Koninklijk huis met een luchtje
In eerste instantie leek het een mooi verhaal. Willem Alexander en vrouw wil een tweede huis laten bouwen in Mozambique op het schiereiland Machangulo. Ze doen dat samen met vrienden en hopen zo een plek te vinden waar ze wat privacy hebben. Verder willen bij het bouwen de lokale bevolking laten meeprofiteren van de activiteiten. Daarmee doen ze dan wat aan “ontwikkelingshulp” zeg maar. Ook denken ze dat hun regelmatige aanwezigheid aldaar hun betrokkenheid met het continent Afrika verstrekt.
Maar dan komen de eerste vragen al. Wordt er in dit project eigenlijk geld uit het potje van ontwikkelingshulp gebruikt vraagt kamerlid Irrgang (SP) zich af, en valt dat dan binnen het afgesproken beleid. Het antwoord is nog niet binnen.
Maar stilaan wordt het verhaal steeds problematischer. HP/DeTijd ging eens polshoogte nemen en constateerde dat een deel van het geld gebruikt wordt om de lokale autoriteiten om te kopen. Dus gaat Irrgang maar weer extra vragen stellen.
Hoe groot dit schandaal ook wordt, het gaat voorbij aan de basisvraag. Waarom zouden we in hemelsnaam belastinggeld besteden aan nog een extra huis voor leden van het koninklijk huis? En waarom helemaal in Mozambique waardoor de reiskosten lekker hoog uitvallen? En waarom op een schiereiland dat bij een beetje stijging van de zeespiegel niet meer bestaat?
Het is hiermee wel duidelijk hoe het koninklijk huis jaarlijks 114 miljoen euro kost en hoe hottemetoten over de hele wereld hiervan meeprofiteren.

