WW: Anthony Atala’s organenprinter

De woensdagmiddag is op GeenCommentaar Wondere Woensdagmiddag. Met extra aandacht voor de nieuwste ontwikkelingen in Wetenschap- en Techniekland.

Een potentiele orgaanprinter (Foto: Flickr/Sir Adavis)

Dat er een tekort is aan organen voor transplantatie, dat zouden we ondertussen toch wel allemaal moeten weten. Maar zelfs na de recente stijging van het aantal geregistreerde orgaandonoren is de trieste werkelijkheid dat er nog steeds vele zieke patienten op de wachtlijst voor orgaandonatie staan. Zelfs als er iemand met een gezonde nier of lever sterft is de kans dat deze op tijd in goede staat bij een patient komt niet groot. En vervolgens is het maar de vraag of je lichaam de vreemde cellen accepteert en niet afstoot of tot tumorvorming overgaat. Met de vergrijzing in het vooruitzicht zullen we in de toekomst eerder meer dan minder orgaanpatienten hebben, dus het is geen wonder dat medici wereldwijd naar oplossingen zoeken.

Anthony Atala is hoofd van zo’n groep onderzoekers. Aan het Wake Forest Institute for Regenerative Medicine zoekt hij naar alternatieve methoden om aan nieuwe (delen van) organen te komen. Tot voor kort waren stamcellen de aangewezen (hoewel controversiele) manier om nieuw orgaanweefsel te laten groeien. Maar in zijn TEDMED presentatie introduceert hij spectaculaire nieuwe methoden om aan dit weefsel te komen. Zijn uitgangspunt: het regeneratieve vermogen van het menselijk lichaam te gebruiken.

Mensen zijn net als salamanders in staat om beschadigde organen te kunnen laten teruggroeien, maar waar de eerste soort hele poten kan doen verschijnen is dat bij mensen maar heel beperkt, voornamelijk in de afstand die overbrugd kan worden door het aangroeiende weefsel. Bij de methoden van Atala wordt geprobeerd dit regeneratieproces te stroomlijnen en vervolmaken. In dit proces worden cellen uit het desbetreffende orgaan geextraheerd en gesplits naar celtypen (spiercel, bloedvatcel…). Vervolgens worden deze ex vivo opgekweekt en aangebracht rond een soort mal (Atala gebruikt het woord ‘scaffold’). Op die manier wordt een nieuw orgaan opgebouwd dat teruggeplaatst kan worden in het lichaam. De mal lost na verloop van tijd op in het lichaam. Het spectaculairste moment uit Atala’s presentatie is als hij laat zien hoe een gewone inkjet printer gebruikt word om celweefsel op een platte mal te printen. Deze wordt daarna gevouwen en getraind en op die manier ontstaat een bloedvat, spierweefsel of een complete blaas of vinger!

Het proces duurt daarnaast zeer kort. Zes tot acht weken nadat een monster van de cellen van een patient is genomen kan het nieuw gegroeide stuk orgaan al teruggeplaatst worden. Veel van het onderzoek is nog in experimentele fase, maar als de resultaten zich zo blijven ontwikkelen dan kunnen een hoop patienten geholpen worden door de geprinte organen.

Reacties zijn uitgeschakeld