Blije kip
ANALYSE - Er bestaat niet zoiets als een blije kip.
Mocht u de afgelopen dagen de discussie over nog eens 6 miljard aan bezuinigingen met angst en beven gevolgd hebben omdat uw broekriem reeds tot het laatste gaatje aangesnoerd is, dan kunt u uw gedachten altijd nog laten uitgaan naar wezens die er nog beroerder aan toe zijn, zoals daar zijn het Afrikaanse weeskind met hiv, Gordon, het varken of de kip.
De ellende van de laatste soort – en dan met name de subspecies in plofvorm – moet zeker niet onderschat worden. Zitten wij pas enkele jaren in een dipje, wellicht een rimpeling die met het verstrijken van de tijd vanzelf gladgestreken wordt en onopgemerkt zal blijven voor toekomstige generaties – de kip kent al decennialang een bestaan dat zijn weerga als het gaat om uitzichtloosheid niet kent.
Wie dacht dat wij ons zorgen moesten maken om onze privacy heeft nog nooit een minuut doorgebracht op een wc van één vierkante meter met vijf soortgenoten die gisteren een kilo bruine bonen te verstouwen hebben gekregen en vanochtend een liter koffie. Helaas heeft ook de kip te maken met een zeer beperkte mobiliteit op de woningmarkt, en als je dan uit pure verveling het haar van je buurvrouw gaat bijpunten, wordt ook nog eens je snavel afgeknipt.
