partij staat voor een pakket principes en ideeën. De kans dat zo’n pakket exact overeenkomt met de principes van een individuele kiezer is zeer klein. Dus: Persoonlijke ideeën worden niet goed vertegenwoordigd.
  • Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

    Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

    Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

    Steun ons!

    De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

    Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

    Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

    Oh ja, die lastige wetgeving…

    Sinds 2005 wordt gewerkt aan een landelijk netwerk van kentekenherkennings-camera’s aan de Nederlandse grensovergangen en nu zijn ze klaar voor gebruik. Een probleempje: wetgeving en internationale verdragen liggen dwars. Het gevolg: mogelijk is er negentien miljoen euro voor niets uitgegeven.

    Wat is er aan de hand?

    Per 1 januari zou het project @migo-boras moeten starten. Camera’s bij alle grote grenspassages (vijftien in totaal) en bij zes mobiele teams registreren alle kentekens die voorbij zoeven. Met die kentekens kan de Marechaussee – en in haar kielzog een hele zwik Nederlandse (en buitenlandse) opsporingsdiensten – twee dingen doen.

    Ten eerste handhaven. De gescande kentekens worden vliegensvlug vergeleken met een zwarte lijst. Zo plukt de Marechaussee in enkele microseconden auto’s eruit waar iets mis mee is, tenminste volgens de zwarte lijst. Dat kunnen bekende mensensmokkelaars zijn, of belastingontduikers, mensen die nog een boete open hebben staan, of waarvan de verzekering niet klopt.

    Ten tweede kan @migo-boras voor opsporing en intelligence worden gebruikt. Er is dan nog niets bekend over een mogelijk misdrijf of gedraging, maar door het analyseren van al dan niet geanonimiseerde verkeerspatronen kunnen slimme informatie-analysten afwijkende gedragingen destilleren. Of anders gezegd: ze kunnen profileren. Wie in een bepaald risicoprofiel past, wordt eruit gepikt en door de Marechaussee aan de tand gevoeld. Uiteraard is er ook een voorziening gemaakt voor ‘afgeschermd onderzoek’ zodat platte petten niet mee kunnen kijken. Dit is natuurlijk voor de AIVD bedacht.

    Foto: copyright ok. Gecheckt 10-02-2022

    Op zoek naar busladingen vol bloggende huisartsen

    Een gastbijdrage van Ernst-Jan Pfauth, blogger, oud-chef NRC online en thans hoofd van de startup Brainsley.

    Of ik voor het oudjaar nog een stukje voor Sargasso wil tikken over de toekomst van blogs? Uiteraard. Alleen vraag je het op een moment dat ik blogs net een beetje opgegeven heb. Begrijp me niet verkeerd, ík blog nog vrijwel dagelijks met plezier, maar ik verwacht in 2012 geen busladingen vol nieuwe bloggers die het langer dan een maand volhouden. De drempel van het medium is zo hoog. Niet zo hoog als die van traditionele media, en dat heeft prachtige blogs opgeleverd – waaronder Sargasso -, maar te hoog voor bijvoorbeeld een huisarts om te schrijven over de dagelijkse beslommeringen in de praktijk, of zijn vakgebied.

    Dat is zonde, zeg ik als blogger, maar ook als journalist. Want duizend huisartsen weten meer dan één medisch redacteur bij een willekeurige kwaliteitskrant. En het mooie aan blogs is dat die huisartsen hun kennis online kunnen publiceren, ongefilterd. Gratis informatie voor de medisch redacteur en de rest van ’t volk. Maar helaas: zes maanden bloggen zonder reacties in een houterig blogplatform houden maar heel weinig huisartsen vol. Of andere experts, for that matter. Terwijl de opbrengst van bloggen zo groot kan zijn.

    Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

    Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

    Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

    ACTA en SOPA zijn geweldig!

    <webwereld column>

    Maatschappelijke betrokken mensen zijn erg goed in morele verontwaardiging, vaak terecht, maar even zo vaak van een aandoenlijke naïviteit. Zo kijk ik al weken met enige verbazing naar Amerikaanse occupy-activisten die geschokt (geschokt zeg ik u!) zijn als een politieagent (of de rent-a-cop van een universiteit) ze zonder aanleiding slaat met wapenstok of met pepperspray bespuit.

    Dat deze ambtenaren zo veel geweld gebruiken is op zich inderdaad niet netjes. Maar wie daar anno 2011 nog van schrikt roept toch de vraag op of men de afgelopen 10 jaar een beetje het nieuws heeft gevolgd. Je dacht toch niet dat je gestolen verkiezingen, illegale aanvalsoorlogen, kleuters beschieten met anti-tank wapens en het martelen van onschuldige burgers jarenlang kon laten gebeuren, zonder dat uiteindelijk de consequenties van zo’n overheid bij jezelf in de straat zouden belanden?

    Net zoals de naïve verontwaardiging van sommige occupy-activisten over hun regering en haar gewapende arm heeft de boze verbazing waarmee in de IT-pers over ACTA en SOPA wordt geschreven iets kinderlijks. De copyrightindustrie is al decennia bezig om de lengte van het auteursrecht op te rekken tot het-eind-der-tijden-plus-een-dag-extra.

    Sony heeft er geen problemen mee om de computers van hun klanten aan inbraken bloot te stellen. Vanuit de kantoren van auteursrechthandhavers wordt flink getorrent. Kleuters en bejaarden zonder PC, overleden personen en zelfs een HP-laserprinter worden valselijk beschuldigd van auteursrechtinbreuk (door de advocaten van de industrie structureel gelabeld als “Diefstal”). We weten met z’n allen nu toch wel waar we mee te maken hebben?

    Daarom ben ik wel blij met de totale Kafka-combo die ACTA/SOPA aan het worden is. Nu ACTA en SOPA er bijna doorgedrukt zijn, weten we met z’n allen waar we staan. De wolven hebben hun schaapskleren afgegooid en tonen zich voor wat zij zijn. Roofdieren zonder interesse in ons welzijn. Wij hoeven dus niet meer quasi-geschokeerd te zijn over het feit dat bepaalde grote bedrijven zich als roofdieren gedragen.

    Als we vastgesteld hebben dat we met roofdieren te maken hebben kunnen we maatregelen nemen. Geschokt achteraf stampvoeten en boos zijn op de wolf die losgaat in een kleuterspeelzaal is geen effectieve maatregel. Een roofdier is wat hij is. Wil je ongelukken voorkomen, dan moet je een hek om die kleuterspeelzaal zetten, of wellicht zelfs om de wolf.

    Als we willen dat ICT werkt in ons belang, moeten we dus zorgen dat de techniek ontworpen is in ons belang in plaats van in de belangen van softwareverkopers of copyright boeren. Computers en netwerkdevices die doen wat wij willen dat ze doen zelfs als dat niet in het commerciële belang is van een handvol grote bedrijven of de onwettige politieke wens van een gelobbyde overheid.

    De enige organisatie dit al ruim 25 jaar roept is de Free Software Foundation. De afgelopen 15 jaar is de discussie over de principes van vrije software vrijwel volledig ondergesneeuwd door de veel zakelijkere en pragmatische benadering van het Opensource Initiative. Reden om het Opensource Initiative destijds op te richtten was letterlijk de te principiële houding van de Free Software Foundation.

    Inmiddels zijn alle dingen waar de FSF al lang geleden voor waarschuwde werkelijkheid aan het worden en blijkt een gebrek aan principes in discussie over de toepassingen van technologie ons lelijk te gaan opbreken. Vrijwel alle PC’s (waaronder ik ook even Mac’s reken), telefoons en gameconsoles hebben functies aan boord die er niet zijn voor ons maar voor bedrijven die geld aan ons willen verdienen. Als je niet de baas bent over je computer, is het dan nog wel jouw computer/telefoon/console/router/enz

    Dit is een oude politieke les; als je te lang wacht met protesteren mag/kan je niet meer protesteren. Dit geldt niet alleen voor het aanspreken van overheden die stupide oorlogen beginnen of banken in de staatskas laten graaien. Dit geldt net zo goed voor de vraag wie er de baas is over de computers en netwerken waar we inmiddels totaal van afhankelijk zijn. Als we gezamenlijk niet vragen om principes, krijgen we technologie waar principes geen rol spelen.

    De ideeën van de Free Software Foundation zijn nog nooit zo belangrijk geweest. Niet omdat proprietary software slechter is geworden (soms) of omdat Free Software zo veel beter is geworden (veel!) maar omdat onze eigen systemen thuis de laatste digitale plek is waar we nog iets over te zeggen hebben.

    Wat meer principieel nadenken (naast het technisch-functionele) over de IT die we gebruiken houdt de wolven buiten.

    Vorige Volgende