serie

Filosofie van de Oudheid

Foto: daisy.images (cc)

Marcus Aurelius (1): keizer tegen wil en dank

De worsteling van de stoïcijn met zijn eigen negatieve emoties zien we vooral terugkomen in het geschrift van keizer Marcus Aurelius, die in de tweede eeuw van onze jaartelling leefde. Het enige boek dat hij schreef, Meditaties of Overpeinzingen, was aan zichzelf gericht, als een stoïcijnse oefening. Het was waarschijnlijk nooit zijn bedoeling dat iemand het zou uitgeven. Maar het geldt als een literair meesterwerk, en een van de belangrijkste laat-stoïcijnse geschriften.

Bij het lezen ervan krijgen we de indruk dat Marcus Aurelius tegen wil en dank keizer is geworden. Hij lijkt het vervullen van zijn functie te ervaren als een loden last. Vooral de kunst om iedereen rechtvaardig tegemoet te treden ziet hij als een hele opgave. De onderlinge ruzies en machtsstrijd van de mensen aan het hof en tussen de volkeren onderling vielen hem duidelijk zwaar.

Relativering

Marcus Aurelius gebruikt de stoïcijnse filosofie om zijn moeilijkheden te lijf te gaan, en om ze te relativeren. Om afstand te nemen van zijn bestaan als keizer, herhaalt hij keer op keer dat alle menselijke emoties vergeefs zijn, omdat alle mensen uiteindelijk vergaan, terwijl ze tegelijkertijd deel uitmaken van iets dat onnoemelijk veel groter is dan zijzelf. Zoveel groter, dat al die wissewasjes uiteindelijk helemaal niet belangrijk zijn.

Foto: daisy.images (cc)

Epiktetos en de Late Stoa: Zelfprogrammeren

Bij de filosofie van Seneca en Epiktetos krijgt de moderne lezer al snel het idee dat de gegeven adviezen makkelijker zijn gegeven dan opgevolgd. Daar waren ze zich zelf ook van bewust. Het accepteren van de dingen zoals ze zijn, en het leren om daar zelfs van te houden, is volgens de late stoïcijnen niet zomaar te bereiken door genoeg kennis te vergaren, zoals de vroege stoïcijnen meenden. Het is een geestelijke oefening.

Het overwinnen van woede vergt al een hele inspanning. En het overwinnen van verdriet lukt Seneca absoluut niet, geeft hij zelf toe, in het bijzonder waar het gaat om het verlies van dierbaren.

Oefening baart kunst

Maar wie het niet probeert, komt nergens. Seneca raadt zijn lezers aan om filosofische inzichten innerlijk te blijven herhalen, als waren het gebeden. De ware stoïcijn prent zich als ochtendritueel in hoe de zaken in elkaar zitten, spreekt zichzelf gedurende de dag continu toe, en herhaalt voor het slapengaan nogmaals die wijsheden.

Dit stoïcijnse zelfprogrammeren lijkt haaks te staan op het ‘volgen van je gevoel’, dat in onze tijd zo populair is. Tegenwoordig gaan de meeste mensen ervan uit dat iemand eerst een gevoel heeft, en op basis daarvan een keuze maakt. In de stoïcijnse leer is het gevoel juist iets dat rationeel geprogrammeerd kan worden. Iemand maakt een keuze, en zijn gevoel volgt die keuze. Iemand die bijvoorbeeld de keuze maakt om vriendelijk te blijven tegen een onbeleefde klant zal zich vervolgens ook daadwerkelijk meer beheerst en kalm voelen dan iemand die zich laat gaan, althans volgens de stoïcijnse leer. De moderne psychologie toont aan dat die stoïcijnse gedachtegang helemaal zo gek nog niet is.

Foto: daisy.images (cc)

Epiktetos (4): Effectiviteit en levensgeluk

Kort gezegd: een gevecht voeren met de omstandigheden is volgens de Late Stoa meestal zinloos. Het is het gevecht met jezelf waar het om draait. De les van Epiktetos is dat zelfsturing begint met het onderkennen van je eigen beperkingen. Vrijwel al het menselijk falen komt voort uit onrealistische verwachtingen. Wie zich concentreert op de dingen die binnen zijn macht liggen, heeft het meeste succes, en de grootste kans om geluk te bereiken.

Alles is tijdelijk

Wat emotie betreft is Epiktetos veel strenger dan Seneca. Epiktetos raadt een afstandelijke houding aan, ook ten aanzien van verdriet. Wanneer wij onze geliefden of onze kinderen kussen, zegt hij, dan doen we dat in het besef dat dit moment na het kussen voorbij is. Ook moeten we accepteren dat de mensen die wij kussen uiteindelijk allemaal zullen vergaan. Alles is slechts zeer tijdelijk en vergankelijk in het wereldgebeuren.

De stoïcijnse les is: heb het moment lief, ken jezelf, doe je plicht, en praktiseer verder volkomen onthechting. Wie niet kan accepteren dat alles waar we van houden vergankelijk is, leeft continu in angst, en kan niet gelukkig zijn. Sterker nog, hij kan eigenlijk niet eens echt houden van dat wat er is. Daarvoor neemt de angst in zijn leven teveel ruimte in.

Foto: daisy.images (cc)

Epiktetos (3): De dingen binnen onze macht

De kern van Epiktetos’ leer wordt goed samengevat in het volgende citaat, dat overigens niet van hem is:

Maak gebruik van wat in je macht ligt, en aanvaard het overige zoals het komt. Sommige dingen zijn aan ons om te doen en andere dingen zijn niet voor ons weggelegd. Onze meningen zijn van onszelf, net als onze impulsen, verlangens, afkerigheden. Onze lichamen zijn niet van ons, evenmin als onze bezittingen, onze reputaties of onze openbare ambten. (Encheiridion 1.1)

Volgens Epiktetos zijn er dus twee scenario’s: soms zijn we bij machte dingen te veranderen en soms liggen dingen buiten onze macht. Aan de dingen die buiten ons vermogen liggen kunnen we vaak maar weinig doen. Maar binnen onze macht ligt onder andere onze houding tegenover die omstandigheden. Dus stel, je breekt je been op een heel onhandig moment. Dan kun je je daar wel over lopen opwinden, of bij de pakken neerzitten, maar je kunt de situatie zoals die is toch niet veranderen. Wat je wél kunt doen is er het beste van maken, bijvoorbeeld door te genieten van de voorgeschreven rust.

Je verzetten tegen zaken waar je geen invloed op hebt, is het ultieme recept voor ongeluk. Waar we echter wel invloed op kunnen hebben, zijn dus in de eerste plaats onze eigen emoties.

Foto: daisy.images (cc)

Epiktetos (2): Zijn biografie

Epiktetos leefde in de tweede helft van de eerste eeuw van onze jaartelling, vlak na Seneca. Een deel van zijn leven was hij slaaf. Slavernij was in Rome niet aan ras of afkomst gebonden en niet alle slaven werden even slecht behandeld. De slaven in de mijnen hadden het uitzonderlijk slecht, maar slaven bij een meester in de stad behoorden vaak tot het hogere personeel en konden zelfs eigen vermogen beheren.

Zo ver schopte Epiktetos het waarschijnlijk niet, maar als slaaf had hij het in ieder geval toch redelijk goed getroffen. Welke rol hij vervulde voor zijn meester Epafroditos, weten we niet, maar van zijn meester mocht hij in ieder geval filosofie studeren. Nadat hij was vrijgelaten – of zich had vrijgekocht – bracht Epiktetos zijn jaren door als filosofisch docent, eerst in Rome, later in Epirus, in het noordwesten van het huidige Griekenland. Tot zijn publiek behoorde onder andere Publius Aelius Hadrianus, die het nog tot keizer zou brengen.

Zelf heeft Epiktetos nooit geschreven. Maar op basis van zijn onderwijs vervaardigde een van zijn leerlingen een handboekje voor de ware stoïcijn. De stoïcijnen na Epiktetos verwezen veel naar dit filosofisch handboekje, het Encheiridion. De geschiedschrijver Arrianus gaf ook collegedictaten uit.

Foto: daisy.images (cc)

Epiktetos (1): Stoa en Vrije Wil

De antieke stoïcijnen hadden een volkomen deterministisch wereldbeeld. Alles gebeurt zoals het gebeuren moet. Dit staat natuurlijk op gespannen voet met het idee van de vrije wil. Hoe is een vrije wil mogelijk in een wereld waarin alles al vastligt? En hoe is het mogelijk om in een wereld waarin alles vastligt vrije emoties te hebben over die wereld? Dit lijkt in tegenspraak met elkaar.

Karneades

Even terugspoelen: de stoïcijnen verweten de skeptische platonist Karneades een filosofie te hebben ontworpen die apathie in de hand werkt. Want als niets zeker is, hoe kunnen we dan handelen? Karneades’ antwoord op dit probleem lazen we een eindje terug: hij vond het pragmatisme uit.

Het is grappig te zien dat de stoïcijnen hetzelfde verwijt kregen maar dan met een volkomen ander argument: als alles van tevoren al vast ligt, en alles zeker is, waarom zou je dan nog je best doen? Zet de Stoa kortom niet alleen maar aan tot lijdzaamheid?

Chrysippos

De vroege stoïcijn Chrysippos had hier al een zeer theoretisch antwoord op geformuleerd. Er zijn twee zaken, zo stelt hij, die bepalen hoe een cilinder van een berg afrolt: de steilheid van de berg en de vorm van de cilinder. Op het eerste heeft de cilinder geen invloed, voor het tweede is de cilinder zelf wel degelijk ‘verantwoordelijk’, omdat dat om een intrinsieke eigenschap gaat. Dat is de vrije wil van de cilinder: de intrinsieke eigenschappen.

Foto: daisy.images (cc)

Seneca (5): Seneca en de dood

Ook al deelde de Stoa veel van de gangbare antieke opvattingen over het leven als een opdracht andere mensen te helpen, de stoïcijnen meenden ook dat een mens het recht had zijn eigen leven te beëindigen. Daarvoor waren wel enkele voorwaarden.

Geluk versus leven

Iedereen heeft de taak tot nut te zijn van het geheel, of anders van een klein deel daarvan. Als dat niet lukt, heeft hij de taak tot nut te zijn van zichzelf. Wie niet tot nut kan zijn voor de wereld, heeft tenminste nog de plicht tot nut te zijn voor zijn directe naasten. Als dat door omstandigheden niet lukt, heeft hij de plicht om voor zichzelf te zorgen en gelukkig te zijn.

Als iemand zelf echter oordeelt dat hij door omstandigheden niet meer in staat is tot het vervullen van zijn plicht, kan hij oordelen dat zijn eigen leven voorbij mag zijn, en is zelfdoding gerechtvaardigd en toegestaan. Deze gedachte ligt in het verlengde van de in onze ogen nogal wrede gewoonte van de Romeinen om gehandicapte of ongewenste kinderen om het leven te brengen. Gelukkig zijn was in de Romeinse maatschappij belangrijker dan het leven.

De dood van Seneca

Foto: daisy.images (cc)

Seneca (4): Gehecht en onthecht

In veel culturen, en ook in onze moderne tijd, is zelfdoding taboe en hulp bij zelfdoding strafbaar. Dit heeft een religieuze oorsprong. Het begrip zelfdoding staat op gespannen voet met religie, dat het leven doorgaans opvat als opdracht. Dit idee speelt een rol in het jodendom, het christendom en de islam. Ook in de filosofie van het oude India wordt het leven beschouwd als een soort opdracht.

De Stoa deelde deze opvatting. Ook volgens de stoïcijnen heeft een persoon de plicht zijn rol in het bestaan te vervullen. Mensen zijn onderdeel van een geheel, de kosmos, en zonder de mensen om hen heen zijn zij niets.

Iedereen zou er volgens Seneca om te beginnen naar moeten streven zichzelf tot nut te zijn. Als dat lukt, dan ook voor de mensen in de directe omgeving. En als dat lukt, voor zo veel mogelijk andere mensen. Zo zag Seneca ook zijn eigen leven als een opdracht. Zijn politieke activiteiten zag hij als last.

Volgens Seneca was, evenmin als luxe en macht, ook gezondheid niet bepalend voor ons levensgeluk. En gelukkig maar, want Seneca had een zwakke gezondheid. Hij leed onder andere aan astma. Dit weerhield hem er echter niet van zeer streng voor zichzelf te zijn. Voordat hij regent werd, leefde hij lange tijd als asceet. Hij was daarbij zo streng in de leer, dat hij zich met zijn oefeningen zelfs in levensgevaar zou hebben gebracht.

Foto: daisy.images (cc)

Seneca (3): De negatieve emoties te lijf

In zijn psychologie maakt Seneca een onderscheid tussen ‘vrijwillige reacties’ en ‘onvrijwillige reacties’. De laatste zijn onze impulsieve en emotionele reacties. De eerste zijn reacties die voortkomen uit onze eigen rationele keuzes.

Met positieve emoties hadden de stoïcijnen geen probleem. Positieve emoties zijn goed, hoewel je een echte stoïcijn nooit zal betrappen op onbezonnenheid. Onvrijwillige reacties die leiden tot positieve emoties worden naar waarde geschat, maar indien nodig tot de orde geroepen in de stoïcijnse geest.

Woede

Seneca geeft als voorbeeld de woede. Het is niet alleen een zeer onprettige emotie, maar doordat woede ontstaat als onvrijwillige reactie leidt het ook vaak tot onverstandige daden. Woede komt volgens Seneca voort uit verkeerde verwachtingen en is destructief.

Wat we moeten doen om woede tegen te gaan, is in eerste instantie onze verwachtingen bijstellen. De wereld en de mensen om ons heen zijn niet perfect. Niet alles zal altijd op rolletjes lopen. Wie zich daarop instelt, wordt vanzelf al minder vaak kwaad.

Wat iemand volgens Seneca het beste kan doen, is zich na het opstaan indenken wat er die dag allemaal fout zou kunnen lopen, en zich daar vervolgens op voorbereiden. Zo iemand zal zich niet de hele dag over alles en nog wat ergeren, en kan opgelucht slapengaan omdat tenminste niet iedere ramp daadwerkelijk heeft plaatsgevonden.

Foto: daisy.images (cc)

Seneca (2): Filosofie als zelftherapie

Seneca is vooral vermaard om zijn scherpe en krachtige citaten, bijvoorbeeld: ‘Als je iemand vertrouwt, maak je hem betrouwbaar’. Een doordenker die het verdient om ingelijst te worden.

Seneca’s filosofie wordt in verschillende tijden echter uiteenlopend gewaardeerd. Sommigen bestempelen hem als ronduit hypocriet. Anderen typeren hem als niet erg origineel, iemand die hooguit een verdienstelijke laat-Romeinse uitleg van het stoïcisme geeft. Volgens weer een andere visie begint bij hem de school van de Late Stoa.

Late Stoa

Die late stoïcijnen vertalen de stoïcijnse leer naar een levenskunst. Zo schrijft Seneca bijna niets over kennisleer en fysica. Volgens hem is de filosofie geen wetenschap die waarheden onthult, maar een oefening in wijs handelen. Als filosoof richt hij zich dan ook volledig op de vorming van de geest.

Anders dan de vroege stoïcijnen zag Seneca de ontmaskering van negatieve emoties niet als logisch een-tweetje, gebaseerd op kennis alleen. Volgens hem vergt het nog een hele oefening om de geest te reinigen van negatieve en destructieve emoties. De filosofie van Seneca heeft daarmee het karakter van een zelftraining, of therapie.

Daarbij neemt Seneca afstand van de vroege stoïcijn Chrysippos, die geen verschil bespeurde tussen een beetje dwaas en volkomen dwaas. Volgens Seneca is het heel goed mogelijk om in de zoektocht naar wijsheid en verlichting aardig op weg te zijn. Het is juist de route naar de wijsheid waar het in de stoïcijnse levenskunst om gaat.

Foto: daisy.images (cc)

Seneca (1): Macht en rijkdom

Seneca zag het levenslicht in Córdoba, in het huidige Spanje. Hij was de zoon van een bekend redenaar, die classici meestal Seneca de Oudere noemen. De oudere Seneca had de jongere graag tot retoricus zien opgroeien, maar junior nam geen genoegen met een studie waarin het meer ging om overreding dan om waarheid, en wijdde zich liever aan de filosofie.

De jongere Seneca was uitzonderlijk belezen en heeft erg veel geschreven. Niet alleen filosofisch werk, maar ook gedichten en tragedies. Hij nam zijn verantwoordelijkheid voor het openbaar bestuur en belandde dus in de politiek. Na een grillige carrière, waaruit hij zelfs enige tijd was verbannen, werd hij regent van de toen nog zeer jonge keizer Nero. De periode waarin deze zich nog niet met de politiek bemoeide en Seneca samen met een mederegent feitelijk het rijk bestuurde, is wel gezien als een bloeitijd. Naast dat bestuurlijke werk bleef Seneca natuurlijk ook filosoof.

Hoongelach

In zijn filosofie verwijst hij graag naar Epikouros, maar hij beschouwt zichzelf in de eerste plaats als stoïcijn. Van zowel Epikouros als de stoïcijnen adopteert hij de overtuiging dat een streven naar macht of rijkdom niet leidt tot geluk. Als wij daarnaar streven maken we ons geluk volgens Seneca afhankelijk van het noodlot: niet slim.

Foto: daisy.images (cc)

Cicero (5): De nalatenschap

Vijfde deel van een vijfdelige reeks over de wijze waarop de Romeinse senator Cicero de Griekse filosofie voor zijn landgenoten ontsloot.

Deugdzaam of niet, Cicero is zelf niet op een prettige manier aan zijn eind gekomen. Zijn politieke betrokkenheid werd hem op het laatst fataal.

De dood van Cicero

In Rome had Julius Caesar een staatsgreep uitgevoerd en de macht gegrepen. Hij had de buitengewone bevoegdheden die bekendstaan als dictatuur. Er waren al eerder dictators geweest in Rome, waarna het normale bestuur telkens was hersteld. Van Caesar werd steeds duidelijker dat hij geen afstand meer zou doen van zijn macht. Als generaal had hij bovendien andere machtsmiddelen. Het was angstaanjagend.

Vandaar dat senatoren Caesar vermoordden. Na die moord brak echter een politieke strijd uit, waarin het regelmatig bijltjesdag was. Op een kwaad moment was Cicero aan de beurt. Zijn hoofd en handen werden afgehakt, en daarna tentoongesteld.

Ontstaan van de monarchie

De rust zou niet snel wederkeren. Nog twaalf jaar lang woedden er in het Romeinse Rijk burgeroorlogen tussen Romeinse generaals. De enige belangrijke speler die al dit oorlogsgeweld ten slotte overleefde was Caesars achterneef en adoptiefzoon Octavius, die aan het begin van die strijd nog zwaar onderschat werd.

Vorige Volgende