Gastauteur

2.332 Artikelen
3 Waanlinks
25 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 64

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log:
Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Quote du Jour: ” 86.4% gelezen. “

EU-Grondwet Deel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel VI – Werking van de Unie (vervolg)
Hoofdstuk I – Institutionele bepalingen (vervolg)
Afdeling 2 – Adviesorganen van de Europese Unie
Onderafdeling 1 – Comité van de Regio’s

III-386 Samenstelling Comité van de Regio’s
Het aantal leden van het Comité van de Regio’s bedraagt ten hoogste 350. De Raad stelt op voorstel van de Commissie met eenparigheid van stemmen een Europees besluit vast waarbij de samenstelling van het Comité wordt bepaald.
De leden van het Comité en een gelijk aantal plaatsvervangers worden voor vijf jaar benoemd. Zij zijn herbenoembaar. Zij kunnen niet tegelijkertijd lid van het Europees Parlement zijn .
De Raad stelt bij Europees besluit de overeenkomstig de voordrachten van de onderscheiden lidstaten opgestelde lijst van leden en plaatsvervangers vast.
Bij het verstrijken van het in artikel I-32, lid 2 i, bedoelde mandaat uit hoofde waarvan zij zijn voorgedragen, eindigt de ambtstermijn van de leden van het Comité van rechtswege en worden zij volgens dezelfde procedure voor de verdere duur van de ambtstermijn vervangen.
Toegevoegde informatie:
34. Protocol betreffende de overgangsbepalingen inzake de instellingen en organen van de unie – artikel 6

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 63

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log:
Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Quote du Jour: “Maar sinds ‘commerciele’ auditors de boel verknoeid hebben in zaken als Enron, hoe kunnen we ze dan vertrouwen? Iemand met een financiele achtergrond die mee leest? Is dit een goed en sluitend artikel?.”

EU-GrondwetDeel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel VI – Werking van de Unie (vervolg)
Hoofdstuk – Institutionele bepalingen (vervolg)
Afdeling 1 – Instellingen (vervolg)
Onderafdeling 6 – Europese Centrale Bank

III-382 Directie en Raad van bestuur van de Europese Centrale Bank
1. De Raad van bestuur van de Europese Centrale Bank bestaat uit de leden van de directie van de Europese Centrale Bank en de presidenten van de nationale centrale banken van de lidstaten die niet onder een derogatie in de zin van artikel III-197 vallen.
2. De directie bestaat uit de president, de vice-president en vier andere leden.
De president, de vice-president en de overige leden van de directie worden gekozen uit personen met een erkende reputatie en beroepservaring op monetair of bancair gebied. Zij worden met gekwalificeerde meerderheid van stemmen door de Europese Raad benoemd op aanbeveling van de Raad en na raadpleging van het Europees Parlement en de Raad van bestuur van de Europese Centrale Bank.
Zij worden voor een periode van acht jaar benoemd en zijn niet herbenoembaar.
Alleen de onderdanen van een van de lidstaten kunnen lid van de directie zijn.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 62

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log: Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Quote du Jour:
“Het komt me voor dat dit Gerechtshof behoorlijk wat macht heeft. Zoals het ook zou moeten zijn in een Trias Politca opzet. Met een beetje zwakke EP zullen we mogelijk veel actie zien via het Hof om zaken te corrigeren die het EP niet aanstaan.”

EU-GrondwetDeel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel VI – Werking van de Unie (vervolg)
Hoofdstuk – Institutionele bepalingen (vervolg)
Afdeling 1 – Instellingen (vervolg)
Onderafdeling 5 – Hof van Justitie van de Europese Unie

Artikel III-353 – Artikel III-357

Deze artikelen hebben te maken met de normale opzet van een gerecht. Over onafhankelijkheid, rouleren van rechters, ieder land een rechter en een 3 jarige cyclus van wisselingen.
Het aardige hierin is dat voor het aanstellen van rechters er een adviescomite opgezet wordt waar ook een lid van het EP in zit (III-357)

III-358 Het Gerecht
1. Het Gerecht is bevoegd in eerste aanleg kennis te nemen van de in de artikelen III-365, III-367, III-370, III-372 en III-374 bedoelde beroepen, met uitzondering van de beroepen waarvan de kennisneming is toegedeeld aan een op grond van artikel III-359 ingestelde gespecialiseerde rechtbank, en die waarvan de kennisneming overeenkomstig het statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie aan het Hof van Justitie is voorbehouden. Het statuut kan bepalen dat het Gerecht bevoegd is kennis te nemen van andere categorieën van beroepen.
Tegen de beslissingen die het Gerecht op grond van dit lid geeft, kan bij het Hof van Justitie een tot rechtsvragen beperkte hogere voorziening worden ingesteld, op de wijze en binnen de grenzen die in het statuut worden bepaald.
2. Het Gerecht is bevoegd kennis te nemen van de beroepen die worden ingesteld tegen beslissingen van de gespecialiseerde rechtbanken.
De beslissingen die het Gerecht op grond van dit lid geeft, kunnen op de wijze en binnen de grenzen die in het statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie worden bepaald, bij uitzondering door het Hof van Justitie worden heroverwogen, indien er een ernstig gevaar bestaat dat de eenheid of de samenhang van het recht van de Unie wordt aangetast.
3. Het Gerecht is bevoegd kennis te nemen van prejudiciële vragen die worden voorgelegd krachtens artikel III-369 i, met betrekking tot specifieke, in het statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie bepaalde aangelegenheden.
Wanneer het Gerecht van oordeel is dat in een zaak een principiële beslissing moet worden genomen die van invloed kan zijn op de eenheid of de samenhang van het recht van de Unie, kan het de zaak naar het Hof van Justitie verwijzen voor een uitspraak.
De beslissingen die het Gerecht over prejudiciële vragen geeft, kunnen op de wijze en binnen de grenzen die in het statuut worden bepaald, bij uitzondering door het Hof van Justitie worden heroverwogen, indien er een ernstig gevaar bestaat dat de eenheid of de samenhang van het recht van de Unie wordt aangetast.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Doses Europese Grondwet – Samenvatting 23 – 36

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log:
Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

EU-Grondwet Op Sargasso staat sinds kort de Nederlandse versie van mijn dagboek over het lezen van de Europese grondwet. Ik was echter al even bezig voordat Sargasso mij de gelegenheid bood ook bij hun de stukjes te plaatsen. Daarom is de eerste aflevering op Sargasso al nummer 37.

Het is dan wel zo aardig om even een samenvatting te geven van het voorafgaande. Dat spaart het lezen van alle oude edities in het Engels op mijn weblog. De samenvatting gebeurd in stukken, anders wordt het teveel. Dit derde deel gaat over deel III van de grondwet. Ik heb de meest interessante opmerkingen uit mijn dagboek verzameld. Veel leesplezier.

Samenvatting 23 – 36 is door de redactie in tweeen geknipt, het tweede deel volgt binnenkort.

Deel III: Beleid en werking van de Unie

Titel I – Algemeen toepasselijke bepalingen

III-117 Sociale clausule en sociale dialoog
Bij de bepaling en de uitvoering van ieder beleid en optreden bedoeld in dit deel houdt de Unie rekening met de eisen in verband met de bevordering van een hoog niveau van werkgelegenheid, de waarborging van een adequate sociale bescherming, de bestrijding van sociale uitsluiting alsmede een hoog niveau van onderwijs, opleiding en bescherming van de volksgezondheid.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 61

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log: Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Quote du Jour:
“Geeft wel het gevoel dat ze mogelijk teveel ruimte hebben in hun doen en laten.”

EU-GrondwetDeel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel VI – Werking van de Unie (vervolg)
Hoofdstuk – Institutionele bepalingen (vervolg)
Afdeling 1 – Instellingen (vervolg)
Onderafdeling 2 – Europese Raad

III-341 Reglement
1. Ieder lid van de Europese Raad kan slechts door één ander lid worden gemachtigd om namens hem te stemmen.
Onthouding van stemming door aanwezige of vertegenwoordigde leden vormt geen beletsel voor het vaststellen van beslissingen van de Europese Raad waarvoor eenparigheid van stemmen is vereist.
2. De voorzitter van het Europees Parlement kan worden uitgenodigd om door de Europese Raad te worden gehoord.
3. De Europese Raad besluit met gewone meerderheid van stemmen over procedurekwesties en over de vaststelling van zijn reglement van orde.
4. De Europese Raad wordt bijgestaan door het secretariaat-generaal van de Raad.

(De Europese Raad zijn de staatshoofden en regeringsleiders)
(1) is leuk, dan kan Blair dus voor Schroder stemmen als die ziek is!
Alhoewel er weinig formele macht is voor de Raad, denk ik dat hun informele macht heel groot is. Zij zijn richtinggevend.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 60

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log:
Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Belangrijk artikel over het Europees Parlement !!!
Quote du Jour: “Het EP kan zelf geen regels afdwingen, maar ze dus wel blokkeren. Dus hebben ze een beetje meer macht dan ze hadden. “

EU-GrondwetDeel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel VI – Werking van de Unie
Hoofdstuk – Institutionele bepalingen
Afdeling 1 – Instellingen
Onderafdeling 1 – Europees Parlement

III-330 Algemene bepalingen
1. Bij Europese wet of kaderwet van de Raad worden de maatregelen vastgesteld die nodig zijn om de leden van het Europees Parlement te laten verkiezen door middel van rechtstreekse algemene verkiezingen volgens een in alle lidstaten eenvormige procedure of volgens beginselen die alle lidstaten gemeen hebben.
De Raad besluit met eenparigheid van stemmen op initiatief van het Europees Parlement, na goedkeuring door het Europees Parlement, dat zich bij meerderheid van stemmen van zijn leden uitspreekt. Deze wet of kaderwet treedt in werking nadat zij door de lidstaten overeenkomstig hun onderscheiden grondwettelijke bepalingen is goedgekeurd.
2. Bij Europese wet van het Europees Parlement worden het statuut en de algemene voorwaarden voor de uitoefening van de taken van zijn leden vastgesteld. Het Europees Parlement besluit op eigen initiatief, na raadpleging van de Commissie en na goedkeuring door de Raad. De Raad besluit met eenparigheid van stemmen over regels en voorwaarden betreffende de belastingregeling voor leden of voormalige leden.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 59

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log:
Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Quote du Jour: “Makkelijke dag. Morgen wordt het interessanter. Dan is het Europese parlement het onderwerp.”

EU-GrondwetDeel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel V – Extern optreden van de Unie (vervolg)
Hoofdstuk VII – Betrekkingen met internationale organisaties, met derde landen en met de delegaties van de Unie
III-327 Algemene bepalingen

1. De Unie brengt iedere dienstige samenwerking tot stand met de organen en de gespecialiseerde organisaties van de Verenigde Naties, de Raad van Europa, de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa en de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling.
De Unie onderhoudt voorts met andere internationale organisaties de betrekkingen die wenselijk worden geacht.
2. De minister van Buitenlandse Zaken van de Unie en de Commissie zijn belast met de uitvoering van het bepaalde in dit artikel.

Dit is zo vanzelfsprekend, waarom schrijven ze dit nou op.

III-328 Delegaties
1. De Unie wordt in derde landen en bij internationale organisaties vertegenwoordigd door de delegaties van Unie.
2. De delegaties van de Unie staan onder het gezag van de minister van Buitenlandse Zaken van de Unie. Zij handelen in nauwe samenspraak met de diplomatieke en consulaire missies van de lidstaten.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 58

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log:
Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Quote du Jour: “Ik heb even de tekst laten staan om weer een indruk te geven van de hoeveelheid details. Het commentaar staat helemaal onderaan. “

EU-Grondwet
Deel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel V – Extern optreden van de Unie (vervolg)
Hoofdstuk V – Beperkende maatregelen
III-322 Procedure

1. Wanneer een overeenkomstig hoofdstuk II vastgesteld Europees besluit, voorziet in verbreking of gehele of gedeeltelijke beperking van de economische en financiële betrekkingen met een of meer derde landen, stelt de Raad, op gezamenlijk voorstel van de minister van Buitenlandse Zaken van de Unie en de Commissie, met gekwalificeerde meerderheid van stemmen de nodige Europese verordeningen en besluiten vast. De Raad stelt het Europees Parlement daarvan in kennis.
2. Wanneer een overeenkomstig hoofdstuk II vastgesteld Europees besluit erin voorziet, kan de Raad volgens de in lid 1 bedoelde procedure jegens natuurlijke personen, rechtspersonen dan wel niet-statelijke groepen of entiteiten beperkende maatregelen vaststellen.
3. De in dit artikel bedoelde handelingen bevatten de nodige bepalingen inzake juridische waarborgen.

Regels voor een boycot. Hoort niet in een grondwet thuis.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 57

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log:
Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Quote du Jour: “Niet zo’n goede dag. Veel waardeloze artikelen. Hopelijk morgen beter. “

EU-GrondwetDeel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel V – Extern optreden van de Unie (vervolg)
Hoofdstuk IV – Samenwerking met derde landen
en humanitaire hulp
Afdeling 1 – Ontwikkelingssamenwerking
III-316 Ontwikkelingssamenwerking

1. Het beleid van de Unie op het gebied van ontwikkelingssamenwerking wordt gevoerd in het kader van de beginselen en doelstellingen van het externe optreden van de Unie. Het ontwikkelingssamenwerkingsbeleid van de Unie en dat van de lidstaten completeren en versterken elkaar.
Hoofddoel van het beleid van de Unie op dit gebied is de armoede terug te dringen en uiteindelijk uit te bannen. De Unie houdt bij de uitvoering van beleid dat gevolgen kan hebben voor de ontwikkelingslanden rekening met de doelstellingen van de ontwikkelingssamenwerking.
2. De Unie en de lidstaten houden zich aan de verbintenissen en houden rekening met de doelstellingen die zij in het kader van de Verenigde Naties en andere bevoegde internationale organisaties hebben onderschreven.

Slecht artikel. Alhoewel de intenties goed zijn, laten de gekozen woorden zo veel ruimte over om van alles te doen waardoor het ineffectief wordt.
In plaats van te stellen dat alle lidstaten binnen 10 jaar moeten voldoen aan de VN doelstelling voor de afdracht van een minimaal percentage van het BNP (ik geloof 0.7%) aan ontwikkelingshulp, schrijven ze dingen als “….armoede terug te dringen en UITEINDELIJK uit te bannen.” en “…houden rekening met de doelstellingen die zij …. hebben onderschreven.”.
Als je het zo vaag maakt, laat het dan helemaal weg.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 56

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log:
Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Quote du Jour: “Heel veel woorden om te vertellen dat je naar een situatie wilt waarin alle lidstaten dezelfde regels voor de handelspolitiek gebruiken. “

EU-Grondwet Deel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel V – Extern optreden van de Unie (vervolg)
Hoofdstuk III – Gemeenschappelijke handelspolitiek
III-314 Douane-unie

Door de oprichting van een douane-unie, overeenkomstig artikel III-151, levert de Unie in het gemeenschappelijk belang een bijdrage tot een harmonische ontwikkeling van de wereldhandel, tot de geleidelijke afschaffing van de beperkingen voor het internationale handelsverkeer en voor buitenlandse directe investeringen, en tot de vermindering van de douane- en andere belemmeringen.

Het is nogal bot om (in een grondwet) te verklaren dat makkelijker internationale handel “in het gemeenschappelijk belang” is. Daar heb ik ook duidelijk een andere mening over.
Het voelt een beetje alsof er 1 lobby erg actief is geweest en veel aandacht heeft gekregen van de schrijvers van de grondwet. Eenzijdig.

III-315 Gemeenschappelijke handelspolitiek
1. De gemeenschappelijke handelspolitiek wordt gegrond op eenvormige beginselen, met name aangaande
– tariefwijzigingen,
– het sluiten van tarief- en handelsakkoorden betreffende handel in goederen en diensten, en
– de handelsaspecten van intellectuele eigendom,
– de directe buitenlandse investeringen,
– het eenvormig maken van liberalisatiemaatregelen,
– de uitvoerpolitiek, alsmede
– de handelspolitieke beschermingsmaatregelen, waaronder de te nemen maatregelen in geval van dumping en subsidies.
De gemeenschappelijke handelspolitiek wordt gevoerd in het kader van de beginselen en doelstellingen van het externe optreden van de Unie.
2. Bij Europese wet worden de maatregelen vastgesteld die het kader voor de uitvoering van de gemeenschappelijke handelspolitiek van de Unie bepalen.
3. Bij de onderhandelingen over en sluiting van akkoorden met een of meer derde landen of internationale organisaties, is artikel III-325 van toepassing, behoudens de bijzondere bepalingen van dit artikel.
De Europese Commissie doet aanbevelingen aan de Raad, die haar machtigt de vereiste onderhandelingen te openen. De Raad en de Commissie zien erop toe dat die akkoorden verenigbaar zijn met het interne beleid en de interne voorschriften van de Unie.
De Commissie voert de onderhandelingen in overleg met een speciaal comité dat door de Raad is aangewezen om haar daarin bij te staan, en binnen het bestek van de richtsnoeren welke de Raad haar kan verstrekken. De Commissie brengt aan het speciaal comité en het Europees Parlement regelmatig verslag uit over de stand van de onderhandelingen.
4. Ten aanzien van de onderhandelingen over en de sluiting van de in lid 3 bedoelde akkoorden besluit de Raad met gekwalificeerde meerderheid van stemmen.
Ten aanzien van de onderhandelingen over en de sluiting van akkoorden betreffende de handel in diensten en betreffende de handelsaspecten van intellectuele eigendom en betreffende buitenlandse directe investeringen besluit de Raad met eenparigheid van stemmen voorzover het akkoord bepalingen bevat die met eenparigheid van stemmen worden vastgesteld wat interne voorschriften betreft.
De Raad besluit ook met eenparigheid van stemmen ten aanzien van de onderhandelingen over en de sluiting van akkoorden betreffende:
a) de handel in culturele en audiovisuele diensten, indien deze akkoorden afbreuk dreigen te doen aan de verscheidenheid aan cultuur en taal in de Unie;
b) sociale, onderwijs- en gezondheidsdiensten wanneer het gevaar bestaat dat deze akkoorden de nationale organisatie van die diensten ernstig dreigen te verstoren en afbreuk dreigen te doen aan de verantwoordelijkheid van de lidstaten om die diensten te leveren.
5. Op de onderhandelingen over en de sluiting van internationale akkoorden betreffende vervoer zijn de bepalingen van titel III, hoofdstuk III, afdeling 7, alsmede artikel III-325, van toepassing.
6. De uitoefening van de bij dit artikel verleende bevoegdheden op het gebied van de gemeenschappelijke handelspolitiek laat de afbakening van de bevoegdheden tussen de Unie en de lidstaten onverlet en leidt niet tot enige harmonisatie van de wettelijke of bestuursrechtelijke regelingen van de lidstaten voorzover de Grondwet een dergelijke harmonisatie uitsluit.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 55

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log:
Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Quote du Jour: “Niet iedereen hoeft dan mee te doen. Soepel.”

EU-GrondwetDeel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel V – Extern optreden van de Unie (vervolg)
Hoofdstuk II – Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid
Afdeling 2 – Gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid
III-309 Missies

1. De in artikel I-41, lid 1 bedoelde missies, waarbij de Unie civiele en militaire middelen kan inzetten, omvatten gezamenlijke ontwapeningsacties, humanitaire en reddingsmissies, advies en bijstand op militair gebied, conflictpreventie en vredeshandhaving, missies van strijdkrachten met het oog op crisisbeheersing, daaronder begrepen vredestichting, alsmede stabiliseringsoperaties na afloop van conflicten. Al deze taken kunnen bijdragen tot de strijd tegen het terrorisme, ook door middel van steun aan derde landen om het terrorisme op hun grondgebied te bestrijden.
2. De Raad regelt bij Europees besluit de in lid 1 bedoelde missies en stelt doel en draagwijdte ervan vast, alsmede de algemene voorschriften voor de uitvoering ervan. De minister van Buitenlandse Zaken van de Unie draagt onder gezag van de Raad en in nauw en voortdurend contact met het Politiek en Veiligheidscomité zorg voor de coördinatie van de civiele en militaire aspecten van deze missies.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dagelijkse Dosis Europese Grondwet – 54

Gastredacteur Steeph neemt de europese grondwet paragraaf-voor-paragraaf voor u door en voorziet deze van zijn eigen commentaar. De volledige serie is te vinden op zijn eigen log:
Daily Dose of EU Constitution (Steeph’s Blog).

Quote du Jour: “Lidstaten moeten ‘actieve en onvoorwaardelijke steun’ geven als ze dat gevraagd wordt. Heftig!”

EU-Grondwet Deel III: Beleid en werking van de Unie (vervolg)
Titel V – Extern optreden van de Unie (vervolg)
Hoofdstuk II – Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid
Afdeling 1 – Gemeenschappelijke bepalingen
III-294 Uitgangspunten

1. In het kader van de beginselen en doelstellingen van zijn externe optreden, bepaalt en voert de Unie een gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid dat alle terreinen van het buitenlands en veiligheidsbeleid bestrijkt.
2. De lidstaten geven in een geest van loyaliteit en onderlinge solidariteit hun actieve en onvoorwaardelijke steun aan het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid.
De lidstaten werken samen om hun onderlinge politieke solidariteit te versterken en te ontwikkelen. Zij onthouden zich van ieder optreden dat in strijd is met de belangen van de Unie of dat afbreuk zou kunnen doen aan haar doeltreffendheid als bundelende kracht in de internationale betrekkingen.
De Raad en de minister van Buitenlandse Zaken van de Unie zien erop toe dat deze beginselen in acht worden genomen.
3. De Unie voert het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid uit door:
a) de algemene richtsnoeren vast te stellen,
b) Europese besluiten vast te stellen ter bepaling van:
i) het door de Unie uit te voeren optreden;
ii) de door de Unie in te nemen standpunten;
iii) de wijze van uitvoering van de onder de punten i) en ii) bedoelde Europese besluiten;
c) de systematische samenwerking tussen de lidstaten met betrekking tot de beleidsvoering te versterken.

Vorige Volgende