Scholieren vinden dat het “lhbtqia+-idee” hun door de strot wordt geduwd. Docenten horen in de klas woorden als “lettersoep” en “genderindoctrinatie”. En ze herkennen het meteen: dit is napraten. De taal komt van influencers en politici, via sociale media en de manosfeer. Tegelijkertijd keldert de acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren.
De diagnose ligt er dus al. Alleen trekken we er nog niet de conclusie uit die erbij hoort. Want als er ergens sprake is van indoctrinatie, dan gaat die al een tijd compleet de andere kant op.
Kijk wat een puber op een gemiddelde dag voorgeschoteld krijgt. Jongens krijgen een giftige karikatuur van mannelijkheid: je moet sterk en dominant zijn, vrouwen veroveren, kwetsbaarheid is zwak en homo is vooral iets wat je absoluut niet wilt lijken, laat staan zijn. Meisjes krijgen influencers die vertellen dat emancipatie een vergissing was, dat vrouwen misschien beter niet kunnen stemmen en dat hun bestemming thuis bij man en kinderen ligt. Niet af en toe. De hele dag door, en elke klik levert meer van hetzelfde op.
Dát is iets door de strot duwen. Een wereldbeeld dat eindeloos wordt herhaald, via kanalen waar ouders en docenten nauwelijks zicht op hebben, en dat zichzelf verkoopt als “gewoon eerlijk zeggen hoe het zit”. Daar staan een regenboogvlag, Paarse Vrijdag en een docent tegenover die af en toe uitlegt dat homo’s, lesbiennes, biseksuelen en trans mensen bestaan en volwaardige mensen zijn.