Na de bevrijding

Veel verzetslieden en oorlogsslachtoffers hebben na de oorlog hun verhalen voor zich gehouden. Of ze gaven slechts summiere informatie. Dat gold ook voor de soldaten die in Indië gevochten hebben. Sommige verhalen zijn nooit verteld. De tweede generatie bleef ook na de dood van de (groot)ouders vaak nog met vragen zitten over wat er in de oorlog precies is gebeurd in hun familie. Voor velen, inmiddels ook met pensioen, was dat een reden om archieven van instanties en de eigen familie te doorzoeken om antwoorden te vinden. Het heeft de afgelopen decennia geleid tot een hausse aan boeken en documentaires over slachtoffers zowel als daders, verzetsmensen en collaborateurs. En daarmee worden elk jaar weer stukjes geschiedenis toegevoegd, vragen beantwoord en nuances en correcties aangebracht. Uit de stapel die dit jaar verscheen licht ik een boek met de titel ‘Na de Bevrijding’, eigenlijk dus niet over de oorlog zelf maar over de jaren direct daarna. Daarmee gaat het toch ook weer wel over de oorlog. Veel van wat direct na de bevrijding gebeurde stond immers volledig in het teken van de oorlog. Hoe sterk het verlangen ook was om de oorlogsellende snel te vergeten en vooruit te kijken, er moest een zware en voor velen tragische periode verwerkt worden. ‘Na de bevrijding’, het onlangs verschenen boek van een drietal historici verbonden aan de Radboud Universiteit laat zien hoe Nederlanders hun oorlogservaringen in de jaren veertig hebben verwerkt. De auteurs hebben daarvoor een originele aanpak gekozen. De voornaamste bronnen zijn artikelen uit de toen verschenen dagbladen die een beeld geven van de dagelijkse actualiteit en de wijze waarop gewone mensen met alle tekorten en handicaps de draad van hun leven weer proberen op te pakken. Met name regionale en lokale kranten waar er ‘nauwelijks afstand is tussen de journalist en de gewone burgers’ zijn in de ogen van de auteurs een belangrijke bron voor maatschappelijke ervaringen rond de bevrijding. Ze vormen een aanvulling op individuele getuigenissen en wat er in archieven te vinden is over deze periode. De thema’s die in het boek aan de orde komen zijn wel bekend. De rol van het militaire gezag en de Binnenlandse Strijdkrachten (BS), de afrekening met collaborateurs, de distributie van levensmiddelen, de trage wederopbouw en de woningnood komen allemaal aan de orde aan de hand van artikelen uit De Provinciale Zeeuwse Courant, De Winschoter Courant, de Helmondsche Courant, de Vrije Stemmen van Schouwen Duiveland, naast de landelijke, uit het verzet voortgekomen kranten als De Waarheid, Trouw, Het Parool en Het Vrije Volk. Uit de pers van die dagen blijkt bijvoorbeeld dat de ‘bijltjesdag’-excessen en de verhalen over de interneringskampen voor collaborateurs die pas onlangs door Ewout Kieft uit de archieven van een Parlementaire Enquête zijn opgediept ook toen al de nodige aandacht kregen. Zo waarschuwde de Nijmeegse Courant eind 1944 al voor eigen richting: ’...dan gelden niet meer de normen van de rechtsstaat, maar van de jungle en dan is de strijd dien wij meer dan vier jaar gevoerd hebben en nog voeren tegen tyrannie en barbarij zonder zin geweest’. De Nieuwe Nederlander, een links protestants dagblad klaagt dat het moeilijk is een beeld te krijgen wat er in de interneringskampen gebeurt. ‘Wij willen weten, omdat het niet voor mag komen, dat in ons land mogelijk toestanden ontstaan, die wij, zoo wij het geweten hebben, niet geduld zouden hebben.’ Het lokale dagblad Het Kompas schrijft over kinderen van collaborateurs die in Nijmegen onder hevig protest van de moeders door de politie uit een interneringskamp werden gehaald. Pas in 1950, na de Parlementaire Enquête, wordt een van de kampcommandanten door de rechtbank in Groningen veroordeeld omdat, zo schrijft de Zierikzeesche Nieuwsbode, hij ‘op de meest ergerlijke wijze Duitse kampmethoden had overgenomen en zijn machtswellust heeft willen botvieren op zijn arrestanten.’ Een apart hoofdstuk is gewijd aan de koloniale oorlog in Indonesië. Volgens velen toen noodzakelijk. Want: ‘Indië verloren, rampspoed geboren’. De wederopbouw van het sterk verarmde Nederland is afhankelijk van het herstel van de band met Nederlands Indië. De Heldersche Courant schrijft op 2 augustus 1945: ‘De bevolking is verzwakt, het jongere geslacht ondervoed. De bodem is uitgemergeld en de veestapel verminderd. De bedrijven zijn gehavend, geplunderd en ontwricht. De koopvaardijvloot leed zware verliezen. Maar verreweg het ergste is dat onze rijke overzeese gebieden verloren gingen in de strijd’. En zo wordt het pas bevrijde Nederland voorbereid op een nieuwe oorlog met geweld van ‘onze jongens’ en misstanden die ook toen al aan het licht kwamen, zij het niet in alle kranten. De Waarheid publiceert een brief van een Nederlandse militair die in Indië dient. ‘De meeste jongens schieten iedere pemoeda, gewond of niet, meteen maar dood. Je maakt hier staaltjes mee, zo diep treurig en beschamend, dat je je afvraagt waarom de nazi’s zo weinig succes hebben gehad bij ons volk (…). Mijn grootste grief echter is dat gevangenen niet alleen geslagen, maar ook werkelijk gemarteld en gefusilleerd worden.’ Deze stemmen zullen pas veel later doordringen tot het grote publiek. De keuze voor krantenartikelen van vlak na de bevrijding als bron voor een beeld van de toestand in die dagen is interessant, maar heeft natuurlijk, net als dagboeken en archieven een beperking. De kranten waren in die tijd nauw verbonden met politieke groeperingen en kerkelijke autoriteiten. Ze weerspiegelen hun denkbeelden en laten vooral de stemming in het land zien, meer denk ik dan wat de auteurs noemen de ‘maatschappelijke ervaringen’. ‘Geselecteerde ervaringen’ zou je misschien moeten zeggen. Dat laat onverlet dat dit boek zeker ook een waardevolle bijdrage is aan de geschiedenis over een periode waarover voorlopig nog niet het laatste woord is gezegd. Xia van Beuningen, Charlotte Dommerholt en Lieke Speerstra. Na de bevrijding; wederopbouw, schaarste, zuivering. Uitgeverij Wbooks Zwolle, €27,95

Door: Foto: NIOD BeeldbankWO2 bevrijding rijckholt september 1944 copyright ok. Gecheckt 06-11-2022
Foto: Mario Gogh on Unsplash

Het monument schoon, het geweten ook

Het Nationaal Monument op de Dam is beklad. Met rode verf, het woord “genocide” erop gesmeerd, en de politieke reflex volgde onmiddellijk en was voorspelbaar: schande, respectloos, onacceptabel. Ondertussen staan schoonmakers al sinds de vroege ochtend te schrobben, om het ding op tijd weer toonbaar te krijgen voor vanavond.

En dat laatste zegt eigenlijk alles.

Want hoe groot de morele verontwaardiging ook wordt opgetuigd, niemand twijfelt serieus aan de afloop: vanavond ligt het monument er weer keurig bij. De kransen worden gelegd, de koning kijkt er plechtig bij, twee minuten stilte, nationale eenheid. De kras op het collectieve geweten net zo efficiënt weggepoetst als de verf op het steen.

Dat maakt de hele ophef ongemakkelijk dubbel. Bekladding wordt veroordeeld als aantasting van herdenking, terwijl diezelfde herdenking zorgvuldig is afgebakend tot een veilig, historisch kader. Het verleden krijgt alle ruimte, het heden wordt liefst buiten beeld gehouden. Zodra iemand die twee aan elkaar probeert te knopen, ontstaat er paniek, omdat het het ritueel verstoort.

De hypocrisie zit daar: herdenken mag er zijn, zolang het niets kost. Zolang het geen vragen oproept over wat er nú gebeurt, of over de rol die Nederland daarin speelt. Dan wordt herdenken een vorm van morele zelfbevestiging, geen moment van nodige reflectie.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Quote du Jour | WODC rapporteurs voelen zich niet gehoord

Zowel het vorige kabinet als het huidige negeert de conclusies van een WODC rapport over demonstratievrijheid, constateren medeauteurs mr. dr. B. (Berend) Roorda, mr. N.J.L. (Noor Swart), mr. C.V.J. (Joachim) Bekkering en prof. dr. H.B. (Heinrich) Winter in een beschouwing in De Hofvijver,  de digitale krant van het Montesquieu Instituut.

Het rapport is op 19 december aan de Tweede Kamer aangeboden. Ondanks de conclusie dat ingrijpende wijzigingen van de wetgeving niet nodig zijn komen de de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en de minister van Justitie en Veiligheid (J&V) van het kabinet-Schoof met een hele reeks aanpassingen.

Foto: "The Strait of Hormuz" by NASA Johnson is licensed under CC BY-NC-ND 2.0

De illusie van controle in de Straat van Hormuz

De machtsverhoudingen in de Straat van Hormuz lijken op het eerste gezicht duidelijk. De Verenigde Staten als wereldmacht, Iran als niet meer dan een onmachtige stoorzender. En in theorie klopt dat, maar de praktijk blijkt weerbarstiger. Want de uitkomst van dit spel wordt allang niet meer bepaald door wie de meeste vuurkracht heeft.

De werkelijkheid is pijnlijker. Voor de VS dan, want Iran hoeft nauwelijks iets te doen om te winnen. De Verenigde Staten hoeven alleen maar geen volledige veiligheid te kunnen garanderen. Veiligheid in de Straat van Hormuz is namelijk binair. Of het is helemaal veilig, of totaal niet. Er bestaat geen comfortabele middenweg waarin 97 procent zekerheid volstaat. Voor verzekeraars, rederijen en markten is alles onder de honderd procent simpelweg onzekerheid. En onzekerheid vertaalt zich direct in hogere kosten, omleidingen en stilvallend verkeer.

Dat maakt de drempel voor Iran opvallend laag. Het hoeft geen grootschalige aanvallen uit te voeren, geen tankers systematisch uit te schakelen. Een paar incidenten, een dreigement, een drone op de verkeerde plek, en het systeem begint te haperen. Schepen draaien om nog voordat er iets gebeurt. De markt reageert op wat zou kunnen gebeuren, niet op wat daadwerkelijk plaatsvindt.

De Verenigde Staten zitten gevangen in het spiegelbeeld daarvan. Het kan escortes organiseren, mariniers inzetten, druk uitoefenen en blokkades afdwingen. Wat het niet kan, is garanderen dat er niets gebeurt. En zolang die garantie ontbreekt, blijft de status quo bestaan. En deze kwetsbaarheid wordt uitgemolken door Iran. Zelfs als het totaal geen marine meer heeft.

Foto: European People's Party (cc)

In Hongarije wint Magyar misschien, maar het systeem blijft staan

De verleiding is groot om de opkomst van Péter Magyar te zien als een klassieke regimewissel. Zestien jaar Viktor Orbán en Fidesz zouden eindigen, de illiberale staat wordt ingeruild voor iets wat weer meer op een democratie lijkt, en Brussel kan opgelucht ademhalen. De realiteit oogt aanzienlijk weerbarstiger.

De cijfers voeden de illusie van een breuk. Peilingen suggereren dat Magyar met zijn Tisza-partij zelfs een tweederdemeerderheid kan halen, voldoende om grondwet en instituties te hervormen. Tegelijk erkennen vrijwel alle analisten dat het systeem dat Orbán heeft opgebouwd diep verankerd is in media, rechtspraak en economie. Dat systeem verdwijnt niet automatisch bij een verkiezingsverlies.

En daar zit het eerste probleem. Hongarije functioneert al jaren als wat politicologen een verkiezingsautocratie noemen: verkiezingen bestaan, terwijl het speelveld structureel scheef en anti-democratisch is. Onder Orbán is de rechterlijke macht uitgehold, media geconcentreerd in handen van de staat en bevriende oligarchen, en het kiesstelsel aangepast ten gunste van de zittende macht. Dat zijn geen beleidskeuzes die je met één verkiezing terugdraait; het zijn infrastructuren van macht.

Het tweede probleem is persoonlijker: Magyar zelf. Hij presenteert zich als breuk met het systeem, terwijl hij er rechtstreeks uit voortkomt. Hij was jarenlang insider binnen Fidesz en kent de mechanismen van binnenuit. Dat maakt hem electoraal aantrekkelijk, omdat hij geloofwaardig kan spreken over corruptie. Het roept tegelijk een andere vraag op: waarom zou iemand die in dat systeem functioneerde het fundamenteel ontmantelen, in plaats van het zelf te gaan gebruiken?

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Foto: Djoeke Ardon Foto door Amber Witsenburg

Participatielezing manosphere: ‘Jongens niet als gevaarlijk wegzetten’

ACHTERGROND, OPROEP - door Tea Keijl

Djoeke Ardon werkt als onderzoeker bij Movisie al jaren aan het tegengaan van genderongelijkheid. Haar Participatielezing over de manosphere bouwt ze op aan de hand van onderzoeken uit met name de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk, maar ook door vele gesprekken met professionals, docenten en ouders in Nederland. Bovendien struint ze zelf rond op sociale media van influencers die propageren dat jongens en mannen gespierd moeten zijn en dat ze vrouwen kunnen domineren. En die vaak ook verkondigen hoe je snel geld kunt verdienen.

‘Er zijn Nederlandse influencers met dit soort boodschappen die een half miljoen volgers hebben’

Ardon: ‘Er zijn Nederlandse influencers met dit soort boodschappen die een half miljoen volgers hebben. En video’s die viraal gaan, bereiken een veelvoud hiervan.’ Uit Brits onderzoek blijkt dat 80 procent van de jongeren daar de Brits-Amerikaanse influencer Andrew Tate kent.

De krochten van het internet

In de Participatielezing duikt Ardon in de ontstaansgeschiedenis van de manoshpere. Rond de eeuwwisseling gebeurden er in de krochten van het internet al dingen die nu aan te wijzen zijn als de wortels van het gedachtegoed. Ze stuit op extreme verhalen: ‘Die gaan over getraumatiseerde jongens die het gevoel hadden dat ze er niet bij hoorden. Online vonden ze elkaar en zo ontstonden hechte gemeenschappen.’

Closing Time | Suspicious Minds

Koningsdag in een land vol wantrouwen. Ik hoef hopelijk niet uit te tekenen waarom dit liedje van The King (of Rock & Roll) toepasselijk is, toch?

Het videoclipje is nog leuk gedaan ook.

Closing Time | Black Hole Sun (akoestisch)

Jennah Bell maakt indruk met deze ingetogen versie van Soundgardens ‘Black Hole Sun’. Haar eerste EP dateert alweer van 2017. Vijf lieve luisterliedjes, beetje soulful.

Geen idee of ze het nog probeert te maken als professioneel artiest nu. Niemand is graag permanent blut. Ze kan in elk geval zeggen dat het serieus heeft geprobeerd.

Closing Time | Human Nature

Er is een nieuwe biopic uit over het leven van Michael Jackson, en de recensies zijn… nogal lauw. Alleen de Telegraaf is onverdeeld positief.

Hoe het ook zij: wie wel eens een liedje van Toto heeft gehoord, hoort in bovenstaand nummer de invloed van toetsenist/componist Steve Porcaro. Ook diens broer Jeff (drums), David Paich (synthesizer) en Steve Lukather (gitaar) speelden mee.

Quote du Jour | A whole civilization will die tonight

Donald Trump heeft zijn oorlogsretoriek weer wat opgeschroefd. Terwijl 4 astronauten met een enkele foto de gehele mensheid omvatten en de kwetsbaarheid van onze planeet tonen, zegt deze megalomane narcistische alzheimerpatiënt:

A whole civilization will die tonight, never to be brought back again. I don’t want that to happen, but it probably will

Ondertussen waarschuwt de Amerikaanse democraat Ted Lieu het leger:

Dear @thejointstaff: The UCMJ and federal law prohibit war crimes. Striking civilian infrastructure that causes disproportionate civilian harm constitutes war crimes. You will disobey those illegal orders.

If you commit war crimes, the next Administration will prosecute you.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Volgende