Nederland kiest: Sociale zekerheid en arbeidsmarkt

[i]Elke dag wordt er gepeild, redacties van praatprogramma's draaien overuren en er zijn meer kieshulpen dan politieke partijen. Het aantal behandelde onderwerpen is echter beperkt (lees: het H-woord en coalitievorming). GeenCommentaar duikt een stuk dieper in de materie en zet voor een aantal onderwerpen de verkiezings- programma's naast elkaar. Nu: Sociale zekerheid en arbeidsmarkt[/i]. Ontzettend veel gepraat over cijfers: Dat kenmerkt deze verkiezingscampagne. Wiens cijfers kloppen? Wie zal het zeggen? GC geeft voor de zekerheid maar even het woord aan het CPB voor de hoofdlijn: "Over de sociale zekerheid verschillen de partijen van mening. De VVD en D66 zijn beide voorstander van netto ombuigingen op de sociale zekerheid (van achtereenvolgens 1 en 2 mld euro), terwijl de overige partijen juist meer middelen voor de sociale zekerheid ter beschikking willen stellen. De extra bepleite middelen liggen tussen 1,25 mld euro (ChristenUnie, SGP) en 3,75 mld euro (SP, GroenLinks)." In deze quote van het CPB ontbreken de PvdA en CDA die extra middelen van respectievelijk 2 en 2,25 miljard euro ter beschikking stellen voor sociale zekerheid. Er is dus genoeg te kiezen als je alleen al naar de cijfers kijkt. Wil je bezuinigen op sociale zekerheid, dan kies je VVD of D66. Wil je er als kiezer meer geld in stoppen, dan heb je een aanzienlijk ruimere keuze. Maar er is veel meer dan alleen een macro-financieel verhaal. Er is ook het verhaal achter de cijfers: de concrete voorstellen die partijen doen voor de sociale zekerheid en arbeidsmarkt.

Door: Foto: Sargasso achtergrond wereldbol
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Politieke programma’s vol wantrouwen

Big Brother graffiti (Foto: Wikimedia Commons)

Hoe de waard is, vertrouwt hij zijn gasten. Aan de verkiezingsprogramma’s van verschillende politieke partijen kun je makkelijk aflezen wie zij het minst vertrouwen. Neem de proef op de som, zoek het woord ‘fraude’ op en je weet wie wie wantrouwt. Het levert zeer herkenbare en soms erg hilarische ideologische tegenstellingen op. Meest genoemd als fraudeur is de uitkeringsgerechtigde, maar ook mensen die langdurige zorg aanvragen vertrouwen sommige partijen voor geen meter.

Bij het CDA in het programma ‘Slagvaardig en samen’ – net zoals bij zowel PvdA als VVD – zijn het de bijstandsgerechtigden en gezinsmigranten de die verdacht worden van fraude. Zij krijgen een eigen, speciale vermelding in elk van deze programma’s. De SP verwacht echter meer fraude aan de bovenkant van de samenleving. De socialisten roepen bijvoorbeeld op tot meer fraudebestrijding door het Openbaar Ministerie bij de fiscus. Wellicht te verwachten bij een verkiezingsprogramma met de titel ‘Een beter Nederland voor minder geld’? De ChristenUnie (‘Vooruitzien’) maakt slechts een keer melding van het woord ‘fraude’, in relatie tot het gebruik van studiefinanciering. De partij van Rouvoet vertrouwt de student dus voor geen cent.

D66 – met hun verkiezingsprogramma ‘We willen het anders’ – gooit het over een hele andere boeg door in te zetten op een Meldpunt voor Slachtoffers Identiteitsfraude. Verdachte onbekend. Hetzelfde geldt voor de SP, die ook bang is voor internetfraude. Daarnaast vermoedt D66 vooral grote kans op fraude bij de mensen die een persoonsgebonden budget in de zorg aanvragen. Ook Trots Op Nederland vindt de zorg verdacht voor fraude, met name mensen die langdurige zorg vanuit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten vergoed krijgen. De enige partij die mensen in Nederland volledig lijkt te vertrouwen is GroenLinks. Het woord ‘fraude’ komt in het verkiezingsprogramma ‘Echte keuzes voor de toekomst’ op geen enkele plek voor.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Minder ministers

Dan hebben ze alleen teveel gebouwen... (Foto: Flickr/Haags Uitburo)

Een van de voorstellen van GroenLinks in het nieuwe verkiezingsprogramma is de reductie van het aantal ministeries van de dertien nu naar acht. Voor een politicoloog of bestuurskundige is het altijd leuk om na te denken over hoe verantwoordelijkheden rationeel zouden verdeeld moeten worden. In het volle besef dat in het openbaar bestuur beslissingen bijna nooit op rationale gronden tot stand komen. In plaats daarvan is de indeling van ministeries afhankelijk van path dependency en institutional stickiness: of in gewoon Hollands oude beslissingen worden in stand gehouden zonder dat daar rationale redenen voor zijn.

Toch zijn er zeker wel rationale elementen aan hoe verantwoordelijkheden tussen ministeries samen hangen: de bestuurders die de ministeries indeelden probeerden dat zo rationeel mogelijk te doen en in de tussentijd proberen bestuurders de bestaande structuur rationeel te gebruiken. Je zou kunnen stellen dat de huidige ministeries met elkaar samenhangen in clusters van ministers met een aan elkaar gerelateerde portefeuilles. Dat zie je terugkomen in de kabinetsformaties waarbij geprobeerd wordt om binnen zulke clusters alle partijen deel te laten nemen.

Grofweg zou je de structuur van de ministers kunnen voorstellen als in dit figuur: centraal staat de sociaal-economische driehoek met daarin de ministers van Financien, SZW en Economische Zaken. De minister van sociale zaken staat echter ook relatief dichtbij de ministers van OCW en VWS, die zo samen een cluster rond de softe publieke sector vormen. De minister voor Economische Zaken staat dichtbij de ministers van V&W en LNV, die zich bezighouden met sectoren waar de vrije markt in principe het belangrijkste regulerende principe is. Economische Zaken in mindere mate, maar Verkeer en Landbouw in grotere mate hebben veel overeen met de minister van VROM, omdat zij allemaal te maken hebben met ruimtelijke en milieu-vraagstukken. Boven in het figuur staan de ministers van BZK, BuzA, Justitie en Defensie. Tussen hun portefeuilles bestaan een opvallende relatie: de ministeries van BZK en Justitie houden zich bezig met het binnenlands bestuur, de ministeries van Defensie en BuZa met internationale samenwerking. BZK en BuZa houden zich met name bezig met de organisatorische kanten hiervan. Justitie en Defensie met de toepassing van geweld.

Vorige