Op Rome zullen geen bommen vallen

Sinds ze twaalf was had de Führer het Duitse Rijk van de ene triomf naar de andere geleid, zolang ze zich kon herinneren was er altijd alleen maar gewonnen, veroverd, gejubeld, voor de politieke en militaire successen werd ook in de kerkdiensten met gebeden gedankt en alleen als er gewonnen werd kon haar man gauw terugkomen…

Het is 1942. Een jonge Duitse vrouw wandelt alleen door Rome. Ze is ver van huis en hoogzwanger. Ze is haar man achterna gereisd, die beroepen is als predikant bij een Duitse protestante kerk, maar enkele dagen na haar aankomst is hij als soldaat doorgestuurd naar Tunis. Ze woont in afwachting van zijn terugkomst en ter voorbereiding van komende bevalling in het diaconessenhuis. Deze vrouw, die nergens met naam wordt genoemd, maar waarschijnlijk Margarete zal heten, omdat

…ze de brug bereikte die haar naam droeg, zoals Gert had gezegd, Ponte Margherita, dat was een koningin geweest en dat was ze niet vergeten, koninginnen vergeet je niet, vooral niet als ze dezelfde naam hebben en als je eigen man je met een verliefde verwijzing gelijkstelt met een koningin, en dat hoog boven de beroemde Tiber……

Deze week verschijnt in Nederland voor het eerst een vertaling van een boek van de Duitse auteur Friedrich Christian Delius. De roman ‘Portret van een moeder als jonge vrouw’ is gebaseerd op het verblijf van zijn eigen moeder die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Rome zijn geboorte moest afwachten, terwijl zijn vader in Noord Afrika diende. Delius laat de moeder een lange wandeling maken naar de kerk waar ze een concert wil bijwonen. Hoewel het een flink stuk lopen is, gaat ze het liefst te voet. Met de bus durft ze niet meer:

‘In de eerste weken had ze een deel van de weg naar de Via Quattro Fontane vaak met de bus afgelegd, totdat een volkomen vreemde, ongeveer vijftigjarige man in een keurig pak op een dag in haar billen had geknepen, haar, de duidelijk zwangere jonge vrouw, met een graaiende hand, met een onvoorstelbare, ongekende brutaliteit…’

Onderweg probeert ze te genieten van de mooie oude stad. De route voert langs vele toeristische attracties, zoals de Spaanse trappen en het Piazza del Popolo Haar man heeft haar een Baedeker gegeven en haar aangeraden: kijk om je heen er is elke dag wel iets moois te ontdekken in Rome. Toch wordt ze voortdurend afgeleid door haar gedachten. Ze vraagt zich af wat de toekomst zal brengen. Hoe zou het verder gaan in Duitsland en zouden de bombardementen in Tunis meevallen? Ja, zij is wel veilig in Rome

…de eeuwige stad en het centrum van de christenen zullen de Engelsen niet in de as leggen, en de Amerikanen evenmin…’

Haar geloof in Hitler is ze nog niet helemaal kwijt, maar helemaal zeker van een overwinning is ze evenmin. In Italië merkt ze dat Mussolini op zijn retour is, zou er ook een tijd kunnen komen dat Hitler niet zal winnen? Maar ze kan haar geloof in het nationaal socialisme niet helemaal opgeven. Alleen als de Duitsers winnen kan haar man terugkomen uit Tunis. Toch komen er ook de eerste scheurtjes in haar vertrouwen. Dat blijkt bijvoorbeeld door haar gedachten over de onderscheiding die haar man heeft gekregen voor zijn dienst aan het oostfront:

‘Nog maar kort geleden, ruim een jaar nadat hij in Rusland was ingezet, had hij voor zijn zieke been de laagste van alle onderscheidingen, de Oostmedaille, gekregen, een onderscheiding die zo onbelangrijk was dat hij pas na de oorlog zou worden uitgereikt omdat het metaal nu ergens anders voor nodig was, voorlopig had hij alleen een officiële brief over de toekenning en het lintje gehad…’

In ieder geval heeft ze haar geloof in God nog, daar heeft ze zich altijd aan vast gehouden:

‘…waar vrees is, helpt het geloof, op die ervaring kon ze bouwen…’

…zonder de kerk en haar gelovige ouders en menig moedig predikant had ze de dagelijkse conflicten tussen kruis en hakenkruis, tussen de onbaatzuchtige gemeenschap van de Bond van Duitse Meisjes en de onbaatzuchtige gemeenschap van de christenen niet kunnen doorstaan’

Volgens de achterkant van het boek zou dit het verhaal zijn van de geestlelijke crisis van een jonge Duitse vrouw in Rome, maar na lezing vind ik het woord ‘crisis’ niet juist gekozen. Ja, soms lijkt het alsof haar gedachten met haar op de loop gaan, maar ze raakt niet in paniek, neerslachtig is ze ook niet, en ze heeft alles goed op een rijtje. Soms denkt ze in de stad Rome haar eigen Wartburg te herkennen, maar ook dat duidt volgens mij niet op crisis. Iedereen die in buitengewone omstandigheden naar het buitenland moet, zal de eerste tijd vooral zien wat hij al kent, dat is menselijk.

Nog even over de vorm: het boek bestaat uit één lange zin, een stroom van wat zijn moeder gedacht, overwogen en gevoeld kan hebben tijdens die wandeling naar de kerk. De tekst is evenwichtig verdeeld in kortere alinea’s, dat geeft een prettig leesritme. Het is een boek dat je langzaam moet lezen, dan geniet je het meeste van alle inzichten die voorbij komen. Uiteindelijk eindigt de meer dan honderdvijftien pagina lange zin toch met een punt, jammer, want ik kan me niet voorstellen dat de moeder stopt met nadenken als het concert in de kerk voorbij is.

Deze roman geeft ook een inkijkje in de verhouding tussen het Duitsland van Hitler en het Italië van Mussolini en alle symboliek die daar bij hoort. De adelaars van beide naties worden met elkaar vergeleken, en ook de taal die door de leiders gebezigd wordt. Friedrich Christian Delius (1943) woont afwisselen in Berlijn en Rome. Hij ontving in 2011 de Georg Büchnerprijs, Duitslands belangrijkste literaire onderscheiding. Hopelijk verschijnen er in de toekomst meer romans van hem in Nederlandse vertaling.

Friedrich Christian Delius:
Portret van een moeder als jonge vrouw,
Uitgeverij Van Gennep, 115 p.

Bestel hier Portret van een moeder als jonge vrouw

Portret van een moeder als jonge vrouw

  1. 3

    @1 nee hoor, dat leest juist lekker. Er zijn meer schrijvers die hoofstukken of alinea’s schrijven die slechts 1 lange zin bevatten. Ik herinner me “Zomer in Baden-Baden” van Leonid Tsypkin.

    @1 Als een goede scenarioschrijver zich aan dit boek zou willen verbinden, dan kan het inderdaad een prachtige film opleveren.