Neutraliteit als schaamlap: hoe het IOC Rusland een handje helpt

Er mocht geen kaart op hun kleding: Oekraïne, en zijn internationaal erkende grenzen. Inclusief de gebieden die Rusland inmiddels met geweld heeft ingenomen. Te politiek, oordeelde het Internationaal Paralympisch Comité. Dus verboden. Dat is de lijn: geen politiek op de Spelen. Alleen geldt dat principe opvallend selectief. Want terwijl Oekraïense atleten worden teruggefloten omdat ze hun eigen land als geheel willen afbeelden, mogen Russische sporters gewoon onder eigen vlag deelnemen. Een staat die op dat moment actief een buurland binnenvalt en delen daarvan bezet houdt, vormt kennelijk geen probleem binnen het kader van ‘neutraliteit’. Blijkbaar is een landkaart politiek. Een oorlog minder. De redenering van het IOC en IPC is bekend. Sport moet verbinden, boven de politiek staan, neutraal blijven. Maar neutraliteit betekent hier geen gelijk speelveld. Neutraliteit betekent dat de bestaande machtsverhoudingen worden vastgezet. In dit geval: Russische bezetting als impliciet uitgangspunt. En dat helpt vooral Rusland. Het IOC presenteert zich graag als apolitieke scheidsrechter. In de praktijk opereert het als politieke actor die zijn keuzes verhult als regels. Het verbieden van symbolen die de territoriale integriteit van een land benadrukken is geen neutrale handeling. Het is een inhoudelijke keuze. Net zoals het toestaan van Russische deelname onder eigen vlag dat is. Wat hier gebeurt is geen neutraliteit, maar depolitisering van agressie en politisering van de reactie daarop. Oekraïne mag zijn eigen bestaan niet te nadrukkelijk tonen, omdat dat ongemakkelijk is voor het idee dat sport losstaat van de wereld. Rusland hoeft zich minder aan te passen, omdat dat het systeem zou verstoren. Het resultaat is voorspelbaar. Oekraïne protesteert en overweegt boycots. Het IOC wijst naar regels. Neutraliteit fungeert hier als schaamlap. Het voorkomt dat de realiteit de façade doorbreekt. En die realiteit is simpel: wie een landkaart verbiedt, kiest partij. Alleen zonder het hardop te zeggen.

Door: Foto: Tim Reckmann (cc)

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.