Vechten over groene stroom ondermijnt vertrouwen consument

OPINIE - Belangenorganisaties zouden een onafhankelijke keuzehulp voor écht groene stroom moeten maken. Maar dat is nog ver weg.

Op 8 januari werd de argeloze energiegebruiker uit zijn nieuwjaarslethargie gewekt door het TV-programma Kassa Groen, dat stelde dat groene stroom lang niet altijd echt groene stroom is. Een week later deed het NOS-journaal dat nog eens dunnetjes over naar aanleiding van een groene stroomchecker, gelanceerd door de HIER-klimaatcampagne. Onder de vlag groene stroom, ecostroom, natuurstroom of welke andere fancy naam dan ook wordt elektriciteit verkocht waarvan de consument denkt of mag aannemen dat deze groen is. Maar volgens HIER en de NOS is dat bij nadere beschouwing toch niet het geval.

Via een checker van HIER kan de twijfelende stroomafnemer zien hoe groen zijn product werkelijk is. Althans, volgens de criteria van die checker. Andere organisaties met andere criteria komen tot heel andere bevindingen. Dat bleek een weekje na de lancering van de HIER-checker in, opnieuw, het TV-programma Kassa. Die conclusies leunden op gegevens van de Consumentenbond, Greenpeace en WISE. Op basis van een onderzoeksrapport van SOMO werden nu de bedrijven in plaats van de producten beoordeeld. Toch gek, sneerde de directeur van de Consumentenbond, dat in de door Essent gesponsorde HIER-checker groene stroom van Essent hoog scoort, terwijl dat volgens het SOMO-rapport een erg vies bedrijf is. Maar ja, een bedrijf is geen product.

Zou de gemiddelde stroomgebruiker nog snappen wat ‘ie nou moet doen? Vriend Google helpt ook al niet: wie “groene stroom” intikt, verdwaalt compleet in de aanbiedingen, beoordelingen, vergelijkingen en kanttekeningen.

Nu gaat het me er hier niet om vast te stellen wie het gelijk aan zijn zijde heeft, en wie kan claimen de moeder aller checkers te hebben. Het punt is dat iederéén dat suggereert. En precies dat is funest.

Dat bedrijven hun product aan de man willen brengen met alle mogelijke claims en labels is niet bijzonder. Dat heet marketing. Een slimme marketeer kan altijd wel iets te vinden om de eigen stelling te onderbouwen: de meeste wind in de stroommix, alles van Nederlandse bodem, de beste biomassa, de laagste CO2-uitstoot per kilowattuur, de groenste strategie, kiest u maar.

Is van individuele bedrijven te verwachten dat ze zich hard maken voor een transparante markt? Dat lijkt me een naïeve gedachte. In vroeger tijden trok de overheid nog wel eens zo’n rol naar zich toe, en dat lijkt me nog steeds wenselijk – maar ziet u het gebeuren? Wellicht kan een brancheorganisatie actie ondernemen, als de leden hun verschillen even parkeren en voor een gezamenlijk belang gaan.

Maar de meest logische kandidaten voor een eenduidig consumentenadvies zijn natuurlijk natuur-, milieu- en consumentenorganisaties. Maar als nu ook de hoeders van transparant en groen in een stammenstrijd verwikkeld raken, wat dan? Op wiens oordeel kan dan nog worden vertrouwd? De gemiddelde consument denk: laat maar, het maakt kennelijk toch niet uit. Als elke groenling zijn eigen lied zingt, is het resultaat dat de consument niets en niemand meer gelooft.

Het kwaad is nu geschied. Er zit weinig anders op dan dat de consumenten-, natuur- en milieuorganisaties met het schaamgroen op de kaken op zoek gaan naar een gezamenlijke systematiek en boodschap. Mijn voorkeur zou zijn: een checker die alle feiten paraat heeft, en die me als consument de eigen weging laat maken aan de hand van mijn eigen criteria. Misschien zijn andere oplossingen beter. Maar hoe dan ook: stop de verwarring, ga met elkaar in een hok zitten en kom er pas uit als er een eenduidig en goed communiceerbaar beeld is. Tot dan overweeg ik me uit solidariteit met de verwarde consument te bekeren tot de meest vieze stroom die ik gewapend met Google en checkers maar kan vinden.

Dit stuk stond eerder op Energiepodium.

  1. 1

    Altijd weer vermakelijk om te lezen hoe de boomknuffelaars het gevoel gegeven wordt dat ze bijdragen aan een betere wereld, terwijl ze in feite gewoon bij de neus genomen worden.

    Of het nu om groene stroom gaat, electrich rijden, eerlijke chocola of duurzaam bankieren… Ze trappen massaal in de feel good marketing van het bedrijfsleven

  2. 3

    @1:
    Dat van elektrische auto licht wat anders:
    Die zijn bedoeld om de beter gesitueerden een extra belastingvrij speeltje te geven.
    Zoiets als het “prius-voordeel” (zo’n hybride die nooit een stroomkabel ziet).
    N.B. Milieuvriendelijke mensen behoren geen Japanse producten te”:
    Japs kill whales ;-)

  3. 4

    “een gezamenlijke systematiek en boodschap”
    dat miskent de drang van afzonderlijke organisaties om vooral zichzelf in de kijker te zetten. HIER is opgericht door de gezamenlijke milieugroepen, pikant dat juist deze nu wordt gebrandmerkt.

    Sommige milieugroepen zetten zich in voor meestook van biomassa in kolencentrales, anderen willen die biomassa benutten voor groen gas, weer anderen voor biobrandstof. Windmolenverenigingen willen grote windmolens, anderen juist weer kleine molens in stedelijke omgeving. Zonnepanelen subsidie kent voor- en tegenstanders.
    Kortom de twist om “groene” stroom is verre van uitzonderlijk.

  4. 6

    @5: Die nadeelverschillen zijn best wel te vergelijken.
    De nadelen van kolen uit ondergrondse mijnbouw zijn veel groter dan bij gas.
    Olieverbruik in de luchtvaart heeft grotere klimaatgevolegn dan olieverbruik bij auto’s.
    en zo verder

  5. 7

    @6: Ik zal een paar voorbeelden noemen dan.

    Neem kernenergie. Weinig CO2, weinig milieu-nadelen, maar als er ongelukken gebeuren zijn de gevolgen nogal groot. Er is weinig afval, maar dat afval is wel levensgevaarlijk en moet langdurig en zorgvuldig worden bewaard. In welke mate wegen die nadelen op tegen het voordeel van minder CO2-uitstoot?

    Biofuels, planten voor het opstoken, hebben als nadeel dat het daarvoor benodigde landbouw-areaal ten koste gaat van wat beschikbaar is voor het verbouwen van voedsel. Hoeveel honger in arme landen zijn wij bereid te laten lijden voor ons groene gevoel bij het tanken?

    Windenergie dan. Dat lijkt ‘groen’, maar windturbines maken lawaai, dunnen de vogelstand uit en verminderen de economische waarde van de (wijde) omgeving. Bovendien is de stroom erg variabel zodat de infrastructuur moet worden verzwaard en andere centrales minder rendabel worden. Tenzij we accepteren dat het licht het alleen doet als het toevallig hard genoeg waait.

    Kortom, het gaat bij het afwegen van nadelen om het vergelijken van appels en peren, en het is grotendeels een kwestie van persoonlijke smaak hoe het eindoordeel uitvalt.

  6. 10

    @7: Inderdaad erg erg subjectief, neem wind:
    – maken lawaai Als het hard waait maar daar hoor je dan weinig van. Molens worden ver van bebouwing geplaatst, wegen, spoorlijnen liggen naast de bebouwing. Maar lawaai kun je in kosten uitdrukken door te vergelijken met geluidsschermkosten
    – dunnen de vogelstand uit Bekend punt van tegenstanders, autoverkeer dunt de vogelstand veel sterker uit, om van katten maar te zwijgen
    – verminderen de economische waarde. Ook nooit echt aangetoond. Waar zie ik de waardevermindering van boerderijen in Flevoland met windmolen er pal naast?
    – erg variabel, de infrastructuur moet worden verzwaard Klopt de opbrengst varieert dus (lokale) energieopslag is wenselijk. Omzetting van overschot in waterstof, die in het bestaande gasnet wordt bijgemengd is een goede aanvuling

  7. 12

    @11: Waterstof geen praktijk?
    Op de Waddeneilanden worden al verschillende proeven gedaan ook met bijmenging in het gasnet. Duitsland is flink bezig mede om minder windenergie verloren te laten gaan, of de elktriciteit voor dumpprijzen bijv. aan ons land te moeten verkopen.