COLUMN - We eten, drinken, werken, ontspannen, consumeren, klagen, sporten, genieten, praten, slapen, dagdromen, telefoneren, plassen, schrijven, onthouden, lachen en ademen. En doen onze boodschappen.
Vrijdagmiddag, 14.35 uur:
Elke week herhaal ik, minimaal één keer, mijn rondje door de consumeertempel. Geroutineerd werk ik mijn boodschappenlijstje af, en mik vervolgens fruit, sla, een blik soep, een doosje eieren, twee broden, peperkoek, ham, kaas, fles curry, potje pindakaas, hagelslag, potje erwten, enkele pakken melk, cornflakes, koekjes, flesjes water, diepvrieszakjes, keukenrol en een bevroren pizza in mijn tijdelijke buddy: de winkelwagen.
15.05 uur:
Ik sta inmiddels in de rij bij de kassa. Het kassameisje lacht vriendelijk. Zoals ze allemaal doen hier. Terwijl mijn voorganger afrekent, leg ik alvast mijn fruit, sla, blik soep, doosje eieren, twee broden, peperkoek, ham, kaas, fles curry, potje pindakaas, hagelslag, potje erwten, pakken melk, cornflakes, koekjes, flesjes water, diepvrieszakjes, keukenrol en bevroren pizza op de lopende band.
Het meisje scant al mijn inwendige behoeftebevredigers voor de komende dagen en legt ze op de andere lopende band, waar ik vervolgens mijn fruit, sla, blik soep, doosje eieren, broden, peperkoek, ham, kaas, fles curry, potje pindakaas, hagelslag, potje erwten, pakken melk, cornflakes, koekjes, flesjes water, diepvrieszakjes, keukenrol en bevroren pizza weer kan inladen in mijn grote, altijd behulpzame winkelwagen.
Na deze klus, betaal ik netjes en zeg ik “nee” op de vraag of ik zegeltjes voor het servies spaar en “ja” op de vraag of ik de kassabon wil hebben.