Aangesmeerde supplementen

COLUMN - Nou, dat was schrikken. Omega-3 is helemaal niet goed voor je. Het is zelfs slecht, want er zijn aanwijzingen dat het prostaatkanker zou kunnen veroorzaken. Martijn Katan, emeritus hoogleraar voedingswetenschappen, zegt het niet graag. Maar hij is wetenschapper, dus hij zegt het wel. Ik zeg het trouwens ook, maar anders. En niet pas sinds gisteren.

We slikken ons ongans aan supplementen. Niet alleen in pillenvorm trouwens, ook aan allerlei voedsel worden ze toegevoegd. Voedsel dat vervolgens door het Voedingscentrum wordt aanbevolen, omdat het zo boordevol gezonde stofjes zit. Een voor de hand liggend voorbeeld is Becel, dat achteraf toch niet al 50 jaar goed bleek voor hart en bloedvaten. Een smeerseltje dat al 52 jaar wordt samengesteld volgens de jongste–en nogal eens wisselende–inzichten in de voedingswetenschap. Zo kunstmatig als wat. Maar we moeten het eten, omdat we anders niet genoeg linolzuur (omega-6) binnenkrijgen. O ja, en alfa-linoleenzuur (omega-3), dat moest ook nog, ontdekten we later. Veel later.
Becel. Hele volksstammen eten het nog. Het is daarmee vermoedelijk het meest geslikte voedingssupplement in Nederland. Boordevol stofjes is het gestopt die de veronderstelde tekorten in ons lijf moeten aanvullen. De verschillende nieuwsberichten rond de jongste ontdekking reppen er niet over, maar er gaan in ons land aanzienlijk meer grammen omega-3 over de tong via Becel dan via lepels lijnzaadolie.

Bizar is echter vooral dat de voor de hand liggende conclusie niet wordt getrokken. Waarom zijn we begonnen met die waanzinnige hoeveelheden omega-3 aan onze voeding toe te voegen? Ja, natuurlijk, omdat we te weinig postelein en vette vis eten. Maar vooral omdat we ons al decennia te buiten gaan aan waanzinnige hoeveelheden omega-6. Omega-6, dat volgens de wijsheid van toen zo goed was voor hart en bloedvaten. En waarvan de overconsumptie ertoe leidt dat het lichaam te weinig omega-3 opneemt.

En dat is dus wat mij betreft het probleem: die grote hoeveelheden omega-3–die nu dus mogelijk schadelijk voor ons blijken–worden in de allereerste plaats noodzakelijk gemaakt doordat we veel en veel te veel omega-6 naar binnen werken. Via Becel en aanverwant “gezond” broodsmeer.

Dus wat nu? Tja, het is een vreselijk saai verhaal, maar ik zeg het nog maar eens: wie gewoon gevarieerd eet, heeft behoudens bijzondere medische omstandigheden al die supplementen–of ze nu in de vorm van pillen of van smeerseltjes worden geslikt–helemaal niet nodig. We zijn geworden tot wat we nu zijn op wat we uit de natuur haalden, in tijden dat we uit pure noodzaak nog gevarieerd aten omdat we het ons eenvoudig niet konden veroorloven onze neus op te halen voor een makreel of een handvol postelein. Ons lichaam heeft zich mettertijd uitstekend aangepast aan de voeding die er voor ons was. Als we die nu gewoon waren blijven eten, was het helemaal niet nodig geweest onze voeding aan te passen aan ons lichaam. Een uitstekende reden om ook in deze moderne tijd zo min mogelijk uit de fabriek en zo veel mogelijk uit de natuur te eten.

  1. 1

    “uitstekende reden om zo min mogelijk uit de fabriek en zo veel mogelijk uit de natuur te eten”
    Bekende vooroordeel: bewerkt voedsel is fout, natuurlijk is goed.
    De sterkste giften komen in de natuur voor, want die is ons nog steeds te slim af. Eetbare natuur is een uitzondering.
    Bewerking van voedsel – veelal in de fabriek – verlent de houdbaarheid, door bederf gaat veel voedsel verloren.

  2. 2

    “Een uitstekende reden om zo min mogelijk uit de fabriek en zo veel mogelijk uit de natuur te eten”
    Bekend vooroordeel, de natuur is goed, bewerkt voedsel is fout.
    Bewerking kan de houdbaarheid verlengen, bederf is een belangrijke oorzak van voedselverlies

  3. 3

    @2: Inderdaad, bederf is een belangrijke oorzak van voedselverlies, maar de behandelingen die het voedsel ondergaat om bederf tegen te gaan hebben vaak wel degelijk negatieve gevolgen voor de kwaliteit van het voedsel.

    Toegevoegde conserveringsmiddelen vallen natuurlijk per definitie allemaal in de categorie “gifstoffen”, want daarop berust de conserverende werking. De vraag is alleen of het “gif” (bijvoorbeeld een zuur) slechts bacterieen dood, of ook schadelijk is voor mensen. Vaak geldt de aloude stelregel dat het de dosis is die dat bepaalt, maar vaak niet in het geval van kankerverwekkende stoffen.

    Ik heb net een ontbijt achter de rug met zelf gebakken stokbrood: aan het meel was (gelukkig alleen) foliezuur toegevoegd om het verlies aan vitamine B dat door de bewerking van het graan verloren was gegaan te compenseren. (Helaas kan ik geen meel krijgen dat van “harde tarwe” is gemaakt). Zelfgemaakte jam, gemaakt van 5 kilo vruchten die ik kado had gekregen: daaraan heb ik suiker toegevoegd, pectine en citroensap, om het te binden en er (beperkte) houdbaarheid aan te geven. Echte boter en een bakkie koffie gemaakt in zo’n Italiaans espresso kannetje.

    Kosten: ongeveer 1 euro (je moet wat als AOW-trekker).
    Luxe nivo: daar kunnen alleen de beste Parijse bistro’s tegenop.
    Gezond: Ik eet graag volkorenbrood, maar niet als stokbrood en margarine vind ik een smakeloos surrogaat.

    “Een uitstekende reden om ook in deze moderne tijd zo min mogelijk uit de fabriek en zo veel mogelijk uit de natuur te eten.”

    Dat in elke geval, maar met dat soort uitspraken moet je voorzichtig zijn, want voordat je het weet verwijt iemand je dat je dogmatisch bent. Maar,

    lekker eten kan je tenminste 3x per dag en sex hebben de meeste mensen maar eens in de 3 dagen, dus wat komt op de eerste plaats?

  4. 4

    Het is geen complot van de voedingsmiddelen-industrie.
    Maar ieder bedrijfje probeert onafhankelijk van de rest gewoon zoveel mogelijk van zijn produkt te verkopen. Vaak helpt het om dan de nadruk te leggen op één of ander onbekend stofje dat heel erg goed voor je is.
    Omega-3, of selenium of anti-oxidanten of plantensterolen.
    Er is altijd wel een wetenschapper te vinden die het wil uittesten op een paar honderd ratten of menselijke vrijwilligers.
    Op naar de volgende voedsel-hype.
    Plus ca change, plus c’est la meme chose.

  5. 6

    @3: “.. of het “gif” slechts bacterieen dood”
    Dus een medicijn = “gif”?

    @3: “geldt de stelregel dat het de dosis is die dat bepaalt, maar vaak niet in het geval van kankerverwekkende stoffen”
    Dus de kankerverwekkend ongeacht de dosis?

  6. 7

    @3: Pekel/zout, peper en andere kruiden worden gebruikt als conserveermiddel (salami, pancetta, parmaham, haring) die zijn nou niet echt giftig of je moet een kopje zout naar binnen werken.

    Heb hier mortadella liggen, een soort dubbel gevouwen salami van rauwe lever en spek en die wordt geconserveerd met rode wijn, knoflook en wat zout.

    “Een uitstekende reden om ook in deze moderne tijd zo min mogelijk uit de fabriek en zo veel mogelijk uit de natuur te eten.”

    Dat in elke geval, maar met dat soort uitspraken moet je voorzichtig zijn, want voordat je het weet verwijt iemand je dat je dogmatisch bent.

    Dat heeft niets met dogmatisch te maken.

    Fabrieksvoer en natuurvoer hebben beide voor- en nadelen, het is maar net waar je voor kiest of waar je voor kan kiezen.

    Dogmatisch is heel wat anders:

    Dogmatisme is de meer algemene duiding voor een overtuiging of houding waarbij iemand niet meer in staat is zijn opinies te herzien op grond van nieuwe informatie. Het begrip “dogmatisme” impliceert dat iemand zijn overtuigingen op een onnadenkende en conformistische manier hanteert zonder de fundamenten daarvan in vraag te willen stellen. Dogmatisme wordt als onverenigbaar gezien met een wetenschappelijke en/of rationele ingesteldheid, waar zelfcorrectie intrinsiek deel van uit maakt.

    Bron

    Tarwe durum (harde tarwe) kan je vervangen door spelt (espelta) die staat er het dichtste bij.

  7. 8

    in tijden dat we uit pure noodzaak nog gevarieerd aten omdat we het ons eenvoudig niet konden veroorloven onze neus op te halen voor een makreel of een handvol postelein.

    Hm, hier valt wel heel veel op af te dingen. In de eerste plaats heeft de mens nog nooit zo gevarieerd en gezond gegeten als nu. Het is echt een illusie om te menen dat we vroeger zo gevarieerd en gezond aten. In voorgaande eeuwen was het voedsel vaak bijzonder eenzijdig, zeker voor het arme gros van de bevolking. En ook in de oertijd was het geen pretje en echt niet zo gevarieerd als je doet voorkomen.

    Overigens, maar dit terzijde, is het wat betreft die makreel die je noemt in ethisch opzicht ook weer niet zo geweldig om gewoon door te gaan met consumeren. Veel vissoorten en populaties worden ernstig bedreigd vanwege de overbevissing – het leidende adagium in visserijpolitiek is al decennialang “doorvissen tot het niet meer kan, voordat een ander het leegvist” – al durft geen visserijminister dit natuurlijk eerlijk te erkennen.

    Ons lichaam heeft zich mettertijd uitstekend aangepast aan de voeding die er voor ons was.

    Hier is evolutionair gezien ook heel wat op af te dingen. Er is geen enkele biologisch/evolutionaire reden waarom ons lichaam zich uitstekend aangepast zou hebben aan de voeding. Met name op het gebied van kankerverwekkende stoffen geldt dat niet. De reden daarvoor is simpel: vroeger ging je gewoon dood aan iets anders alvorens je ook maar de kans kreeg kanker te krijgen. Dus als een bepaald voedingsmiddel kankerverwekkend is en er voor zorgt dat je bij wijze van spreken op je 50e dood neervalt, dan zou daar evolutionair gezien geen enkele reden voor zijn dat ons lichaam zich daar aan had kunnen aanpassen om dat dood neervallen te voorkomen. Op je 50e krijg je toch geen kinderen meer, dus het wordt niet doorgegeven in de volgende generatie, en waarschijnlijk ben je al dood vanwege iets anders.

  8. 9

    Postelein is ook nog eens erg smakelijk, rauw in een aardappel-stamppotje bijvoorbeeld, met pittig gekruid vlees of vleesvervanger.

  9. 11

    @6: “Dus een medicijn = “gif”?” Inderdaad, in bijna alle gevallen.

    “Dus de kankerverwekkend ongeacht de dosis?” – Klopt, van veel kankerverwekkende stoffen is niet werkelijke een veilige ondergrens bekend.

    @7: Natuurlijk zijn pekel en zout gifstoffen, evenals alcohol en azijn. Het is precies als Paracelsus zei: Dosis facit venenum. Maar dat zeg je zelf eigenlijk ook al: je moet er geen kopje van naar binnen werken.

    Mijn opmerking over dogmatisch was als knipoog bedoeld naar iemand anders.

    Spelt kan ik ook niet krijgen cq is ontzettend duur en ik wil niks vervangen, ik wil het onvervalste origineel: alleen daarmee kan je dat echte onvervalste, goddelijk lekkere, “franse” stokbrood bakken.

    Welke kruiden kun je gebruiken als conserverinsmiddel? Daar ben ik echt oprecht benieuwd naar. Ik maak nu bijvoorbeeld veelal confit; ook vanwege de smaak overigens.

  10. 12

    @8: “Er is geen enkele biologisch/evolutionaire reden waarom ons lichaam zich uitstekend aangepast zou hebben aan de voeding.”

    Een heel leuk betoog okto en deels heb je gewoon gelijk. Aan de andere kant krijg je duidelijk minder ziektes, heb je geen last van obesitas en voel je je fitter en energieker, als je je keurig gedraagt als de omnivoor en primaat die je bent.

  11. 13

    Volgens mijn slager is alles wat gekruid is langer houdbaar. Vanuit Italie weet ik dat peper, rozemarijn, knoflook, laurier, salie en kruidnagel een conserverende rol in spelen maar hoe en wat weet ik niet precies.

  12. 15

    @14: Ik niet, de vrienden van mijn Italiaanse zwager maken zo wel van alles aan vleeswaren, die slachten in de herfst hun varkens. Veel vleeswaren zijn gezouten of gaan 4 dagen in de pekel maar er zijn er ook bij waarbij geen of weinig zout wordt gebruikt zoals mortadella, deze zijn veel meer gekruid. Bij pancetta wordt grof zout vooral gebruikt (op de bovenkant) om het vocht er uit te trekken, na een paar dagen wordt dit er afgeveegd, dit gaat wel eerst een dag in de witte wijn. Vlees gaat dan koude droge grotten in en daar laten ze het een tijd rijpen. Ook wordt bloem gebruikt om worsten vlugger te laten drogen.

    Kaas laten ze weer rijpen in vochtige grotten en dat wordt om de dag omgedraaid en dan wordt de schimmel af gepoetst.

    De vader van mijn zwager doet visjes, tomaten en olie in een ton met een pers er op die steeds verder wordt aangedraaid en dat laat hij dan zo maanden rijpen. Ziet er niet uit en er zit een centimeters dikke laag groene schimmel op maar is wel lekker.

    In het zuiden waar het warmer is gebruiken ze veel meer rode peper om te conserveren.

    Conservering is niet alleen tegen bacteriën maar ook tegen wormen, etc.

    Als hier de stroom uitvalt gaan wij dood, als daar de stroom uitvalt gaan ze leven.

  13. 17

    @15: Ja, de meeste van die methodes ken ik wel, maar zonder zout, pekel, azijn en alcohol werkt het toch echt niet. Drogen, inmaken, in olie leggen en confit natuurlijk wel.

    Rode pepers om te conserveren? Nou vergeet het maar. Rode pepers moet je -omgekeerd- ook conserveren. Bij ons kom je dat dan vaak tegen in de vorm van (potjes) sambal of van die kleine gedroogde pepertjes (malagueta, rawit)