De Amerikaanse verkiezingen zijn hothothot in Nederland. En nu de publieke omroep een paar honderd journalisten naar de VS heeft afgevaardigd kon Sargasso natuurlijk niet achterblijven. Als enig Nederlands weblog moesten we een verslaggever ter plaatse hebben. Zo kwam het dat ondergetekende plots naar Atlanta moest afreizen. “Aah, om verslag te doen vanuit swingstate Florida natuurlijk?’’, vroeg ik onze hoofdredacteur. Maar hij schudde het hoofd, wees op een paar verdacht rode staten op de kaart en mompelde iets over de “People Who Don’t Have Maps.’’
Dus hier zit ik nu, in Brevard, North Carolina, op een streepje draadloos internet. Aan de zuidkant van de Appalachians, waar vier van de vijf auto’s pick-up trucks, en gebitsproblemen inderdaad aanzienlijk zijn. “Thatta be twinty-two sittyfaahve, sweetie-paah’’ stelde de aardige, maar vroeglelijke kassiere bij het pompstation. ‘Southern hospitality’ bestaat echt, maar je moet wel twee keer vragen wat ze zeggen.
Kerkelijk en traditioneel, dus dan denkt u: dat zal wel McCain-land zijn. Maar al rijdende door Georgia en North Carolina lijkt dat een misvatting. Grote delen van het zuiden trekken richting Obama, en zelfs in dit gebied zijn de tuin-verkiezingsbordjes McCain en Obama ongeveer 60-40. Dat zou een jaar of wat geleden 100-0 zijn geweest.
Misschien dat de half-uur durende Obama-commercial, die een uur of wat geleden op de drie grote zenders te zien was, die verhoudingen nog verder heeft verschoven. Nou duurt een gemiddelde uitzending van de zendtijd voor politieke partijen mij altijd al vijf minuten te lang, dit keer ben ik een half uur blijven hangen. Ononderbroken door andere adverteerders wist Obama met een zeeeeeer gelikte presentatie de kijker vast te houden. Het was niet erg inhoudelijk en vooral emotioneel gericht, maar juist Obama kan dat goed overbrengen. Ook de andere bezoekers van de diner, waar ik net een hamburger at, bleven kijken. Ze zeiden niks, maar dat kan ook zijn omdat ze die rare Noordeling gewoon niet hebben verstaan.