Zes jaar Anno PIM: wie is de nieuwe Fortuyn?

Twee jaar na de dood van Pim Fortuyn wilde 50 procent van de Nederlanders een ‘nieuwe Pim’. Hoeveel mensen zouden dit na zes jaar na dato dit wensen: zijn het de 23 zetels van Rita Verdonk in de peilingen voor Trots op Nederland? Of de huidige 9 zetels van Geert Wilders? De GC-redactie heeft een aantal kenmerkende quotes van Fortuyn op een rijtje gezet. Aan u in een poll de keuze wie dichterbij komt: Geert Wilders, Rita Verdonk of toch iemand anders?
- Ik haat de islam niet. Ik vind het een achterlijke cultuur. (Volkskrant, 9 februari 2002)
- Als ik het juridisch rond zou kunnen krijgen, dan zou ik gewoon zeggen: er komt geen islamiet meer binnen. (Volkskrant, 9 februari 2002)
- Ik ben ook voor afschaffen van dat rare Grondwetsartikel: gij zult niet discrimineren. Prachtig. Maar als dat betekent dat mensen geen discriminerende opmerkingen meer mogen maken, en die maak je in dit land nogal snel, dan zeg ik: dit is niet goed. Laat mensen die opmerkingen maar maken. (Volkskrant, 9 februari 2002)
- Dat rare natuurgebied van ons zetten we subiet overboord. We zijn slechts rentmeesters, en koesteren wat we hebben, maar we gaan geen natuur maken. Nederland beschouwen we vanaf heden als een grote metropool met prachtige landschapsparken die er zijn voor de bewoners van deze stadsstaat. (Elsevier, 19 augustus 1997.)
- Onmiddellijk een begin maken met het terugdringen van het aantal opvangplaatsen voor asielzoekers, daar in deze bedrijfstak ieder aanbod geheel zijn eigen vraag schept. Doelstelling: uiteindelijk voor maximaal 10.000 personen sobere opvangmogelijkheden. (De puinhopen van acht jaar Paars, maart 2002, 167.)
- Een klein land als Nederland levert niet alleen een buitenproportionele bijdrage aan ontwikkelingshulp, maar eist daar ook nog veel te weinig voor terug. Ontwikkelingshulp dient gekoppeld te zijn aan vitale economische belangen van ons land. Alle andere hulp is niet effectief. (Elsevier, 2 juli 1994.)


