Jona Lendering

602 Artikelen
15 Waanlinks
318 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Studeerde geschiedenis en vertelt er graag over. Scepticus, recensent, fietser, webmaster (LiviusOrg), Don Quichot, blogger (Mainzer Beobachter) en beheerder van GrondslagenNet. Reist regelmatig in het Midden-Oosten, schreef een paar boeken, gruwt van de zelfmoord van de geesteswetenschappen en droomt van een eigen huis in Downtown Beiroet.
Foto: De ingang van het door Niemeyer ontworpen tentoonstellingsterrein copyright ok. Gecheckt 09-02-2022

Kunst op Zondag | Oscar Niemeyer in Tripoli

ACHTERGROND - De Braziliaanse architect Oscar Niemeyer (1907-2012) is het beroemdste geworden als de bouwmeester die allerlei gebouwen ontwierp voor Brasilia, de begin jaren zestig nieuw aangelegde hoofdstad van Brazilië. Hij bouwde veel met beton, maar koos nooit voor alleen vierkante vormen; vaak stulpte er ergens een koepel uit of was er een schaalvormig helicopterplatform. Het Braziliaanse parlementsgebouw heeft allebei de vormen.

Brasilia werd in vier jaar uit de grond gestampt. In dezelfde tijd kreeg Niemeyer opdracht om in de Libanese havenstad Tripoli een enorm terrein te ontwerpen voor tentoonstellingen, congressen en theatervoorstellingen. Een hotel, semipermanente woningen voor langdurige bezoekers, expositieruimtes: van alles moest er zijn. Vergelijk het met de RAI in Amsterdam, maar dan een vierkante kilometer groot.

Helicopterlandingsplaats en waterbassin

Enthousiast zette hij zich in 1962 aan het werk en ontwierp een boemerang-achtige hal van ruim 700 meter lang. Daar omheen kwamen allerlei gebouwen en opvallend grote waterbassins waarin de monumenten zouden weerspiegelen. Een deel is gebouwd maar toen de jaren zestig ten einde liepen, was het complex nog altijd niet voltooid.

Medio jaren zeventig begonnen de Libanese burgeroorlogen en stokte de aanleg. De terugkeer van Yasser Arafat naar Libanon in 1983 leidde tot oorlogsschade. Toen in 1990 de burgeroorlogen ten einde kwamen, hadden de Libanezen andere zaken aan hun hoofd. Premier Hariri, de in 2005 vermoorde architect van de wederopbouw, liet de semipermanente woningen zelfs slopen voor de bouw van een ander hotel. In 2007 waren er gevechten bij het nabijgelegen Palestijnse vluchtelingenkamp.

Foto: De werkgelegenheid is voor Libanese vrouwen slecht, maar het onderwijs biedt wel kansen (en lage lonen).

Vrouwenrechten in Libanon

ACHTERGROND - Ik kom graag in Libanon maar dat maakt me niet blind voor minder leuke kanten. Zoals de positie van de vrouw. Die is op het eerste gezicht niet slecht, en dat bedoel ik letterlijk, want wie over straat gaat ziet weinig verschillen met westerse landen. Je vindt vrouwen in elke economische sector. Ze volgen elke soort onderwijs en er zijn geen van overheidswege opgelegde kledingvoorschriften. Vergeleken met de vrouwen in de andere Arabische landen zijn de Libanese vrouwen inderdaad vrij geprivilegieerd.

Als je strikt juridisch kijkt, is het in orde. Zelfs hier bedriegt echter de schijn: pas twee jaar terug is een wet afgeschaft die mannen vrijwaarde van vervolging wegens verkrachting als ze met hun slachtoffer trouwden. Maar goed, die wet is dus afgeschaft en strikt juridisch kon het allemaal een stuk minder.

Als we kijken of vrouwen hun rechten ook kunnen uitoefenen, ligt dat anders. Het World Economic Forum publiceert regelmatig overzichten van gendergelijkheid. Hier is die van het afgelopen jaar en dan staat Libanon er niet best op: 140e op een lijst van 150 landen. Alleen Jemen, Pakistan, Irak, Syrië, Tsjaad, Congo, Mali, Iran en Saoedi-Arabië presteren nog slechter. (Nederland en België zijn 27e en 32e. De Scandinavische landen scoren het best.) Libanon stond in 2010 nog 116e en is dus flink gezakt.

Foto: Kapiteel uit Keulen (Schnütgen-museum, Keulen; foto © Livius.org)

KoZ | Romaanse kunst uit Keulen

Deze week ging ik twee dagen kerken kijken in Keulen, waar behalve een beroemde Dom ook twaalf kerken zijn te zien uit de romaanse tijd, dus zeg maar 1000-1200 plus of min wat decennia. Met een oppervlak van 400 hectare was Keulen destijds een van de belangrijkste steden in Europa. Ter vergelijking: Utrecht was met 100 hectare de grootste stad in Nederland.

De aartsbisschop van Keulen was een van de zeven keurvorsten en kroonde de koning van Duitsland (die zich vervolgens in Rome liet kronen tot keizer). De stad had het muntrecht en was de basis voor de Eerste Kruistocht. Na 1164 werd de stad ook nog een van de belangrijkste pelgrimsoorden, toen aartsbisschop Reinald van Dassel het gebeente van de Drie Koningen – uiteraard net zo echt als andere middeleeuwse relikwieën – vanuit Milaan overbracht naar de Keulse Dom.

In al die kerken, waarover ik vorige week op mijn eigen blog schreef (1, 2), waren allemaal kunstvoorwerpen te zien, die momenteel voor een deel zijn overgebracht naar het Schnütgen-museum in de St. Cäcilien-kerk, dat zich bevindt tegenover het ingestorte stedelijke archief, waar ooit de archiefstukken lagen uit diezelfde tijd.

Emaille

Ik toon wat stukken uit de jaren 1160-1200. Eerst een geëmailleerd plaatje uit pakweg 1165.

Foto: De "Zeven vrije kunsten" uit de Hortus Deliciarum (rond 1180)

Twee soorten eruditie

COLUMN - Soms komt dezelfde vraag van verschillende kanten op je af. In de mooie biografie die Annet Mooij wijdde aan Gisèle van Waterschoot van der Gracht, kwam ook de culturele kring van haar huisgenoten aan de orde, mannen die graag samen teksten lazen. Mooij geeft verschillende keren een overzicht van hun lectuur en dat is dan voornamelijk poëzie van Stefan George, Friedrich Hölderlin en William Shakespeare. Niks mis mee, maar ik was verbaasd over de eenzijdigheid van dit programma. Echt erudiet kan ik het namelijk niet noemen, terwijl deze mannen toch streefden naar culturele groei.

Wat me brengt bij de vraag wat eruditie is. Die vraag kwam impliciet ook aan bod in een stuk dat mijn collega Marcel Hulspas onlangs schreef op de weblog van de VWN: vijf redenen waarom er een nonfictie-prijs moet komen. Nu ben ik zelf niet zo van de prijzencircussen, maar dat belet me niet te zien dat Hulspas een punt heeft. Hoewel er veel literaire prijzen zijn, is nonfictie stiefmoederlijk bedeeld, al worden pogingen ondernomen dat te repareren. Hulspas doet ze af als halfwassen:

Onlangs maakte de Bookspot-prijs (dat was ooit de AKO-literatuurprijs) bekend dat ze voortaan ook een nonfictie-prijs willen uitreiken. Daarvoor is de literaire jury uitgebreid met één (1, one, uno) historicus, die blijkbaar geacht wordt chemie, wiskunde, theologie, biologie, sociale wetenschappen, natuurkunde en rechtswetenschappen er ‘even bij te doen’.

Foto: copyright ok. Gecheckt 09-02-2022 copyright ok. Gecheckt 09-02-2022 copyright ok. Gecheckt 09-02-2022

De eeuw van Gisèle

RECENSIE - Je leeft maar twee keer: één keer zoals het feitelijk gebeurt en één keer zoals je je herinnert. Sommige mensen kunnen echter drie keer leven. Dat zijn degenen die hun herinneringen herorganiseren en een ideaalbeeld scheppen van hun leven. Ook al bestond dat natuurlijk gewoon uit sleur en herhaling, ze maken er een kunstwerk van en met wat geluk gaan anderen het nog geloven ook.

Dat is het verhaal van Gisèle van Waterschoot van der Gracht (1912-2013), aan wie Annet Mooij onlangs een biografie wijdde, De eeuw van Gisèle. Ze is niet de enige hoofdpersoon. De deuteragonist is Wolfgang Frommel (1902-1986). Allebei creëerden rond hun leven een persoonlijke mythologie, waardoor in Mooijs boek in feite vier levens dwars door elkaar heen lopen. Dat klinkt ingewikkelder dan het is: De eeuw van Gisèle is een onverwacht spannend boek, dat enerzijds gaat over de gebiografeerden als beeldend kunstenares en dichter en anderzijds over de wijze waarop zij ideaalbeelden van zichzelf schiepen.

Gisèle kwam uit een welvarende familie, werkte met glazenier Joep Nicolas, leerde Frommel kennen in het kunstenaarsdorp Bergen, vestigde zich in Amsterdam in een mooi huis aan de Herengracht en bood Frommel daar vanaf de Tweede Wereldoorlog tot diens dood in 1986 onderdak. Niet alleen Frommel, overigens: ook zijn vrienden, waaronder joodse onderduikers, vonden er een veilig thuis, wat Gisèle later de onderscheiding opleverde van “rechtvaardige onder de volken”. Kortom, een heldin.

Closing Time | Bina Mistry

Er zal wel ergens een lijstje zijn van de vrolijkste films van 2002 en dan zal Bend it like Beckham daarin wel zijn opgenomen.  Deels romantische komedie (al krijgen de mannelijke en vrouwelijk hoofdrolspelers elkaar niet), deels coming-of-age-film, deels sportfilm, deels goedmoedige satire op de Sikh-gemeenschap, was het vooral een fijne, onderhoudende film over mensen die het allemaal goed bedoelen, eigenlijk niets wereldschokkends meemaken en aan het einde allemaal wat wijzer zijn geworden.

Closing Time | Lou Reed

Wat, staat er geen Closing Time klaar? En belt een goede vriend me net om te zeggen dat zijn echtgenote in verwachting is? Dan is dit een ongezochte gelegenheid voor het bovenstaande liedje van ome Lou.

Foto: Sleutel met Scandinavische motieven (Museum Dorestad)

Radbod. Koning tussen twee werelden

RECENSIE - Wie wat bewaart, die heeft wat: ik bezit een echt kaartje van de vorig jaar terecht geflopte speelfilm Redbad. Oké, ik heb die film dus ook werkelijk gezien, maar inmiddels hebben alweer twee musea laten weten dat ze dit zeldzame stuk graag in hun collectie willen hebben, dus mijn bioscooplijden legt mij geen windeieren. Dat is niet het enige voordeel dat Redbad achteraf oplevert.

Er zijn namelijk twee goede boeken verschenen over de vroegmiddeleeuwse heerser, die door Frankische monniken Radbodus wordt genoemd en door de Britse geleerde Beda Rathbedus. Dit moeten weergaven zijn van een naam die leek op het Oud-Friese Rêdbêd of het Oudengelse Ræthbed. In latere sagen heet de man Radboud of Radbold, terwijl de vorm Redbad een nog latere vorming is in het Fries. Het ene goede boek is Redbad van Sven Meeder en Erik Goosmann; het andere is Radbod. Koning in twee werelden van Luit van der Tuuk. Waar Meeder en Goosmann boeiende dingen hebben te melden vanuit Frankisch perspectief, benadrukt Van der Tuuk Radbods Noord-Nederlandse achtergrond. Radbod was een man van twee werelden en dat maakt twee visies mogelijk.

De eerste hoofdstukken van Radbod gaan over de vroege geschiedenis van (en de samenleving in) het gebied tussen de mondingen van de Zwin en de Wezer. Natuurlijke factoren maakten dat dit heel versnipperd was: enerzijds het gebied bewesten de Vlie (zeg maar het latere graafschap Holland), vervolgens het gebied van Westergo en Oostergo (ofwel de huidige provincie Friesland), tot slot het gebied ten oosten van de Lauwers, dus ruwweg de provincie Groningen en het Duitse Ostfriesland. Deze driedeling is herkenbaar in de vroegmiddeleeuwse optekening van het Friese recht, de Lex Frisionum, en is ook weer verder onder te verdelen. Het westelijke deel kende bijvoorbeeld bewoningskernen aan de monding van de Maas en de Rijn, langs de Vecht, in het Kennemerland, rond het huidige Medemblik en op Wieringen en Tessel. Iets dergelijks geldt voor de twee andere delen. Het moge duidelijk zijn dat in dit versnipperde gebied geen echt centraal gezag kon ontstaan en dat lokale heersers de dienst zouden blijven uitmaken. Dat Radbod desondanks toch enig supraregionaal gezag lijkt te hebben gevestigd, duidt erop dat de bewoners zich bedreigd hebben gevoeld.

Closing Time | Iggy Pop (alweer)

Ik heb pas drie keer eerder een Closing Time gewijd aan Iggy Pop, dus een vierde keer kan ook wel. Zijn nummers zijn gewoon ijzersterk. Het bovenstaande clipje is interessant omdat het toont dat zelfs Iggy Pop, nu hij toch echt een vermoeiend karikatuur van zichzelf is geworden, zijn eigen mijn liedjes niet kapot weet te maken.

Closing Time | Goodness Gracious Me

In de jaren negentig was Goodness Gracious Me een Brits TV-programma met sketches over het leven van Indiërs in Groot-Brittannië. Het had een prettig soort zelfspot, zoals in het bovenstaande nummer, maar kon van tijd tot tijd ook hard zijn, zoals in de terecht beroemde sketch “going out for an English”, waarin de cast een omkering biedt van lompe Britten in een Indisch restaurant (na de break).

Closing Time | Whitney Houston

Sanne Deurloo was een vrouw met een missie: kennis delen en wetenschapsjournalistiek maken tot een serieus genre. Niet iedereen zal vertrouwd zijn met haar werk voor het Chemisch Weekblad, maar Natuur en Techniek is al bekender en ze werkte vanaf 2007 bij het museum Nemo, dat u zeker kent. Ze was hoofdredacteur van Kennislink, want ze begreep als weinig anderen dat het internet nieuwe mogelijkheden bood. Ook was ze voorzitter van de VWN, een beroepsvereniging voor wetenschapsjournalistiek en -communicatie.

Closing Time | De Ploeg van Post

Morgen begint de Ronde van Frankrijk. Tijd om uw geheugen even op te frissen: er is een tijd geweest waarin Nederlandse rijders gewoon, zoals dat destijds hoorde, elf etappes wonnen en dan, zoals het destijds ook hoorde, nét niet de eerste plaats bemachtigden. Die was, zoals het eveneens hoorde, voor Eddy Merckx. Joop Zoetemelk was de goede tweede.

Wat je toen ook had, was de onuitstaanbaar irritante Gerry Kneteman, die zichzelf veel te graag hoorde kletsen, en zo de aandacht afleidde van het simpele feit dat hij een van de beste renners ter wereld was. Het beluisteren van het door hem ingezongen liedje uit 1981 is op eigen risico. Voor zover ik weet is dit de enige keer in de geschiedenis dat een wielerploeg belandde in de hitparade.

Vorige Volgende