Satellietfoto’s

Kijkt u eens naar onderstaande twee satellietfoto's, met dank aan Google Earth. Het is winter, 16 december 2019 om precies te zijn, en de mensen die in dit deel van onze planeet wonen (boven: N 31.546518 E 34.548088; onder: N 31.542875 E 34.486812), wonen te midden van behoorlijk wat groen. Tuinen waarschijnlijk, zelfs op de onderste satellietfoto – midden in een stad -beslaan ze behoorlijk wat oppervlak. En ondanks dat het winter is, oogt het allemaal behoorlijk groen. Wat wil je ook. Op 31 graden noorderbreedte zit je in de subtropen. Op 17 augustus 2023 is dat niet heel erg veranderd. Eigenlijk is alleen de kwaliteit van de satelliet camera’s wat verbeterd. U kunt op deze foto’s de rijen bomen, die soms op de foto’s van vier jaar daarvoor ook zichtbaar zijn, veel beter zien. Dit zijn niet zomaar tuinen, het zijn boomgaarden en akkers, zelfs in de stad. Drie maanden later, op 24 november 2023 is op beide plekken de situatie volledig veranderd. Alle groen is verdwenen, en dat ligt niet aan het feit dat het winter is, dat had u in december 2019 al gezien. Wat u daar ziet zijn tanktracks, op elke vierkante centimeter tussen de bebouwing heeft de rupsband van een tank gereden. Dit zijn twee plekken in Gaza, 48 dagen later. En wat u hier ziet, kunt u op Google Earth op meer plekken in Gaza zien. Een strook van 7 kilometer lang langs de kust bijvoorbeeld, vanaf de bestandslijn uit 1947 naar het zuiden, van ongeveer 600 tot 1500 m breed is op de schop gegaan. Niet alleen is alle groen er verdwenen, alle ruimte tussen de huizen, ook waar geen groen was, bestaat uit uitsluitend tanktracks van iets meer dan drie meter breed. Dit is de stand van zaken iets meer dan een maand na 7 oktober 2023. De meest recente stand van zaken op Google Earth is van 1 december 2024, een jaar en krap twee maanden later en u kunt zelf zien dat de hoeveelheid groen in de loop van die periode gestaag afneemt en vervangen wordt door tanktracks. Op sommige plekken levert het zelfs een vorm van kunst op waar de rupsbanden zich rond de – deels verwoeste – bebouwing vlechten in ingewikkelde patronen. Hier een voorbeeld van 1 december 2024 op 31°32’33.45″N 34°27’8.76″O, waar niet zoveel groen is omgeploegd maar wel de snelweg langs de kust, die u niet meer ziet in de noordwesthoek van de foto. Dit was de oorspronkelijke situatie in augustus 2023: Waar wil ik heen? Simpel: de uithongering van de bevolking van Gaza die we hierna zagen, is al lang van tevoren gepland. Vrijwel direct na 7 oktober 2023 zijn de tanks alle groen, alle akkers, boomgaarden en moestuinen gaan omploegen om te voorkomen dat er verbouwd en geoogst kon worden door de mensen die er woonden. Ze moesten volledig afhankelijk worden van hulp en die is vervolgens afgeknepen. Naschrift: ook deze blogpost is grotendeels al ongeveer een jaar oud (tot ‘iets meer dan drie meter breed’). Ik heb hem kort geleden bij de tijd gebracht met de foto’s van december 2024 en de bijbehorende tekst.

Closing Time | Amidinine

Nog zo’n bandje dat Berber blues beoefent. Toch zijn het geen groentjes: Tissaliwen bestaat al sinds 2008 en ontleent zonder schaamte inspiratie aan vergelijkbare artiesten zoals Tinariwen, Terakaft en Bombino.

De groep ontleent haar naam aan de bergketen Tassili n’Ajjer, die zich uitstrekt nabij hun geboortestad Djanet, in het zuidoosten van Algerije.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: Nationaal Archief on Unsplash

Wachten we op de volgende watersnood?

ACHTERGROND - door Bart Ossendrijver

Talloze keren heeft het water in Nederland hoog gestaan. Meestal hielden de dijken stand. Soms niet, met alle gevolgen van dien: verdronken vee, verwoeste huizen, hoog water in de straten. Pas nádat de ramp zich voltrok, werden de dijken verhoogd en de noodplannen herschreven. Tegelijk is het een kwestie van tijd voordat de volgende ramp zich voordoet.

Je zult het nog wel weten uit de lessen op de basis- en middelbare school. Zo’n zeventig jaar geleden moesten de Zeeuwen dagenlang op hun daken schuilen vanwege de doorgebroken dijken. Een enorme ramp, maar niet geheel onverwacht. Nederland ligt in een delta, een kwetsbare plek waar het water een continue dreiging vormt. De rivier rukt op vanuit het binnenland, de zee vanuit de kust. Ertussenin ligt een laaggelegen strook grond, blootgesteld aan overstromingsrisico. Toch wonen we hier graag vanwege de vruchtbare grond en economische voordelen. Wereldwijd wonen er 500 miljoen mensen in delta’s, bijv. in steden als Rotterdam, New Orleans, Dhaka & Guangzhou. Als je op Europese schaal kijkt is heel Nederland een delta. We liggen tussen de bergen, waar vanuit grote rivieren ons land doorstromen richting de Noordzee. Grootschalig menselijk leven op deze plek is alleen mogelijk door hoge dijken, diepe geulen en sterke pompen. Zijn die nog wel opgewassen tegen de effecten van de klimaatcrisis in de vorm van oprukkend water?

Foto: Fröknarna Salomon door Anders Zorn, via Wikimedia Commons, Public domain

Gezellig onvertaalbaar

Er bestaat een genre op het internet dat je de onvertaalbare-woordenlijst zou kunnen noemen. Het werkt zo: iemand verzamelt een stuk of wat woorden uit diverse talen waar geen equivalent voor bestaat in de taal aller talen, het Engels, zet er een foto van een aquarel bij als illustratie. Het Japanse komorebi (zonlicht dat door bladeren valt), het Deense hygge (een soort gezelligheid, maar dan op zijn Deens), het Portugese saudade (een soort weemoed, maar dan op zijn Portugees). Het zijn als je genoeg van dit soort woordenlijsten leest altijd dezelfde woorden, en trouwens ook altijd dezelfde aquarellen.

Het Nederlands komt in zulke lijstjes weinig voor, en dat is een schandvlek voor de mensheid. Wij hebben namelijk ook een aardig arsenaal aan woorden waarmee vertalers worstelen. Hieronder een poging tot inventarisatie; met de kanttekening dat ‘onvertaalbaar’ natuurlijk flauwekul is. Mededelingen in iedere taal kunnen worden omgezet in iedere andere taal. Maar we moeten iets doen voor onze language marketing.

Hier zijn er alvast zeven, het lijstje valt natuurlijk uit te breiden. Deze zijn er op geselecteerd om mensen te laten denken dat sprekers van het Nederlands een bijna net zo unieke kijk op de wereld hebben als Japanners, Denen en Portugezen.

1. Uitwaaien

Foto: David Lisbona (cc)

Het CIDI: van waakhond tot medeplichtige

Het Centrum Informatie en Documentatie Israël was natuurlijk nooit neutraal, maar het presenteerde zichzelf wel zo: als een organisatie die feiten checkt, nuance bewaakt en het debat zuiver houdt. Dat zelfbeeld klopt al jaren niet meer, en de feiten laten inmiddels weinig ruimte voor twijfel. Wie het publieke optreden van het CIDI volgt, ziet een organisatie die steeds dieper verstrikt raakt in bondgenootschappen met partijen en personen die zelf een lange geschiedenis hebben van uitsluiting, racisme en complotdenken. Dat is geen toeval. Het is het logische gevolg van een organisatie die haar eigen bestaansrecht koppelt aan de verdediging van de Israëlische staat, ongeacht de koers die die staat vaart.

Want die koers is onmiskenbaar: Israël radicaliseert ook al decennia. Netanyahu presenteerde eind 2022 de meest extreemrechtse regering in de geschiedenis van Israël, met als minister van Nationale Veiligheid de extremist Itamar Ben-Gvir, in 2007 veroordeeld wegens terrorisme en aanzetten tot racisme. Bezalel Smotrich, die openlijk opriep tot annexatie van de bezette gebieden, werd verantwoordelijk voor het nederzettingenbeleid op de Westelijke Jordaanoever. Haaretz-hoofdredacteur Aluf Benn schreef dat de verandering van Israël diepgaand en onomkeerbaar is: de overwegend seculiere en progressieve versie van Israël die ooit tot de verbeelding van de wereld sprak, is allang voorbij.

Foto: Chandler Cruttenden on Unsplash

3000 Iraniërs overleden. Alsof niemand heeft geschoten

Meer dan drieduizend Iraniërs zijn volgens een bericht op NU.nl “overleden“. Zo staat het er. Overleden. Een woord dat we in Nederland gebruiken voor een opa die in zijn slaap wegzakt, of een buurvrouw die na een lang ziekbed sterft. Het woord draagt een sfeer van onvermijdelijkheid. Van natuur. Van tijd die verstrijkt.

In dit geval gaat het over mensen die door explosieven, kogels en ander militair geweld zijn gedood. Geweld van ‘ons’.

Toch kiezen media en organisaties regelmatig voor deze terminologie. Mensen “overlijden”. Er “vallen” doden. Er “komen” mensen om. De taal doet een wonderlijk kunstje: het geweld blijft staan, de dader verdwijnt. Alsof de dood zelf langs is gekomen om een rondje te maken, zonder dat daar iemand anders aan te pas is gekomen.

Dat patroon duikt telkens weer op wanneer het geweld zich ver genoeg van het westerse publiek afspeelt. In Europa spreken kranten vrij direct over “moord” of “doden” wanneer een aanslag plaatsvindt, of bijvoorbeeld als ‘de ander’ de oorlog start, zoals in Oekraïne. Zodra bommen vallen in het Midden-Oosten, en wij er direct dan wel indirect iets mee te maken hebben verandert het vocabulaire. Burgers “komen om”. Duizenden “overlijden”. De taal schuift een stap op richting abstractie.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Quote du Jour | Alles voor het geld

Katrin Bennhold van de New York Times spreekt met haar collega David Yaffe-Bellany over zijn onderzoek naar online gokmarkten zoals Polymarket en Kalshi.

David: Wat me opviel, was hoezeer deze sites op games lijken. Ze zijn ontworpen om je erin te lokken. Ik krijg voortdurend e-mails met de boodschap: “Kijk eens naar dit spannende dat er in de wereld gebeurt! Waarom wed je er niet op?” Het gaat ook veel verder dan sport en politiek. Alleen al in december werd er bijna 12 miljard dollar verhandeld op Polymarket en Kalshi, de twee grootste platforms. 

Closing Time | Jaye McBride

Er zullen mensen zijn die dit ‘woke’ comedy noemen (en dus per definitie niet grappig). Maar daarvoor zijn de grappen veel te hard en politiek-incorrect.

Wokies hebben doorgaans ook geen zelfspot (daarvoor nemen ze alles veel te serieus) en dat heeft Jaye McBride duidelijk wel.

Quote du Jour | Nederlanders

In het stuk “Joods-christelijke natie” reageert Peter Breedveld ouderwets venijnig op de politieke verontwaardiging rond het tijdelijk schorsen van een Kamercommissievergadering voor een iftar, en de claim dat dit het ‘Joods-Christelijke’ karakter van Nederland zou aantasten. Volgens hem toont de ophef vooral hoe het begrip “joods-christelijke cultuur” instrumenteel wordt ingezet: niet uit daadwerkelijke solidariteit met Joden, maar als retorisch wapen tegen moslims.

Nederlanders houden niet van Joden, ze hebben nooit van Joden gehouden, ze haten moslims, ze haten zwarte en bruine mensen, dat is wat anders.

Volgende