KSTn | Derde evaluatie cameratoezicht
Inmiddels is er in ruim eenvijfde van de Nederlandse gemeenten op één of meerdere plaatsen cameratoezicht. Dit alles is mede mogelijk gemaakt door eerst de gemeentewet (iedereen voor) aan te passen en later de wet op politiegegevens (iedereen voor behalve GroenLinks). Cameratoezicht valt nu buiten de wet bescherming persoonsgegevens, mocht u nog enige illusie hebben.
Afgelopen week verscheen de derde evaluatie de wetsaanpassingen en het effect (rapport in pdf). De belangrijkste conclusie van het rapport? Dat er geen duidelijke conclusie getrokken kan worden, maar dat iedereen wel vrolijk doorgaat en dat het een hoop geld kost. Laat ik dat iets verder uitleggen.
Het onderzoek levert een zeer gemengd beeld op. In sommige gemeenten gaat de veiligheid er op vooruit, in sommige gemeenten er op achteruit. Maar in geen enkele gemeente is er een goed onderzoek geweest waarop deze bevindingen daadwerkelijk gestaafd kunnen worden.
De rapportmakers geven heel duidelijk aan dat geen van de door de gemeenten uitgevoerde evaluaties ook maar een beetje fatsoenlijk scoort op de Maryland Scientific Methods Scale (MSMS). De twee beste evaluaties hadden een score van 3.
Dit is natuurlijk best treurig voor zo’n ingrijpende maatregel in de maatschappij. En al helemaal verbazingwekkend dat dit al is sinds de eerste evaluatie en dat de Tweede Kamer (die vroeg om de evaluaties) dit allemaal maar best vindt.
Afijn, cameratoezicht heeft dus wisselende effecten op de veiligheid. Intussen willen steeds meer gemeenten het wel hebben en willen de gemeenten die het hebben, het op meer plaatsen hebben.
Kost een lieve duit. Een project (zeg een stukje uitgaansgebied) kost al snel 300.000 euro in aanleg en 70.000 aan jaarlijkse kosten. Met een gemiddelde afschrijving van 7 jaar (volgens het rapport) is dat dus ongeveer 115.000 euro per jaar per project.
Baten? 2500 euro per jaar aan verhaalde schade en een paar opgepakte dronkenlappen meer. Oh ja, en af en toe een verbetering in de subjectieve veiligheid (men voelt zich veiliger).
Dan nog even een ernstig punt. De beelden van de camera’s mochten na de wetswijziging in plaats van 7 maar liefst 28 dagen bewaard worden. En dat is volgens sommige gemeentes niet voldoende, dus die bewaren het zonder blikken of blozen 90 dagen.
Vrij ernstig in het licht van de toegestane inzet van cameratoezicht:
“In twee derde van de gemeenten worden de beelden altijd of op specifieke momenten live uitgekeken. Hierin is een lichte toename van vier procent te constateren ten opzichte van de twee meting. In een derde van de gemeenten met cameratoezicht worden de beelden uitsluitend achteraf bekeken in geval van bijzondere gebeurtenissen. Dit is opvallend, omdat het doel van cameratoezicht volgens de wet het handhaven van de openbare orde is. Bij het niet live uitkijken van de beelden, wordt dit doel niet gediend.” (pagina II)
Voor nog wat meer perspectief het volgende. In de meeste gemeenten met camera-toezicht is er ongeveer 1 camera op iedere 2500 inwoners. In Son en Breugel is het 1 camera op iedere 400 inwoners. Die zullen het dan ook wel verdiend hebben.
Met deze constateringen kan ik weer aan de slag met het bijwerken van mijn lijst en het bijbehorende stemgedrag. Hopende dat er ooit een lichtje gaat schijnen bij lokale en landelijke politici aangaande privacy. Voordat er 1 camera op iedere inwoner is.
En ik ga weer over tot de orde van de dag.
Mocht u uw ei kwijt willen bij de politiek naar aanleiding van bovenstaand stuk, gebruik dan de site van Mail de politiek.
KSTn = Selectie uit recente KamerSTukken.

