Is uw boekverkoper een leeghoofd?

Boekenbus

        De leukse boekhandel die ik ooit zag (Sozopol, Bulgarije)

COLUMN - Ik had eigenlijk een kwaad stukje willen schrijven over dit artikel, waarin een al bijna een eeuw bekende antieke beschaving wordt aangekondigd als een nieuwe ontdekking. Ik was al twee alinea’s bezig toen mijn oog viel op een bericht dat me nóg bozer maakte: de verkiezing van de “Boekverkoper van het jaar”.

Hier is de gekte dus helemáál doorgebroken. Een hype om de hype. Niemand kan al die boekverkopers, waarvan ik ongezien aanneem dat het erg aardige mensen zijn, kennen; niemand kan dus op zinvolle wijze een stem uitbrengen. Het is alsof u bij de verkiezingen voor de Staten-Generaal mag stemmen op “Partij 1”, “Partij 2” en “Partij 3” zonder dat u weet wat die representeren. Kortom, de verkiezing van “Boekverkoper van het jaar” zal worden gewonnen door de boekverkoper die het beste in staat is zijn of haar klanten te mobiliseren.

De prijstoekenning zegt derhalve niets. Niet over de gelauwerde, niet over iets anders. Het is gewoon media-aandacht genereren om media-aandacht te hebben. Er is een stichting Elspeet (“voor boekenvakkers”) en die bestaat, en dus moet ze dingen doen, en dus moet er een prijs komen, want dat doet iedereen in het boekenvak. Het is immers het middel waarmee de branche, die liever niet teveel kosten heeft aan het op voorraad hebben van zoveel mogelijk titels, onze aandacht vestigt op een zo gering mogelijk aantal auteurs. Deze week gaat het om Conny Palmen en Douwe Bob.

Zo versmalt de boekhandel onze cultuur en dat is al triest genoeg. Het is echter in elk geval denkbaar dat iemand bij de prijzencircussen de genomineerde boeken ook werkelijk leest. De stemmen zouden ergens op kunnen zijn gebaseerd. Alle boekverkopers bezoeken is daarentegen niet mogelijk. De prijs voor de “Boekverkoper van het jaar” is ijdelheid en het najagen van wind.

Ik zal u eens iets verklappen dat u van de Stichting Elspeet niet verneemt: boekhandelaren zijn alleszins intelligente mensen. Aardig ook. Ik lunch wel eens met mijn verkoper en dat is een oprecht aardige vent. Iemand die wel eens een boek leest, die een interessante mening heeft over het culturele leven en die ondertussen de ogen niet sluit voor meer aardse werkelijkheden. Hij jaagt geen wind na, hij is niet ijdel. En zo ken ik wel meer boekverkopers. Als je die in het zonnetje wil zetten, prima, maar doe dat dan op een manier die de beroepsgroep niet neerzet als leeghoofden. Dat zijn boekverkopers namelijk níet.

Deze column verscheen eerder op Mainzer Beobachter.

  1. 1

    Mooie bus!
    ************
    Die “beste …..van-lijstjes”, zijn een droevig commercieel verschijnsel.

    Mocht ik ooit een “beste verkoper(m/v) van boeken” mogen voordragen, koos ik de lerares Nederlands van mijn kinderen, die ons veel geld gekost.
    ;-)