Brand als boodschap: van theorie naar lucifer

De onderstaande video uit Ontario, Canada voelt als een concrete, rauwe illustratie van wat How to Blow Up a Pipeline van Andreas Malm theoretisch probeert te duiden. Een werknemer steekt een distributiecentrum in brand, filmt het moment van ontsteking en zet het online. Geen paniek, geen onsamenhangend geschreeuw. Eén zin: “All you had to do was pay us enough to live.” Daarna vuur en een gebouw dat verdwijnt. https://www.youtube.com/watch?v=yrgRCdpqSAQ Dat is geen uitbarsting zonder richting. Dit is communicatie, zij het in de meest destructieve vorm denkbaar. Malm stelt dat sabotage van eigendom een rationele escalatie kan zijn wanneer politieke en sociale kanalen structureel falen. Hij plaatst dat buiten geweld tegen personen en probeert er een strategisch kader omheen te bouwen. Veel kritiek richt zich op de vraag of dat onderscheid houdbaar blijft. Tegelijk legt hij wel iets bloot: frustratie stapelt zich op tot het moment waarop symbolische actie plaatsmaakt voor materiële ingreep. Wat in Ontario gebeurt, lijkt op een ongepolijste versie van die gedachte. Geen beweging, geen strategie, geen discipline. Wel dezelfde onderliggende conclusie: praten levert niets op, dus volgt een daad die niet genegeerd kan worden. En eigenlijk is het logisch. In de VS ontvangen miljoenen mensen die voltijd werken bij bedrijven als McDonalds en Walmart bijvoorbeeld voedselbonnen van de staat, terwijl de bedrijven miljardenwinsten maken, en niemand die daar iets aan lijkt te willen doen. Wie decennia aan loonstagnatie, toenemende onzekerheid en structurele afhankelijkheid ondergaat, gaat hier anders tegenaan kijken. Dan verschuift de vraag van legitimiteit naar effectiviteit. Wat werkt nog? Wat dwingt aandacht af? Het verschil met Malm blijft relevant. Zijn betoog probeert sabotage in te bedden in een collectief project, met grenzen en doelen. Hier ontbreekt dat volledig. Toch maakt dat de gebeurtenis niet minder betekenisvol. Het laat zien wat er overblijft wanneer de analyse losraakt van organisatie: pure, individuele toepassing. Ook de vorm is veelzeggend. De brand wordt gefilmd en gedeeld. De daad is tegelijk boodschap en distributie. Dat sluit aan bij een bredere ontwikkeling waarin actie en mediaproductie samenvallen. Protest is pas compleet wanneer het zichtbaar is, en zichtbaarheid vraagt om spektakel. Wie dit afdoet als irrationeel geweld mist een laag. Er zit een redenering achter, hoe rudimentair ook. De werknemer formuleert in één zin wat Malm over honderden pagina’s uitwerkt: een systeem dat weigert te bewegen, wordt uiteindelijk geconfronteerd met iets dat het dwingt. Dat maakt de vraag minder comfortabel. Niet of dit soort daden verdedigbaar zijn. Wel waarom ze plausibel voelen voor degene die ze uitvoert. Zodra dat punt bereikt is, heeft het debat zich al verplaatst. Niet langer over grenzen, eerder over wat er nog rest wanneer die grenzen worden gepasseerd en hun betekenis verliezen.

Door: Foto: Max Kukurudziak on Unsplash
Foto: "Bevrijding van Sint-Michielsgestel" by Brabant Bekijken is licensed under CC BY-NC-SA 2.0

De parodie die 5 mei dreigt te worden

Sef wordt geen Ambassadeur van de Vrijheid. Eerst wel in beeld, daarna toch afgevallen. Volgens hem vanwege zijn uitgesproken standpunten over de genocide in Palestina. Het Nationaal Comité 4 en 5 mei weigert te reageren, maar ik geloof hem, want er is al een tijdje een tendens om de herdenking los te koppelen van het heden. Vrijheid is blijkbaar prachtig, zolang je er niet al te concreet gebruik van maakt. Die afwijzing ondergraaft het hele idee van 4 en 5 mei. Als het vieren van vrijheid niet kan verdragen dat iemand die vrijheid gebruikt om actueel onrecht te benoemen, blijft er weinig meer over dan een ritueel zonder betekenis.

In theorie herdenken we op 4 mei de slachtoffers van oorlog en onderdrukking. Op 5 mei vieren we de bevrijding. De onderliggende boodschap luidt steevast dat vrijheid meer is dan een vlag, een festival en een obligate verwijzing naar “dit nooit weer”. Juist daarom is dit zo wrang. Het probleem is niet alleen de beslissing zelf, maar wat die beslissing blootlegt: dat de lessen die op 4 mei worden uitgesproken op 5 mei alweer zijn vergeten. Of misschien eigenlijk nooit zijn geleerd. Vrijheid zou ook moeten betekenen dat mensen kunnen spreken over onrecht, juist wanneer dat politiek gevoelig ligt. Maar dan blijkt ineens dat een artiest met een uitgesproken mening over de genocide in Gaza toch net iets te ingewikkeld wordt.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Closing Time | Black&Beard @ Reeperbahn Festival 2017

Vanmiddag schreef ik een stuk over de documentaire ‘Raving Iran’. De hoofdpersonen Anoosh Rakizade en Arash Shadram vroegen en kregen uiteindelijk asiel in Zwitserland. Ze zijn een gek soort politiek vluchteling. Geen grote woorden over vrijheid of revolutie, geen romantisering van hun positie. Ze willen muziek maken, draaien, een publiek bereiken.

Juist die alledaagsheid maakt hun verhaal politiek. Hun keuzes zijn praktisch, hun frustraties concreet, hun ambities herkenbaar. Wat voor hen een carrièrepad zou moeten zijn, werd in Iran een risicoanalyse. Niet omdat ze expliciet het systeem uitdagen, maar omdat ze er simpelweg in willen bestaan.

Trans en sport: de uitsluiting en de wetenschap die er niet is

Het Internationaal Olympisch Comité heeft besloten dat vanaf de Olympische Spelen van 2028 alleen “biologische vrouwen” nog welkom zijn in de vrouwencategorie, vastgesteld via een genetische test. Trans vrouwen worden uitgesloten. De maatregel ruikt naar het tevreden houden van de organisator van de volgende spelen, de VS, want de grootste druk en ‘verontwaardiging’ komt daarvandaan.

Maar de officiële rechtvaardiging klinkt bekend: eerlijkheid, gelijke kansen, bescherming van de vrouwensport. Alleen, er bestaat geen robuuste wetenschappelijke consensus dat trans vrouwen structureel een doorslaggevend voordeel hebben in alle of zelfs maar de meeste sporten. Sportprestaties zijn het product van een complex samenspel van training, genetische aanleg, toegang tot faciliteiten, coaching en voeding. Het idee dat één factor, een chromosoom of een verleden, dat geheel domineert, is een simplificatie die vooral politiek bruikbaar is.

Sterker nog, voor veel trans vrouwen geldt dat een medische transitie sportief gezien eerder een nadeel oplevert dan een voordeel. Hormonale therapie verlaagt spiermassa, kracht en uithoudingsvermogen, terwijl botmassa behouden blijft. Wat overblijft is zelden een superieure atleet, eerder iemand die zich opnieuw moet aanpassen aan een lichaam dat minder presteert dan voorheen.

En zelfs de voorgestelde genetische afbakening houdt geen stand. Een XY-chromosoom maakt iemand niet automatisch “man”. Intersekse variaties bestaan en zijn onderdeel van normale menselijke diversiteit. Dat zijn geen uitzonderingen die je weg kunt modelleren; dat is biologie die zich niet laat reduceren tot een binaire aan of uit.

Foto: Markus Spiske on Unsplash

Waarom ik, als man, feminist ben

Wanneer een man wordt gevraagd waarom hij feminist is, volgt vaak een omweg. Er verschijnt een dochter in het verhaal. Soms een partner. Af en toe een moeder. De motivatie ligt dan ergens buiten hemzelf. Feminisme krijgt zo de vorm van een vorm van liefdadigheid. Iets wat je doet voor vrouwen, uit sympathie of zorg.

Dat antwoord vraagt weinig zelfonderzoek. Het patriarchaat blijft daarmee een systeem dat vooral vrouwen raakt, terwijl mannen er hoogstens als bondgenoot naast staan. En dat laatste moet ook gebeuren, maar voor mij werkt het toch anders. Ik ben feminist omdat ook mijn eigen leven in een patriarchale samenleving wringt.

De rol die nooit past
Het patriarchaat verkoopt een vrij smal model van mannelijkheid. De alfa. De leider. De rationele beslisser. De kostwinner die alles onder controle houdt. Emoties blijven onder de motorkap. Twijfel geldt als zwakte. Zorg en afhankelijkheid krijgen een bijrol.

In de praktijk blijkt dit een model waar bijna geen man werkelijk in past. Slechts een klein deel van de mannen kan leven als die imaginaire alfa. De rest vormt de grote stille meerderheid die voortdurend langs een meetlat wordt gelegd waar ze per definitie niet aan voldoen.

Die druk blijft vaak onzichtbaar omdat mannen geleerd krijgen die spanning naar binnen te trekken. Wie moeite heeft met die rol, concludeert al snel dat er iets mis is met hemzelf.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: ©️ TransDistribution_free use_free share

De prijs van vrouw zijn

In het Verenigd Koninkrijk is een nieuwe drempel opgeworpen voor vrouwelijke atleten. Wie wil meedoen in de vrouwencompetitie kan voortaan gevraagd worden te bewijzen dat ze daadwerkelijk vrouw is. Kosten: 185 pond. Niet voor deelname, niet voor training, niet voor materiaal. Voor het ‘privilege’ om te bewijzen dat je lichaam bestaat zoals het bestaat.

De ironie is moeilijk te missen. Jarenlang werd beweerd dat sportorganisaties vooral vrouwen wilden beschermen. De competitie moest eerlijk blijven. De categorie ‘vrouw’ moest worden afgeschermd tegen indringers. Het verhaal werd geframed alsof het ging om het verdedigen van vrouwen. In feite was het vooral een manier om transvrouwen te straffen en uit te sluiten. Niet alleen in de praktijk, maar ook als maatschappelijk signaal om aan te geven dat ze er niet bij horen, een afwijking zijn die moest worden bestreden.

Maar in plaats van dat vrouwen ‘beschermd’ worden, worden ze nu administratief verdacht gemaakt. Iedere vrouwelijke atleet wordt een potentieel probleem. Iedere afwijking, ieder vermoeden, ieder gerucht kan aanleiding zijn om een test te eisen. Het probleem dat hiermee zou worden bestreden is ondertussen opvallend klein. Het aantal trans atleten op topniveau is minimaal. In veel sporten gaat het om aantallen die letterlijk op één hand te tellen zijn. Daarbij, een transitie is vaker een belemmering dan hulp bij topsport. De paniek is groot. De statistische realiteit nauwelijks zichtbaar.

Foto: Ruben Aster on Unsplash

Hypocrisie als politiek sabotagemiddel

Elke poging tot maatschappelijke verandering roept tegenwoordig dezelfde reflex op. Iemand spreekt zich uit over klimaat, arbeidsomstandigheden of ongelijkheid, en binnen seconden klinkt het verwijt: hypocrisie. Je eet vlees. Je vliegt. Je bezit een smartphone. Dus zwijg. Het is een opvallend soort kritiek. Ze komt vrijwel altijd van mensen zonder alternatief, zonder plan, zonder ambitie om iets te verbeteren. Het hypocrisie-argument fungeert als moreel veto: wie zelf onderdeel is van het systeem, verliest het recht om dat systeem te bekritiseren. Betrokkenheid wordt zo omgedraaid tot schuld.

Die redenering houdt alleen stand als je het grotere plaatje negeert. Het huidige kapitalistische systeem is zo ingericht dat vrijwel elke handeling ecologische en sociale schade veroorzaakt. Energieopwekking, voedselproductie, kleding, elektronica, vervoer: alles is doordrenkt van uitstoot, uitbuiting en externalisering van kosten. Wie leeft, participeert. Wie participeert, veroorzaakt schade.

Morele zuiverheid is in zo’n systeem geen realistische optie. Er bestaat geen levensstijl zonder voetafdruk en geen consumptie zonder gevolgen. Wie dat toch eist, stelt een onhaalbare norm en kan vervolgens iedereen afserveren die die norm onvermijdelijk overschrijdt. Dat is geen principiële kritiek, dat is een techniek om verandering te blokkeren.

Toch maken mensen voortdurend keuzes die de schade beperken. Minder vlees eten. Minder vliegen. Stemmen op partijen die klimaatbeleid serieus nemen. Fast fashion mijden. Zich organiseren in vakbonden. Demonstreren. Dat gebeurt vaak inconsistent, soms tegenstrijdig, altijd onvolmaakt. Precies zoals menselijk handelen eruitziet.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Javier Miranda on Unsplash

De VS, kernwapens en armageddon

Decennialang gold in geopolitieke discussies een vrij simpele intuïtie. Een streng religieus regime met kernwapens vormt een risico. Het argument verscheen steeds weer in analyses over Iran. Een theocratie die zichzelf ziet als uitvoerder van een goddelijke opdracht, gecombineerd met nucleaire ambities, roept begrijpelijke nervositeit op.

De blik richtte zich daarbij vrijwel altijd op Teheran. Washington bleef meestal buiten beeld. Toch schuift daar iets. Volgens meldingen van Amerikaanse militairen hebben commandanten de recente spanningen rond Iran beschreven in religieuze termen. De oorlog zou passen binnen “Gods plan” en verwijzingen naar Bijbelse profetieën en Armageddon doken op in briefings en toespraken.

Een incident op zichzelf vormt gelukkig nog geen trend, maar de bredere context maakt dit verhaal wel relevant.

De theologie van de eindtijd
Binnen delen van het Amerikaanse evangelisme leeft namelijk een specifieke interpretatie van de Bijbel. In dat wereldbeeld speelt Israël een centrale rol in de eindtijd. De stichting van de staat Israël markeert volgens deze lezing het begin van een profetische keten die uiteindelijk leidt tot een apocalyptische oorlog in het Midden‑Oosten en daarna de wederkomst van Christus.

Deze interpretatie, vaak dispensationalisme genoemd, vormt al decennia een belangrijk element binnen evangelische politiek in de Verenigde Staten. Grote megakerken, lobbyorganisaties en mediakanalen bouwen hun politieke agenda gedeeltelijk rond dat idee.

Foto: Motor TruckRun on Pexels

Het fatbike-argument

COLUMN - Er zijn woorden die je kunt uitspreken zonder ooit te hoeven uitleggen wie je bedoelt. “Fatbike” is er zo een geworden. Ja, de SUV onder de fietsen geeft overlast, maar als ik mensen erover hoor is de opmerking ‘en het zijn altijd dezelfden die er op zitten’ vaak niet ver weg. Niet het object alleen is het probleem, maar ook wie er op zit. Het gaat over jongeren van niet-westerse komaf die te luid zijn, te zichtbaar, te ongegeneerd aanwezig in de openbare ruimte. Dat ze toevallig een fatbike besturen is vooral handig. Je kunt er een hele bevolkingsgroep mee aanspreken zonder die ooit te benoemen. Zo blijft het gesprek netjes. Of liever gezegd, sociaal geaccepteerd.

De kapperszaak als symptoom
De kapsalon is een ander dankbaar symbool. Niet omdat er te veel haar wordt geknipt, maar omdat sommige kapperszaken te veel op elkaar lijken, en er te veel van zijn. Ze hebben dezelfde neonletters, dezelfde open deuren, dezelfde klanten die te lang blijven hangen. De klacht luidt dan dat het straatbeeld verloederd raakt. Dat de buurt zijn karakter verliest. Alsof dat karakter ooit neutraal was.

Geluidsoverlast
Ook geluidsoverlast is een klassieker. Muziek die te hard staat, gesprekken die niet fluisterend verlopen, lachen dat te veel ruimte inneemt. Het probleem zijn niet alleen de decibellen, maar vaak vooral ook wie die produceert. Dat het geluid niet herkend wordt als eigen, op de momenten dat je het verwacht. Wie klaagt over herrie bedoelt vaak dat hij zich niet aangesproken voelt door de bron ervan. Dat het geen achtergrondruis is, maar een signaal dat iemand anders hier ook leeft. En dat is lastig, zeker als je gewend bent dat de stad zich aanpast aan jouw ritme en gebruiken.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Foto © Illya Soffer

Persoonlijk: verdwaald in de verdwijnende verzorgingsstaat

Illya Soffer, directeur van JINC en oud-directeur van Ieder(in), kreeg een kindje met het syndroom van Down en kwam in een jaren durende rollercoaster terecht. Terugkijkend komt ze tot een uiterst pijnlijke, tegenstrijdige en schaamtevolle conclusie.

‘Ik zie iets wat me niet helemaal bevalt.’ De verloskundige kijkt bezorgd naar het baby’tje dat ik zojuist heb gebaard. Met deze zin word ik, die ijskoude februarimorgen in 1999, welkom geheten in de wondere wereld van de handicap. Een wereld waarvan ik tot dan toe werkelijk geen weet had. Ik, die nota bene afstudeerde op maatschappelijke uitsluiting. De verloskundige vermoedt het syndroom van Down. Een oorverdovende stilte vult de kamer. ‘Nu wordt het leven nooit meer normaal’, breng ik uit.

Met de geboorte van David wordt ons bestaan in één klap kwetsbaar, afhankelijk en allesbehalve maakbaar. ‘Gelukkig wonen jullie in Nederland, tegenwoordig is er zó veel mogelijk’, bezweren mensen het ongemak. En het is waar. Gelukkig betekent dit begin niet het einde. We worden door het netwerk van ervaren Down-ouders fanatiek aangemoedigd om ervoor te gaan, om er vanaf dag één alles uit te halen met integrale vroeghulp en thuisondersteuning. En over een jaar of drie in te zetten op een persoonsgebonden budget (pgb) en inclusief onderwijs. Heen en weer geslingerd tussen hoop en vrees, tussen speciaal en normaal, besluiten we dit varkentje te gaan wassen.

Foto: "Skate shorttrack" by Vincent Baas is licensed under CC BY 2.5

Jutta Leerdam, feminisme en verantwoordelijkheid

Op de valreep toch nog een stuk over de Olympische spelen op Sargasso. Nou ja, oké, over een randverschijnsel dat me de afgelopen dagen opviel. Want volgens een deel van feministisch Nederland zou ik mijn mond moeten houden over de relatie van Jutta Leerdam met Jake Paul. Liefde is privé. Vrouwen worden al eeuwen afgerekend op hun partners. Laat haar met rust. Dat is de lijn. En wie daar vraagtekens bij zet, zou vervallen in morele zuiverheidspolitie, of erger nog, vrouwenhaat.

Ik begrijp waar dat vandaan komt, maar het schuurt toch. Want het gaat hier om een publiek figuur dat zich verbindt aan een man die openlijk campagne voert voor Donald Trump, die meer dan flirt met autoritaire retoriek en een partij steunt die systematisch rechten van minderheden en vrouwen onder druk zet, hoewel hijzelf over dat laatste (maar niet dat eerste) genuanceerder lijkt te zijn. Dat is voor mij geen detail in de marge.

Leerdam is voor mij geen anonieme buurvrouw. Ze is topsporter, influencer, merk, met vijf miljoen volgers. Haar relatie is onderdeel van haar publieke imago. Sponsordeals, interviews, gezamenlijke optredens, sociale media. De romantiek is verstrengeld met zichtbaarheid en commercie. Wie dat ontkent, sluit de ogen voor hoe celebritycultuur werkt.

Foto: Raving Iran - screen capture uit de film

Raving Iran: Openhartig onder druk

De documentaire Raving Iran toont een paradox die wringt en blijft hangen. Een regime dat cultuur probeert te reguleren tot op het bot, en een generatie die zich daar nauwelijks nog door laat intimideren. Wat opvalt is niet alleen de ondergrondse techno, de geheime feesten in de woestijn of de constante dreiging van arrestatie. Het is de openhartigheid. Bijna iedereen spreekt vrijuit over de overheid, en zelfs tegenover ambtenaren valt een opmerkelijke directheid op.

Die openheid lijkt op het eerste gezicht roekeloos. Twee dj’s, Anoosh Rakizade en Arash Shadram, die zonder omwegen uitleggen dat hun werk feitelijk verboden is, die hun frustratie over censuur uitspreken tegenover functionarissen die hen kunnen dwarsbomen, of erger. Toch voelt het geen moment als bravoure. Eerder als vermoeidheid. Alsof de energie om nog toneel te spelen simpelweg op is.

De documentaire is inmiddels bijna tien jaar oud, en dat gegeven schuift de film in een ander licht. Wat toen nog voelde als een ondergrondse spanning, blijkt onderdeel van een bredere ontwikkeling. De openhartigheid die in de film doorsijpelt, was geen uitzondering. Het was een voorbode.

De recente en steeds groter wordende protesten in Iran maken dat pijnlijk zichtbaar. Wat in Raving Iran nog kleinschalig en impliciet is, is inmiddels uitgegroeid tot openlijke, massale confrontatie. Vrouwen die hun hoofddoek afwerpen, jongeren die de straat op gaan, slogans die direct de kern van het regime raken. De terughoudendheid is verdwenen. De onderstroom is bovengronds gekomen en wordt daar door het regime hard weer naar teruggeslagen. Deze documentaire laat zien dat dat tevergeefs is.

Volgende