Een andere kijk op het hoger onderwijs
OPINIE - Ook studentenbonden hebben hun achterban vandaag opgeroepen voor een landelijke staking en demonstratie in Den Haag. Maar zijn de problemen in het hoger onderwijs eigenlijk wel vergelijkbaar met die in de rest van de Nederlandse onderwijssector? Hein Vrolijk vindt dat meer geld voor het hoger onderwijs niet de beste oplossing is.
Natuurlijk weten ook de universiteiten en hogescholen wel raad met het extra geld dat de regering ongetwijfeld zal vrijmaken, de snelste manier – vooral met het oog op de naderende verkiezingen – om de ontevredenheid in het onderwijsveld enigszins weg te nemen. Maar meer geld is niet beste oplossing. Alleen al omdat zij helemaal geen financiële problemen kennen, mede dankzij de instroom van buitenlandse studenten (zoals hier valt te lezen). Die enorme instroom heeft wel gezorgd tot een toenemende werkdruk maar om minimaal twee redenen leidt meer geld niet tot minder werkdruk.
Meer geld werkt averechts
Om te beginnen heeft niemand de universiteiten gedwongen om meer studenten uit het buitenland te accepteren. Integendeel, zij hebben zelf driftig geïnvesteerd in deze nieuwe inkomstenbron – waardoor hun overhead-kosten behoorlijk zijn gestegen. Wel moet worden gezegd dat zij vanuit de politiek zijn opgezadeld met allerlei perverse prikkels die schaalvergroting zo aantrekkelijk maken.
Een veteraan uit de binnenkamers van de Haagse macht verwoordt een aanklacht. Beschaafd, dat wel. Maar misschien daarom wel belangrijker. Die aanklacht komt van Herman Tjeenk Willink, oud-vicepresident van de Raad van State (‘onderkoning’ van Nederland), oud-voorzitter van de Eerste Kamer, informateur van diverse kabinetten, waaronder Rutte III, etc., etc.
Pas aan het eind valt in Magda is overal van Christian Jongeneel alles op zijn plek. En alles is in het geval van Magda is overal veel. Kort samengevat laat Christian Jongeneel zien hoe een samenleving binnen een paar generaties van kleur kan verschieten, met alle positieve en negatieve gevolgen van dien. Centrale figuur in de roman is Dede Singh, die ook nog eens de uiterst onbetrouwbare verteller is van het eerste van de drie delen van de roman.
In het najaar van 2018 publiceerde The New York Times een serie artikelen over China onder de kop: