De Amerikaanse marine van morgen
Toen de Amerikaanse marine besloot 55 zogenaamde Littoral Combat Ships te kopen voor operaties nabij de kust, koos het twee concurrerende ontwerpen: één van Lockheed Martin, wat nu de Freedom klasse heet, en één van General Dynamics, de Independence klasse. Met name dit laatste ontwerp is opmerkelijk omdat het gebruik maakt van een trimaran constructie. Het idee was om van beide klassen een schip te bouwen, te zien hoe zij werkten, en er één uit te kiezen voor productie tegen een prijs van niet meer dan 220 miljoen dollar per stuk. In plaats daarvan besluit de marine nu beide ontwerpen aan te schaffen, terwijl de kosten al zijn verdrievoudigd.
Deze nieuwe scheepsklassen passen uitstekend binnen het defensiebeleid van de regering Obama. Daags na zijn verkiezing kondigde de president aan de marine te willen uitrusten met “kleine, capabelere schepen,” terwijl sindsdien nog meer nadruk is komen te leggen op operaties in kustgebieden.
Hoe precies invulling gegeven moet worden aan deze doelstelling is nog niet geheel duidelijk echter Kapitein-Luitenant ter zee Henry J. Hendrix doet een intelligent voorstel: waar de Amerikaanse marine van vandaag de dag voornamelijk in zogenaamde Expeditionary and Carrier Strike Groups opereert—de eerste toegespitst op een aanval over land middels amfibievoertuigen; de tweede op een aanval vanuit de lucht—moet een derde verzameling schepen worden toegevoegd, georganiseerd in zogenaamde Influence Squadrons. Deze eskaders zouden bestaan uit een moederschip uit de San Antonio klasse ter beheer en logistieke ondersteuning; een jager ter verdediging; een Littoral Combat Ship; een patrouilleboot; en een zogenaamd Joint High-Speed Vessel tezamen met een M80 Stiletto om de troepen heen en weer te varen.
Het Britse parlement
Twee kleine kamerstukken deze keer. Ze roepen allebei vragen op.