Servië tussen Rusland en de EU

De oorlog in Oekraïne zet in Servië de politieke verhoudingen op scherp. Het land opteert nog steeds  voor het EU-lidmaatschap. Maar het weigert mee te gaan in de sancties van de EU tegen Rusland, net als in 2014. Servische vrijwilligers vechten in Oekraïne aan de kant van de Russen. Op 3 april zijn er verkiezingen. Het is de vraag of de kiezers het Poetin-vriendelijke beleid van president Aleksandar Vučić en zijn  Servische Progressieve Partij (SNS) zullen afstraffen. Broedervolk Servië is naast Belarus het enige Europese land dat Rusland geen sancties op wil leggen. Ondanks de waarschuwingen voor de consequenties die dat standpunt kan hebben voor de verdere procedure voor toelating tot de EU. Vorige week verklaarde de parlementsvoorzitter Ivica Dacic na een gesprek met de Russische ambassadeur: 'Servië zal zich laten leiden door zijn nationale belangen, en dat impliceert dat Servië geen sancties zal opleggen aan Rusland. Servië zet zich in voor het respecteren van het internationaal recht en zal zich altijd inzetten voor vrede.' Russen worden met name door het orthodox-christelijke deel van de bevolking gezien als broedervolk met dezelfde Slavische roots. Daarnaast is er de afhankelijkheid van Russische energiebronnen en rekent Servië op de politieke steun van Rusland als lid van de VN-Veiligheidsraad in zijn geschil met de voormalige provincie Kosovo. Die verbondenheid met Rusland heeft er acht jaar geleden al toe geleid dat jonge Serviërs zich meldden om te vechten aan de kant van de separatisten in de Donbas regio. En dat gebeurt nu weer. De Servische nationalist Bratislav Zivkovic die in de regio is gebleven liet begin maart al weten dat de eerste nieuwe Servische vrijwilligers waren gearriveerd. In vreemde krijgsdienst treden is ook in Servië strafbaar, maar in 2014 kwamen de vrijwilligers er met voorwaardelijke straffen van af. Ook uit het Servische deel van Bosnië zijn toen vrijwilligers naar Donetsk gereisd. Het is zorgwekkend als we bedenken dat deze mannen met oorlogservaringen terugkeren in een land waar de conflicten tussen Serviërs en Bosniërs en tussen Serviërs en Kosovaren steeds hoger oplopen. Populisten en nationalisten De vervroegde parlementsverkiezing op 3 april kunnen worden gezien als een correctie op de vorige verkiezingen in 2020. Die werden geboycot door de oppositie vanwege het volledig gebrek aan vertrouwen in een eerlijk verloop. Daaraan vooraf ging een lange reeks massale protesten van de voltallige oppositie tegen het autoritaire regime van Vučić. Begin dit jaar zijn de kieswetten gewijzigd. Wie de lijst van negentien deelnemende partijen langs loopt ziet nogal wat populisten en nationalisten. Bij de extreemrechtse Servische Radicale Partij (SRS) doet Vojislav Seselj weer mee, een door het Haagse Joegoslavië tribunaal veroordeelde oorlogsmisdadiger. Volgens een Servische wet zou hij niet eens mee mogen doen, maar die wet is op hem nooit toegepast. Seselj verloor in 2020 zijn zetel omdat zijn partij de kiesdrempel niet haald. Hij hoopt nu terug te komen met vurige pleidooien voor steun aan Poetin. Vervuiling versus energietransitie Aan de linkerkant is er een recent gevormde groene coalitie onder de naam Moramo (Wij moeten). De coalitie geeft een stem aan de massa's die de afgelopen maanden hebben geprotesteerd tegen vergunning voor het Brits-Australische mijnbouwbedrijf Rio Tinto dat in de Jadarvallei de grootste lithiummijn van Europa wil vestigen. Servische milieu-organisaties en plaatselijke actiegroepen verwachten grote schade aan rivieren en landbouwgrond door de extreem vervuilende mijnbouw. Onder druk van het massale protest is begin dit jaar de vergunning ingetrokken. Maar milieuactivisten vrezen dat Vučić daar na de verkiezingen weer op terugkomt. Er wordt nu een onderzoek gedaan naar de milieueffecten. Pijnlijk is wel dat de zeldzame aardmetalen die Rio Tinto wil delven van groot belang zijn voor de energietransitie: lithium voor de accu's van elektrische auto's en boraten voor windturbines en zonnepanelen. De Servische regering hoopt een oplossing te kunnen vinden om te profiteren van deze ook in geopolitiek opzicht zo belangrijke bodemschatten. De buren werken niet mee Aan de vooravond van de verkiezingen maakte President Vučić zich deze week boos op zijn buren Montenegro en Kosovo. Servische inwoners van deze landen wordt het moeilijk gemaakt om daar hun stem uit te brengen. Montenegro wil niet verder gaan dan stemmen toelaten op de ambassade in Podgorica en een consulaat elders in het land. De Kosovaarse premier Kurti eist dat Servië eerst een verzoek indient bij zijn regering. Hij vindt dat Servië zijn land nog steeds behandelt als de provincie die het vroeger was. Westerse diplomaten hebben de weigering van Kurti veroordeeld. Zij zien het als een schending van de rechten van een minderheid. Vučić kondigde op een verkiezingsbijeenkomst sancties aan tegen beide landen. Nu wel.

De falende energiemarkt: de vervuiler is koning

ANALYSE - In de jaren 90 is de Nederlandse energiemarkt geliberaliseerd. In een rapport kijken Jilles Mast en Lavinia Steinfort van TNI naar wat er gebeurt is met de toenmalige ambities voor het klimaat. Ja, ook het energietransitie zou er baat bij hebben, werd toen gedacht. De conclusie? 25 jaar zijn grote energiebedrijven gesubsidieerd, zonder resultaat. Integendeel: Grootverbruikers betalen een vijfde voor het gas ten opzichte van de consument en de laatste vijf keer meer energiebelasting.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Cyril Wermers (cc)

De wooncrisis oplossen is óók de energietransitie versnellen

OPINIE - De woorden ‘wooncrisis’ en ‘energietransitie’ worden niet vaak in één zin gebruikt. Dat moet veranderen, stelt Nina de Haan.

In deze wooncrisis zou je bijna vergeten dat we onze woningen óók nog moeten verduurzamen, je bent immers al blij als je een huis hebt. Maar de stijgende prijzen voor gas en elektriciteit drukken ons met de neus op de feiten: we zaten al in de knel en als we geen haast maken met het verduurzamen van woningen wordt het nog erger.

Huurders in woon- en energiearmoede

De wooncrisis eist zijn tol: een groot deel van de bevolking is steeds meer geld kwijt aan huur of aan de aankoopsom van een koophuis. Terwijl huur- en koopprijzen van huizen oplopen, lopen ook de prijzen voor gas en elektra op en zo de maandelijkse lasten die mensen daaraan kwijt zijn. In een jaar tijd zijn de gasprijzen acht keer zo hoog geworden. Volgens Nibud komen honderdduizenden Nederlanders financieel in de knel door de gasprijsstijgingen. Naast toenemende ‘woonarmoede’ hebben Nederlanders dus ook te maken met toenemende energiearmoede.

De gevolgen van de energieprijsstijgingen blijven vaak zelfs verborgen, omdat mensen erop reageren door minder energie te gaan gebruiken om zo te voorkomen dat ze hun rekeningen niet meer kunnen betalen. Zij stoppen bijvoorbeeld met warm eten, warm douchen en de verwarming aanzetten. Zij zitten letterlijk in de kou – of in de hitte in de zomer. Hun wooncomfort holt achteruit en dit wordt niet direct gezien aan de kosten die ze daadwerkelijk betalen.

Foto: Atelerix Skye (cc)

Energie uit biomassa is prima duurzaam, als appeltje voor de dorst

OPINIE - Hout, mest, walvistraan en andere biomassa waren ooit de primaire energiebronnen voor warmte, licht en voedselbereiding. Als we klimaatverandering effectief willen beheersen, moeten we dan weer terug naar toen? Een gastbijdrage van Thijs ten Brinck.

Net zoals alle andere energiebronnen heeft biomassa duidelijke voor- en nadelen. Net zoals steenkool, windenergie, waterkracht, kernenergie en alle andere energiebronnen is biomassa een controversiële energiebron.

Duidelijke voordelen van biomassa: het is hernieuwbaar en het fikt ook als het niet waait. Duidelijke nadelen: er is veel tijd en ruimte nodig voor de groei en biomassa voor energie concurreert met biomassa voor voedsel, bouwmaterialen en natuur.

Niet zomaar een controversiële energiebron

Iedereen heeft gelijk, op eigenwijze wijze

Als geïnformeerde leek kun je tussen bovengenoemde voor- en nadelen een afweging maken. Maar dan ben je er nog niet. Wat biomassa onderscheidt van alle andere controversiële energiebronnen is het grote aantal vage klachten dat naast de duidelijke voor- en nadelen speelt.

Afhankelijk van hoe je redeneert is gebruik van biomassa voor energie:

  • CO2-positief óf nog beroerder voor het klimaat dan steenkool;
  • Goed voor de biodiversiteit óf funest voor flora en fauna;
  • Slecht voor de luchtkwaliteit óf een maatregel tegen bosbranden;

Nieuwe coalitie Noord-Brabant handhaaft klimaatambities

De nieuwe coalitie van Noord-Brabant bestaande uit VVD, Forum voor Democratie, CDA en Lokaal Brabant heeft vandaag haar bestuursakkoord gepresenteerd. In dit bestuursakkoord zijn de afspraken over energie en klimaat gehandhaafd. Brabant zet in op 50% duurzame energie en een CO2 reductie van 50% in 2030. Ook de afspraken over wind op land uit 2013 (het Energie Akkoord) worden nagekomen. De provincie blijft tegen (fracking voor) aardgaswinning in de provincie en biomassacentrales hebben niet de voorkeur in het beleid. Daarmee zet de provincie Brabant in op een veel hoger percentage duurzame energie dan de landelijke overheid (25%) en willen ze 1% meer CO2 reduceren in 2030 dan het rijk.

Foto: Ontwikkeling van elektriciteitsproductie door kolen, wind- en zonne-energie. copyright ok. Gecheckt 02-03-2022

Europese kolensector in mineur, net als in de VS

ANALYSE - De elektriciteitsproductie door kolencentrales in de EU is vorig jaar met bijna een kwart gedaald ten opzichte van 2018. De daling was het grootst in landen met veel wind- en zonne-energie. Ook werd er in 2019 voor het eerst meer elektriciteit opgewekt met behulp van zonne-energie en windenergie dan met kolen. Dat blijkt uit de jaarlijkse analyse van de elektriciteitsproductie door Sandbag en Agora Energiewende. De wereldwijde malaise in de kolensector is daarmee ook in de EU voelbaar.

Ontwikkeling van elektriciteitsproductie door kolen, wind- en zonne-energie.

De productie van elektriciteit dor kolencentrales in de EU daalt al sinds 2002. De productie van elektriciteit door zon en windenergie stijgt al jaren. Inmiddels wordt er meer stroom opgewekt met behulp van wind- en zonne-energie dan door kolencentrales. Als de dalende lijn van kolen doorzet produceert windenergie alleen meer stroom dan kolencentrales. Sinds 2010 daalde de elektriciteitsproductie van kolencentrales met 10%.

De daling doet zich voor in alle landen van de EU, maar met name in landen met veel groene stroom. In Duitsland daalde de productie van kolenstroom met 58 TWh, waarvan 26 TWh steenkool en 32 TWh bruinkool. Daarmee zet ook de daling van bruinkool nu door. Bruinkoolcentrales stoten meer CO2 uit en hebben dus ook meer last van de gestegen CO2 prijzen. Uniper heeft inmiddels aangeven haar Duitse steenkoolcentrales in 2025 te willen sluiten.

Foto: Erik Olaerts (cc)

Energietransitie in de geest van Jan Schaefer

COLUMN - Wat ligt er meer voor de hand dan de lessen van de stadsvernieuwing ter harte te nemen nu we voor een vergelijkbare opgave staan om in Nederland miljoenen huizen te verduurzamen en van nieuwe energie- en warmtebronnen te voorzien?

Zo rond 1970 lagen de meeste gemeentelijke binnensteden er beroerd bij. Grote delen van de woningvoorraad in en rondom de centra dateerden van eind negentiende, begin twintigste eeuw en stonden zo ongeveer op instorten. Ze waren met hun houten vloeren en eensteensmuren gehorig, tochtig en vochtig. Bovendien waren ze gebouwd in de tijd van paard en wagen en niet berekend op parkeren voor de deur.

In Amsterdam waren, aldus onderzoek van de gemeente, 25.000 woningen zonder meer rijp voor de sloop, en moesten er meer dan 100.000 totaal gerenoveerd worden. Bijna de helft van de Amsterdammers zou daardoor moeten verhuizen. Vergelijkbare geluiden klonken op uit stadhuizen elders in het land. Grote delen van de binnensteden van Arnhem, Deventer, Tilburg, Utrecht, Dordrecht, Zwolle en Groningen waren verzamelingen bouwvallen. Het land stond voor een ongekende verbouwing, zoveel was duidelijk.

Er was – onder stedenbouwkundigen – ook consensus over wat er moest gebeuren. De filosofie van ruimte, lucht en licht, waarmee na de oorlog overal buitenwijken met flatgebouwen in het groen waren opgetrokken, moest nu op de oudere delen van de stad worden losgelaten. Cityvorming heette dat in het jargon, wat in het kort neerkwam op massale sloop, ruimte voor wegen en compacte gestapelde bebouwing. Met vette viltstiften werden er hele nieuwe stadsdelen op de kaart getekend.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Quote du Jour | Businesscase voor kernenergie


Laten we het ontdoen van de morele component en er heel zakelijk naar kijken. Gelet op de prijsdaling van duurzame energiebronnen als wind en zon, vind ik de businesscase voor kernenergie gewoon niet sterk. Ik hoop dat de voorstanders van kernenergie er even weinig ideologisch en even zakelijk naar kijken als ik nu doe.

Eurocommissaris Frans Timmermans geeft in een interview in het NRC aan dat hij geen ideologische bezwaren heeft tegen kernenergie, maar dat de kostprijs niet in het voordeel pleit van de businesscase van kernenergie. Kernenergie is inderdaad duur in vergelijking met wind- en zonneenergie. De prijsdaling van wind- en zonneenergie is voor een belangrijk deel het gevolg van flinke subsidies en investeringen in innovatie.

Duurzame energie vervangt kerncentrales en verlaagt tegelijkertijd CO2 emissies

ANALYSE - Een mythe waart door de Engelstalige wereld (en door Nederland): naar verluidt stijgt de CO2 uitstoot in Duitsland omdat hernieuwbare energiebronnen nucleaire energie niet kunnen vervangen – en dat Frankrijk gelijk heeft om te kiezen voor kernenergie. Wat laten de gegevens zien? Craig Morris onderzoekt het.

Tekst: Craig Morris. Vertaling: Krispijn Beek.

Duitsland verlaagde de CO2 emissies terwijl het kerncentrales sloot (publiek domein).

Het zijn niet alleen trollen, ook Cambridge professors en goede Amerikaanse journalisten zeggen het, en een Amerikaanse presidents kandidaat vertelde het tegen de New York Times:

Germany initially set out to close all of its nuclear reactors by 2022, but as a result, they are now likely to miss their emissions reduction targets. And France is now considering options to extend the life of many of its older nuclear power plants.

— Presidentskandidaat Marianne Williamson in de New York Times

Wat erger is is dat Amerikaanse beleidsmakers het zeggen. Inmiddels subsidiëren vijf Amerikaanse staten bestaande kerncentrales om ze open te houden. Mogelijk doen ze dat alle vijf op basis van onjuiste aannames. Het gebeurde jaren geleden in de staat New York met expliciete verwijzeing naar de verluide stijging van Duitse CO2 emissies door de uitfasering van kernenergie, daarna gebeurde het in Illinois. Een nieuwsbericht uit Ohio omschreef het eerder dit jaar als volgt toen een subsidie voor bestaande kerncentrales werd aangekondigd:

The experience of Germany was repeatedly used as an example of what might happen in Ohio. Germany decommissioned its nuclear plants in favor of an all-renewable strategy. Electricity prices spiked and carbon pollution spiked, in part because of the ramping up of fossil-fuel plants to compensate for when wind and solar faltered.

“If the studies are correct, the Germans must not know how to do this,” Mr. Randazzo [chairman of the Public Utilities Commission of Ohio] said.

“If the studies are correct” inderdaad: de vraag is of Duitsland en Frankrijk laten zien dat klimaatverandering kernenergie noodzakelijk maakt, zoals Williamson zegt? Laten we beginnen met Frankrijk.

Frankrijks “nucleaire opties”

De Franse overheid heeft als officieel beleidsdoel om het aandeel kernenergie in de elektriciteitsmix te verlagen van ongeveer 75% naar 50%. Dit beleidsdoel werd in 2012 gesteld door Hollande. Na jaren van niets doen is de datum voor het realiseren van deze beleidsdoelstelling is in 2017 uitgesteld van 2025 naar 2035. Om het nog wat ingewikkelder te maken heeft de Franse overheid het doel om nieuwe kerncentrales te bouwen. Op 15 oktober vroeg de Franse regering aan EDF om de komende 15 jaar nog zes kerncentrales te bouwen, van hetzelfde type dat in Flamanville nog steeds niet afgerond is.

Alleen kan Williamson dit voorjaar niet verwezen hebben naar de aankondiging van 15 oktober. Mogelijk doelde Williamson met zijn verwijzing naar de Franse plannen op de Grand Carénage (grote revisie) van de Franse kerncentrales. De carénage is alleen niet Frankrijk’s plan, maar het plan van EDF. Het energiebedrijf dat de Franse kerncentrales exploiteert en dat de levensduur van haar kerncentrales liever verlengt tot zestig jaar dan ze te sluiten. EDF kan dat echter niet doen zonder de toestemming van de ASN, de Franse tegenhanger van onze Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS). Dit agentschap wordt in het algemeen aangeduid als een  “waakhond.”

Hier zien we hoe moeilijk het is om te zeggen wat ‘Frankrijk’, een pluralistisch land, wil. De Franse regering bezit 84% van de aandelen van EDF, dat zijn kerncentrales langer open wil houden. De ASN, een overheidsdienst, zal een dergelijke verlenging mogelijk niet toestaan: toen het gebreken in het staalwerk van oude kerncentrales ontdekte, sloot ze in 2016 een derde van Frankrijk’s kerncentrales voor ongeplande veiligheidsinspecties. (Gebreken in het staalwerk hebben overigens ook effect op de nieuwe EPR’s.)

Er zijn geen details bekend van de revisie of de afbouw van de Franse capaciteit aan kerncentrales. Er is geen lijst van kerncentrales die EDF (niet Frankrijk) wil reviseren, geen specifieke website met daarop informatie, noch een roadmap die laat zien welke reactor wanneer uitgeschakeld wordt om het aandeel kernenergie tot 50% te reduceren.

De werkelijkheid wacht niet op vaag beleid. Tot nu toe was het algemene beeld dat Frankrijk’s oudste twee kerncentrales in Fessenheim pas dicht zouden gaan nadat de nieuwe kerncentrale in Flamanville in gebruik genomen was. Al was zelf die uitruil onzeker. Inmiddels heeft de ASN de opening van Flamanville met nog eens drie jaar vertraagd, maar EDF heeft Fessenheim opgegeven. In september kondigde het bedrijf aan dat de twee reactoren halverwege 2020 gesloten worden. Frankrijk gaat dus een ongeplande uitfasering van kernenergie tegemoet.

Dit gebrek aan gedetailleerde planning is in Frankrijk gebruikelijk beleid, tenminste voor energie: President Hollande bedacht de 50% doelstelling tijdens de verkiezingscampagne van 2012 in navolging van het incident in Fukushima. De doelstelling was niet gebaseerd op de uitkomsten van onderzoek. Het onderzoek waarop de doelstelling gebaseerd had moeten zijn werd pas uitgevoerd nadat de doelstelling was aangenomen. Onderzoekers concludeerden dat het beleidsdoel een tijdelijke stijging van de de CO2 emissies kon veroorzaken. Door de datum voor het behalen van de doelstelling te vertragen is het probleem niet opgelost, maar doorgeschoven. Frankrijk heeft sinds 2017 geen betere ideeën ontwikkeld om de tijdelijke stijging van de CO2 emissies te voorkomen dan in 2017, toen het uitstel werd aangekondigd.

Bewijst dat dan niet dat Williamson gelijk heeft en dat het sluiten van kerncentrales voor stijging van de CO2 emissies zorgt? Nee, Frankrijk’s zorgen zijn theoretisch: de Fransen hebben geen reactoren gesloten en ook niet geprobeerd om kernstroom te vervangen door hernieuwbare energiebronnen. Integendeel, de Fransen lieten kernenergie ongemoeid en de stroom van hernieuwbare energiebronnen groeide nauwelijks; zonne-energie (1,9%) en wind (5,1%) vormden slechts 7,5% van de Franse stroomvoorziening in 2018. (In Duitsland zorgde alleen al zonne-energie voor 7,7% van de vraag in 2018, met wind nog eens 18,7%, wat het totaal brengt op 26,4% ). Maar in Duitsland is het vervangen van kernenergie door hernieuwbare energiebronnen niet alleen een uitgestelde politieke ambitie; het gebeurt. Dus wat weten we?

Duitslands broeikasgasemissies tijdens de Atomausstieg

In 2011 waren 8 van Duitsland’s 17 kerncentrales gesloten. In de periode 2010-2017 daalde de emissies van de Duitse elektriciteitssector met meer dan 15%. Er zijn nog geen cijfers voor de elektriciteitssector in 2018, maar de emissies van de Duitse energiesector daalde met bijna twee procent. Tot op heden heeft hernieuwbare energie in 2019 een aandeel van bijna 50%  in de elektriciteitsproductie. Duitsland produceert nu ongeveer 210 TWh hernieuwbare energie (exclusief waterkracht), veel meer dan het record van 171 TWh voor kernenergie uit 2001. Sinds 2010 is de productie van groene stroom bijna dubbel zo hoog als de afname van kernenergie. Ongeveer 90% hiervan is wind- en zonne-energie. Duitsland laat duidelijk zien dat hernieuwbare energiebronnen de CO2 emissies kunnen verlagen tijdens het afbouwen van kernenergie.

Foto: Karen Eliot (cc)

Het klimaat volgens Clintel (2)

VERSLAG - Dit is het 2e deel van het verslag over een avondje Clintel in Heesch, deel 1, met een introductie over Clintel, is hier te lezen.

Naast mensen die tegen windmolens in hun omgeving strijden en andere geïnteresseerden, zijn er ook lokale politici, Brabantse FvD’ers Lennart van der Linden en Loek van Wely, en Alexander van Hattem van de PVV. Ergens voorin, uit de richting van FvD en PVV, roept iemand regelmatig ‘het IPCC is een activistische organisatie’. Het publiek is inmiddels in de stemming: hier worden spijkers met koppen geslagen, hier worden echte feiten verteld.

Na de introductie over Clintel is het tijd voor de gastsprekers. Er zijn er drie: Theo Wolters, actief op Climategate.nl, Kees Remi uit Oss, die deze avond georganiseerd heeft en Kees Pieters van Nederwind.

Lukt nooit

Wolters trapt af. Zijn betoog gaat vooral over de onmogelijke opgave. Het regent cijfers. Volgens hem voorspelt het International Energy Agency (IEA) doorgaans goed wat er gebeurt. Een vervijfvoudiging van renewables, misschien zelfs een vertienvoudiging bij een heel positief scenario, maar ook dat is nog te weinig. Een transitie duurt zeker 50 jaar, zegt hij, dat is veel langer dan de 30 die we hebben tot 2050 en heel veel langer dan de 10 jaar die Urgenda wil.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Volgende