Jip van Dort

24 Artikelen
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Foto: Eric Heupel (cc)

VS blijven Taliban betalen

Een recente militaire studie, ingezien door de Amerikaanse krant de Washington Post, concludeert dat een deel van het Amerikaanse belastinggeld dat aan vervoerscontracten wordt besteed in Afghanistan indirect in handen van de Taliban terecht komt. Om hoeveel geld het gaat is onduidelijk, maar deskundigen schatten dat de opstandelingen zo’n 2000 dollar vragen per vrachtwagen. Dit is oud nieuws. Twee jaar eerder schatte een Amerikaanse militaire functionaris in Kabul al dat minimaal 10 procent van alle logistieke contracten van het Amerikaanse ministerie van Defensie, honderden miljoenen dollars, hieraan opgaat.

De nieuwswaarde van het artikel in de Washington Post is dan ook niet zozeer dat de Taliban door Amerikaans belastinggeld worden betaald, maar dat, ondanks het verstrijken van de jaren, ze nog altijd op deze manier van geld worden voorzien. Ondanks ophef in de media, politieke druk en nieuwe militaire volmachten om deze praktijk tot staan te brengen blijft het simpelweg voortduren. Misschien is dat wel minder gek dan het lijkt, aldus de krant, want: ‘veel militairen die toezicht houden op de vervoerscontracten waren terughoudend om deze status quo te verstoren, want zij geloofden dat het veel belangrijker was om voedsel, brandstof en kogels op tijd en ongeschonden te bezorgen voor de Amerikaanse strijdkrachten.’ Een kwestie van prioriteiten dus.

Foto: Eric Heupel (cc)

‘We will (not) try to make Afghanistan a perfect place’

De voorstanders van de Nederlandse missie naar Afghanistan stellen zichzelf bijzonder ambitieuze doelen. Weliswaar mag er door de binnenkort op te leiden agenten niet gevochten worden, maar daar houden de beperkingen wel zo’n beetje op. Kamerlid Van der Staaij, van de SGP, tijdens het grote Kunduz-debat van 27 januari 2011, formuleerde de ambities als volgt: ‘bij de missie moet niet alleen worden gekeken naar politieagenten, maar er moet daarbij ook breder worden ingezet op het versterken van de rechtsstaat. Men moet oog hebben voor aanklagers, voor rechters en voor het in acht nemen van fundamentele rechten. Ook de positie van religieuze minderheden is daarbij een uiterst belangrijk aandachtspunt.’

GroenLinks-leider Jolande Sap, in hetzelfde debat, ging nog een flink stuk verder: ‘dit is echt absoluut geen gewapende missie. Dit is een civiele missie, waarbij je aan de ene kant trainers politieagenten laat opleiden, maar waarbij je aan de andere kant heel veel civiele deskundigen inbrengt die daar echt gaan bijdragen aan het opbouwen van een justitieketen, aan het opbouwen van rechtspraak. Zij zorgen ervoor dat er goede advocaten en goede rechters komen. Er komen deskundigen op het gebied van het openbaar bestuur die zorgen dat er in dat land een goed bestuur komt.’ Daarnaast moet er aan alfabetisering gewerkt worden, zodat de agenten ‘kunnen lezen en schrijven en er echt werk kan worden gemaakt van kennis van mensenrechten, de wet en van vrouwenrechten.’ Verder is het een training ‘waarin civiele taken, mensenrechten en alfabetisering centraal staan en waarmee je een echte bijdrage kunt leveren aan politieagenten die het vertrouwen van de bevolking daar kunnen winnen en die kunnen bijdragen aan het bestrijden van misdaad, criminaliteit en corruptie in Afghanistan.’

Vorige week woensdag presenteerde president Obama, in een speech vanuit het Witte Huis, zijn plannen om in de zomer van 2012 de 33.000 troepen die hij in 2010 naar Afghanistan stuurde weer terug te trekken. Daarin verduidelijkte hij ook de Amerikaanse doelen in Afghanistan. Die steken schril af bij de ambities van de Nederlandse Kamerleden: ‘the goal that we seek is achievable, and can be expressed simply: no safe-haven from which Al-Qaida or its affiliates can launch attacks against our homeland, or our allies. We will not try to make Afghanistan a perfect place. We will not police its streets or patrol its mountains indefinitely. That is the responsibility of the Afghan government, which must step up its ability to protect its people; and move from an economy shaped by war to one that can sustain a lasting peace. What we can do, and will do, is build a partnership with the Afghan people that endures – one that ensures that we will be able to continue targeting terrorists and supporting a sovereign Afghan government.

Foto: Eric Heupel (cc)

Gratis dagbladen voeden islamangst

Veel Nederlanders bekijken de recente ontwikkelingen in de Arabische wereld met argusogen. Dat blijkt uit een enquête uit april 2011 in opdracht van FORUM, het Instituut voor Multiculturele Vraagstukken. Ruim de helft van de meer dan 900 ondervraagden (59 procent) maakt zich in zeer grote of enige mate zorgen over de gevolgen van de ontwikkelingen in de regio voor de Nederlandse samenleving. Van hen vreest ongeveer tweederde radicalisering en dreiging van terrorisme. Treinreizigers die geregeld de gratis dagbladen lezen begrijpen waar deze angst vandaan komt.

Veel van die angst richt zich momenteel op de Egyptische Moslimbroederschap, die bij de verkiezingen in september waarschijnlijk relatief veel politieke invloed zal verwerven. In de gratis media komen vooral veel figuren aan bod die beweren dat de Moslimbroederschap een heel radicale, onbetrouwbare, (potentieel) terroristische club is. Politici die het tegendeel beweren, maar ook Midden-Oostenexperts, die veelal van mening zijn dat de Moslimbroederschap hun radicale veren hebben afgeschud, worden volledig genegeerd. Dat blijkt na bestudering van de berichtgeving in de maanden januari tot juni 2011 over de Moslimbroederschap in gratis dagbladen Metro, Sp!ts en de Pers, samen goed voor een oplage van meer dan een miljoen.

In Metro worden in deze periode vier figuren opgevoerd die claimen dat er een groot gevaar uitgaat van de Moslimbroederschap. De Israëlische president Shimon Peres waarschuwt voor het ‘doemscenario’ dat ‘als de Moslimbroederschap wordt verkozen, ze geen vrede (zullen) brengen.’ (05/02) Glenn Beck, een aartsconservatieve Amerikaanse tv-presentator, interpreteert de machtswisseling in Egypte op geheel eigen, radicale wijze: ‘dit is het verhaal van iedereen die ooit hoopte op de fundamentele verwoesting van de Westerse manier van leven.’ In hetzelfde artikel noemt de Republikeinse politiek strateeg Newt Gingrich de Moslimbroederschap niets minder dan ‘een aartsvijand van onze beschaving.’ (14/02) Oud-secretaris-generaal van de Verenigde Naties, de Egyptenaar Boutros Boutros-Ghali, gaat zelfs zo ver de Broederschap op gelijke voet te stellen met het fascisme en nazisme. (04/03)

Foto: Eric Heupel (cc)

Onhaalbare ‘keiharde garanties’ kenmerken Kunduz-debat

Tijdens het Tweede Kamerdebat waarin werd besloten een nieuwe missie naar Afghanistan te sturen merkte Jolande Sap op dat haar fractie het een ‘groot probleem’ vindt ‘dat het maatschappelijk draagvlak voor deze missie zo beperkt is.’ Daarom riep ze premier Rutte op er ‘alles aan te doen wat in zijn vermogen ligt om ervoor te zorgen dat het maatschappelijk draagvlak gaat groeien en toenemen.’ Ze vroeg op dit punt zelfs Rutte’s ‘keiharde garantie.’

Die kreeg ze meteen. ‘Dat is mijn taak,’ reageerde de premier stellig, ‘ik voel mij verplicht (…) om daarvoor draagvlak te verwerven, daarin mensen mee te krijgen…’ GroenLinks haalde daarmee een ‘keiharde garantie’ binnen, maar wie de opiniepeilingen volgt, in binnen- en buitenland, moet concluderen dat deze, net als andere garanties die tijdens het debat werden gedaan, een loze belofte zal blijken.

De afstand tussen de publieke opinie en de Tweede Kamer is namelijk zo groot dat het naïef is te verwachten dat deze kloof overbrugd kan worden. Terwijl 52 procent van de Kamerleden (78) met de missie instemden, is slechts 23 procent van de Nederlandse bevolking voor de missie. Maarliefst 71 procent is tegen. Dat blijkt uit een opiniepeiling van EénVandaag. Onderzoek van Maurice de Hond bevestigt deze resultaten. Hij moest zelfs vaststellen dat bij de aanhang van niet één partij een meerderheid voor de missie te vinden is.

Foto: Eric Heupel (cc)

Kamer heeft lak aan Afghaanse wensen

Wie het Kamerdebat van 27 januari over de Kunduz-missie nog eens terugleest valt op dat de voorstanders hun mond vol hebben over het helpen van de Afghanen. Dat geldt vooral voor de leiders van de oppositiepartijen zonder wiens steun de missie niet door kan gaan. Alexander Pechtold merkte in het debat bijvoorbeeld op dat D66 ‘de Afghanen niet zomaar in de steek (wil) laten.’ Jolande Sap sprak over ‘de passie van GroenLinks om bij te dragen aan een beter toekomstperspectief voor Afghanistan.’

Premier Mark Rutte benadrukte zijn eigen ‘passie voor Afghanistan.’ Hiervoor verwees hij naar zijn ervaring tijdens een bezoek aan het land: ‘ik heb daar gemerkt dat wij een dure belofte hebben gedaan aan de Afghaanse bevolking. Het is een belofte van vrijheid, het is een belofte geweest van rust en stabiliteit. Hoe aarzelend ook, er worden goede stappen gezet die het leven van Afghanen beïnvloeden.’

Met het doel de Afghanen te helpen stemde de Kamer in met de ‘geïntegreerde politietrainingsmissie’ naar Kunduz. Het plan is om Afghaanse civiele agenten op te leiden. In feite, ondanks de strategisch gekozen naam, is de kans groot dat deze missie vooral een militaire bijdrage wordt aan de NAVO-oorlog tegen de verzetsgroepen tegen de regering van de Afghaanse president Hamid Karzai. Dat deze missie een sterke militaire component heeft blijkt in één oogopslag uit het feit dat het overgrote deel van het personeel dat uitgezonden wordt militair is en zelfs vier F-16 gevechtsvliegtuigen naar Kunduz gaan.

Foto: Eric Heupel (cc)

Menselijk schild: een Israelisch voorrecht

jonge palestijn vastgebonden op israelische jeepTerwijl oorlogsmisdaden van Palestijnse strijders worden benadrukt, negeert de Tweede Kamer structureel Israëlische oorlogsmisdaden. De kwestie van het gebruik van menselijke schilden tijdens de Gaza-oorlog maakt dat pijnlijk duidelijk. Deze vooringenomenheid staat een koele analyse van de feiten en daarmee een onpartijdige benadering van het slepende conflict in de weg.

Van 27 december 2008 tot 18 januari 2009 vond operatie Cast Lead plaats. Het Israëlische leger bombardeerde de Gazastrook en viel die daarna binnen. Hierdoor kwamen ongeveer 1400 Palestijnen om het leven, in meerderheid burgers. Aan Israëlische zijde kwamen dertien mensen om, onder wie drie burgers. Israëlische politici en officieren beschuldigden Hamas ervan veelvuldig Palestijnen als menselijk schild in te zetten – de oorlogsmisdaad waarbij burgers gedwongen een fysieke bescherming vormen voor militaire doelen. Daarom zouden er zoveel burgers zijn omgekomen.

Vooral Israël gebruikt menselijke schilden.

Onafhankelijke rapporten vertellen echter een heel ander verhaal. Onderzoek van Amnesty International wijst bijvoorbeeld uit dat ‘contrary to repeated allegations by Israeli officials of the use of human shields, Amnesty International found no evidence that Hamas or other Palestinian fighters directed the movement of civilians to shield military objectives from attacks.’ Grofweg hetzelfde concludeert het rapport van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties, beter bekend als het Goldstone-rapport. Human Rights Watch vond wel aanwijzingen voor misbruik van burgers. De NGO houdt het erop dat Palestijnse strijders twee keer raketten afvuurden nabij burgerdoelen met de intentie dat Israël niet terug zou slaan, wat neerkomt op het gebruik van menselijke schilden.

Foto: Eric Heupel (cc)

Steun aan Iraanse terroristen?

soldate van de Mujehadin-e-KhalqZaterdag 29 januari werd bekend dat de Nederlands-Iraanse Zahra Bahrami in Iran was geëxecuteerd vanwege drugssmokkel. Omdat Iran de Nederlandse identiteit van Bahrami niet erkent, werd Nederland hiervan niet vooraf op de hoogte gesteld. Dit leidde tot een stevige diplomatieke rel waarbij alle ambtelijke contacten van Nederlandse zijde werden bevroren. Minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal noemde de executie een ‘barbaarse daad van een barbaars regime’ en het proces dat ertoe leidde een ‘farce.’

Iran verweet Nederland op haar beurt ‘op te komen voor criminelen en drugskoeriers’ en zelfs steun te geven aan ‘terroristen die verantwoordelijk zijn voor de dood van meer dan twaalfduizend mensen.’ Iran doelt op steun die Nederland zou geven aan de Mudjahedin-e Khalq (MEK), een religieus-linkse organisatie die tot doel heeft de Islamitische Republiek van Iran ten val te brengen.

Wat opvalt aan de berichtgeving rondom deze kwestie is dat zonder uitzondering de media niet serieus ingaan op deze laatste beschuldiging. Aangezien die bijzonder zwaar is, is dat vreemd. Thomas Erdbrink, de Irancorrespondent van de NOS, is een illustratief voorbeeld. Hij doet de kwestie erg gemakkelijk af: ‘de Iraniërs voelen zich in de hoek gezet door Nederland en dan doen ze wat ze altijd doen, namelijk aanvallen.’

Foto: Eric Heupel (cc)

Wat de media over piraten ontgaat

Twee weken geleden publiceerde ik op Sargasso een kritisch artikel over de piraterij voor de Somalische kust. Daarin betoog ik dat de illegale visserij en afvaldumping voor de kust van het arme Oost-Afrikaanse land, onder andere door Europese bedrijven, belangrijke oorzaken zijn voor het ontstaan van de piraterij, maar dat de anti-piraterijmissie van de Europese Unie hier helemaal niet tegen optreedt. Die houdt zich enkel bezig met de jacht op de Somalische piraten. Ik pleit er in het stuk voor dat de patrouillerende oorlogsschepen alle illegale activiteiten in de regio moeten aanpakken.

Dit leek mij geen radicale stellingname, maar tot mijn verbazing kwamen er behoorlijk wat kritische (alhoewel, helaas, soms nogal lege) reacties op het stuk. Sommige reaguurders toonden zich daarin enkel voorstander van een snoeiharde aanpak van de Somaliërs. Eén iemand stelde bijvoorbeeld voor ‘de piratenbootjes met kalashnikovs en raketten uit het water te schieten’ en mariniers het land in te sturen om de boel ‘meedogenloos op te ruimen.’ Over de Europese stroperij en afvaldumpers schreven zij niks. Een ander ging zelfs zo ver in twijfel te trekken of deze illegale praktijken überhaupt wel plaatsvinden.

Ik vroeg me af waar deze houding vandaan komt, vooral aangezien de illegale dumping en visserij bepaald geen geheimen zijn. Het is goed gedocumenteerd. Een aantal reacties komt voort uit een xenofobische houding. In de ogen van sommigen zijn Somaliërs slechts ‘sukkels’ en ‘lui’ en moeten ze ‘uitgeschakeld’ worden. Deze reaguurders willen simpelweg niet geloven wat tegen hun onderbuikgevoel ingaat en zien in het handelen van de piraten een rechtvaardiging van hun bekrompen vooroordelen. Maar voor anderen met een wat ruimer venster op de wereld ligt een heel andere verklaring voor hun argwaan wellicht meer voor de hand: de berichtgeving in de Nederlandse media.

Foto: Eric Heupel (cc)

Hoe een Somalische piraat ontstaat

Somalische piraatIn de loop van het vorige decennium bereikte de Somalische piraterij een omvang die in de westerse wereld voor behoorlijk wat opschudding zorgde. Steeds meer schepen werden gekaapt in de Golf van Aden, een van ’s werelds belangrijkste handelsroutes, en konden pas na betaling van losgeld hun koers voortzetten. Sommige reders hebben daarom besloten om voortaan de veel langere route om Zuid-Afrika te nemen in plaats van door het Suezkanaal. Om het tij te keren besloot de Europese Unie in 2008 grof geschut in te zetten. Momenteel speuren daarom vele tientallen oorlogsschepen uit meer dan vijftien landen, ook van buiten Europa, naar de piraten om ze op te pakken en te berechten.

Afgelopen vrijdag kwam het marineschip Hr. Ms. Amsterdam na vijf maanden terug in Den Helder na deelname aan deze anti-piraterijmissie. De bemanning van het oorlogsschip onderschepte 44 piraten van wie er vijf naar Nederland zijn gestuurd voor berechting. Geen slechte vangst, zou je zeggen. Voor minister van Defensie Hillen was dit in ieder geval reden genoeg de bemanningsleden te roemen om hun ‘vastberaden en resultaatgerichte optreden’ en hen meteen ook een ‘herinneringsmedaille vredesoperaties’ op te spelden.

Maar de resultaten van deze grootschalige, op repressie gerichte onderneming staan bepaald niet buiten kijf.
Er worden weliswaar meer piraten opgepakt dan ooit, maar piraterij gaat eveneens onverminderd door. Op dit moment hebben de piraten dertig schepen met 680 bemanningsleden in handen en onderhandelen ze over de voorwaarden voor vrijlating. De piraten vangen steeds meer geld hiervoor. Twee maanden geleden ontvingen zij nog maarliefst 18,5 miljoen dollar losgeld voor twee gekaapte tankers. Vele duizenden Somaliërs leven inmiddels van deze heuse piratenindustrie.

Foto: Eric Heupel (cc)

Politietrainingsmissie maakt ons niet veiliger

Wederom een gastbijdrage van historicus en freelance journalist Jip van Dort. Het stuk staat ook op zijn eigen site.

talibanVorige week vrijdag presenteerde een trotse premier Rutte het langverwachte kabinetsbesluit voor een nieuwe missie naar Afghanistan. Dit maal een politietrainingsmissie, vooral gericht op de noordelijke stad Kunduz. 545 mannen en vrouwen, onder wie 225 trainers, moeten de Afghaanse politie opleiden zodat de NAVO-troepen in 2014, na dertien jaar bezetting, eindelijk naar huis kunnen. Omdat het gebied erg onveilig is gaan er ter bescherming ook 125 militairen mee evenals vier F-16 gevechtsvliegtuigen, die begeleid worden door nog eens 120 militairen, wat doet vermoeden dat er, anders dan bedoeld, weer stevig gevochten kan gaan worden, net als tijdens de vorige missie.

Volgens Rutte moeten de Nederlanders terug naar Afghanistan omdat het werk er nog niet klaar is, maar ook om te voorkomen dat Afghanistan opnieuw een vrijplaats wordt voor het internationale terrorisme. Om toekomstige zelfmoordterreuraanslagen zoals 9/11 te voorkomen, maar ook die in Madrid en Londen, en ook voor de veiligheid in Nederland, vindt Rutte het belangrijk om opnieuw bij te dragen aan de NAVO-bezetting van Afghanistan.

Hier lijkt de premier de plank echter finaal mis te slaan.

Foto: Eric Heupel (cc)

Juiste vraag over Afghanistan

Wederom een gastbijdrage van historicus en freelance journalist Jip van Dort. Het stuk staat ook op zijn eigen site.

Amerikaanse soldaat in AfghanistanOnlangs werd via WikiLeaks veel duidelijk waarom Europa in Afghanistan vecht. Herman van Rompuy, de EU-president, vertelde de Amerikaanse ambassadeur in België eind 2009 dat ‘Europa (het) doet en er mee (zal) doorgaan uit respect voor de Verenigde Staten, niet uit respect voor Afghanistan.’ Hij voegde er nog aan toe dat ‘niemand (nog) gelooft in Afghanistan.’ Veel defaitistischer kan het niet worden.

Op basis van bovenstaande leak vraag ik mezelf af hoe zinvol mijn vorige bijdrage voor Sargasso eigenlijk is. Daarin ga ik in op de bepaald niet waterdichte Nederlandse motieven om een eventuele nieuwe missie naar Afghanistan te sturen. Wellicht schuilt er achteraf meer waarheid in een even cynische als kritische reactie op mijn artikel van Krekel. ‘Het gaat de Nederlandse regering helemaal niet om Afghanen of Afghanistan’, schrijft de Krekel, ‘het gaat er ons om ons bij de Verenigde Staten binnen te likken’. Van Rompuys opmerking is koren op de molen van dergelijke cynici.

De gelekte ontboezeming van de EU-president zou het politieke debat in Nederland moeten verleggen. Als Nederland en andere Europese landen alleen maar in Afghanistan vechten ‘uit respect voor de Verenigde Staten’, dan moet de discussie over een nieuwe Nederlandse missie over de Amerikaanse motieven gaan. Wie het Afghanistandebat een beetje volgt, valt meteen op dat het Nederlandse debat hier helemaal niet over gaat. Dat is vreemd, zacht gezegd.

Foto: Eric Heupel (cc)

Stuur geen missie naar Afghanistan

Vandaag een gastbijdrage van historicus en freelance journalist Jip van Dort. Het stuk staat ook op zijn eigen site.

Afghaanse politievrouwenHet kabinet-Rutte buigt zich momenteel over een nieuwe missie naar Afghanistan, ditmaal een missie om politie op te leiden. Na aanhoudende druk van de NAVO en de Amerikanen heeft het kabinet reeds een voorstel klaar om vijftig politietrainers te sturen vergezeld van driehonderd tot vijfhonderd militairen plus vier F-16’s.Op dit moment zijn Nederlandse soldaten, trainers en diplomaten in Afghanistan op verkenning.

Maar zo’n politiemissie is geen goed idee. Er zijn geen goede argumenten voor. Sterker nog, zelfs de argumenten van premier Rutte en andere voorstanders van een nieuwe missie blijken bij benadering eerder tegenargumenten.

De voorstanders wijzen er bijvoorbeeld op dat de Afghanen niet in de steek gelaten mogen worden. Nederland heeft in Uruzgan immers opbouwwerk verricht en het is zonde als dit niet geconsolideerd wordt. Alhoewel het sentiment erachter begrijpelijk is houdt dit argument toch geen stand.

In de praktijk valt de omvang van het opbouwwerk allereerst erg tegen. Uiteindelijk is slechts negen procent van het geld dat de missie in Uruzgan heeft opgeslokt hieraan besteed. Anders dan ons door de regering voorgehouden ging het dus niet om een opbouwmissie, maar om een vechtmissie. Daarnaast kan men zich afvragen wat het opbouwwerk waard is als straks de Taliban weer de macht grijpt. Helaas is dit scenario allerminst denkbeeldig. Het overgrote deel van het land staat al onder controle van de fundamentalisten en de beweging blijft in kracht en omvang groeien.

Vorige