Jona Lendering

637 Artikelen
15 Waanlinks
322 Reacties
Studeerde geschiedenis en vertelt er graag over. Scepticus, recensent, fietser, webmaster (LiviusOrg), Don Quichot, blogger (Mainzer Beobachter) en beheerder van GrondslagenNet. Reist regelmatig in het Midden-Oosten, schreef een paar boeken, gruwt van de zelfmoord van de geesteswetenschappen en droomt van een eigen huis in Downtown Beiroet.
Foto: Anne G (cc)

Wetenschap is van de burger

OPINIE - Wetenschap wordt van belastinggeld betaald, dus waarom moeten burgers betalen om toegang te krijgen tot digitale wetenschappelijke archieven als JSTOR?

In een van de toneelstukken van Harold Pinter, ik meen The Birthday Party, maakt iemand de bril van een ander kapot. De vandaal repareert het voorwerp en verwacht vervolgens dat het slachtoffer dankbaar is. Als u diens frustratie begrijpt, begrijpt u wat het betekent dat JSTOR zijn diensten in beperkte mate gratis wil gaan aanbieden.

JSTOR is een enorm digitaal archief van wetenschappelijke artikelen, klaar om online te raadplegen. Het is de grootste schatkamer ter wereld: een bron van de meest gedegen informatie waarover de mensheid beschikt. Die schatkamer zit echter op slot, want om er gebruik van te maken, moet je een torenhoog abonnementsgeld betalen. Wie één artikel nodig heeft, is al snel dertig euro kwijt.

Is dit legaal? In Nederland vermoedelijk niet. De Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek bepaalt in artikel 1.3.1 dat de universiteiten hun kennis ten behoeve van de maatschappij moeten overdragen.Overdragen. Er staat niet: verkopen. Er staat evenmin: overdragen aan een website die de informatie verkoopt. JSTOR laat u betalen voor artikelen die al van u zijn.

Ongeacht de juridische kant van de zaak is de schade immens. Informatie wordt tegenwoordig vooral online uitgewisseld en doordat bona fide wetenschappers en wetenschapsjournalisten niet kunnen linken naar hun informatiebronnen, terwijl activisten dat vaak wel kunnen, krijg je in discussies de situatie waarin de mensen die de wetenschap een goed hart toedragen, moeten vechten met de armen gebonden. Ze ogen daardoor minder betrouwbaar, verliezen de discussie en kunnen niet verhinderen dat onjuiste of verouderde inzichten worden gereproduceerd. Bad information drives out good. Mijn vakterrein, de oudheidkunde, is eraan kapot gegaan: terwijl de dames en heren academici staarden naar de lengte van hun publicatielijst, stonden ze toe dat desinformatie zich sneller verspreidde dan ooit.

Foto: indigotimbre (cc)

Modelspoorbaan

COLUMN - De generatie die genoot van het bouwen van een miniatuurspoorbaan, sterft uit. Maar hobby’s verdwijnen niet, ze veranderen hooguit van vorm.

In de buurt waar ik leef, de Amsterdamse wijk Oud-West, zijn verschillende winkels bezig met hun opheffingsuitverkoop. In een korte wandeling telde ik er al zes. De foto hiernaast toont een winkel in de Bilderdijkstraat die voor het laatst speelgoedtreinen aan het verkopen is.

De sluiting was vermoedelijk onvermijdelijk, aangezien het product snel aan populariteit verliest. Niet alleen winkels ervaren daarvan de gevolgen. ’s Werelds grootste producent van miniatuurtreinen, de Duitse firma Märklin, is de afgelopen jaren twee keer door het oog van de naald gekropen.

De diepste oorzaak, zo is me eens verteld, is demografisch. De generatie die genoot van het bouwen van een miniatuurspoorbaan, vergrijst, en latere generaties blijken er geen belangstelling voor te hebben. Ik heb zelf een andere theorie: de trein hoort voor veel mensen niet langer tot het dagelijkse leven. Dat was ooit anders, maar inmiddels is de trein vooral het vervoermiddel voor mensen die geen auto kunnen betalen. De internationale treinen hadden ooit een zekere glamour, maar tegenwoordig zijn vliegtuigen hét transportmiddel voor buitenlandse reizen. Als de trein al in het nieuws komt, is het negatief. Ik vermoed dat het onrendabelenvervoer daardoor geen onderwerp meer is voor een hobby.

Was het Meldpunt Vuurwerkoverlast een hoax?

COLUMN - GroenLinks heeft een Meldpunt Vuurwerkoverlast ingericht en het regent klachten. Of is het hele meldpunt een hoax?

Onze buurvrouw was bang voor vuurwerk. Daar had ze alle reden toe, want als kind had ze meegemaakt hoe de geallieerden Nijmegen per ongeluk hadden gebombardeerd. Als het Oud en Nieuw was, was zij een van de weinigen die niet de straat op gingen om de buurtgenoten het beste toe te wensen voor het nieuwe jaar. Ze bleef binnen, in mijn herinnering met een hond die de jaarwisseling ook om te janken vond.

Dat ook ik niet houd van vuurwerk, heeft een veel minder ernstige reden. Ik vind het verspilling, meer niet, en ik zal daarover niet klagen zolang ik nog elke week een bos bloemen op mijn bureau zet. Ik zal dus geen Meldpunt Vuurwerkoverlast oprichten.

Inmiddels zouden er dertigduizend, vijftigduizend klachten zijn – op het moment dat ik dit schrijf 57.295. Ik begrijp waarover mensen klagen, maar kan deze aantallen niet geloven. Toen de PVV een meldpunt oprichtte voor klachten over Oost-Europeanen, betrof het iets waarover je inderdaad wel eens mensen hoorde mopperen, maar van vuurwerkoverlast had ik nog nooit eerder vernomen.

Het is natuurlijk een beruchte redenatiefout, speciaal voor columnisten en bloggers, om de eigen ervaring als maatstaf te nemen, maar sta het me even toe. For argument’s sake. Waarom horen we alleen het spectaculaire aantal klachten? Waarom staat daar niet vermeld hoeveel klagers er zijn? Dat scheelt namelijk nogal wat, zoals de mensen je kunnen uitleggen van het meldpunt dat de onvrede registreert over geluidsoverlast van Schiphol. De klachten blijken namelijk voor een heel groot deel afkomstig van een kleine groep fanatieke bellers.

Vluchtelingen

OPINIE - Libanon wordt overspoeld door vluchtelingen uit Syrië. Maar in het Westen hoor je er niks weinig over.

De regen valt zo hard, dat de riolen het niet meer aankunnen.

Ik heb hier in Libanon geen toegang tot internet, en vertel misschien iets dat u allang hebt vernomen op het Nederlandse nieuws. Ik vermoed echter van niet, want in december zijn de media vooral bezig met jaaroverzichten en wat dies meer zij. Het mediacircus draait in de laatste weken van het jaar een versnelling lager.

Langs de weg van Baalbek naar Zahlé zagen we een groot tentenkamp. Het was geen al te moeilijke gok dat het was ingericht om Syrische vluchtelingen te herbergen, en inderdaad: de mensen bleken afkomstig uit Damascus naar Libanon gekomen. Maar we vernamen ook dat het geen Syriërs waren: het waren Palestijnen, die tot enkele dagen geleden leefden in een vluchtelingenkamp in Syrië.

Zoals we het nieuws de eerste keer hoorden, zijn ze gedurende drie dagen de grens over gekomen: op de eerste en tweede dag 2000 mensen, de dag erna 2800. Waarom ze op drift waren geraakt, werd ons niet verteld.

De tweede keer hoorden we dat bij Damascus een vluchtelingenkamp was overgenomen door de Syrische oppositie en dat president Assad had gezegd dat hij niet kon instaan voor de veiligheid van wie niet binnen zes uur zou zijn vertrokken. Hij zou, zo werd ons verteld, het kamp inmiddels hebben laten bombarderen. De bewoners zijn dus naar Libanon gekomen, deels lopend. De Saoediërs hebben het tentenkamp voor hen ingericht.

Verbod op straatmuzikanten

OPINIE - Eén positieve ervaring met een pianist op de Meir in Antwerpen is niet genoeg de auteur te genezen van zijn hekel aan straatmuzikanten. 

Een tijdje geleden ben ik overvallen en beroofd van mijn portefeuille. (Voor mijn lieve moeder, die deze blog leest: de schade was gering.) Het geval wilde echter dat ik die avond moest spreken in Antwerpen, een plaats die ook zonder de komende verhoging van de treinprijs niet zo makkelijk is te bereiken als je niet beschikt over contant geld en niet kunt pinnen. Een aardige taxichauffeur vervoerde me desondanks, terwijl de organisatie die me had uitgenodigd de rekening voldeed en me het geld leende om mijn hotel te betalen.

Hadden de criminelen mijn vertrouwen in de mensheid nogal beschadigd, de chauffeur en de vriendelijke penningmeester deden veel om het te herstellen. Desondanks voelde ik me rottig toen ik de volgende ochtend de trein naar Nederland moest gaan nemen. Het is een saaie reis en ik wist dat ik zou gaan piekeren.

En toen klonk de muziek.

Aan de Meir zat een man achter een piano, en hij speelde alleszins behoorlijk. Ik heb, zoals u in een moment zult begrijpen, in feite een hekel aan straatmuzikanten, maar ik moet bekennen: deze man slaagde erin mijn humeur sterk te verbeteren. Ik heb wat geld achtergelaten, maar het was in feite te weinig voor de weldaad die hij me had bewezen: het verdrijven van een donkere wolk uit mijn geest. Opgewekt wandelde ik verder naar het station.

Wees voorzichtig met nieuw prostitutiebeleid

ANALYSE - Het huidige prostitutiebeleid rammelt aan alle kanten, maar een eenvoudige oplossing ligt niet voor het oprapen, daarvoor zijn er teveel onzekerheden.

Ik kan me niet voorstellen dat een jonge vrouw uit pakweg de Filippijnen op een ochtend opstaat met het idee “Weet je wat? Ik verhuis naar Amsterdam, ik ga daar werken op De Wallen! Seks met dronken toeristen, dat is zeg maar echt mijn ding!” Doordat ik me dit zo slecht kan voorstellen, ben ik er vrij zeker van dat menige vrouw niet voor haar plezier achter de ramen staat. Ik ben er nog zekerder van dat er vrouwenhandel bestaat, want ik heb ooit een Aziatische vrouw gekend die door een bende aan het werk was gezet. Ik ken meer voorbeelden.

Ik ben er echter óók zeker van dat er vrouwen zijn die bewust voor prostitutie kiezen. In een Duitse hotellobby heb ik wel eens gesproken met zo iemand, tot ze het gesprek afbrak omdat een bloedmooie man binnen kwam lopen in wie ze een potentiële klant zag. Ze had me niet veel verteld, maar het was me voldoende duidelijk dat ze haar werk bepaald niet met tegenzin deed. Ook hiervan ken ik meer voorbeelden.

Onvrijwillig of vrijwillig, het kan allebei, en ik denk daarom dat het niet waar is wat ChristenUnie-Kamerlid Gert-Jan Segers in De Volkskrant schrijft, dat prostitutie zonder meer gelijkstaat aan slavernij. Niet dat ik het geheel oneens met hem ben, niet dat ik zijn zorgen niet deel, niet dat ik geen respect heb voor zijn verontwaardiging. Integendeel. Internationale vrouwenhandel bestáát, ook Nederlandse meisjes kunnen in handen vallen van loverboys en onvrijwillige seks heet – om het beest bij zijn naam te noemen – inderdaad verkrachting.

Wat de onderwijsminister kan leren van Karel de Grote

COLUMN - De minister van Onderwijs kan het nodige van Karel de Grote leren.

Het is natuurlijk best leuk de machtigste man in West-Europa te zijn, maar je wil natuurlijk ook iets nalaten, zodat mensen zich jou herinneren. Karel de Grote koos voor een onderwijshervorming. Rond 795 dicteerde hij de circulaire die bekend is komen staan alsDe brief over het cultiveren der letteren. Wie de tekst wil nalezen, kan terecht in de reeks middeleeuwse bronnen die bekendstaatMonumenta Germaniae Historica, en wel in het eerste deel met Capitularia Regum Francorum. Daarin is het nummer 29.

Het is tekst met twee stemmen. Enerzijds zien we hoe de klerken zich inspanden om het mooi te formuleren, anderzijds horen we de spreektaalwoorden van de grote koning, die de zorg voor het onderwijs legt bij de bisdommen en abdijen. Hier is een deel van de tekst:

Degenen die God willen behagen door goed te leven, moeten niet nalaten Hem ook te behagen door goed te spreken. Er staat immers geschreven: ‘Op grond van je woorden zul je worden vrijgesproken, op grond van je woorden zul je worden veroordeeld.’ [Mt 12.37] Weliswaar is het belangrijker goed te handelen dan te weten wat goed is, maar het weten gaat wel vooraf aan het handelen. … Als alle mensen onwaarheden moeten vermijden, hoeveel te meer geldt dat dan voor hen die zijn uitverkoren de waarheid te dienen!

De afgelopen jaren heeft een aantal kloosters meermalen brieven aan ons gericht, waarin duidelijk werd gemaakt wat de broeders in hun heilige en vrome gebeden vroegen ten behoeve van ons. Wij hebben echter gemerkt dat in de meeste van deze brieven de bedoeling goed, maar het taalgebruik onverzorgd was, omdat hun ongeschoolde taal, door de verwaarlozing van hun ontwikkeling naar buiten toe, niet foutloos kon uitdrukken wat hun vrome toewijding hun van binnen ingaf.

Daarom zijn wij gaan vrezen dat wellicht hun begrip, zoals het tekortschoot op het gebied van het schrijven, ook en veel meer tekortschoot bij het begrip van de Heilige Schrift. We weten allemaal dat, hoewel dwalingen in woorden gevaarlijk zijn, dwalingen bij de Bijbeluitleg nog veel gevaarlijker zijn. Daarom sporen wij u aan de studie van de letteren niet alleen niet te veronachtzamen, maar ook er nederig en in Godgevallige gezindheid naar te streven ze te gaan beheersen, om zo makkelijker en beter te kunnen doordringen tot de mysteriën van de heilige geschriften.

Het innerlijke uurwerk

RECENSIE - Waarin de auteur, zelf gedreven door een afwijkende biologische klok, zich vastbijt in Het innerlijke uurwerk, een boek over het menselijke ritme.

In de laatste jaren van de vorige eeuw werkte ik in Rijswijk. Dat was nog niet zo gemakkelijk, want ik woon in Amsterdam. Ik moest onzalig vroeg opstaan, kwam moe aan op kantoor, had sloten koffie nodig om de dag door te komen en kreeg weinig werk gedaan. Mijn collega’s waren allemaal stukken efficiënter. Dan volgde de treinrit naar huis, maar als ik daar eenmaal was, blaakte ik ineens van energie, tot ik om twee uur ’s nachts naar bed ging. Om kwart voor zeven ging de wekker weer, waarna de cyclus opnieuw begon. Ik was eeuwig moe. Alleen op zaterdag en zondag, als ik kon uitslapen tot een uur of twaalf, voelde ik me redelijk fit.

Wat ik destijds niet wist, was dat mijn biologische klok later loopt dan die van de ideale kantoormedewerker, die de meeste energie heeft tussen negen en vijf. Ik heb mezelf vaak mijn egoïsme verweten – waarom kon ik voor mijn collega’s niet evenveel energie opbrengen als voor mijn werk ’s avonds? – en gedacht dat ik lui was. Pas een paar jaar geleden ontdekte ik dat mijn Delayed Sleep Phase Syndrome genetisch bepaald is, en dat het niets heeft te maken met egoïsme of gebrek aan wilskracht. Dat zijn moralistische praatjes.

Agressie in de trein

OPINIE - Hoe moeten we omgaan met agressie in de trein? Jona Lendering heeft een idee.

Omdat in Nederland alles vijftig jaar later gebeurt, hebben wij nog Teletekst, en daar lees ik:

NS-directeur Thijssen roept reizigers op in actie te komen als NS-medewerkers slachtoffer worden van geweld. We kunnen het niet alleen, schrijft ze in een open brief op de NS-website. Ze zegt er wel bij dat treinreizigers zichzelf niet in gevaar mogen brengen.

Mag ik een suggestie doen? Stel een telefoonnummer in waarheen overlast kan worden geSMSt, zoals in sommige bioscopen. Daar kun je bij onrust je zaalnummer doorSMSen, waarna het bioscooppersoneel dan naar de zaal toekomt. Zoiets moet ook kunnen met trein- en rijtuignummers, waardoor conducteurs elkaar snel te hulp kunnen komen. De politie weet dan meteen waar in de trein iets is gebeurd en kan gericht handelen. Het systeem kan ook dienen om minder ernstige vormen van overlast in de kiem te smoren, bijvoorbeeld doordat conducteurs tijdens de reis worden geattendeerd op dingen die verkeerd gaan.

In de bioscoop wordt het telefoonnummer getoond voor de voorstelling. Ik heb het idee dat het daardoor vooral preventief werkt: doordat vandalen weten dat ze gevonden kunnen worden, gedragen ze zich beter. Misschien kan de NS het meldnummer op soortgelijke wijze duidelijk in de rijtuigen aangeven.

Opnieuw wetenschapsfraude?

OPINIE - Er zijn genoeg wetenschappers die het niet altijd even nauw nemen met ethische normen. Maar als het wantrouwen aanhoudt, zal de wetenschap het niet overleven. Daarom is openheid nodig.

Er kan mogelijk een nieuwe naam aan het rijtje Diederik Stapel, Roos Vonk, Don Polderman en Dirk Smeesters worden toegevoegd. Vandaag is een oud-hoogleraar aan de VU, Mart Bax, de volgende onderzoeker die in opspraak komt. Ik citeer NU.nl:

“In het boek Ontspoorde Wetenschap dat vrijdag uitkomt, trekt onderzoeksjournalist Frank van Kolfschooten het bestaan van een klooster in het zuiden van Nederland in twijfel. … ” “Dat je je bronnen anonimiseert is in de antropologie vrij gebruikelijk”, aldus Van Kolfschooten. “Maar collega’s van Bax twijfelden aan het bestaan van dit klooster.”

Ik vind het eerlijk gezegd geruststellend. Als dit de beste teaser is die een auteur naar buiten kan brengen om aandacht voor een boek te genereren, dan valt het in feite mee. Maar er speelt meer. Voor één keer kan de ijsbergmetafoor met recht en reden worden gebruikt: maar een deel van de eigenlijke problemen is publicabel.

Ik weet dat, want ik heb Van Kolfschooten over zijn boek gesproken. Ik kon hem het bewijs geven van onder meer het plagiaat waaraan een vrij bekende Nederlandse onderzoeker zich schuldig had gemaakt. De gedupeerde wilde echter niet dat de zaak naar buiten kwam. Het kon hem zijn baan kosten.

Jezus’ echtgenote: een kwalijke Jezushoax

ANALYSE - Het was dus toch een vervalsing, die antieke papyrussnipper met een vermelding van Jezus’ echtgenote. Het lijkt knullige voetnoot in het dagelijks nieuws, maar de schade is groot.

U herinnert zich hoe een maand geleden alle kranten berichtten dat een antieke tekst was gevonden waarin Jezus sprekend werd opgevoerd en het leek te hebben over “mijn vrouw”. Ik blogde er al over, en als u de details wil kennen, moet u dit stuk van Maarten Muns op Kennislink lezen.

Het blijkt dus een knullige vervalsing, want het bewijs dat de tekst in onze eigen tijd is gefabriceerd is wel heel simpel: het tekstje bevat een schrijfwijze die teruggaat op een zetfout uit een moderne uitgave van het Evangelie van Thomas. De vervalser wist dus niet wat hij overschreef.

Ik ben geen specialist in antieke manuscripten, maar vermoed dat de wetenschappelijke discussie nu snel zal worden gesloten. Er zal nog wel een keer een berichtje komen over het laboratoriumonderzoek, maar het Evangelie van Jezus’ echtgenote zal vermoedelijk vooral worden herinnerd als curiosum, terwijl de uitgebreide media-aandacht zal gelden als de zomerzotheid van 2012. Ondertussen is de schade niet te overzien.

In de eerste plaats voor de betrokken onderzoekster. Ze kreeg de kans oude teksten aan te kopen, afkomstig uit een illegale opgraving. Omdat haar instituut het geld niet had, zocht ze de publiciteit. Weliswaar vertelde ze hoe weinig er feitelijk stond op dat papyrusfragment, maar ze noemde wél dat de tekst veronderstelde dat Jezus een echtgenote had gehad. En daarmee liet ze de boel exploderen.

Ruinenlust

COLUMN - Het is lastig dilemma: wanneer laat je historische gebouwen vergaan in een vlaag van’ ruinenlust’ en wanneer probeer je ze uit alle macht te beschermen?

Nederland, zo lees ik, maakt zich op voor een zuidenwind die Saharazand met zich meebrengt. Dat is goed nieuws voor de ramenwassers, maar ik geloof dat het verder niet veel zal uitmaken. Op Sicilië is dat wel anders. Daar neemt de wind wel vaker poederzand mee, dat vervolgens de monumenten kaal slijpt.

De bovenstaande foto maakte ik in Eraclea Minoa, de ruïne van een oude Griekse stad in het zuidwesten van Sicilië. De banken van het theater zijn door de winderosie vrijwel weggevreten, en het theater is daarom geplaatst onder een metalen afdak om verdere schade te voorkomen.

Ik beken dat ik teleurgesteld was. Weliswaar zijn antieke theaters allesbehalve zeldzaam – ik heb in mijn collectie 1101 foto’s van 94 theaters – maar het is toch jammer als je een keer niet naar boven kunt klimmen om het standaardkiekje te nemen van de onder je uitwaaierende tribune. Van die aanblik wil ik kunnen genieten, ook als het straks zal gaan om theater numero vijfennegentig.

Er is hier een spanning tussen enerzijds de wetenschappelijke eis dat een monument wordt geconserveerd en anderzijds wat de Duitsers zo mooi “Ruinenlust” noemen: het romantische genieten van de aanblik van een oude ruïne.

Vorige Volgende