Help Hugo de Jonge vooruit te kijken

Sinds we weten dat het vaccineren zo laat begint, gaat het over de vraag waarom. Terecht. Het antwoord is relevante journalistiek. Ook als voorwerk voor het parlementair onderzoek over de aanpak van de pandemie, dat vast gaat komen. En Hugo de Jonge had gelijk dat een zorgvuldige voorbereiding van belang is, maar liet tot gisteren na te erkennen dat die zorgvuldige voorbereiding door misrekeningen pas zo laat is afgerond. Begrijpelijk dus dat journalisten als ramptoeristen dergelijke fouten proberen te reconstrueren. Maar journalistiek kan ook iets anders zijn. Er zijn vast journalisten die verder vooruit kunnen kijken dan Hugo de Jonge. Dat kan helpen verdere misrekeningen te voorkomen. De strategie die aan De Jonge wordt toegeschreven is dat hij bestuurt via de media. Hij kondigt aan dat er in de week van 4 januari gevaccineerd kan gaan worden. De zorgorganisaties horen dat via de media. Dat irriteert, maar vervolgens proberen ze wel de verwachting die de minister wekt waar te maken. Kunnen we met een paar goede vragen die strategie omkeren en zo De Jonge de goede kant op bewegen? Een miljoen vaccinaties per week De bewering van De Jonge dat het in weze niet uitmaakt wanneer we precies beginnen klopt. Want het is niet de eerste prik die ons over de pandemie heen helpt. Het gaat om de snelheid van wat volgt. Hoe sneller we tot grote hoeveelheden vaccinaties per dag, of per week komen, hoe sneller het effect merkbaar zal zijn. Over die snelheid hebben we nog niet veel meer gehoord dan wat gisteren naar buiten kwam. Grafieken die de suggestie van een vaststaand en uitgewerkt plan moeten wekken. Maar waarbij je al snel ziet dat het vooral suggestie is en weinig plan. Vergelijkbaar met het ambtelijk impressionisme dat we bij de ‘routekaart’ gezien hebben. Daarom kunnen we ons beter op een heel concrete vraag concentreren: vanaf welke week zijn we in staat om per week ten minste een miljoen mensen te vaccineren? Laten we die vraag stellen aan het ministerie, aan de GGD’s, aan OMT leden. Laten we het voorleggen aan Gommers en Kuipers. Laten we het antwoord Wobben. Laten we uitzoeken wanneer in andere landen die snelheid bereikt wordt. En laten we dan hopen dat die vraag binnen het ministerie gaat rondzingen en de minister bereikt. Hopelijk zet dat hem aan om na die zorgvuldig voorbereide valse start, nu alles op alles te zetten om vaart te maken! Het opvoeren van de vaccinproductie En dan dient een volgende vraag zich aan. Het aantal beschikbare vaccins lijkt beperkt. Kunnen we ook iets anders doen dan dat accepteren? Want als we binnen een paar weken op een miljoen prikjes per week zitten, dan zou het fijn zijn als de bijna 12 miljoen bestelde vaccins van Pfizer/BioNtech voor bevrijdingsdag gezet kunnen zijn. Pfizer bouwt een extra productielijn nabij Frankfurt, waarom niet twee? En dat Modernavaccin, waarom ligt de productie daarvan zo laag? Is dat niet sneller op te voeren? Of kunnen concurrenten, onder wat politieke druk, niet de reeds goedgekeurde vaccins gaan produceren? Nee? Misschien nog een beetje meer druk? Heeft het ministerie hier al met Brussel over gesproken? Is er een eurocommissaris die zich uit naam van de hele Unie gaat bemoeien met het opvoeren van de productie? Het benodigde financiële smeermiddel is ongetwijfeld goedkoper en beter voor ons welzijn dan nog meer lockdowns Dus laten we niet alleen reconstrueren wat verkeerd ging, maar kritische vragen stellen over dat wat ons uit de crisis gaat helpen. En niet pas over een paar maanden, maar nu. En als Hugo de Jonge dan met goede antwoorden op die vragen komt, dan mag hij daar wat mij betreft in alle media over komen vertellen. Het publieke leven De slotvragen leggen we ondertussen voor aan de rest van het kabinet. Want met louter een hoge vaccinatiegraad zijn we de crisis nog niet uit. Daarvoor hebben we, voor de verkiezingen en formatie, concrete antwoorden nodig op de vraag hoe horeca en cultuur het komend jaar doorstaan. Want als het publieke leven er in 2021 alsnog aan onderdoor gaat, zal het overwinnen van het virus nog lang voelen als een verlies.

Foto: Partij van de Arbeid (cc)

Wat Lodewijk bezielt

COLUMN - Hoe voeren partijen campagne? Wetenschappelijk onderzoek suggereert dat ze veelal strategisch inzetten op een kleine selectie beleidsthema’s die specifieke kiezersgroepen aanspreken. Maar in tweets van de PvdA-campagne van 2017 viel geen enkele lijn te ontdekken.

Een gebrek aan “bezieling waarmee we als mensen aan elkaar zijn verbonden.” Daaraan wijt PvdA-leider Lodewijk Asscher in zijn boek zijn afgang bij de recentste Tweede Kamerverkiezingen in 2017. De PvdA, die in 2012 nog 38 zetels had veroverd, viel terug naar negen zetels. Een ongekende nederlaag. Eentje die zelfs de meest pessimistische sociaaldemocraat onaangenaam wist te verrassen.

Tegenover die uitgesproken verliezer stond een aantal uitgesproken winnaars. Opmerkelijk waren bijvoorbeeld de doorgroei van 50Plus en de spectaculaire entree van FvD. De partij die in 2012 met twee zetels in de Kamer was gekomen, 50Plus, wist dat zetelaantal nu te verdubbelen. De partij die zeven maanden voor de verkiezingen van 2017 nog niet bestond, FvD, verraste met twee zetels.

Een lange lijst aan verklaringen is geopperd voor deze forse verliezen en winsten.

In een onlangs geaccepteerd wetenschappelijk artikel gaan Mathilde van Ditmars (Universiteit van Luzern), Nicola Maggini (Universiteit van Florence) en ik in op de mate waarin campagnekeuzes van partijen electoraal gezien strategisch zijn geweest. Pakte de PvdA het dom aan? Speelde 50Plus het slim?

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

‘Shell’s klimaatstrategie: narcistisch, paranoïde en psychopatisch’

Dat zijn de woorden die John Ashton, voormalig speciaal afgevaardigde voor klimaatverandering van de Britse regering, gebruikt in een open brief aan Ben van Beurden. De brief is een reactie op de speech van Van Beurden een maand geleden waarin hij de olie- en gasindustrie opriep om ‘minder afzijdig’ te blijven en actie te ondernemen m.b.t. klimaatverandering. De hele brief is de moeite waard om te lezen, een paar hoogtepuntjes:

You have an undeniable interest in the choices society makes about climate change. But you have been sophisticated in pursuit of that interest, as you perceive it. From the start, nobody has been less aloof, more assertive, nor more influential than the oil and gas industry.

(…)

The summary that accompanies the published text of your speech also catches the eye.

It anticipates an “energy transition”. But it foresees no change “in the longer term” in the drivers of supply and demand for oil. (…) In other words, the energy transition to come will be an unusual kind of transition. It will have no structural consequences for the energy system itself, or at least for the markets on which your business model depends. (…) Engagement, with delusions of aloofness. Commitment, to a transition that ends where it began. Such cognitive dissonance suggests, even before we get to the text, that your speech may say more about the state of mind of your industry than the external conditions that prompted you to speak.

(…)

It is in truth not your fault that climate change is a hard problem. Though your industry must bear some responsibility for our failure so far to face it, that is not exclusively your fault either.

But the choices of your generation of CEOs will be decisive, not only for you as corporations but for the eventual success or failure of our response to climate change.

That is why you will be held relentlessly to account for those choices; why what you said last month invites forensic scrutiny.

Every speech tells a story. And beneath the story on the surface there is always another, told more subtly, about the compulsions, desires and anxieties that animate the first.

Foto: NiederlandeNet (cc)

Isoleren en imiteren

ANALYSE - Eind december stond de PVV op 32 zetels in de Peilingwijzer. Vanuit de hele wereld trokken nieuwsmedia naar Den Haag om te berichten over de PVV-zege bij de verkiezingen op 15 maart. Maar de partij haalde slechts twintig zetels. Waar waren haar overige kiezers gebleven?

“Dit zijn de kwartfinales” tegen “het verkeerde populisme.” Zo betitelde premier Mark Rutte (VVD) de afgelopen Tweede Kamerverkiezingen. De halve finales zijn in Frankrijk in mei en de finale in Duitsland in september, zo vertelde hij twee dagen voor de verkiezingen de verzamelde internationale pers. Die pers was massaal naar Den Haag getogen om verslag te doen van een boeiende kwartfinale.

Inmiddels regende het al wekenlang persverzoeken bij de UvA, mijn universiteit. Zelf stond ik media te woord uit Australië, Brazilië, Canada, de VS en diverse Europese landen. Alle vragen die ik kreeg waren variaties op hetzelfde thema. Zou de PVV de grootste worden? Zou ze dan gaan regeren? Zou die partij ook de premier leveren? Zou Nederland de EU verlaten? Zou de EU daarna uiteenvallen?

Op 15 maart volgde de voorspelde anticlimax.

Circa negen op tien kiesgerechtigden stemde niet op de PVV. De dag na de verkiezingen was ik in Den Haag voor een live interview met Al Jazeera. Het was een drukte van belang, het Plein stond vol met journalisten. Journalisten die allemaal maar één ding wilden weten: wat was er gebeurd met de PVV? Hoe kon ze nou in elf weken twaalf zetels verliezen?

Kiezen en Delen | Verplaats u in de ander – maar met mate

COLUMN - In de serie Kiezen en Delen kijken Joël en Eva met een gedragseconomische blik naar alledaagse beslissingen. Vandaag een bonusaflevering.

Ik was zeven en speelde verstoppertje in het zwembad. In het bad was iemand moeilijker te vinden dan op de kant, stelde ik vast. Daarom wilde ik gaan watertrappelen achter de glijbaan. Tot ik me realiseerde dat mijn vriendje me daarom juist in het water zou zoeken. Ik moest me dus ergens op de kant verstoppen. Of zou hij bedenken dat ik dit ook had bedacht en dat ik dus toch het beste het water in kon gaan? Of zou hij zelfs bedenken dat ik ook deze volgende gedachtestap had gemaakt en moest ik daarom eigenlijk toch de kant op?

Het duizelde me, en ik werd gevonden voor ik uitgedacht was. Jaren later kreeg ik college over speltheorie en leerde ik dat deze duizeling theory of mind wordt genoemd.

John Maynard Keynes, de beroemde Britse econoom, zag het belang van de theory of mind voor de economie. Hij beschouwde de hele economie als een beauty contest, een schoonheidswedstrijd zoals die in het interbellum populair was.

Kranten drukten een serie foto’s met aantrekkelijke dames af; inzenders moesten raden welke dame als aantrekkelijkste gezien werd en maakten kans op een etentje met haar. Het was dus zaak om niet op de dame te stemmen die je zelf het aantrekkelijkste vond, maar om te gokken op wie in de ogen van de meeste anderen het aantrekkelijkste was. Keynes constateerde dat daardoor net als in de aandelenmarkt niet altijd de meest aantrekkelijke optie boven komt drijven.

Straatcoach en strateeg, de opkomst van Diederik Samsom

Nederlandse politiek verschilt sterk van andere landen. Een opvallend patroon in Nederland is dat politieke carrières steeds korter duren. De politiek lijkt een tussenstop voor mensen met meer ambitie. Politiek leiders zitten kort en worden snel afgebrand. Job Cohen is hier misschien het meest extreme voorbeeld van: in een paar weken veranderde hij van de verlosser in de hakkelaar. Voor lange geplande politieke loopbanen is geen ruimte.

Een uitzondering in dit patroon lijkt Diederik Samsom, de leider van de PvdA. In Straatcoach en strateeg. De Opkomst van Diederik Samsom beschrijft NRC-journalist Stokmans de politieke carrière van de sociaaldemocraat.

De lange adem

Wat hierin het meeste opvalt is hoe planning en toeval door elkaar heen lopen. Gepland is Samsom’s politieke loopbaan. Hij begint in 2003 in de PvdA en besluit al in zijn eerste Kamerperiode dat hij partijleider wil worden. Hij ontwikkelt een verstandhouding met de zittende leider Wouter Bos en neemt de ruimte om alle PvdA-afdelingen te bezoeken om daar zijn verhaal te oefenen en leden te leren kennen. In 2008 toonde Samsom voor het eerst zijn ambitie toen hij Tichelaar wilde opvolgen als PvdA-fractievoorzitter. De PvdA-fractieleden kozen voor de moederkloek, Mariëtte Hamer. In 2010 wordt Cohen door Bos naar voren geschoven. De komeet van Cohen brandt snel op. Ondertussen loopt Samsom zich warm. Hij neemt afstand van de fractie en gaat op maatschappelijke stage als straatcoach om te voelen wat het verhaal van de PvdA op veiligheid betekent. Als Cohen in 2012 aftreedt, komt alles voor Samsom samen: hij heeft de ambitie, hij kent de partij en hij heeft een verhaal. Hij wordt partijleider.

Foto: Eric Heupel (cc)

Ongevraagd advies: CDA ga uit van je kracht, je provincialisme

Het gaat niet goed met het CDA. De partij is gehalveerd in de laatste verkiezingen. Nu staat ze nog steeds op verlies. Ze houdt een kleine 17 zetels over volgens Maurice en de PolitiekeBarometer. Van de 21 senatoren zou het CDA er zo’n 8 zetels over houden.

Dat zou verschrikkelijk zijn voor Nederland. Het CDA heeft in de laatste 33 jaar ongelofelijk veel betekend voor Nederland. Dankzij het CDA is ons bestuurlijk stelsel niet veranderd in de laatste 100 jaar, is zelfbeschikking over het eigen lichaam niet uitgebreid en is er jarenlang niets is gedaan aan het milieu, terwijl de gevolgen van klimaatverandering zichtbaarder en zichtbaarder worden. Maar er is ook veel bereikt: er is veel bezuinigd op sociale voorzieningen, er zijn veel asielzoekers uitgezet naar onveilige landen of in de illegaliteit verdwenen, er zijn veel zinloze Amerikaanse oorlogen gesteund met woord en daad. Zonder het CDA was dat allemaal niet gebeurd. Wat moet het CDA doen om dit tij te keren? Hoe kan het CDA stemvee winnen voor dit rancunekabinet?

Ik denk dat het CDA een heldere strategie heeft. Hou de landelijke prominenten buiten beeld. Geen Maxime Verhagen die zich door een groep kiezers heen glibbert, geen Sybrand van Haersma Buma die handen schudt met mensen die zijn naam niet kennen, laat staan kunnen spellen. Het CDA moet kiezers niet proberen te mobiliseren voor het kabinet: te veel van de eigen CDA achterban twijfelt er nog over of het een goed plan is om samen met de VVD en de PVV dit land richting de afgrond te rijden.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Eric Heupel (cc)

Goede CDA-strategie?

GeenCommentaar heeft ruimte voor gastloggers. Dit kunnen stukjes zijn die ons worden toegestuurd, zoals het onderstaande stuk van Paul Visser.

Het CDA verkleint het gat met de PVV blijkt uit een peiling van Maurice de Hond. De partij van Geert Wilders zakt een zetel en het CDA van Jan Peter Balkenende stijgt er één. Zou de strategie van het CDA weer gaan werken?

Toen de LPF opkwam, hanteerden Jan Peter en zijn partijgenoten de ‘niet-aanval strategie’. De meeste partijen in Den Haag walgden van de Fortuyn’s standpunten en vielen hem continu aan met enorm vergaande vergelijkingen, waarvan vooral de vergelijkingen met extreem rechts breed werden uitgemeten in de pers. De enige partij die zich afzijdig hield was het CDA. Sterker nog; zij schurkte tegen de LPF aan. En dat heeft ze geen windeieren gelegd. Door deze opstelling werden ze in 2002 de grootste partij en kregen de macht in handen. Balkenende is sindsdien niet meer van het pluche weggeweest.

Nu lijkt het CDA dezelfde weg in te slaan. De allereerste stap is gezet door de voorzitter van de christelijke partij, Peter van Heeswijk, met de opmerking dat hij geen enkele partij uitsluit bij het vormen van een toekomstige coalitie. Oftewel, ze zijn bereid om met Wilders te regeren. Hierdoor zullen potentiële stemmers van het PVV eerder kiezen voor het maatschappelijk meer geaccepteerde CDA, en zal Balkenende weer een termijn als premier tegemoet gaan met de PVV als tweede partij in de regering. Zo blijft de macht bij het CDA en kan hij de partij van de vrijheid in bedwang houden, zoals bij de LPF.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.