Dekker

28 Artikelen
52 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Martijn Dekker is politiek antropoloog en docent aan de Universiteit van Amsterdam.

Na het conflict

Al sinds jaar en dag pogen universiteiten de wereld van de wetenschap dichter bij het volk te brengen door de zogeheten studium generale. Hoewel het begrip aanvankelijk stond voor een minimale verscheidenheid aan faculteiten en studies waardoor een instituut zich een universiteit mocht noemen, wordt het tegenwoordig meestal gebruikt om een verzameling lezingen en debatten aan te duiden, waarbij verschillende vakgebieden aan de orde komen. Zo biedt ook de universiteit van Utrecht zo’n reeks lezingen aan. Tijdens openbare bijeenkomsten krijgen wetenschappers een podium, waarop ze op toegankelijke manier mogen vertellen over hun onderzoek, waarna de bezoekers vragen kunnen stellen of debatteren over het thema van de avond.

Op 1 oktober was het thema ‘Na het conflict’. Tijdens het symposium, wat mede werd georganiseerd door de Studentenvereniging voor Internationale Betrekkingen (SIB) en ontwikkelingsorganisatie Oikos, konden bezoekers aan verschillende tafels in debat gaan met wetenschappers en ervaringsdeskundigen, aan de hand van evenzovele invalshoeken – zoals de rol van kunst, journalistiek en internationaal recht in een postconflictsituatie.

Naming the Dead

De avond werd geopend door prof. dr. Beatrice de Graaf, hoogleraar “Conflict en Veiligheid in Historisch Perspectief” aan de Universiteit Leiden, bij het Centre for Terrorism and Counterterrorism. En daarnaast sinds dit jaar ook officieel Zomergast, wat zeker voor een wetenschapper een mooie “beloning” is en vooral ook een uitgelezen kans om eigen onderzoeksinteresses onder de aandacht te brengen.

Metroseksuelen zijn de echte mannen

OPINIE - Volgens de 29-jarige Paulien Derwort willen vrouwen een “echte man”. Een kerel, niet zo’n verwijfd ventje met v-hals. En dat blijkt nog geen sinecure in een samenleving die feminiseert, omdat mannen steeds minder testosteron blijken te hebben en zich daardoor dus “vrouwelijker” gedragen.

Het stuk van Derwort, in NRCnext van 3 oktober, deed me eens kritisch in de spiegel kijken. Letterlijk. En terwijl ik peinzend naar mijn paarse v-halsshirt keek, naar mijn gladgeschoren babyface – nog naglimmend van de dagcrème die ik even daarvoor had opgesmeerd – naar mijn hippe kapsel – ferme kuif, opgeschoren aan de zijkanten – en naar mijn gympies en skinny jeans, besef ik me dat ik het vleesgeworden symbool ben van haar aanklacht.

Maar is dat inderdaad zo? Is haar aanklacht überhaupt wel terecht? Allereerst vraag ik me af hoeveel vrouwen Derwort vertegenwoordigt. Zijn er niet genoeg vrouwen die het eigenlijk wel prettig vinden als hun man of vriend zich een beetje verzorgt? Goed, er is een grens, die zo ergens tussen dagcrème en eyeliner loopt, maar een beetje grooming, strakgesneden kleding en een zorgvuldig gekamde coupe worden volgens mij wel op prijs gesteld. Althans, dat zijn de geluiden die ik opvang.

Foto: Truus, Bob & Jan too! (cc)

Ontslag voor wetenschappers is geen enkeltje Auschwitz

OPINIE - Op donderdag 19 september verscheen er een open brief in de media, afkomstig van zes stafleden van de faculteit Geesteswetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen. De hoogleraar en docenten wonden zich op over het feit dat ze bij een reorganisatie hun functie kwijt gaan raken en dat ze op korte termijn in een re-integratietraject geplaatst worden. Hun nieuwe functietitel is daardoor niet langer “docent”, maar “herplaatsingskandidaat” of, kortweg, HPK.

De kwestie staat helaas niet op zichzelf. Universiteiten kampen al jaren met dalende financiering en stijgende studentenaantallen, waardoor bezuiniging op bezuiniging gestapeld wordt. En aangezien managers de dienst uitmaken in de academische wereld en marktdenken de norm is, zijn minder rendabele opleidingen en afdelingen logischerwijs de eerste en meest voor de hand liggende slachtoffers. Dat lijkt in deze zaak het geval. De stafleden in kwestie houden zich allen bezig met het bestuderen van Scandinavische talen, wat een cynicus zal doen verzuchten dat het nutteloos is om hier geld aan te besteden en dat wetenschappers zich beter kunnen bezighouden met onderzoek waar we ook daadwerkelijk iets aan hebben.

Ik ben het niet eens met de cynicus. Kleine wetenschappelijke afdelingen hebben ook – en misschien wel juist – bestaansrecht. Sterker nog, een universiteit waar alleen praktisch, toegepast onderzoek wordt gedaan, veronachtzaamt een belangrijk deel van haar maatschappelijke functie en concurreert voornamelijk met HBO-opleidingen. Nu zijn zowel toegepast onderzoek als HBO-opleidingen een vitaal element van de Nederlandse samenleving, en het onderwijssysteem in het bijzonder, maar datzelfde geldt voor afdelingen die zich bezighouden met onderzoek dat niet direct in klinkende munt om te zetten is.

Ik zweef!

Waarin de auteur geen stemverklaring kan geven, omdat hij het nog niet weet.

Nog nooit heb ik zoveel nagedacht over naderende verkiezingen en de gevolgen ervan. Ligt het aan ‘de crisis’ dat het lijkt alsof deze verkiezingen de belangrijkste in decennia zijn? Of aan het inzicht dat we op een punt zijn aanbeland dat er serieus(!) werk gemaakt moet worden van de verduurzaming van onze economie? Of misschien is het wel gewoon mijn voortschrijdende leeftijd. Oscar Wilde schreef ooit: “The old believe everything; the middle aged suspect everything: the young know everything.” En nu ik de dertig gepasseerd ben, ga ik inderdaad twijfelen aan mijn ooit zo rotsvaste overtuigingen.

Ik zweef. En dat is een vreemd gevoel.

Ik heb mijn hele leven op GroenLinks gestemd, ben zelfs lid, maar nu is er twijfel. De diverse wijzers, kompassen en hulpen kunnen deze twijfel niet bevestigen, want GL staat telkens stijf bovenaan, maar toch neig ik er steeds meer naar om op de PvdA te stemmen. En dat voelt een beetje als vreemdgaan. Bovendien vind ik het eigenlijk wel een beetje lullig voor Jolande Sap, die zo ontzettend haar best doet, hoewel ik in haar allerminst de gedroomde lijsttrekker zie.

Word ik dan meegezogen in de succesroes van ‘wonderboy’ Samsom? Ik sluit niet uit dat zijn sterke optredens een rol spelen. Diverse onderzoeken tonen aan dat peilingen wel degelijk invloed kunnen hebben op het stemgedrag van mensen. Als een partij stijgt in de peilingen, zeker als dit benadrukt wordt door de media, wordt dit effect nog eens vergroot doordat mensen graag meegaan in dit succes. Noem het ‘kuddegedrag’.

Resultaten tellen niet voor de PVV’er: het gaat om het gebaar

Politicoloog Chris Aalberts deed onderzoek naar waarom mensen op de PVV stemmen. En vond dat de aanhangers van Wilders het niet per se inhoudelijk met hem eens zijn.

“Nee, de PVV gaat de problemen niet oplossen. Maar dat maakt helemaal niet uit! Wilders noemt problemen tenminste bij de naam. En hij schopt tegen de gevestigde orde aan. Daar gaat het de PVV-stemmers om.”

De toon is gezet. Voordat de eerste exemplaren van zijn nieuwe boek ‘Achter de PVV’ aan Joost Eerdmans en Hero Brinkman worden aangeboden, geeft Chris Aalberts tijdens zijn inleidende praatje onomwonden aan waarom mensen nu eigenlijk op de PVV stemmen. En hij geeft daarmee ook duidelijk aan dat de meerderheid van de achterban de extreme ideeën van Wilders niet per se onderschrijft.

Zijn PVV’ers dan niet allemaal islamofoob en anti-Europa? Nee, natuurlijk niet. En eigenlijk weten we allemaal wel dat het wat genuanceerder ligt. Grofweg zijn er volgens Aalberts drie thema’s waarover PVV-stemmers zich zorgen maken: (1) de politiek is niet transparant (achterkamertjespolitiek), (2) de individualisering is doorgeschoten, waardoor traditionele (Nederlandse) normen en waarden afbrokkelen, en (3) de integratie van buitenlanders faalt.

Om deze thema’s aan de orde te stellen en zijn achterban te bedienen, maakt Wilders gebruik van expressieve (of emotionele) politiek, wat Aalberts tegenover instrumentele politiek stelt. Deze laatste vorm van politiek bedrijven is pragmatischer en meer gericht op het ook daadwerkelijk ten uitvoer brengen van beleidsvoorstellen.

Oranje moet EK boycotten

Nu de Tweede Kamer zich opmaakt om onderwerpen en dossiers als ‘controversieel’ aan te merken, kan het geen kwaad om ook de buitenlandse politiek daarbij te betrekken. Niet alleen moeten de steeds inniger banden met Israël eens kritisch tegen het licht gehouden worden, ook ontwikkelingen op sportief gebied verdienen onze aandacht.

Onlangs werd bekend dat de Oekraïense oud-premier Julia Timosjenko in haar cel in hongerstaking is gegaan, uit protest tegen de voortdurende mishandelingen en vernederingen die zij moet ondergaan. Het sterk gepolitiseerde proces dat leidde tot haar zevenjarige gevangenisstraf was al een schande, maar deze laatste ontwikkeling toont eens te meer aan dat Oekraïne het niet zo nauw neemt met mensenrechten.

Mevrouw Timosjenko is helaas slechts een voorbeeld van een steeds repressiever wordend regime dat bruut optreedt tegen, onder meer, asielzoekers, homoseksuelen en andere minderheidsgroepen. Mensenrechtenorganisaties worden geïntimideerd en continu tegengewerkt, migranten worden gemarteld, waarbij in sommige gevallen zelfs electrische schokken zijn toegediend, en politiegeweld is wijdverbreid; de rapporten van organisaties als Amnesty International en Human Rights Watch over Oekraïne zijn talrijk. De bomaanslagen van vandaag, de politieke spanningen, en de ongetwijfeld harde reactie vanuit de overheid komen daar nog eens bovenop.

Datzelfde Oekraïne organiseert de komende zomer samen met Polen het Europees Kampioenschap voetbal. Wat voor de meeste mensen een feestje zou moeten zijn, krijgt zo een heel wrange bijsmaak. Over enkele maanden zullen honderdduizenden voetbalfans afreizen naar Oekraïne om daar hun nationale helden aan te moedigen, terwijl ze over het algemeen in totale onwetendheid verkeren over de politieke situatie. In mijn ogen wringt dit.

Foto: Eric Heupel (cc)

Multitalent Rob Oudkerk

Op een vroege zondagochtend trakteerde de website van de Volkskrant mij op een haarscherpe, cultuurfilosofische analyse van de ‘ondragelijke lichtheid en de gekoesterde middelmaat’ die ons kikkerlandje kenmerkt. Geconfronteerd met de competitieve en op excellentie gerichte samenleving van Hongkong, werd de auteur van het stuk maar al te duidelijk dat wij hier in Nederland in een neerwaartse spiraal van lethargische en visieloze navelstaarderij terecht waren gekomen.

Wat een inzicht. Meteen schoten woorden als ‘vinger’ en ‘zere plek’ te binnen en een euforisch gevoel om drastisch het roer om te gooien, maakte zich van mij meester.

Cynisch? Dat mag je wel zeggen. Maar mijn cynisme ebde echter snel weg toen ik de naam van de auteur ontwaarde. Van verbazing viel mijn mond open. Rob Oudkerk? Toch niet de man die…

Jawel, die Rob Oudkerk.

De man die, naast arts en lector leefstijlverandering(?), dus ook een kritisch cultuurfilosoof blijkt te zijn. Laat me niet lachen. In een paar alinea’s en zonder enkele vorm van nuance of relativering de Nederlandse samenleving afserveren als visieloos en ongeïnspireerd, en het autoritaire regime van Hongkong, dat de facto door Beijing wordt bestuurd, presenteren als ware het Thomas More’s Utopia. Misschien is een korte vakantie niet genoeg om een echt beeld van een land te krijgen.

Game explainer

Toen Sargasso tien jaar geleden het licht zag, was de wereld net ingrijpend veranderd. Het post-9/11-tijdperk was aangebroken en het startsein voor de ‘War on Terror’ werd gegeven door middel van de inval in Afghanistan. Zo bezien kan de geboorte van Sargasso bijna geen toeval zijn. De veranderde, politieke spelregels schreeuwden om commentaar en een kritisch weblog was daar een uiterst geschikt podium voor.

Hoewel er, niet in de laatste plaats op internet, enorm veel ophef ontstond over de agressieve nieuwe buitenlandpolitiek van met name de Verenigde Staten, die inmiddels de ‘Bush Doctrine gedoopt is, kun je twisten over het belang van die ene dag in september en de vraag of daadwerkelijk een nieuw tijdperk aangebroken was. Was de wereld echt veranderd na die aanslagen? Aan de ene kant niet. Wat dat betreft ben ik het wel eens met de (omstreden) nuancering die Maarten van Rossem aanbracht in de discussie. Het aantal terroristische aanslagen is nu niet bepaald significant toegenomen en de Derde Wereldoorlog is al helemaal niet uitgebroken. Nee, vermoedelijk zal de kredietcrisis een grotere impact op onze levens hebben.

Maar aan de andere kant, als talloze mensen, waaronder bepalende beleidsmakers, gaan handelen naar het idee dat de wereld veranderd is, dan heeft dat zonder meer het effect van een self-fulfilling prophecy. In praktische zin, met de globale War on Terror en de absolute heiligverklaring van veiligheid in alle soorten en maten, is er wel degelijk veel veranderd ten opzichte van de jaren negentig. Of het nu gaat om de voortdurende en immer toenemende schendingen van onze privacy – niets is meer privé – de vliegvelden die steeds meer op militaire forten lijken, de toegenomen angst voor alles wat vreemd of buitenlands is en het succes van populistische partijen die die angst weten te kapitaliseren; we zien dagelijks en overal om ons heen ontwikkelingen die in verband kunnen worden gebracht met de aanslagen op 11 september 2001.

Afpakken Tanja Nijmeijers paspoort symboolpolitiek

Regeringspartij CDA is het, bij monde van Kathleen Ferrier, beu dat de daden van ‘terroriste’ Tanja Nijmijer geromantiseerd worden en vraagt Minister van Buitenlandse Zaken Rosenthal daarom te onderzoeken of Nijmeijer het Nederlandse staatsburgerschap ontnomen kan worden.

Nu is het, om te beginnen, op zijn minst nogal twijfelachtig dat een regeringspartij iemand het staatsburgerschap wenst te ontnemen op basis van obscure videofragmenten, zonder enige vorm van proces. Dit riekt naar ‘trial by media’ en hoewel het enigszins in lijn met uitspraken van de PVV is, getuigt het van weinig respect voor de rechtsstaat. Daarnaast lijkt het me een onwenselijke inmenging in wat primair een binnenlandse Colombiaanse aangelegenheid is. Dat Ferrier zich ergert aan het feit dat Nijmeijer nog niet is opgepakt, staat de facto gelijk aan beweren dat de Colombiaanse overheid faalt in zijn aanpak van de FARC. Dat is nogal wat voor een Nederlands Tweede Kamerlid. Zou mevrouw Ferrier het dossier zorgvuldig bestudeerd hebben? Als dat het geval is en als ze inderdaad de Colombiaanse overheid terecht wil wijzen, dan moet ze ook daad bij woord voegen en Minister Rosenthal ondubbelzinnig verzoeken deze boodschap aan de ambassadeur over te brengen.

Maar laten we elkaar niet voor de gek houden. De oproep van het CDA heeft niets te maken met buitenlandpolitiek, maar is slechts bedoeld voor het Nederlandse publiek (lees: Henk en Ingrid). Het is dan ook zinloze symboolpolitiek om Nijmeijer het Nederlanderschap te ontnemen omdat zij, hoegenaamd, criminele en/of terroristische daden heeft begaan. Moeten we, met deze gebeurtenis als eventueel precedent, dan meteen ook alle veroordeelden in buitenlandse gevangenissen het staatsburgerschap ontnemen en ze aan hun lot overlaten?

Martijn van Dam moet eens vooruit kijken

“De massa-immigratie kwam van rechts,” aldus Martijn van Dam in de Volkskrant. De kop doet het ergste vermoeden. Het begint al met het gebruik van het typische discours waarin een bepaald fenomeen wordt toegeschreven aan een van beide zijden van het politieke spectrum – inmiddels al een platgetreden pad, zo niet een doodlopende weg. Dat Van Dam een complex vraagstuk als de “massale” instroom van migranten met terugwerkende kracht aan de rechtse partijen toeschrijft, staat in dit geval echter vooral symbool voor de schrijnende ideeënarmoede bij de sociaaldemocraten.

De PVDA moet een nieuwe, sociaaldemocratische visie ontwikkelen, in tijden waarin hufterigheid, globalisering en terrorisme meer leven dan de traditionele klassenstrijd. Zo’n nieuwe visie moet bij uitstek gericht zijn op de toekomst. En dat heeft Van Dam overduidelijk niet begrepen. Problemen rondom immigratie en integratie simpelweg afdoen als “het is hun schuld, want hullie lieten het gebeuren in de jaren zestig en zeventig” getuigt van radeloosheid. Naast nutteloos, is een dergelijke beschuldiging ook moeilijk hard te maken. We hebben in Nederland nooit puur linkse of rechtse regeringen gehad, maar altijd coalities. Een van de kenmerken van de Nederlandse politiek is bovendien continuïteit; het is nog nooit voorgekomen dat een nieuw kabinet volledig uit nieuwe partijen bestaat ten opzichte van het vorige. Met andere woorden, in ieder kabinet zit een partij die ook in het voorgaande kabinet meeregeerde. Als je dan toch wilt wijzen, kun je dus veel beter de Christendemocraten van alles de schuld geven. Afgezien van de “jaren Paars” hebben zij sinds de invoering van het algemeen kiesrecht namelijk altijd in de regering gezeten.

Foto: Eric Heupel (cc)

Rellen VK geen gevolg falend sociaal beleid

“Falend sociaal beleid” is een veel te simplistische verklaring voor de rellen die Groot-Brittannië momenteel teisteren. Bezuinigingen op sociale voorzieningen en een hoge jeugdwerkloosheid hebben ongetwijfeld bijgedragen aan de extreme geweldsgolf, maar culturele verschijnselen hebben minstens zo’n belangrijke invloed.

Jarenlange blootstelling aan geweldsverheerlijking in films, videoclips en computerspelletjes; de als zeer dwingend ervaren druk om op de hipste sneakers te lopen en de meest fancy gadgets te hebben; de rebelse baldadigheid die nu eenmaal bij adolescenten hoort; de intensieve communicatie via sociale netwerken; een zucht naar aandacht en erkenning, ook al is die negatief en veroordelend van aard – het zijn allemaal dieper liggende oorzaken die bijdragen aan de voedingsbodem voor dit soort uitwassen. Ze zijn bovendien ‘geglobaliseerd’ en dus, helaas, allerminst uniek voor Engeland of de Parijse voorsteden en buitenwijken.

Natuurlijk kan een beter sociaal beleid ervoor zorgen dat de vlam minder snel in de pan slaat, maar het is naïef om te denken dat de overheid dit had kunnen voorkomen. Groepsdynamiek en vernielzucht laten zich nu eenmaal moeilijk voorspellen. En ook moeilijk corrigeren, tenzij je voorstander bent van een autoritaire politiestaat. We moeten met z’n allen ons hoofd (blijven) breken over manieren om dit te voorkomen, natuurlijk, maar laten we wel realistisch blijven en ons beseffen dat we sommige ontwikkelingen nu eenmaal moeilijk kunnen beïnvloeden of voorkomen, en dat de overheid, als onze collectieve vertegenwoordiging, daarop geen uitzondering vormt en allerminst almachtig is.

Foto: Eric Heupel (cc)

Vrienden van Israël

Opstootje in Jeruzalem (Foto: Flickr/Martijn Dekker)

Telkens als ik door het weidse heuvellandschap van de Westelijke Jordaanoever rijd – meestal tussen Ramallah en het even buiten Nablus gelegen vluchtelingenkamp Askar, mijn huidige verblijfplaats ? word ik overvallen door een gevoel van ergernis.

Op bijna elke heuveltop ligt wel een Joodse nederzetting, soms een compleet ommuurde, op een Vinexwijk lijkende stad, soms niet meer dan een paar lukraak geplaatste caravans. De ongeneerde provocatie, al zijn het maar de tientallen Israëlische vlaggen die de toegangswegen opsieren, is tergend. Een welgemikte klap in het gezicht van voorstanders van een twee-statenoplossing. Maar telkens als ik in een servicetaxi over die weg tussen Ramallah en Nablus raas, word ik vooral ook overvallen door verbazing. Hoe kan het dat Israël al zo lang ongestraft wegkomt met het negeren van internationale regelgeving en verdragen, het ondermijnen van vredesbesprekingen, en het continu inperken van de speelruimte van de onderhandelingen die daarbij horen? Recent werd een nieuwe legerorder van kracht, waardoor de weg is vrijgemaakt voor de deportatie van vele duizenden Palestijnen uit de Westelijke Jordaanoever ? een maatregel die overduidelijk in strijd is met het Internationaal Recht en daarnaast met de eerder gemaakte afspraken tussen de partijen. Ik zou niet willen zeggen dat het de druppel is die de emmer doet overlopen. Het is, om de analogie nog wat voort te zetten, al tijden dweilen met de kraan open. Dat neemt echter niet weg dat de wereldwijde verontwaardiging die nu is ontstaan eindelijk eens aangegrepen kan worden voor echte maatregelen.

Volgende