Jos van Dijk

1.229 Artikelen
607 Waanlinks
3.677 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Was tot 2012 docent in het HBO.
Schrijft over Europa en over het vrije verkeer van informatie.
Publiceerde in 2007 "Dit kan niet en dit mag niet; een kroniek van belemmering van de uitingsvrijheid in Nederland." Voortgezet op de website: http://freeflowofinformation.blogspot.com/
Publiceerde in 2016 "Ondanks hun dappere rol in het verzet. Het isolement van Nederlandse communisten in de Koude Oorlog" voortgezet op de website http://nederlandsecommunisten.nl/#site-header
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Hypocriete progressieven

De sluiting van Guantanamo Bay binnen een jaar was vier jaar geleden een van de beloften waarmee toenmalig presidentskandidaat Barack Obama afstand nam van het beleid van president Bush. Het was voor velen een teken dat de VS eindelijk, zeven jaar na 9/11, het pad van de beschaving weer hadden gevonden. Eenmaal aan de macht bleek Guantanamo het eerste slachtoffer van de de harde politieke werkelijkheid. Obama hield zijn belofte niet. Sterker nog, onlangs ging hij ver over Bush heen bij de ondertekening van een wet die bepaalt dat verdachten van terrorisme (ook Amerikaanse burgers!) zonder proces tot in lengte van dagen kunnen worden vastgehouden. Obama heeft Guantanamo vereeuwigd.

Dit jaar zijn er weer presidentsverkiezingen. Obama is wederom kandidaat. Je zou nu verwachten dat hij afgerekend gaat worden op het verbreken van zijn verkiezingsbelofte. Dat gaat waarschijnlijk niet gebeuren. De Washington Post peilde onlangs de stemming onder kiezers over het antiterrorismebeleid van Obama. Daaruit blijkt dat Obama op dit punt grote steun geniet. De beslissing om Guantanamo open te houden wordt gesteund door 70% van de kiezers. Ook een meerderheid van democratische kiezers laat Obama niet vallen vanwege het breken van zijn belofte. Dat geldt voor 67 % van de gematigde en rechtse democraten, maar ook voor 53% van de links-liberale democraten.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Het Europese Babylon

Letland stemt vandaag in een referendum voor het Russisch als tweede taal. De kans dat het plan een meerderheid haalt is klein. Een groot aantal Russische Letten mag nog niet stemmen omdat ze het staatsburgerschap nog niet hebben verworven. Voorwaarde daarvoor is…kennis van de Letse taal. En bij de autochtone Letten is de weerzin tegen de Russisch sprekende minderheid, die in hun ogen de voormalige bezetter vertegenwoordigt, nog te groot. De geschiedenis van de Baltische staten laat nog geen open houding toe van de autochtone bevolking tegenover de Russen die hier door een een gedongen volksverhuizing in de periode van het sovjetbewind sinds de Tweede Wereldoorlog zijn komen wonen. De Letse Russen willen hier maar al te graag afstand van nemen. De initiatiefnemer van het referendum Vladimir Lindermans houdt de Letten voor: wij zijn hier geen passanten, geen buitenlanders en geen bezetters. De Russen in Letland zijn bereid om voor Letland te werken, maar dan moeten ze wel dezelfde rechten hebben en niet worden gezien als tweederangsburgers. Hij reageert met zijn initiatief op een (mislukte) actie van de grootste partij van Letland die er juist op gericht was het tweede taalonderwijs op scholen af te schaffen. Lindermans, die zelf wel vloeiend Lets spreekt, hoop met het referendum een statement te maken voor het accepteren van minderheden. Mocht zijn initiatief ondanks alles wel een meerderheid halen dan zou het Russisch ook een officiële EU-taal kunnen worden. Als je ziet hoeveel mensen in diverse Oost-Europese landen Russisch spreken is dat ook nog niet zo’n heel vreemd idee.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De schuld van de Duitsers

Griekenland en andere Zuid-Europese landen staan onder zware druk. Zij worden door hun partners in de EU gedwongen tot radicale bezuinigingsmaatregelen die voor velen verlies van werk en bittere armoede betekenen. Een perspectief op economische hervormingen die de recessie kunnen keren is er nauwelijks. De sanering van de overheidsschuld lijkt het enige agendapunt. Regeringen stapelen de ene bezuinigingsmaatregel op de andere. De woedende bevolking reageert met massale demonstraties en stakingen. Door de geplaagde ambtenaren, pensionado’s en andere getroffenen wordt bij alle kritiek op de eigen regering ook de vinger gewezen naar de “hoofdschuldige” van hun economische achteruitgang: het machtige Duitsland. En dan blijkt dat dit land nog steeds last heeft van een zwart verleden. De Duitse schrijver Ingo Schulze vermeldt in een artikel waarin hij zijn visie op de crisis geeft een incident dat hem persoonlijk raakte toen hij vorig jaar in Portugal een nieuw boek kwam presenteren. In een verhitte discussie over de actuele crisis in Europa werd hem de vraag gesteld:

of wij Duitsers niet nu met elke euro voor elkaar kregen wat ons destijds met onze tanks niet was gelukt. Niemand uit het publiek ging hier echter tegenin.”

En een Grieks commentator schrijft over het plan om zijn regering onder curatele te zetten:

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Google gaat ook censureren

1 februari 2012 was een zwarte dag voor het internet volgens directeur de Vries van Xs4all. Sinds gisteren blokkeert deze provider op rechterlijke bevel de toegang tot drie websites die te maken hebben met Pirate Bay. Het voorlopige einde van de strijd van de belangenbehartigers van een obsoleet auteursrecht tegen een vrij internet.
Google maakte de dag gisteren nog zwarter door de aankondiging dat het bedrijf in navolging van Twitter bloggers gaat censureren als zij de nationale wetten dreigen te overtreden. Daarvoor zet het bedrijf net als Twitter geografische filters in. Binnen bepaalde gebieden mag je veel, binnen andere gebieden weinig. En dat wordt dan bepaald door een particuliere onderneming. Die filters kunnen vast wel op de een of andere manier omzeild kunnen worden, net als bij Pirate Bay. Maar wat hier gebeurt gaat natuurlijk veel verder dan een technische maatregel.

Twitter en Google buigen met hun geografische filters voor de nationale wetten met alle beperkingen die daarin zitten voor het vrije verkeer van informatie en de mensenrechten. Internet begon ooit als een belofte voor wereldwijde vrije communicatie. Maar met de actuele ontwikkelingen verandert die belofte meer en meer in een utopie.

De bedrijven die het internet in hun greep hebben zijn zelf multinationals met alle mogelijkheden om zich wereldwijd vrij te bewegen om de grootst mogelijke winst te behalen. Ze binden hun gebruikers echter aan wetten die de communicatie beperken en de uitoefening van burgerlijke vrijheidsrechten belemmeren. De redenen liggen voor de hand: de winst moet behaald worden uit de commerciële exploitatie van het internet en dat betekent dat je geen risico’s mag nemen om uitgesloten te worden van lucratieve markten. Aanpassing aan de regels van de lokale machthebbers is daarom vereist. De illusie dat een vrij internet gewaarborgd kan worden door particuliere ondernemers is opnieuw gebroken. Even konden we blij zijn met de steun van Google c.s. in de oppositie tegen SOPA. Bij nader inzien ging het in dit geval toch meer om de strijd tussen oude en nieuwe media. Google tegen Hollywood en niet Google voor de internetvrijheid.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Orbán stimuleert Europees debat

Het bezoek van de Hongaarse premier Viktor Orbán aan het Europese Parlement in Straatsburg was in meer dan een opzicht uniek. Orbán kwam onaangekondigd de nieuwe Hongaarse grondwet verdedigen nadat de Europese Commissie een onderzoek had aangekondigd vanwege mogelijke schendingen van Europese verdragen.  Dat de Commissie hiertoe overging was al tamelijk bijzonder. Sinds de spontane tijdelijke boycot van Oostenrijk in 2000 vanwege de deelname van Jörg Hayder aan de regering hebben we geen dergelijke gezamenlijke Europese actie tegen een lidstaat meer gezien. Dat een premier zelf onuitgenodigd zijn zaak kwam bepleiten is nog nooit vertoond. Zijn bezoek leidde tot een heftig en principieel debat (zie hier en hier) over Europese waarden en dat zien we ook veel te weinig.

Of Orbán naar Straatsburg was gekomen vanwege de Europese waarden is nog maar de vraag. Een belangrijk probleem voor hem is de weigering van EU en IMF om financiële hulp te  bieden zo lang hij niet kan garanderen dat de centrale bank onafhankelijk kan opereren. En Orbán heeft die hulp dringend nodig. Ondanks grote woorden van Orbán na zijn verkiezing dat hij het allemaal beter zou doen dan de socialisten is de staatsschuld alleen maar gestegen en inmiddels hoger dan onder de vorige regering.

Vorige Volgende