Juliette Verheijen

51 Artikelen
3 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)

Ik wens het jullie

COLUMN - Het is wat veel. Bezig met een nieuw bedrijf, een eerder bedrijf dat weer loopt als een zonnetje, laatste loodjes, voorbereidingen voor kerstdiner I en kerstdiner II, de boodschappenhel en tussendoor ook nog spelletjes met de kids, boekjes lezen en een borrel her en der. De column schiet er enorm bij in de komende twee weken. Ik noem het kerstreces.

Ik wens jullie hele fijne kerstdagen en een spetterend uiteinde. Dat 2015 alles mag brengen waar jullie op hopen. Ik heb zelf een behoorlijk lijstje, we zullen zien of het allemaal gaat lukken. Ik ben optimistisch.

Denk aan je vingers en die van je buren met oud en nieuw, mocht je hebben geshopt in België of Duitsland en tot in het nieuwe jaar!

Proost!

Toiletpapier

COLUMN - ‘Mama, ik moet poepen.’

‘Mam? Ik moet heel erg poepen.’

‘Nee, dat moet je niet.’

‘Jawel.’

‘Niet.’

‘Wel.’

‘Dat kan nu even niet.’

‘Maar ik moet heel erg!’

‘We zitten midden in het bos!’

‘Maar ik moet heel erg!’

‘Ik ben de zakdoekjes vergeten, kun je echt niet ophouden?’

‘Nee, ik moet echt heel erg!’

‘Blaadjes, we pakken blaadjes. Natuurmensen zijn wij, kleine sloper. Het komt goed.’

‘Waarom vloek je mama? Dat mag niet hoor. Ik mag dat woord nooit zeggen van jou.’

‘Het is een dennenbos…’

‘Mam, ik ga zo heel erg in mijn broek poepen.’

‘Wacht! Wacht!’

‘Ik kan niet meer! Mam!’

‘Ik heb een papiertje in mijn zak! Even ontproppen. Een oud boodschappenlijstje. Heel klein, dus je moet precisiepoepen, manneke. Geen smeerboel van maken, anders hebben we wel een probleem.’

‘Ik ga NU poepen.’

‘Wacht! Je broek moet nog uit. Ga maar achteruit aan mijn armen hangen.’

‘Waarom lach je mama?’

‘Ik heb je billen afgeveegd met een pak melk, avocado´s, peperkoek, wasmiddel, fruit, toiletpapier en raketjes.’

Kerstverlichting

COLUMN - We keken van de boom naar de bak met kerstverlichting, de oudste sloper en ik. Daarna keken we naar elkaar.

‘Dit wordt weer heel erg’, zei hij.

‘Ik vrees het ook’, zei ik.

We doken allebei op een snoerbrij en concentreerden ons zo goed mogelijk.

Ik werd er gek van! Had ik de ene helft een beetje fatsoenlijk los, raakte de achterste lampjes alweer in de knoop en als ik me daarna op de achterste lampjes stortte, frotten de voorste al weer in elkaar. Ik keek naar mijn sloper en hij was met een verhit gezicht exact hetzelfde met zijn snoer aan het doen. We keken elkaar met een rood hoofd aan, haalden onze schouders even op en doken weer op ons snoer. We lieten ons niet kennen. Wij tegen de lampjes, drie keer raden wie er zou gaan winnen. Precies!

‘Godsamme’, hoorde ik achter me. ‘Dat stomme lampje wil niet wat ik wil!’

‘Dat is het lot van kerstverlichting, schatje. Je koopt het in een doosje, dan zit het heel allemaal verdacht netjes op zo’n plastic rekje en als je het voorzichtig loshaalt zit het voordat alles de grond raakt al in een grote frot. Volgens mij doen ze dat expres, ik heb zo’n snoer nog nooit netjes in de boom kunnen hangen. Meer kan ik er helaas niet van maken.’

Souvenir

COLUMN - Ik weet nooit wat ik mee moet nemen. Wel voor de slopers, maar nooit voor de man. De afgelopen paar dagen was ik in Parijs met mijn Franse vriendin en ik vind het altijd wel zo leuk om iets kleins mee te nemen als teken dat ik heus wel aan ze heb gedacht tussen al het geoehlala door. De sneeuwbolletjes met Eiffeltoren waren zo gekocht, evenals de T-shirtjes met ‘Paris Rocks!’ erop. Voor de man had ik nog niets.

Ineens wist ik het. Een leuker cadeau kon ik niet bedenken. Zeven jaar geleden waren wij namelijk samen in Parijs, de man en ik. Ik was zwanger en wij zaten in grote spanning te wachten op de uitslag van de vruchtwaterpunctie. Die uitslag, daar moet je vier weken op wachten en hij zou   tijdens ons romantische weekendje weg bekend worden. Dat je aan het eind van die vier weken gek bent geworden van alle mogelijke scenario’s spreekt denk ik voor zich. Dus toen ik op mijn telefoon het berichtje las van de gynaecoloog dat alles goed was en we daar maar een voorzichtig glaasje bubbels om moesten drinken zolang we het haar maar niet vertelden, sprongen wij een gat in de lucht. De sfeer was ineens compleet anders en dat gingen we vieren.

Sleutelkind

COLUMN - Hij kreeg de sleutel. Voor het eerst. Dat was een ding, dat zag ik zo. Hij keek me met grote ogen aan. Hij ging voor het eerst in zijn up naar huis lopen en zelf de deur open doen. Hij kwam alleen aan in een leeg huis. Niemand om hem op te vangen met z’n hele negen jaar. In Engeland zou ik de gevangenis in worden geslingerd. Maar ja, rapportgesprekken. Ik moest wat.

De gesprekken waren zo gepland dat hij drie kwartier op het schoolplein rond moest hangen of hij kon alleen naar huis lopen. Naar huis brengen en weer terugrijden duurde te lang en hij had al eens gezegd dat het best handig zou zijn als hij de sleutel had. Voor je wist maar nooit. Nou, dat je wist maar nooit was er ineens. Hij koos voor lopen. Hij had geen zin in spelen en hij had het koud. Ik wrikte de sleutel van mijn bos. Hij stopte hem in zijn zak en controleerde of de rits goed dichtzat.

Terwijl ik in de schoolgang op de piepkleine stoeltjes mijn rug om zeep zat te helpen, huppelde de oudste naar huis. Hij moest wat straten oversteken, maar hij was voorzichtig. De jongste krijgt waarschijnlijk pas op zijn 18e de sleutel. Die kijkt echt helemaal nergens naar, dat is levensgevaarlijk voor hem en iedereen om hem heen. Maar het ging dus om de oudste. Ik zag voor me dat hij eens lekker los zou gaan in de snoep/koek/chipslade als hij thuis was aangekomen. Als je moeder je dan toch alleen naar huis laat lopen…

Kerstdiner

COLUMN - Sinds ik twee jaar geleden mijn schoonmoeder een rauwe kalkoen voorschotelde tijdens het kerstdiner (het braadadvies kwam van de poelier, die een paar dagen later heeft moeten rennen voor zijn leven), ben ik begin november al bezig met voorkoken, uitproberen, testen, proefdineetjes regelen en snuffelen door allerlei kookboeken. Voor mijn vrienden een feest, voor mij een noodzakelijk kwaad.

Ik heb mezelf leren koken. Ik kijk heel goed naar anderen, lees eens een inleiding van een kookboekje en verpruts heel erg veel. Maar het mooie is, daarna wordt het altijd beter. Ik heb een Franse vriendin die jast van alles zonder te kijken in een pan en een half uur later zit je een sterrenmaaltijd te eten. Ik kan dat dus niet. Ik volg een recept. En als er ‘een beetje staat’, of ‘een mestipje’, of een ‘haffeltje’, dan ben ik direct de weg kwijt.

Bij vrienden maakt het natuurlijk geen barst uit of je de boel verknoeit, de chinees zit om de hoek, een patatje is zo gehaald, maar het kerstdiner voor de schoonfamilie, dat is andere koek. Na het eerdere mislukte kerstdiner heeft een aantal vrienden de mazzel gehad om het volledig gelukte 2.0 kerstdiner te eten, want ik moest het wel onder de knie krijgen natuurlijk. Nadat de poelier vanonder de toonbank het goede ovenschema had doorgegeven (hij durfde zijn gezicht niet meer te laten zien na de langerekte ‘oeoeoeoeoeoeoeh’ en het vele hoofdgeschud van de overige klanten, als reactie op mijn mededeling dat mijn schoonmoeder een rauw stuk gevogelte op haar bord had gekregen) was de kalkoen precies goed, gaar en superlekker. Dat had ie alleen eerder moeten doen.

Depressie

COLUMN - Soms gaan er dingen mis in je hoofd. Zonder dat je er trouwens zelf iets aan kunt doen. Zo heb ik al mijn hele volwassen leven af en toe last van sombere periodes. Dan ben ik hartstikke moe, slaap ik slecht, voel ik me down, zonder ik me af en meer van die dingen. Een aanwijsbare reden is er niet. Het heeft niets met vallende blaadjes te maken of met heftige gebeurtenissen. Het is er gewoon ineens. En het gaat meestal ook weer weg. Een milde depressie heet dat. En daar hebben veel mensen last van.

Ik dacht, ik schrijf het eens op. Ik steek het zelf sowieso nooit onder stoelen of banken, ik ben er open over, voel er geen schaamte bij. Depressie is vaak toch een soort gekke kortsluiting in je hersenen. Dat het ene stofje net niet lekker wordt doorgegeven aan een ander stofje. Praten helpt natuurlijk ook, je hoeft niet direct naar de pillen te grijpen. Een psychiatervriend heeft mij een hele hoop bijgebracht over wat er allemaal aan te doen is. Ik ben uiteraard gaan praten, dat loste al een hele hoop op. Handvatten hoe ik bepaalde situaties kon veranderen, wat ik aan mijn omgeving moest veranderen om datgene wat mij ongelukkig maakte niet meer tegen te komen. Maar er bleef toch nog wat zeuren.

Sint Maarten

COLUMN - Kinderen houden het simpel. Ze vragen als ze iets niet snappen, ze kennen weinig gene en zeggen wat ze willen. Volgende week is het Sint Maarten. Dan gaan we hier de wijk in met een hele zwik kinderen en zingen ze de longen uit hun lijf om zo veel mogelijk snoep te scoren. Dit doen we al jaren. Eerder belden we aan bij een mevrouw dat verliep zo:

De deur ging open en daar zat ze, een mevrouw in een rolstoel. Mijn jongste deed een stapje terug. Dat moest hij even goed bekijken. De jongens zongen uit volle borst Sint Maarten, de koeien hebben staarten, maar ik zag hem loeren. Hij vond die rolstoel heel interessant. De vrouw die erin zat nog meer. Hij bekeek haar tijdens het zingen van top tot teen. Nadat hij zijn snoepje had uitgekozen liep hij op haar af, wees naar haar benen en vroeg: ‘Kun jij soms niet meer lopen, dat je in die stoel zit, eigenlijk?’

‘Nee’, antwoordde de dame, ‘ik kan niet meer goed lopen.’

‘Zijn allebei je benen stuk dan?’ vroeg hij, terwijl hij zachtjes over haar benen wreef. Hij wilde dat wel eens goed bekijken, benen die het niet meer doen. Hij kneep even zacht in haar linkerbeen. 

Stille tocht

COLUMN - Ik heb niets met stille tochten. Een keer heb ik meegelopen. Dat was volgens mij de eerste stille tocht die er werd georganiseerd in Nederland op zo’n grote schaal. Pim Fortuyn was net doodgeschoten en daar was ik behoorlijk van ondersteboven. Je schiet hier geen mensen neer als je het niet met ze eens bent, dan ga je praten. Of je besluit het oneens te zijn, je besluit dat een verschil van mening ook goed is. Maar iemand zomaar neerschieten, kom op zeg.

Dat meelopen in die tocht, daar had ik al heel snel spijt van. De sfeer was best agressief, de mensen waren boos, het voelde voor mij heel erg ongemakkelijk om er tussen te lopen. Eerlijk gezegd merkte ik dat ik daar niets te zoeken had. Ik was ondersteboven van het schietincident, maar ik had geen band met Fortuyn, kende de man niet persoonlijk en had niets met zijn ideeën en waar ik dacht in een stil protest tegen het lukraak omver knallen van mensen te lopen, liep ik tussen woedende Fortuyn-fans. De stille tocht blijkt niet mijn ding.

Daarna ging het hard met het hele fenomeen. Ging er iemand op een vervelende manier dood dan werd er direct een stille tocht georganiseerd. Het was standaard aan het worden, een nieuw ritueel leek geboren. Het voelt voor mij een beetje alsof je naar de begrafenis van iemand had gewild, maar er niet voor was uitgenodigd.  Je kende het slachtoffer in kwestie en de nabestaanden helemaal niet, maar er moet toch duidelijk worden gemaakt dat het jou enorm raakt. Voor wie lopen mensen die tochten eigenlijk? Voor het slachtoffer, of voor zichzelf?

Stukje rijden

COLUMN - De woensdagmiddag, dat is de middag dat ik mezelf omdoop in Taxicentrale Verheijen, want de middag verloopt ongeveer zo: Jongens uit school halen, thuis wat eten en dan de oudste naar knutselles, de jongste naar muziekles, de oudste ophalen bij knutselles en de jongste ophalen bij muziekles. Dan door naar atletiek, de oudste moet naar de baan, de jongste moet in een gymzaal en bij het ophalen zit ik ietwat klem, want dat is op dezelfde tijd. Gisteren zat er ook nog een tripje tandarts bij, dus mijn woensdagen, daar staat tegenwoordig een enorm kruis doorheen. Ik krijg dan niet veel meer geregeld dan chauffeuren en het goede humeur zien te bewaren in de eenrichtingsverkeershel hier in Hilversum.

Ik ben gelukkig wel klaar in een dag. De overige dagen kunnen ze spelen wat ze willen, alles op één dag is een hoop geregel, maar ik heb tenminste niet wat een groot deel van de andere ouders hebben. De ene zit op voetbal, de andere zit op hockey, ze trainen nooit dezelfde dagen en de training is altijd van vijf tot half zeven. Als je drie of meer kinderen hebt in combinatie met paardrijden of turnen, dan kun je al bijna niet meer werken, want wie brengt en haalt het spul? (dit is cynisch bedoelt mensen…) Gezamenlijk gezond en gezellig eten schiet er alle dagen bij in en op zaterdag vallen de wedstrijden natuurlijk altijd op hetzelfde moment, maar dan wel de ene in Lutjebroek en de andere in Meppel. Regel het maar. Met je baan en je andere gezinsleden en met één auto en succes ermee.

Sinterklaas

COLUMN - Hij keek me aan. Ik had geen idee welke reactie er zou gaan komen.

‘Dus, het is gewoon een man die zich verkleedt als Sinterklaas?’

‘Ja, dat is zo.’

‘Waar kwamen die cadeaus dan vandaan?’

‘Denk eens na Pipo’.

‘Wat? Hebben jullie al die jaren cadeaus voor ons gekocht?!’

‘Ja joh, het kwam echt niet uit de lucht vallen, of met de boot mee. Snap je nu waarom die trampoline er nooit kwam?’

‘Ja, dat wilden jullie niet en dan zeiden jullie: “Vraag maar aan Sinterklaas. Je weet nooit”. Maar dan wisten jullie het al wel hè?’

‘Ja Schatje, jullie hebben al schommels. Weet je dat een vriendin van mij bij haar eigen vader op schoot heeft gezeten en dat ze echt dacht dat het Sinterklaas was?’

De oudste sloper bleef me even aankijken en toen begon hij te gieren van de lach. Hij rolde bijna van de bank af, zo leuk vond hij het.

‘Bij haar eigen vader? En ze had niks door?’

‘Nee, ik heb ook nog bij hem op schoot gezeten. Ik wist zeker dat het Sinterklaas was, ook al zag ik de plakrand van zijn baard. Hij liet schijnbaar ook zijn mijter wel eens slingeren thuis, maar niemand die alles met elkaar verbond. En dat is nou de lol van grote mensen. In ruil voor die lol krijgen jullie cadeaus. Zo moet je het maar zien. Dit is trouwens de enige grote leugen van grote mensen hoor. Verder houden we je niet voor de gek.’

Xzena zoekt woon/werkruimte

COLUMN - Haar naam had het natuurlijk gewoon weg moeten geven. Xzena. Maar bij mij ging er niet direct een belletje rinkelen. Er kwam een tweet voorbij van ene Xzena die om woon/werkruimte vroeg. Ik drukte op retweet. Dat doe ik wel vaker bij dit soort berichten.

Moeders die kamers voor hun kind vragen op Twitter, stageplekken, leuke seminars, vacatures, als het voorbijkomt en ik kan er iemand mee helpen, dan retweet ik het. In het begin las ik alles. Zag ik dat Pieter een kamer zocht in Eindhoven voor zijn studie, zag ik dat Petra woonruimte zocht in Amsterdam voor haar eerste baan. Tijd is schaars dus op een gegeven moment ben ik gestopt met het lezen van alle tweetverzoeken en drukte ik ongezien op retweet. Je kunt niet alles bijhouden nietwaar?

Ik retweette Xzena dus ook zonder echt goed op te letten. Woon/werkruimte in de buurt van Groningen had ik zien staan. Totdat ik een tweet kreeg met: huh? Ik begreep het niet helemaal en vroeg: huh wat? Het antwoord: die advertentie. Ja, toen werd ik nieuwsgierig wat ik had rondgestuurd. Xzena zocht inderdaad woon/werkruimte, maar wilde daar niet in natura voor betalen. Het kwartje viel. 

Ook haar geblurde gezicht en het feit dat ze in een nikserig ondergoedjurkje met de borsten bijna bloot nogal ongemakkelijk over een Hartmantuinklapstoel hing liet niet veel te raden over. Wat te doen? Ik ga geen mensensmokkelaars of foute pooiers helpen hun bestaan uit te breiden en geld te verdienen aan weerloze vrouwen, dus ik ging even goed kijken.

Volgende