In Italië kan extreemrechts aan de macht komen
Honerd jaar na Mussolini’s Mars op Rome dreigen de nazaten van de fascisten in Italië weer aan de macht te komen. Eind september zijn er verkiezingen gepland nadat premier Mario Draghi de handdoek in de ring gooide. Hij kreeg in zijn nationale regeringscoalitie geen steun voor zijn economische plannen van drie van de partners, de Vijfsterrenbeweging, Berlusconi’s Forza Italia en Salvini’s Lega. In de polls staat nu de enige partij die niet meedeed aan de nationale coalitie, de Fratelli d’Italia, bovenaan. Op basis van de huidige peilingen zou FdI, die geïnfiltreerd zou zijn door neofascisten, met Berlusconi en Salvini een nieuwe regering kunnen vormen. Beoogd premier is de oprichter en huidig partijleider, de 45-jarige Giorgia Meloni. Zij kan met de Broeders de eerste vrouwelijke premier van Italië worden. Zijn daarmee de fascisten terug?
Proteststemmen
Meloni komt oorspronkelijk uit Berlusconi’s Forza Italia. Ze was in 2008 de jongste Italiaanse minister ooit. De FdI is een jonge partij en bestaat uit een bundeling van kleine radicaal-rechtse groepen. De populariteit van Meloni heeft alles te maken met afkeer van veel Italianen van de gevestigde politiek. Bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen behaalde de FdI met Mussolini’s kleindochter Rachele in Rome een monsterzege. Vier jaar geleden gingen de proteststemmen nog vooral naar M5S, de Vijfsterrenbeweging. Die partij is inmiddels door deelname aan achtereenvolgende regeringen volledig vergroeid met de macht en bovendien zeer verdeeld geraakt. Met het onthouden van steun aan het door politieke compromissen sterk verwaterde programma van Draghi heeft M5S de stekker uit de coalitie getrokken en ruimte gemaakt voor een ruk naar (extreem)rechts. Het is de technocraat Draghi niet gelukt de Italiaanse politiek te verheffen boven het partijbelang. Technocraten, schrijven twee commentatoren op Politico, ‘lopen het risico populistische wrok aan te wakkeren’. Zij citeren Adam Tooze die bij het aantreden van Draghi schreef ‘dat democratieën het misschien moeilijk vinden om zonder technocraten te leven, maar ze zullen ons niet redden – en zeker zullen ze Italië niet redden’.