Waarom Tulleken, Koelewijn en Vandermeersch in de fout gingen

De NRC hield zich niet aan het principe van hoor en wederhoor en aan de gouden journalistieke regel ‘één bron is geen bron’ in haar berichtgeving over het skiongeluk van prins Friso. Dat zijn de voornaamste conclusies van Thom Meens die in opdracht van de krant onderzocht wat er misging in de verslaggeving. Hoe opmerkelijk is het dat een krant als NRC die staat voor betrouwbare, zorgvuldige journalistiek zich niet hield aan haar eigen regels en met een verhaal kwam dat in de tabloids niet zou misstaan? Het is opmerkelijk maar wel verklaarbaar als je vanuit psychologische invalshoek analyseert waarom neurochirurg Kees Tulleken, zijn vrouw NRC-verslaggever Jannetje Koelewijn en hoofdredacteur Peter Vandermeersch in de fout gingen.

Tulleken nam zelf het initiatief om zich te melden bij de kliniek waar prins Friso was opgenomen en zijn diensten aan te bieden. Je kunt dit beschouwen als een onbaatzuchtig gebaar, maar het is wel een gebaar van een zelfverzekerde man die er van overtuigd is dat zijn expertise iets toe kan voegen aan de kennis van de lokale, gekwalificeerde neurochirurgen die dagelijks met lawineongevallen te maken hebben. Tulleken noemt zichzelf een pathologische optimist. Het siert hem dat hij van zichzelf weet dat hij geneigd is te kijken naar wat mogelijk en niet naar wat onmogelijk is, maar het is jammer dat hij die kennis niet heeft gebruikt om zichzelf in toom te houden. Hierdoor bracht hij alleen het positieve nieuws –het is geen schedelbasisfractuur- naar buiten en hield hij het negatieve nieuws –er werd heel lang geanimeerd- achter. IJdelheid is echter een slechte raadgever. Die benam Tulleken het zicht op wat hij als arts had moeten doen. Met al zijn goede bedoelingen werd hij een leverancier van valse hoop.

Zijn vrouw Jannetje Koelewijn, die ook volledig op de hoogte was, had het hele verhaal kunnen vertellen, maar deed dat niet. Ook zij koos ervoor het slechte nieuws te negeren, volgens Meens op aandringen van haar man. Vanuit journalistiek standpunt is dat onbegrijpelijk. Als Koelewijn haar rol van journalist, waarvoor ze zich in deze kwestie uitgaf, had laten prevaleren boven die van echtgenote, was ze niet selectief geweest met de feiten en waren we waarschijnlijk wel goed geïnformeerd over de toestand van de prins. Maar loyaliteit gaat boven de waarheid. Dat is aangetoond in een bekend experiment waarin bleek dat mensen antwoorden gaven waarvan zij wisten dat die fout waren om andere groepsleden die fout antwoordden, niet voor het hoofd te stoten. Koelewijn was, bewust of onbewust, bereid om de waarheid te verdraaien om haar man niet af te vallen.

En waarom besloot de redactie niet om de gevoelige informatie onder zich te houden en de berichtgeving van de RVD af te wachten? Het ging om nieuws en als krant hebben wij de plicht om nieuws te brengen, was de redenering van hoofdredacteur Vandermeersch. Dit is een sterk argument maar de haast om te publiceren werd ook gestuurd door, in de woorden van Meens, de euforie die zich van de redactie meester maakte toen bleek dat men een scoop in handen had. Dat men zo gretig was om dit nieuws in de krant te krijgen terwijl het niet was gecheckt, heeft alles te maken met onze hang naar aanzien. Vertrouwelijke informatie voor je houden is voor iedereen moeilijk en hoe interessanter de informatie, hoe moeilijker het is om je mond te houden. De verleiding om nieuws waar iedereen op zit te wachten openbaar te maken is zo groot omdat je status erdoor groeit. Zodanig, zoals we hebben kunnen zien, dat de hoofdrolspelers in dit verhaal en de NRC even de wereldpers aan hun voeten hadden.

Het was een exceptionele samenloop van omstandigheden, aldus Vandermeersch. Maar juist in zo’n situatie is het risico groot om speelbal te worden van menselijke zwakheden en groepsdynamica die de collectieve besluitvorming de verkeerde kant op stuurt. De les is in ieder geval, wantrouw experts die outsider zijn maar zich als insider opwerpen en een bron van wie onduidelijk is in wat voor hoedanigheid hij/zij spreekt. Hoe stel je je teweer tegen de verleiding om voorbarig een verhaal te publiceren als de mogelijkheid zich weer aandient om een primeur te hebben? Dat is nog het meest problematisch. Je mag hopen dat Vandermeersch en zijn collega’s de volgende keer dat dit zich voordoet sterk genoeg in hun schoenen staan om zich aan hun eigen journalistieke regels te houden. Maar het kan zo maar zijn dat dit niet zo is. Kiezen voor niet publiceren is jezelf als journalist en je krant de kans, die misschien maar eens in je leven voorbij komt, ontnemen om wereldnieuws te schrijven. Wie kan die verleiding weerstaan?

Foto: Dunechaser

Reacties (6)

#1 Maria

Ik heb de ophef nooit begrepen, terwijl ik gevoelig ben voor ethiek.
Als nieuwsconsument was ik blij met het NRC-bericht. Ik wilde meeleven met het slachtoffer. Het beïnvloedde mijn beeld als ik niet wist waaraan ik vervolgens kon denken. Dat hij geen schedelbasisfractuur had, kon ik dus wegstrepen. De uitspraak van de RVD bleef wél herhaald worden dat er levensgevaar bleef. Ik werd dus NIET op het verkeerde been gezet. Later lazen we over de toetsmomenten (als lichaam naar gewone temp. zou stijgen en als hij uit narcose zou komen, enz.). Ik begreep toen ook dat dit laatste algemene kennis was over vergelijkbare casussen.

Ik begrijp nog steeds niets van alle ethische problemen en de categorisering tot omstreden nieuws van het bericht van Koelewijn.

  • Volgende discussie
#2 Harm

Thom Meens? Ach gutteguttegut, de alibiman van de Volkskrant.

Bij de pers gaat het tegenwoordig al net als in de politiek:

“Wanneer er in Nederland iets misgaat, volgt er eerst een rapport – en dan een voorstel voor nieuwe regelgeving – waar je dan nooit meer wat van hoort.” – http://www.nrc.nl/heijne/2012/04/14/dom/

Het NRC is geen uitzondering:

  • Volgende discussie
  • Vorige discussie
#3 EKvdB

Ik sluit niet uit dat een ander aspect een rol speelt. De Tulleken die op de TV zag, vertoonde veel symptomen van beginnende dementie. Ik sluit allerminst uit dat Tulleken simpelweg niet goed wist wat hij aan het doen was, dat een loyale Koelewijn (zoals zo veel echtgenoten) niet wilde zien hoe onverstandig haar man deed, en dat de redactie van de krant te veel vertrouwde op een veteraan-journaliste.

  • Volgende discussie
  • Vorige discussie
#4 kevin

Even off-topic: volgens mij geeft Asch’s experiment niet de conclusies die de auteur denkt. Het ging over dat mensen gaan twijfelen aan hun eigen perceptie als de rest van de groep aangeeft een feit anders te zien. Mensen geloven eerder dat zij er als enige naast zitten dan dat de hele groep ernaast zit, ook al hebben zij het wel degelijk goed gezien en zit de groep in een complot. Kortom: ze conformeren zich aan de groep uit onzekerheid, niet om “anderen niet voor het hoofd te stoten”. Ik moet toegeven dat er nog wat debat is over de oorzaken van de uitkomsten van Asch’s experiment, maar deze uitleg is ook zeer gangbaar en wat mij betreft geloofwaardiger, aangezien veel proefpersonen te kennen geven dat zij werkelijk de feiten op de verkeerde manier begonnen te zien.

  • Volgende discussie
  • Vorige discussie
#5 Teun

“En waarom besloot de redactie niet om […] de berichtgeving van de RVD af te wachten”

Dat meen je toch niet serieus hè? De non-informatie die RVD normaal versterkt, is de enige reden dat ik nog een beetje begrip kan opbrengen voor het gepruts van de NRC.

@Harm: is je comment ironisch bedoeld, of heb je het zelf niet door?

  • Volgende discussie
  • Vorige discussie
#5.1 Harm - Reactie op #5

Ik ben altijd bloedserieus, vertel eens wat je op je lever hebt.