Het Nationaal Monument op de Dam is beklad. Met rode verf, het woord “genocide” erop gesmeerd, en de politieke reflex volgde onmiddellijk en was voorspelbaar: schande, respectloos, onacceptabel. Ondertussen staan schoonmakers al sinds de vroege ochtend te schrobben, om het ding op tijd weer toonbaar te krijgen voor vanavond.
En dat laatste zegt eigenlijk alles.
Want hoe groot de morele verontwaardiging ook wordt opgetuigd, niemand twijfelt serieus aan de afloop: vanavond ligt het monument er weer keurig bij. De kransen worden gelegd, de koning kijkt er plechtig bij, twee minuten stilte, nationale eenheid. De kras op het collectieve geweten net zo efficiënt weggepoetst als de verf op het steen.
Dat maakt de hele ophef ongemakkelijk dubbel. Bekladding wordt veroordeeld als aantasting van herdenking, terwijl diezelfde herdenking zorgvuldig is afgebakend tot een veilig, historisch kader. Het verleden krijgt alle ruimte, het heden wordt liefst buiten beeld gehouden. Zodra iemand die twee aan elkaar probeert te knopen, ontstaat er paniek, omdat het het ritueel verstoort.
De hypocrisie zit daar: herdenken mag er zijn, zolang het niets kost. Zolang het geen vragen oproept over wat er nú gebeurt, of over de rol die Nederland daarin speelt. Dan wordt herdenken een vorm van morele zelfbevestiging, geen moment van nodige reflectie.
En dus wordt de verf weggehaald, precies op tijd. Zoals altijd. Het monument schoon, het geweten ook weer even. En natuurlijk hopen we dat dit “nooit meer” gebeurt. Die bekladding dan hè, over die genocide zullen we het maar niet hebben. Tot volgend jaar.
Reacties (24)
Nee, het is geen afgebakend historisch kader. Het ziet immers ook op Nederlanders die zijn omgekomen bij vredesmissies en zelfs op landgenoten die `eufemistisch geframed` omkwamen bij de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog. De afkadering is aan de hand van nationaliteit en niet historisch. Geallieerde militairen worden hier niet herdacht, terwijl het monument ook geen specifieke verwijzingen kent naar jodenvervolging. De link naar de huidige oorlogen zie ik dan ook niet. Nederland doet daaraan immers niet mee.
Nederland heeft feitelijk onderdelen voor F-16’s aan Israel geleverd.
(feitelijk, want de onderdelen werden via de VS geleverd)
En verbaal steunt Nederland Israel, dus in die zin doet Nederland wel mee aan een oorlog.
(als woorden er niet toe deden, hadden we ook geen toespraken op 4 mei)
Er zijn geen herdenkbare Nederlanders in de door de staat geëntameerde rol bij de oorlogen betrokken of slachtoffer geworden op Nederlands grondgebied. Verbaal steunen zie ik ook niet. Met name de VVD en de Rechtsen weigeren een bondgenoot / bevriende natie te veroordelen. Daar is hier al veel over gepost.
Tot vorig jaar werden gealliëerden of niet-Nederlandse slachtoffers buiten Nederland niet herdacht.
Ik zie dat dit jaar de herdenking uitgebreid is:
Tijdens de Nationale Herdenking herdenken we allen – burgers en militairen – die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen of vermoord;
Dus gealliëerden worden nu ook herdacht. En de slachtoffers van de “politionele acties” (en die worden nu gewoon een koloniale oorlog genoemd).
Dus ook Russische militairen die in Oekraïne zijn gesneuveld ? Het is nog steeds een NATIONALE herdenking.
Dus jij denkt dat wij geen onderdeel zijn van wat er in Gaza gebeurde en nu in Libanon gebeurt?
Ja. Wegkijkers zijn medeverantwoordelijk. Dat geldt ook voor Ngorno-Karabach, Darfur, Zuid-Soedan, Oost-Congo, het Kerenvolk en alle andere ondergesneeuwde massaslachtingen. De focus op Gaza is wat mij betreft ook niet zonder meer verdedigbaar.
Misschien is een universele aparte datum voor aandacht voor actuele genocides inderdaad een goed plan.
Ik heb de tekst niet opgesteld.
Vraag het anders aan het comité 4 en 5 mei.
Of organiseer een eigen herdenking als de Nationale niet bij u past.
Dit is de volledige tekst:
Zowel de nationale (“diepe sporen in onze samenleving”) als de internationale (“zoals op dit moment in vele delen van de wereld”) component worden genoemd. Die tekst geeft ruimte aan persoonlijke invullingen, en aan de herdenkingen van verschillende groepen slachtoffers (van de Holocaust, bij de koopvaardij, of bij lokale herdenkingen bijvoorbeeld) die er ook zijn op 4 mei. Dat zal een bewuste keuze zijn. Wat ik erin lees is geen strakke afbakening van wie je wel of niet zou moeten of mogen herdenken. En dat vind ik prima.
@Emile Hoe je ook kadert of juist niet, het uitsluiten van recente doden in actuele, oorlogen, ondergraaft de geloofwaardigheid van iedere herdenking. Het komma-neuken onderstreept dat.
Ik vind de gekozen insteek onterecht. In plaats van de nadruk te leggen op de politici en hun geweten, zou de focus moeten liggen bij de actievoerders die het nodig vinden om er, voor de zoveelste keer, een Gaza discussie van te maken. Ten koste van een nationale herdenking. Hiermee verliezen de actievoerders de mensen die er niet al te geharnast in staan. Op meer dan 300 andere dagen kunnen ze een genocide protest organiseren en dat gaat ze veel meer opleveren dan heel veel mensen boos maken met deze walgelijke actie.
Walgelijk zijn de aanwezige politici die genocide niet willen veroordelen, die het schenden van internationaal recht voor lief nemen, … etc. en die met hun aanwezigheid deze herdenking bedoezelen. Daar word ik nu boos en verdrietig door en velen met mij.
Je realiseert je dat ‘Hiermee verliezen de actievoerders de mensen die er niet al te geharnast in staan’ dit echt ALTIJD het argument is als er protest is? Van MLK tot XR? Mensen staan bijna altijd achter de doelen, maar zijn het meestal ook niet eens met de manier waarop.
Zie ook: https://sargasso.nl/demonstreren-doe-je-niet-alleen-voor-vandaag-maar-vooral-ook-voor-morgen/
En wat #3.1 zegt
Hasbarahandboek goed gelezen?
De nationale herdenking is besmeurd doordat Martin Bosma er een toespraak mocht houden.
(ik zou zelfs zeggen: hij is een farce geworden).
Daarbij vergeleken stelt bekladden van het monument niets voor.
@3.1: er is officieel (nog) geen genocide vast gesteld. Niet voor niets spreken de kranten/media van genocidaal geweld. Jetten (net zoals andere ministers) kan dus als premier de genocide dus niet veroordelen! Wel stemde hij (net zoals D66 en GL/PvdA) als kamerlid voor de motie van Ouwehand, zie https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/moties/detail?id=2025Z17257&did=2025D40146
Nogmaals: die bekladding slaat de plank compleet mis. Wat er in Gaza gebeurt staat los van wie we op de nationale herdenking herdenke. Zoals Joost ook opmerkt, het is een afgebakend geheel.
Ik vond het een prima actie, die precies de vinger op de zere plek legde. Het Nationaal Comité 4 en 5 mei presenteert herdenken en vieren nadrukkelijk als iets dat verbonden is met het heden. De officiële formulering draait om het herdenken van oorlogsslachtoffers én het “doorgeven van de betekenis van vrijheid, democratie en mensenrechten”. Het motto “Opdat wij niet vergeten” verwijst dus niet alleen naar het verleden, maar ook naar waakzaamheid. Het impliceert automatisch dat je lessen uit het verleden probeert te trekken. Anders blijft herdenken een ritueel zonder politieke of morele consequenties: twee minuten stilte, waarna dezelfde mechanismen van ontmenselijking, propaganda, staatsgeweld en wegkijken gewoon weer acceptabel worden omdat het onder een andere vlag gebeurt dan die van toen.
Als we 4 en 5 mei niet breder interpreteren, wat herdenken we dan eigenlijk?
Zie de tekst die ik in #1.7 citeerde. Volgens mij geeft die juist heel veel ruimte aan brede interpretaties. En ook aan minder brede, persoonlijke invullingen en herdenkingen van specifieke groepen slachtoffers of gebeurtenissen. Je zou het inclusief kunnen noemen.
Het geheel geeft dus ruimte aan een heleboel verschillende invullingen en behoeftes. Dan is het natuurlijk niet de bedoeling dat iemand dat geheel helemaal voor de eigen invulling gaat claimen. Zelfs niet als de woede waaruit die claim ontstaat heel begrijpelijk is.
Nee exact, maar die ruimte wordt bewust ingeperkt. De wens het breder te interpreteren speelt al heel lang en wordt door conservatief Nederland tegengewerkt.
Exact? Ik zei exact het tegenovergestelde.
Zoals de herdenking nu wordt vormgegeven, wordt hij gebruikt om partijen als de PVV wit te wassen.
(vorig jaar mocht Bosma een toespraak houden).
Juist omdat de dodenherdenking op de emoties werkt, is hij politiek effectief.
Te doen alsof de herdenking niet politiek is, is alsof sport en politiek niets met elkaar te maken hebben.
Helaas. Want de herdenking dient ook om emoties te delen.
Nee, hij mocht een krans leggen. Zoals de voorzitter van de Tweede Kamer dat elk jaar doet, namens die Kamer. In die rol hield hij wel een speech bij de herdenking in de Kamer zelf, als ik het me goed herinner. Allemaal het gevolg van het witwassen van de PVV, door de verkiezing van een extreemrechtse geschiedvervalser tot Kamervoorzitter.
Er zijn allerlei groepering die er politiek van willen maken. Maar ik zie geen aanwijzingen dat de organisatie, het Nationaal Comité 4 en 5 mei, zich voor politieke karretjes laat spannen. Al zal het onmogelijk zijn om politiek er helemaal buiten te houden.
Waarom “ten koste van” de nationale herdenking? Stilstaan bij de genocide die nu plaats vindt zou de nationale herdenking alleen maar versterken! En het achterwege laten doet juist afbreuk.
Ik ga even iets doen, wat eigenlijk niet kan of mag. Maar de Trouw geeft (nog?) geen deel links. Dus even copy-paste. Maar dit maakte mij even gelukkig (met een verdrietig randje):
Column
Wat we zagen op de Dam was niet veel meer dan rode verf
Dit artikel is geschreven door
Leonie Breebaart
columnist
Gepubliceerd op 5 mei 2026
De reacties op het bekladden van ons Nationaal Monument op de Dam hebben me verbaasd. Zelfs de anders vrij genuanceerde Rob Jetten sprak meteen van ‘tuig’, alsof hij Geert Wilders wilde nadoen. Alom werd ook gesproken van een ‘laffe daad’. Daar kwamen dan nog reacties bij zoals die van collega Ephimenco, die sprak van ‘activofascisme’.
Maar wat gebeurde er nou precies? Er werden geen mensen opgeblazen, niemand dreigde met geweld, er stonden geen hakenkruisen op het monument gespoten, alleen het woord ‘genocide’. De activisten mogen dwaallichten zijn die overal de hand van de Israël-lobby ontwaren, maar wat we zagen was niet veel meer dan rode verf. En verder wilden twee activisten nog een bordje omhoog houden met de tekst: ‘Nooit meer is nu’.
Zoals ik vorige week schreef: zelf zie ik weinig in de gedachte dat je Nederlandse slachtoffers van het fascisme uit het bewustzijn moet duwen om aandacht te krijgen voor Palestijnen. Maar het woord ‘tuig’ is te zwaar voor een protest dat lijkt voort te komen uit oprechte verontwaardiging over de talloze onschuldige doden in Gaza. De woede richtte zich niet zozeer tegen (nabestaanden van) Joden, Roma, Sinti of verzetsstrijders, maar tegen de Nederlandse regering, die volgens Gaza-activisten niet langer kan ‘zwijgen’ over een genocide waaraan ze medeplichtig is.
Moet je dan spreken van ‘tuig’? Ik zou zeggen: reserveer zulke termen voor Nederlanders die wél dreigen met geweld, zoals de bendes die raadsleden en burgemeesters intimideren, opgehitst door politici, en soms helaas door columnisten, die ‘migranten’ werkelijk óveral de schuld van geven. Ten slotte was dát hoe fascisten Joden tot vijanden van ‘het volk’ bestempelden. De uitkomst van deze hetze was zoals bekend dat Nederland judenrein moest worden. Wegspuiten dat ongedierte.
Zijn de Dam-bekladders antisemieten?
Maar de huidige Jodenhaat dan? Inderdaad, die groeit, en helaas ook in weldenkende linkse kringen. Zo hoor je mensen steeds vaker beweren dat ze de vijandige stemming tegen Joden ‘wel begrijpen’, gezien de situatie in Israël. Dat is gewoon antisemitisme, als Joden zich om hun naam of geloof of identiteit moeten ‘verantwoorden
Het pijnlijkste vind ik eigenlijk dat termen als ‘tuig’ en ‘fascisme’ zo spaarzaam worden gebruikt waar het wel zou moeten. Zoals wanneer de PVV-leider de bekladding aangrijpt voor de woorden: “Er is een grote schoonmaak nodig, niet alleen van het helaas bekladde Nationaal Monument, maar van heel Nederland.
Mij herinnert dat ‘grote schoonmaak’ meteen aan judenrein, al gaat het dit keer ‘alleen maar’ om politieke tegenstanders. Is zulke dreigende taal op 4 mei niet minstens zo respectloos als die rode verf en minstens zo bedreigend voor onze nationale eenheid?
Laten we een woord als ‘tuig’ vaker gebruiken voor machtige mensen die dreigen met deportatie van tegenstanders. En minder snel voor mensen die, weliswaar respectloos, maar ook geweldloos, acteren tegen nieuwe vormen van genocide waartegen de Nederlandse regering, het moet gezegd, bitter weinig verzet biedt.