Laten we vooral wel praten met Hamas

Afgelopen donderdag verscheen op dejaap.nl een artikel van CIDI-directeur Ronny Naftaniel, waarin hij het verzoek van tientallen prominente politici en wetenschappers aan de Nederlandse regering, om de dialoog met Hamas aan te gaan, resoluut van de hand wijst. "Hamas is een fundamentalistische islamitische terreurorganisatie, die er van uitgaat dat er geen plaats is voor enige niet-islamitische staat in het Midden-Oosten," aldus Naftaniel in een verder redelijk genuanceerd stuk. Hij slaat de plank echter een aantal keer mis.

Door: Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De onsamenhangendheid van Francisco van Jole

Gisteren stond er op GC een stuk van Francisco van Jole: ‘De Leegte van Links‘. Van Jole is druk bezig om de nieuwe opinieleider van links Nederlands te worden, dankzij zijn site joop.nl, waarop allerlei linkse opiniemakers bloggen. Het stuk is een reden om ons grote zorgen te maken over de toekomst van links, niet vanwege de leegte van links, die Van Jole observeert, maar vanwege de onsamenhangendheid van Van Jole’s betoog.

De conclusie van Van Jole is: “Idealen zijn bij de progressieve partijen naar de achtergrond verdwenen.” De argumentatie om daar te komen is vrij opmerkelijk.

Zo vertelt hij over een bijeenkomst van de PvdA waar Wouter Bos een vraag krijgt van een kritisch PvdA lid. Bos reageert gloedvol: “de zaal hing aan zijn lippen. Niet omdat het spannend werd vanwege een conflict maar omdat Bos met passie idealen uitdroeg.” Vervolgens schrijft Van Jole: “Dat is het probleem van de politiek op dit moment. Er worden geen idealen meer uitgedragen.” Van Jole net heeft laten zien hoe het belangrijkste gezicht van linkse politiek op dit moment, de vice-premier, vol met idealen het debat aan gaat binnen zijn partij. Ik zie niet hoe je daaruit kan stellen dat idealen niet meer worden uitgedragen door politici. Daarnaast vind ik het absurd om te stellen dater een probleem van de politiek is. Daarmee ontken je de complexiteit van de samenleving.

Vervolgens stelt Van Jole dat ‘Wilders een revolutionair is’. En dat er van dat revolutionaire ‘een enorme aantrekkingskracht’ uitgaat omdat het ‘dromen en daadkracht’ combineert. In mijn ogen is Wilders geen idealist. Hij houdt volk geen ideale samenleving voor, maar alleen maar waarschuwingen over wat er gaat gebeuren en nachtmerries over wat er kan gebeuren. Wilders is tegen: tegen islamisering, tegen hervorming van de verzorgingsstaat, tegen klimaatbeleid. Hij heeft geen gloedvol betoog over waar Nederland naar toe moet, alleen maar een verhaal over wat er niet moet gebeuren. Dat trekt geen mensen aan die willen dromen, maar mensen die bang zijn voor nachtmerries.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Wie denkt Beatrix wel niet wie ze is?

Koningin Beatrix (Foto: Wikimedia Commons/Emiel Ketelaar)

Oké, het staatshoofd, natuurlijk. Maar wel een niet gekozen staatshoofd, dus eentje zonder enig mandaat. Als ze dus de Tweede Kamerleden als schooljongetjes en -meisjes in een bus laat aanrukken om hen toe te spreken dient ze zich totaal te onthouden van welk commentaar dan ook. Een kaakje en een kopje koffie, prima. “Hoe gaat het met de kinderen?” Ook goed.

Maar “ik maak me zorgen over de hypes en de vele spoeddebatten, waardoor de Tweede Kamer zich te veel laat meeslepen”, dat mag dus niet. Hoe eens ik het ook met haar constatering ben, het Nederlandse parlement is slechts verantwoording schuldig aan zichzelf en het Nederlandse volk. Die heeft het gekozen en niet de Koningin. Zij heeft als ongekozen monarch een zuiver ceremoniële functie. De Tweede Kamer naar een paleis verschepen kan als ontzettend intimiderend gezien worden, zeker als wat binnenskamers gezegd wordt geheim moet blijven.

En als een kamerlid, in dit geval Boekestijn, wel wat over het besprokene loslaat, dan moet hij opstappen. Sinds wanneer heeft onze koningin dit (al dan niet indirecte) recht? Rutte verdedigt het opstappen van Boekestijn door te zeggen dat het uit de school klappen “ongepast” en een “doodzonde” was, omdat de vorstin zich niet kan verweren.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De leegte van links

GeenCommentaar heeft ruimte voor gastloggers. Dit stuk is van Francisco van Jole en verscheen eerder in de Volkskrant.

Vraag aan jongeren welke politicus ze progressief noemen, en ze antwoorden ?Geert Wilders?. De PvdA en GroenLinks vinden ze conservatief. De politiek, zeker de linkse politiek, draagt geen idealen meer uit. Links Nederland heeft geen andere boodschap dan die van de redelijkheid en keurigheid.

Het recht op redelijkheid, dat is de jongste eis aan de media. Kamervoorzitter Verbeet hield afgelopen week een lezing over de parlementaire journalistiek en stelde: ‘Kamerleden die goed kunnen uitleggen waarom ze een compromis hebben gesloten, hebben evenveel recht op zendtijd of een plek in de krant als Kamerleden die roepen “Ik ben woedend!” of: “De minister moet aftreden!”‘

Het klinkt inderdaad redelijk. Maar zou het werken? Kun je in evenveel zendtijd een compromis uitleggen als in een oneliner die de goegemeente tegen het plafond doet springen? Natuurlijk niet. Uitleg vergt altijd meer tijd.

Er is niets tegen politici die uitleggen hoe de wereld in elkaar zit, maar Verbeet heeft het over een ander type. Namelijk de politici die uiteenzetten waarom iets niet kan, die ingaan op het compromis. Daar hebben we er wel erg veel van. Het is bijna een plaag. Bedenk een plan, leg het voor aan een politicus en hij of zij begint te vertellen waarom het niet kan. Of in ieder geval niet zo kan. Is dat de taak van een politicus? Stemmen we op iemand die ons kan uitleggen waarom iets niet mogelijk is?

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

KSTn | Hogere stemkunde

Logo kamerstukken van de dagAf en toe kan het geen kwaad om ook eens aandacht te besteden aan de complexiteit van het werk van Tweede Kamerleden. Ik wil dit graag doen aan de hand van de stemmingslijst (pdf alert) van vandaag bij een wetsvoorstel, te weten die van de Crisis- en herstelwet. Dat is dan ook gelijk een grappig voorbeeld, als je beseft dat die er om te doen is om bepaalde zaken te versnellen in het belang van de economische ontwikkeling.

Ga er eens rustig voor zitten. Na de breek volgen namelijk de stemmingsuitslagen van de amendementen en moties. Het wetsvoorstel zelf is, zover ik kan zien, nog niet in stemming gebracht.
Daar gaan we:

Stemming 10a. Stemming over: motie ingediend bij Regels met betrekking tot versnelde
ontwikkeling en verwezenlijking van ruimtelijke en infrastructurele projecten
(Crisis- en herstelwet)
32 127, nr. 95 -de motie-Ouwehand over intrekking van de Crisis- en herstelwet V

Stemmingen 11. Stemmingen in verband met:
32 127 Regels met betrekking tot versnelde ontwikkeling en verwezenlijking van ruimtelijke en infrastructurele projecten (Crisis- en herstelwet)
– gewijzigd amendement Ouwehand (110, I) V
– nader gewijzigd amendement Vendrik (103,I) V

Indien 103 verworpen:
– amendement Ouwehand (64) V
– artikel 1.1
– gewijzigd amendement Vendrik (113, I) V
Indien 113 verworpen:
– gewijzigd amendement Vendrik (117) V
– artikel 1.2
– artikel 1.3
– gewijzigd amendement Vendrik (114, I) V
– artikel 1.4
– amendement Ouwehand (63,I) V
– artikel 1.5
– amendement Ouwehand (70) V
– artikel 1.6
– amendement Ouwehand (71) V
– artikel 1.6a
– artikelen 1.7 en 1.8
– gewijzigd amendement Vendrik (115,I) V
– artikel 1.9
– amendement Ouwehand (63,II)
– gewijzigd amendement Vendrik (115,II)
– artikel 1.9a
– artikel 1.10
– nader gewijzigd amendement Vendrik (103, II)
Indien 103 verworpen:
– amendement Ouwehand (64,II)
Indien 103 en 64 verworpen:
– amendement Vendrik (93) V
– artikel 1.11
– amendement Ouwehand (65,I) V
Indien 65 verworpen:
– gewijzigd amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (118) A
– artikel 1.12
– gewijzigd amendement Ouwehand (110,II)
– artikel 2.1
– amendement Ouwehand (110,III)
Indien 110 verworpen:
– amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink/Samsom (40,I) A
– artikel 2.2
– amendement Ouwehand (110,III)
Indien 110 verworpen:
– amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (40,II
Indien 110 en 40 verworpen:
– amendement Roemer (88,I) V
– nader gewijzigd amendement Van der Ham (119,I) V
NB! Indien nr. 119 en nr. 110 beide worden aangenomen worden de teksten in elkaar verwerkt.
– artikel 2.3
– gewijzigd amendement Wiegman-van Meppelen Scheppink (131) A
– amendement Ouwehand (73,I) V
Indien 73 verworpen:
– amendement Koopmans/Samsom (82) A
– amendement Ouwehand (74) V
– artikel 2.4
– artikelen 2.5 en 2.6
– amendement Vendrik c.s. (81) A
– artikel 2.7
– artikel 2.8
– gewijzigd amendement De Mos (112) A
– artikel 2.9
– artikel 2.10
– gewijzigd amendement Van der Staaij (129) V
– gewijzigd amendement Van der Staaij (128) A
– artikel 2.10a
– artikel 2.11
– artikel 2.12
– artikelen 2.13 en 2.14
– gewijzigd amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (132)
– artikel 2.15
– artikelen 2.16 en 2.17
– amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (122,I en II) A
– artikel 2.18
– amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (122,III) A
– artikel 2.19
– amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (122,IV)
– artikelen 2.20 tot en met 2.23
– gewijzigd amendement Roemer (137,I) V
– artikel 3.1
– gewijzigd amendement Roemer (137,II)
Indien 50 verworpen:
– gewijzigd amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink(123)
– gewijzigd amendement Roemer (137,III,IV) A
– artikel 3.2
– artikel 3.3
– gewijzigd amendement Vendrik en Van Gent (116) V
– artikel 3.4
– gewijzigd amendement Ouwehand (111,I) V
– gewijzigd amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (125) V
– artikel 3.5
– artikel 3.6
– gewijzigd amendement Roemer (108) V
– artikel 3.7
– amendement Ouwehand/Roemer (130,I) V
Indien 130 verworpen:
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (47,I) V
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (52,I) V
– amendement Ouwehand (68,I) V
– amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink/Samsom (51,I,II) A
Indien 51 verworpen:
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (47,II)
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (47,III)
– amendement Ouwehand (68,II)
Indien 68 verworpen:
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (47,IV)
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (52,II)
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (47,V)
– amendement Ouwehand (68,III)
Indien 75 en 68 verworpen:
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (47,VI)
– amendement Ouwehand (68,IV,V)
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (47,VII,VIII)
– gewijzigd amendement Ouwehand (111,II)
Indien 111 verworpen:
– amendement Van der Ham (107) V
– gewijzigd amendement Samsom/Koopmans (135,I) A
– amendement Aptroot/Snijder-Hazelhoff (46,I) V
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (47,IX)
– amendement Aptroot/Snijder-Hazelhoff (46,II)
Indien 46 verworpen:
– gewijzigd amendement Ouwehand
(111,III)
NB. De amendementen Samsom/Koopmans (135,I), Aptroot/Snijder-Hazelhoff (46,I), Van der Ham (107), Snijder-Hazelhoff/Aptroot (47,IX), Aptroot/Snijder-Hazelhoff (46,II) en het gewijzigd amendement Ouwehand (111,III) worden, voor zover zij worden aangenomen in elkaar verwerkt, met dien verstande dat als amendement Aptroot/Snijder-Hazelhoff (46,II) wordt aangenomen, in onderdeel H, artikel 19kf komt te vervallen.
– gewijzigd amendement Samsom/ Koopmans
(135,II,)
– amendement Ouwehand (109) V
Indien 75 en 109 verworpen:
– gewijzigd amendement
Samsom/Koopmans (135,III)
– amendement Ouwehand (68,VI,VII)
Indien 68 verworpen:
– amendement Snijder-Hazelhoff/Aptroot (47,X,XI)
– artikel 3.8
– amendement Van der Staaij (127) V
Indien 127 verworpen:
– gewijzigd amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (126) A
– artikel 3.9
– artikel 3.9a
– amendement Ouwehand (99,I) V
Indien 99 verworpen:
– amendement Ouwehand (130,II)
Indien 130 verworpen:
– gewijzigd amendement Ouwehand (111,IV)
– amendement Aptroot/Van der Staaij (124,I) V
– artikel 3.10
– artikel 3.11
– amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (72) A
– amendement Ouwehand (100,I) V
Indien 100 verworpen:
– amendement Ouwehand (130,III)
Indien 100 en 130 verworpen
– gewijzigd amendement Ouwehand (111,V)
– amendement Aptroot/Van der Staaij (124,II)
– artikel 3.12
– artikel 3.13
– amendement Aptroot/Van der Staaij (124,III)
– artikel 3.14
– amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (76,I) A
– artikel 3.15
– artikelen 3.16 tot en met 3.17
– amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (76,II)
– artikel 3.18
– artikelen 3.19 en 3.20
– amendement Ouwehand (110,V)
– amendement Aptroot (44,I)
– nader gewijzigd amendement Van der Ham (119,II)
– artikel 3.21
– amendement Ouwehand/Roemer (130,IV)
– nader gewijzigd amendement Van der Ham (119,III)
– artikel 3.22
– amendement Aptroot/Van der Staaij (124,IV)
– artikel 3.23
– amendement Aptroot/Van der Staaij (124,V)
– gewijzigd amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (125,II)
– artikel 3.24
– gewijzigd amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (125,III)
– artikel 3.24a
– artikelen 3.25 en 3.26
– amendement Koopmans (104) A
– artikel 4.1
– artikel 4.2
– gewijzigd amendement Samsom c.s. (134) A
– gewijzigd amendement Vendrik (80) V
– amendement Vendrik (22) V
Indien 22 verworpen:
– amendement Vendrik (113,III)
– amendement Ouwehand (110,VI)
– artikel 5.1
– amendement Vendrik (10) V
Indien 10 verworpen:
– amendement Vendrik (113,III)
– amendement Ouwehand (110,VII)
Indien 10, 11 en 110 verworpen:
– amendement Roemer (88,II)
– artikel 5.2
– amendement Wiegman-Van Meppelen Scheppink (27) A
– gewijzigd amendement Vendrik (114,II)
– gewijzigd amendement Vendrik (115,III)
– gewijzigd amendement Vendrik (114,III)
– gewijzigd amendement Vendrik (115,IV)
NB1. Indien het gewijzigd amendement Vendrik met nummer 114 en het gewijzigd amendement Vendrik met nummer 115 beiden worden aangenomen, komt de tekst van artikel 5.3 als volgt te luiden:
De artikelen 1.6 tot en met 1.8 zijn niet van toepassing indien beroep wordt ingesteld tegen een besluit dat is bekendgemaakt voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, dan wel hoger beroep wordt ingesteld tegen een uitspraak die voor dat tijdstip is bekendgemaakt.
NB2. Indien zowel het gewijzigd amendement Vendrik met nummer 117 als het amendement van het lid Wiegman-Van Meppelen Scheppink c.s met nummer 27 worden aangenomen, vervalt in het in te voegen artikel 5.2a de aanduiding 1.2.
– artikel 5.3
– artikelen 5.4 en 5.5
– amendement Ouwehand (99,II)
– artikel 5.5a
– amendement Ouwehand (100,II)
– artikel 5.5b
– amendement Vendrik (103,III)
Indien 103 verworpen:
– amendement Ouwehand (64,III)
– artikel 5.6
– gewijzigd amendement Ouwehand (110,VIII)
Indien 67 verworpen:
– amendement Roemer (87) V
Indien 67 en 87 verworpen:
– amendement Roemer (88,III)
– artikel 5.7
– artikelen 5.8 en 5.9
– amendement Samsom/Wiegman-Van Meppelen Scheppink (32) A
– amendement Koopmans (41) V
Indien 41 verworpen:
– amendement Aptroot (44,II)
– amendement Aptroot (44,III)
– gewijzigd amendement Ouwehand (110,IX)
– amendement Ouwehand (73,II)
– artikel 5.10
– nader gewijzigd amendement Van der Ham (119,IV)
– artikel 5.11
– amendement Vendrik (103,IV)
Indien 103 verworpen:
– amendement Ouwehand (64,IV)
– amendement Ouwehand (58) V
– gewijzigd amendement van der Ham/Vendrik (106) V
– amendement Ouwehand (60) V
– amendement Samsom/Wiegman-Van Meppelen Scheppink (31) A
Indien 31 verworpen:
– amendement Ouwehand (61)
Indien 31 en 61 verworpen:
– amendement Ouwehand/Roemer (130,V)
– nader gewijzigd amendement Van der Ham (119,V)
– Bijlage I
– nader gewijzigd amendement Vendrik (103,V)
Indien 103 verworpen:
– amendement Ouwehand (64,V)
– amendement Roemer (49) V
– nader gewijzigd amendement Koopmans (136,I) A
– amendement Vendrik/Van der Ham (14) V
– nader gewijzigd amendement Koopmans (136,II)
– amendement Vendrik (16) V
– amendement Vendrik (17) V
– amendement Vendrik (24) V
– amendement Vendrik (21) V
– amendement Vendrik (19) V
– nader gewijzigd amendement Koopmans (136,III)
– amendement Samsom c.s. (53) A
– nader gewijzigd amendement Koopmans (136,IV)
– nader gewijzigd amendement Van der Ham (119,VI)
– Bijlage II

– amendement Ouwehand (65,II)
Indien 65 verworpen:
– amendement Vendrik (20) V
– nader gewijzigd amendement Van der Ham (119,VII)
– Bijlage III

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Quote van de Dag: Blunderput

“Er is voor dit project niets meer aan te doen. Dit beetje extra zijn we kwijt. We moeten als gemeente lessen leren en deze risico’s niet meer nemen maar bij de ontwikkelaar neerleggen.”

De Rotterdamse blunderput wordt weer duurder. GroenLinks raadslid Arno Bonte vindt dat de overheid de risico’s van dit soort grote projecten niet meer moet dragen. Is dat een realistische gedachte of niet?

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Verkiezingen 18 november: Armoede

GC heeft ruimte voor gastloggers. Vandaag levert onze maandelijkse gast, P.J. Cokema, een bijdrage aan de reeks over de gemeenteraadsverkiezingen van onze redacteur Eurocraat.

Dijk Reiderland (Foto: Flickr/Rookuzz)

“Op 18 november vinden er in zes gemeentes al gemeenteraadsverkiezingen plaats, in verband met herindelingen. GC kijkt vooruit naar de interessantste van deze verkiezingen,” zo leidde Eurocraat zijn reeks over bijzondere gemeenten in. Een herindeling moet positieve gevolgen hebben. In de eerste plaats natuurlijk de afslanking van de overheid in het algemeen. En de lokale voordelen in het bijzonder? Mag ik u vandaag de vier armste fusie-gemeenten van Nederland voorstellen? Voor een dubbeltje geboren en nog steeds geen kwartje geworden. Misschien is een stemadvies voor de verkiezingen in maart op zijn plaats?

Als criteria voor het begrip ‘armste fusie-gemeenten’ heb ik het gemiddeld inkomen per inwoner als uitgangspunt genomen. Landelijk ligt dat rond de 21 duizend euro. De vier gemeenten met het laagste gemiddelde inkomen per persoon zijn Reiderland (11.000 euro), Pekela, Dantumadeel (elk 11.100 euro) en Eemsmond (11.200 euro). Reiderland, Pekela en Eemsmond zijn sinds 1990 fusie-gemeenten, Dantumadeel al vanaf 1984. Het zal u niet verbazen dat in deze noordelijke oorden de gemeenteraden worden gedomineerd door linkse partijen. Of wat daarvoor doorgaat. Gerekend over het aantal zetels van al deze vier gemeenten, heeft de linkervleugel 53% in bezit, de rechterflank neemt 27% voor haar rekening en 20% wordt bezet door lokale partijen. In de verhoudingen is er dus een verschil van 26% in het voordeel van links.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Quote van de Dag: Bonnen schrijven is gezag

“Het instrument om het gezag te vergroten, is het schrijven van bonnen. Mensen vinden het hartstikke goed dat een bumperklever of iemand die altijd door rood rijdt, een bon krijgt.”

Heel Nederland vraag zich af in welk imaginair land minister Guusje ter Horst leeft. ‘Bonnen schrijven’ wordt immers niet geassocieerd met de door haar genoemde voorbeelden.

Vorige Volgende