Zoekresultaten voor

'woningcorporaties'

Foto: © fair use Carlijn Kingma museum collectie BRUTUS

Kunst op Zondag | BRUTUS | Rotterdam

BRUTUS is een stoere Rotterdamse kunst ontwikkeling in de rauwe setting van een havengebied in culturele transitie. Het is een uniek initiatief geboren uit liefde voor kunst. Een plek die zich het beste laat vertalen als Artist Driven Playground op een locatie van 6000 m2.

In filmpje hieronder: Dit zijn geen lopende tentoonstellingen, maar om de lezer en kunstenaars die een ruimte voor hun expositie zoeken, een indruk te geven van het gebouw en mogelijkheden.

Vanaf 4 januari tot 8 maart 2026 toont BRUTUS een prachtige en interessante expositie van Carlijn Kingma  Fear of Falling en eerder werk.

In Fear of Falling ontrafelt kunstenaar en cartograaf Carlijn Kingma de complexe machinerie achter de wooncrisis.

Van banken en beleidsmakers tot beleggers en woningcorporaties. Met haar nieuwe monumentale tekening De machinerie van de volkshuisvesting laat ze zien hoe geldstromen, regels en belangen onze huizenmarkt vormgeven en waar het systeem vastloopt.

© Carlijn Kingma_Netwerk_fair use_museumcollectie_BRUTUS

In Brutus’ industriële ruimtes worden Kingma’s tekeningen op groot formaat getoond als projecties en wandvullende prints. Licht, geluid en animaties trekken de bezoeker letterlijk het systeem in en maken zichtbaar wie er aan de knoppen draait van ons woonbeleid.

Van 26 januari tot en met 24 maart 2026, geeft BRUTUS ruimte aan Marjan Teeuwen

Foto: Cees de Boer, CC0, via Wikimedia Commons.

Een journalist economie in de volkshuisvesting

ANALYSE, LONGREAD - Jesse Frederik schreef een lezenswaardig artikel over betaalbaar wonen. Het is veel te lang. Het meandert door de data en geschiedenis van de volkshuisvesting, zonder uiteindelijk de touwtjes van z’n argumenten in een heldere conclusie samen te trekken. Het slaat soms op een grappige manier de plank volledig mis. Het lijkt politiek stelling te nemen tegen GroenLinks-PvdA terwijl juist de VVD (ook hierin) z’n zaakjes niet op orde heeft. Op de momenten dat de schrijver afdaalt uit de digitale wolk van z’n spreadsheet en voet zet in de wereld van volk en huisvesting, landt hij steevast in Amsterdam. De stad die daarmee de maat der dingen wordt, terwijl ze eerder uitzondering dan regel is. [1] Tevens de stad waar 95% van de Nederlandse bevolking niet woont. Een lezenswaardig artikel, zonder meer, maar geen goed artikel.

Nu wek ik misschien de indruk geen fan te zijn, maar het omgekeerde is waar. Ik waardeer juist de selfmade economisch journalist, die meestal goede vragen stelt, omdat hij geen last lijkt te hebben van de remmende voorsprong van een economische opleiding. Hier begaat hij echter economenfouten, door te denken dat de wereld van de getallen de werkelijkheid goed weergeeft. Natuurlijk heeft de volkshuisvesting een cijfermatige kant, maar ze heeft bijvoorbeeld ook veel te maken met allerlei schaalniveau’s van ruimtelijke ordening. Aan dat vakgebied is Frederik duidelijk nog niet toegekomen. Hij begeeft zich zo in een landschap, waarvan je hoopt dat hij het met de penseel en het geraffineerde ruimtelijke begrip van Escher weergeeft, maar we moeten het doen met de primaire kleuren en lijntjes uit zijn excel-tabel. Daarnaast laat hij trouwens ook aan de economenkant steken vallen.

Foto: Stempotlood Verkiezingen 2021 - Gebruik op Sargasso met toestemming. (c) Sidney Smeets

Het ‘fatsoenlijke’ woonprogramma van het CDA

ANALYSE - van Jan Kok [*]

Analyse van de woonparagraaf in het conceptverkiezingsprogramma van het CDA voor de Tweede Kamerverkiezingen van 29 oktober (1). Met hier en daar vergelijkingen met de woonprogramma’s in de conceptverkiezingsprogramma’s  van GroenLinks-PvdA en de VVD, de twee andere middelgrote partijen in de peilingen en mogelijke regeerpartners.

Bij het CDA is het weer helemaal ‘fatsoen’ wat de klok slaat. Ook als het over wonen gaat: ‘Veel starters verdienen ….. te weinig voor de hypotheek om een fatsoenlijk huis te kopen.’ Fatsoen wordt vaak omschreven als het voldoen aan de geldende normen en waarden. (Waarden en normen is inhoudelijk trouwens een betere volgorde.) Het is nu vooral een reactie op de politieke omgangsvormen ten tijde van het kabinet-Schoof. Het begrip doet ons terugdenken aan de tijden van Jan Peter Balkenende, die ook schermde met normen en waarden en met ‘fatsoen moet je doen’.  Hij reageerde hiermee voornamelijk op de gebeurtenissen rond de moord op Pim Fortuyn in 2002. (2)

Overheid meer invloed

In het woonprogramma van het CDA wordt meer afstand van de markt genomen dan in vroegere versies. ‘De overheid moet de regie terugpakken om keuzes te maken in schaarste.’ Er wordt gepleit voor een leegstandsheffing. Bij het verlenen van een bouwvergunning een bouwplicht binnen maximaal twee jaar. En het Rijk gaat steun verlenen met een grondfaciliteit of zelfs een Nationale Grondbank. Gemeenten moeten sociale grondprijzen kunnen rekenen. Met behulp van de planbatenheffing kunnen winsten vanwege gestegen waarden van grond gericht worden ingezet in gebiedsontwikkeling.

Foto: Nanda Sluijsmans (cc)

GroenLinks-PvdA: betaalbaar wonen voor de sociale meerderheid

ANALYSE - Weg met de marktwerking. Leve de solidariteit. Volkshuisvesting wordt weer een publieke taak. In het alom als links gekwalificeerde concept-verkiezingsprogramma van GroenLinks-PvdA voor de Tweede Kamerverkiezingen op 29 oktober 2025 wordt dit verder uitgewerkt. Wonen is niet voor niets het eerste thema-hoofdstuk. Eindelijk wordt wonen het belangrijkste onderwerp van landelijke verkiezingen. Een belofte: ‘In de eerste honderd dagen van een nieuwe regering komen we met een Herstelplan voor de Woningbouw.’  Een analyse van Jan Kok.

Voor woningbouw is stevige grondpolitiek noodzakelijk

Men sluit zich aan bij al die andere politieke partijen welke allemaal 100.000 woningen per jaar willen bouwen. Maar ook GroenLinks-PvdA is zich inmiddels gaan realiseren dat bij een hoog positief migratiesaldo dit niet genoeg zal zijn om de woningnood te verminderen. Dus pleit zij voor een migratiesaldo van niet meer dan 40.000 tot 60.000 per jaar. Vooral de laagwaardige arbeidsmigratie moet worden beperkt.

Wil je veel en snel kunnen gaan bouwen, dan is een stevige grondpolitiek noodzakelijk.
‘Als de overheid grond opkoopt, kunnen we sneller bouwen en de huren en huizenprijzen betaalbaar houden. De overheid heeft dan een sterkere onderhandelingspositie en kan zo het proces versnellen.’ [*] Nu is het nog zo dat grondeigenaren bouw bewust uitstellen om de grondprijs te laten stijgen.
Grondspeculatiewinsten moeten ten goede komen aan de samenleving, waarbij het onder andere kan worden gebruikt voor woningbouw.
De partij denkt ook aan het eerste recht van koop als grond beschikbaar komt (voorkeursrecht).
Dan pas kun je veel locaties bestemmen voor woningbouw. Dit moet allemaal worden opgenomen in een nieuwe Nota Ruimte. Ik vraag me dan af. Waarom geen Zesde Nota Ruimtelijke Ordening? Zo’n titel met ordening erin zou mooi verwoorden dat men wil teruggaan naar de tijden van meer overheidsregie.

Foto: Paul Hajenius Te huur Te duur, via Straatpoëzie, CC BY-NC-ND 4.0

VVD’s vrijheden op de woningmarkt

een gastbijdrage van Jan Kok

Het conceptverkiezingsprogramma van de VVD voor de Tweede Kamerverkiezingen van 29 oktober 2025 is volgens Yvonne Hofs in De Volkskrant van 28 juli 2025, p. 4 ‘onversneden rechts’. Later in haar artikel noemt ze dit programma trouwens ‘rechtser dan rechts’, maar dan zou het logischerwijs radicaal-rechts moeten zijn. Dat lijkt mij een stap te ver.
Dat onversneden rechtse geluid komt ook naar voren in de paragraaf die over wonen gaat.

Alles draait om (individuele) vrijheid bij de VVD, what’s in a name. Het is wel de vrijheid van de bovenlaag, ten koste van de rest.

In dit artikel ga ik dieper in op vier voor de VVD cruciale thema’s in de woonparagraaf: eigenwoningbezit (de vrijheid van de woningkoper); vrije huur (de vrijheid van de woningverhuurder); sociale huur (de beperkte vrijheid van de sociale huurder); deregulering (de vrijheid van de bewoner).

Voordat ik dat ga doen, nog kort iets over de bouwplannen van de VVD. De partij wil ‘met sturing vanuit het Rijk dertig nieuwe grootschalige woonwijken’ bouwen. ‘Dat willen we zowel in dichtbevolkte gebieden, zoals Utrecht, als dunbevolkte gebieden, zoals Flevoland.’ De VVD wil er een wedstrijd van maken: ‘Gemeenten die bouwrecords breken krijgen een financiële bonus om in nieuwe woningbouwplannen te investeren.’

Foto: Rijksoverheid, Ministerie van financiën, minister Eelco Heinen, foto Martijn Beekman

De toxische fusie van het marktfundamentalisme en etno-nationalisme

ANALYSE, LONGREAD - door Bram van Gendt

Op dit moment vindt er een betreurenswaardig versmelting plaats van enerzijds het neoliberalisme en anderzijds populistisch etno-nationalisme. In dit stuk zal ik kort uitleggen wat beide politieke beleidsfilosofieën inhouden, inclusief hun historische achtergrond. Vervolgens zal ik expliciteren op welke manier deze fusie van beide ideologieën tot uitdrukking komt en hoe beide ideologieën elkaar complementeren. Tot slot zal ik, op basis van mijn persoonlijke opvattingen, laten zien hoe de samenleving wél ingericht moet worden en aantonen dat er ook gematigde versies van beide ideologieën bestaan die goed te combineren zijn met een pluriforme, multiculturele postmoderne samenleving.

De Homo Economicus en de wonderen van de marktwerking

Het neoliberalisme is een politieke beleidsfilosofie die sinds de jaren ’70 is opgekomen. De kern is dat de overheid kleiner en slagvaardiger diende te zijn. De kerntaken van de overheid zouden zich beperken tot het fungeren als markmeester en toezichthouder. Delen van de publieke sector moesten zodoende vermarkt worden. Daarnaast zouden delen van de sector op afstand moeten komen te staan, zodat ze niet meer onderdeel uitmaakten van het bureaucratische, centrale overheidsapparaat. De overheid zou daardoor eveneens dichter bij de burger komen te staan.

Naast deregulering en decentralisatie van de overheid is er een evident mensbeeld te ontwaren dat is geworteld in macro-economische marktprincipes afkomstig uit de school van de achttiende-eeuwse econoom Adam Smith. Dit mensbeeld houdt in dat de mens een Homo Economicus is die volledig rationeel handelt om zijn eigen belangen en de bijbehorende (financiële) middelen te maximaliseren. De consequentie daarvan is dat de mens in een permanente concurrentiestrijd verkeert en dat de overheid deze strijd zoveel mogelijk moet faciliteren. Het mensbeeld is dus zeer individualistisch van aard; deze trend van individualisering is de afgelopen decennia verder tot wasdom gekomen door technologische en sociaal-economische ontwikkelingen, zoals digitalisering en een relatief hoge bestaanszekerheid, waardoor het idee is ontstaan dat de mens meer op eigen benen kan staan: zelfredzaamheid.

Foto: cottonbro studio via Pexels.com.

Betere bezetting woningvoorraad: goed voor jong en oud

Veel van de discussie over de woningmarkt gaat over meer bouwen. Maar er is volgens hoogleraar Marcel Canoy een betere manier om de markt te verbeteren: gebruik de bestaande voorraad efficiënter.

Veel ingewikkelde beleidsdossiers kennen complexe afruilen. In de zorg: hoe combineren we toegankelijkheid met betaalbaarheid en kwaliteit? Bij migratie: hoe zorgen we voor een balans tussen humaan beleid en nationaal draagvlak? Bij klimaat: hoe kunnen we als klein land een zinvolle en betaalbare bijdrage leveren aan een mondiaal probleem?

In de woningbouw is (praktisch) een win-win beschikbaar, eentje die heel veel kan opleveren

Bij al die dossiers leidt het kiezen van het een of het ander tot pijn ergens in de samenleving. Er zijn maar weinig complexe dossiers waar de magische win-win bereikbaar is: we gaan er als land op vooruit zonder dat iemand wezenlijk moet inleveren.

Beter benutten

Ook de woningmarkt kent vele dilemma’s. Wie geef ik voorrang bij het toewijzen van corporatiewoningen? Waar bouw ik wat eerst? Hoe ga ik om met de afruil tussen de behoefte aan grond voor woningbouw en natuur of recreatie? Hoe zorg ik dat nieuwe woningen gebouwd worden met inachtneming van stikstofregels? Allemaal verre van win-win.

Foto: Boulevard Zuid Rotterdam, eigen foto Jan Rath, via Sociale Vraagstukken.

Verheffing van de volkse winkelstraat: commerciële gentrificering?

Hoogleraar Jan Rath laat in zijn afscheidsrede op 13 april zijn licht schijnen op gentrificering van volkswijken, met name in Rotterdam Zuid. Ruim baan voor middenklassen? Voor volkse ondernemers? Volgens Rath is de werkelijkheid niet zwart of wit.

Een van de onderwerpen die hoog op de politieke agenda staan, is volkshuisvesting. Veel sociale huurwoningen zijn verdwenen en vervangen door duurdere woningen voor de middenklassers. Dit proces dat in veel buurten plaatsvindt, is gekend als residentiële gentrificering.

De winkelstraten in diezelfde buurten bewegen vaak mee: commerciële gentrificering. We zien dan dat winkels en bedrijfjes aan de onderkant van de markt langzaam maar zeker plaatsmaken voor meer gestileerde, hippere en duurdere zaken zoals koffiebars, vegetarische restaurants, en concept stores. Deze spreken evident een ander publiek aan, dragen bij aan waardevermeerdering van de panden en de straten, en werpen aldus barrières op voor ‘gewonere’ en minder hippe ondernemingen.

Een en ander is deels terug te voeren op de komst van ‘anderen’ met ‘andere’ smaken, ‘andere’ voorkeuren en meer koopkracht, maar deels ook op de interventies van stadsplanners, ontwikkelaars en andere partijen. Zij grijpen welbewust in, en met stevige maatregelen, wat gunstig uitpakt voor vintage stores, maar ten koste gaat van Kapsalon Mehmet.

Foto: Flickr CC BY-NC 2.0 by Rasande Tyskar rethink capitalism Corona times Hamburg

In marktwerking kun je niet wonen

van Naomi Woltring, eerder verschenen in het themanummer van idee-magazine (tijdschrift voor het sociaal-liberalisme) over marktmacht (april 2021)

Als een partij iets wil doen aan ‘marktmacht’, is het goed om te leren van het verleden. Geïnspireerd door neoliberaal denken, poogde D66 in de paarse kabinetten ‘Nederland kartelparadijs’ in de jaren negentig open te breken met een nieuwe mededingingswet, deregulering, privatisering en betere wetgeving. Concurrentie als wapen tegen marktmacht. Inmiddels weten we dat de architecten van het marktwerkingsbeleid naïef waren over de maakbaarheid van de markt. Het debat over de woningnood kan een keerpunt zijn.

In zijn beroemde boek Capitalism and Freedom stelt Milton Friedman dat competitief kapitalisme een voorwaarde is voor politieke vrijheid. Hoe groter de sfeer van de markt, hoe groter de sfeer waar keuzes gemaakt kunnen worden zonder politieke dwang en zonder dat een minderheid in het gedrang komt. ‘Unanimiteit zonder conformiteit’ noemde hij dat. En hoewel hij erkende dat machtsconcentraties op de markt ook vrijheid konden ondermijnen, achtte hij de risico’s daarvan minder groot dan een overheid die dat soort machtsconcentraties wilde voorkomen of bestrijden.

Friedman is natuurlijk de bekendste neoliberaal van allemaal. Neoliberalisme is de ideologie die uitgaat van persoonlijke vrijheid die het beste bereikt kan worden door de markt zo groot mogelijk te maken en concurrentie te stimuleren. De overheid heeft hierbij als taak de markt mogelijk te maken. Bovendien moet de overheid zo veel mogelijk ‘marktconform’ beleid voeren. Afhankelijkheid van de verzorgingsstaat moet zo veel mogelijk worden beperkt, bijvoorbeeld door het stimuleren van eigen woningbezit.

Foto: Foto Engin Akyurt portrait of an angry man, via unsplash.

Twintig jaar onderzoek naar de boze burger

ONDERZOEK - Na de moord op Pim Fortuyn, twintig jaar geleden, kregen we te maken met een nieuw fenomeen: de boze burgers. Jelle van der Meer en Marcel Ham plozen uit hoe de wetenschap al die jaren dacht over boze burgers.

De moord op Pim Fortuyn op 6 mei 2002 bracht het land in shock. Maar achteraf gezien, heeft het enorme electorale succes van Fortuyn en zijn partij LPF een veel grotere impact gehad op politiek en samenleving. Een slagveld was het, in zetels. Niet voor niks heette dit al snel ‘de opstand’ en ‘de revolte’; daaruit sprak schrik en angst. Het had grote indruk gemaakt dat op de avond van de moord een woedende menigte Fortuyn-aanhangers aan de poorten van het Binnenhof stond te rammelen.

Het beeld van ‘boze burgers’ was geboren. De analyses en onderzoeken kwamen onmiddellijk op gang en zijn sindsdien niet meer gestopt. Wie zijn zij, wat willen zij? Zijn ze wel boos? We zetten twintig jaar onderzoek op een rijtje. En beginnen bij het begin.

Acht jaar paarse coalitie

Een revolte lag rond de eeuwwisseling niet in het verschiet. Na acht jaar paarse coalitie (VVD, PvdA en D66) stonden de economische indicatoren op zonneschijn. Als die opstand er dan opeens toch is, staan columnisten en opiniemakers onmiddellijk met hun duidingen klaar.

Foto: Cyril Wermers (cc)

€ 100 huurverhoging per maand in tijden van dalende koopkracht

LONGREAD - Hoe de ‘scheefhuurder’ steeds meer in het verdomhoekje komt te zitten. Dit jaar resulterend in een extreme versie van de inkomensafhankelijke huurverhoging. En dat in een tijd van slinkende koopkracht. Voor slechts een enkeling lonkt een uitweg. De inkomensafhankelijke huurverhoging zou alsnog van tafel moeten. Evenals de reguliere huurverhoging. Een  gastbijdrage van Jan Kok.

Kees is AOW’er, heeft een redelijk pensioen; zijn vrouw Mila werkt en verdient het minimumloon. In 2020 had hij daarnaast nog een lijfrente-uitkering, omdat hij altijd braaf had meegedaan aan de spaarloonregeling. Gezamenlijk huishoudinkomen van Kees en Mila: € 56.000, bruto welteverstaan. Een middeninkomen dus.

Zij wonen in een gereguleerde huurwoning van een particuliere verhuurder. Honderd jaar oud, energielabel G, enkel glas, moederhaard CV hapert en altijd gedoe over onderhoud. € 705,66 huur betalen ze hiervoor; daar komen de servicekosten nog bij. Voorwaar geen kattenpis.

Onlangs kregen ze van hun huisbaas de huurverhogingsbrief in de bus: € 50 huurverhoging! De verhuurder had het huurverhogingspercentage tot twee decimalen achter de komma voorgerekend: 7,09%. Of ze vanaf 1 juli 2022 maar even € 755,66 kale huur willen betalen.

Een buurvrouw, die ook in een gereguleerde huurwoning van een particuliere verhuurder woont, die al jarenlang het onderhoud achterwege laat, blijkt een huurverhoging van € 100 voor haar kiezen te hebben gekregen. Haar kale huur zou omhoog gaan met ongeveer 20%!

Foto: Foto lechenie-narkomanii op Pixabay

Waar staan we in de aanpak van dakloosheid in Nederland?

ESSAY - door Max Huber, Lia van Doorn, Maarten Davelaar

De afgelopen jaren zijn grote stappen gezet op het gebied van dakloosheid, qua kwaliteit van de opvang en begeleiding. Tegelijkertijd is er nog steeds te weinig aandacht voor de structurele oorzaken, met voorop de bestaansonzekerheid en het tekort aan betaalbare woningen. Dit essay beschrijft de uitdagingen om te komen tot een betere aanpak. Opvallend: er is een gebrek aan eenduidigheid over wat dakloosheid is. Dat heeft gevolgen voor de politieke keuze hoeveel geld er beschikbaar is voor daklozen.

In vrijwel alle landen van de Europese Unie tekent zich een sterke stijging af van het aantal dak- en thuislozen. In een poging om het tij te keren, heeft de Europese Commissie op 21 juni 2021 een verklaring ondertekend. Daarin beloven de lidstaten dakloosheid te beëindigen. In deze verklaring – de ‘Lisbon declaration to combat homelessness’ – staat dat:

  • niemand buiten hoeft te slapen door gebrek aan goede opvang;
  • niemand langer dan nodig in de opvang hoeft te verblijven;
  • niemand de gevangenis of het ziekenhuis verlaat zonder adequate huisvesting;
  • zo min mogelijk mensen uit hun huis gezet worden en niemand uit huis gezet wordt zonder ondersteuning naar een passende huisvesting;
Volgende