Molukse wijk onderdeel van de Nederlandse geschiedenis

Ruim twaalfduizend Molukkers arriveerden in 1951 in Nederland. Zeer tegen hun zin in overigens. De militairen van het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger en hun gezinnen waren veel liever naar Ambon of Nieuw-Guinea vertrokken om te worden gedemobiliseerd. Lekker dicht bij huis. Het koude en afstandelijke Nederland trok niet echt. Al helemaal niet omdat de Nederlandse regering de Molukse soldaten het liefst in vijandelijk gebied had achtergelaten. Op Java. Tussen de Indonesische vrijheidsstrijders, waartegen de KNIL-soldaten kort daarvoor nog hadden gevochten. Daar stak een Nederlandse rechter gelukkig een stokje voor. Dus bleef alleen Nederland nog over. In ons land zat men niet echt op de Molukkers te wachten. Door de woningnood waren er nauwelijks voldoende huizen en de staat moest ook nog eens voor voeding, kleding, scholing en zakgeld voor de inmiddels werkloze ex-soldaten zorgen. De KNIL-militairen waren bij aankomst in Nederland namelijk massaal uit militaire dienst ontslagen, omdat de aanwezigheid van koloniale troepen, zo lang na de soevereiniteitsoverdracht in 1949, door zowel de Indonesische als de Nederlandse regering als onwenselijk werd gezien. Goddank zouden de Molukkers maar eventjes blijven. Daarover waren beide partijen het roerend met elkaar eens.

Door: Foto: Jos van Zetten (cc)

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Doneer voor ¡eXisto!, een boek over trans mannen in Colombia

Fotograaf Jasper Groen heeft jouw hulp nodig bij het maken van ¡eXisto! (“Ik besta!”). Voor dit project fotografeerde hij gedurende meerdere jaren Colombiaanse trans mannen en non-binaire personen. Deze twee groepen zijn veel minder zichtbaar dan trans vrouwen. Met dit boek wil hij hun bestaan onderstrepen.

De ruim dertig jongeren in ¡eXisto! kijken afwisselend trots, onzeker of strak in de camera. Het zijn indringende portretten die ook ontroeren. Naast de foto’s komen bovendien persoonlijke en vaak emotionele verhalen te staan, die door de jongeren zelf geschreven zijn. Zo wordt dit geen boek óver, maar mét en voor een belangrijk deel dóór trans personen.