Frankenstein in Bagdad

Ik hoorde vertellen – en ik denk dat het waar is – dat een jaar of twintig geleden bij een dorp in het noorden van Irak een massagraf werd gevonden waarin allerlei losse lichaamsdelen lagen. De slachtoffers waren onherkenbaar, maar met enige moeite vielen ze te herleiden tot acht mensen. In dat dorp waren echter tien mensen vermist. Van twee doden ontbrak alles wat identificeerbaar had kunnen zijn. De dorpelingen besloten daarop de ledematen te verdelen over tien kisten, zodat er tenminste tien begrafenissen konden zijn. Frankenstein Iets soortgelijks is de premisse van Frankenstein in Baghdad van de Iraakse auteur Ahmed Saadawi. Een man neemt na een bomaanslag waarbij een vriend om het leven komt, allerlei lichaamsdelen van gewelddadig gestorven mensen, naait ze aan elkaar om er één lichaam van te maken om de autoriteiten te dwingen te erkennen dat een volledig mensenleven kapot is gemaakt. Het schepsel komt echter tot leven en begint aan een wraakcampagne: hij doodt degenen die verantwoordelijk zijn voor de dood van degenen uit wier lichaamsdelen hij is samengesteld. Alleen: als hij eenmaal wraak heeft genomen voor een van de slachtoffers waaruit het schepsel bestaat, verdwijnt het betreffende lichaamsdeel, maar er zijn mensen die zich over hem ontfermen en weer nieuwe lichaamsdelen aan hem toevoegen. Zo heeft hij steeds een andere vorm en gaat zijn wraaktocht van kwaad tot erger – want wat als het schepsel samengesteld begint te raken uit de lichaamsdelen van mensen die het schepsel zelf heeft gedood? Bagdad in 2005 en 2021 Het verhaal – dat met Mary Shelleys Frankenstein gemeen heeft dat het een lange raamvertelling is rond het verhaal van het schepsel zelf – speelt in Bagdad in 2005, twee jaar na de Amerikaanse invasie van Irak, op het moment dat diverse strijdgroepen de stad onveilig maakten. Dat was al moeilijk, maar zelfs vreedzame activiteiten liepen in die tijd gruwelijk uit de hand, bijvoorbeeld als er geruchten waren over dreigende aanslagen. Misschien herinnert u zich het drama van de honderden pelgrims die werden vertrapt op de brug naar Al-Kadhimiya, een heiligdom waar twee van de sjiitische imams begraven liggen. Het beeld dat Saadawi schetst is dus grimmig maar ook hilarisch, en bevestigt alle vooroordelen die u en ik over het Bagdad van toen hebben: er wordt geschoten, er zijn explosies en veiligheidscordons, er zijn terroristen. Amerikaanse helikopters vliegen over, bendes nemen de macht over, er is een avondklok en politieverhoren bestaan uit marteling. Het Bagdad dat ik in 2021 bezocht, was een andere stad, maar allerlei door Saadawi genoemde locaties zijn herkenbaar. Op het plein waar de eerste bom afgaat, heb ik gedineerd (en ik schreef erover) en ik heb geslapen in een van de beschreven hotels langs de Tigris. Maar toen ik er was, was het volkomen veilig. De beschreven stad deed me wel denken aan Mosul, waar veel huizen verwoest waren en handelaren leefden van de aan- en verkoop van meubilair, waar reparateurs goed geld verdienen en waar mensen weliswaar betere huizen kunnen krijgen maar hardnekkig in ruïnes blijven wonen omdat het nu eenmaal hun echte huis is. De film The Lions by the River Tigris, die momenteel in wat kleinere theaters draait, toont dat er erfgoedorganisaties bezig zijn, zoals ook opduiken in Frankenstein in Baghdad. Het Midden-Oosten Saadawi’s Bagdad is ook een schets van het Midden-Oosten, waarin dingen die voor ons vanzelfsprekend zijn, net een tikkeltje anders zijn. Het is in Nederland niet zo waarschijnlijk dat een christen ook naar een moskee gaat, maar in Frankenstein in Baghdad gaat een dame wier gebed door Sint-Joris is verhoord, ook enkele islamitische geloftes inlossen. En er is de cultuur van verhalen vertellen, waarbij waarheid niet altijd is wat wij waarheid zouden noemen, maar wat in een bepaalde situatie wenselijk is – bijvoorbeeld omdat mensen moeten lachen. Lachen moet je ook om Frankenstein in Baghdad, waar je eigenlijk de hele tijd zit te wachten op een zin als Multatuli’s “een dorp dat pas was veroverd door Nederlandse soldaten en dus in brand stond”. En er valt gelukkig een hoop te lachen, zoals om de brigadegeneraal die astrologen en zandwiggelaars in dienst heeft om te voorspellen waar bomaanslagen zullen plaatsvinden. Gerechtigheid Maar feitelijk gaat het verhaal over een heel serieus onderwerp: wat is gerechtigheid? De menselijke gerechtigheid faalt in de door de Amerikanen bezette stad, waar een nieuw gevormde regering zich staande moet houden tegenover de milities. De gerechtigheid waarmee misdadigers elkaar afmaken is geen gerechtigheid. En de goddelijke gerechtigheid is ver. Het is feitelijk een verhaal zoals in de Openbaring van Johannes, waar de onschuldige slachtoffers, als het Vijfde Zegel wordt geopend, God aanklagen waarom hij hun bloed zo laat wreekt. Een oosters wonderverhaal, zoals Frankenstein in Baghdad, is doorgaans bedoeld om een probleem te agenderen waarvoor geen normale oplossingen bestaan, en dat alleen met behulp van een mirakel kan verdwijnen. Zo is het ook met gerechtigheid: het schepsel dat door Bagdad loopt, kan niet bestaan en is als oplossing net zo erg als het probleem, maar Saadawi maakt wel duidelijk hoe moeilijk het is een rechtvaardige samenleving te scheppen. En dat heeft vanzelfsprekend iets te maken met een observatie die de auteur herhaalt, en die van toepassing is op al zijn personages: er zijn geen onschuldige mensen die volledig onschuldig zijn en er zijn geen criminelen die alleen maar crimineel zijn.

Door: Foto: "Patrolling in Baghdad" by DVIDSHUB is licensed under CC BY 2.0

Closing Time | The Cloud of Unknowing

Sepultura neemt, een paar jaar lang, uitgebreid de tijd voor hun afscheidstournee genaamd ‘Celebrating Life Through Death’. Tussen het spelen door, en om hun nieuwe drummer Greyson Nekrutman de kans te geven wat nieuwe muziek met de band te maken, heeft de band een E.P.-tje gemaakt: The Cloud of Unknowing. En jajaja, ik snap heus wel de logica van ‘op je hoogtepunt stoppen’* enzo, maar na het fantastische Quadra, en nu dit, vraag je je toch af hoeveel mooie muziek er nog in het vat had gezeten als ze nog een paar jaar door waren gegaan.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: Jos van Spanje on Unsplash

1 mei bestaat, alleen niet in Nederland

Oranje vlaggetjes, vrijmarkten en lauwe pils, en een paar dagen later de Dag van de Arbeid, een dag die in Nederland al decennia vakkundig wordt gemarginaliseerd. Toeval, zo luidt meestal het antwoord. Maar is dat ook zo?

De constructie van een nationale feestdag

De oorsprong van Koningsdag ligt bij Prinsessedag, ingevoerd in 1885 ter ere van prinses Wilhelmina. Het initiatief kwam uit liberale hoek, expliciet bedoeld om nationale eenheid te bevorderen in een tijd van sociale spanningen. In 1890 werd het Koninginnedag, toen Wilhelmina koningin werd. De datum, 31 augustus, had niets met arbeid te maken en alles met dynastieke symboliek.

Die symboliek kreeg in de twintigste eeuw een andere functie. De opkomst van de arbeidersbeweging en de internationale viering van de Dag van de Arbeid op 1 mei vormden een ideologisch tegenwicht. Waar 1 mei draaide om klassenbewustzijn, solidariteit en politieke mobilisatie, bood Koninginnedag een alternatief: een nationaal, boven-klasselijk feest waarin sociale tegenstellingen tijdelijk werden gladgestreken.

Juliana en de verschuiving naar april

De cruciale verschuiving kwam met Juliana. Na haar aantreden in 1948 werd Koninginnedag verplaatst naar 30 april, haar verjaardag. Daarmee kwam het feest plotseling vlak voor 1 mei te liggen. Dat lijkt op eerste gezicht toeval, totdat je kijkt naar de politieke context. De naoorlogse periode kende een sterke institutionalisering van de verzorgingsstaat, en ook een duidelijke wens van elites om radicalisering te voorkomen. De Koude Oorlog speelde daarbij een rol: socialistische en communistische bewegingen werden met argwaan bekeken, en men keek met afschuw naar de vaak uit de hand lopende 1-meidemonstraties elders.

Foto: Abhi Sharma (cc)

Kim Philby en Graham Greene

RECENSIE - Het irritante van het werk van geheime diensten is dat het werk van geheime diensten geheim is. Historici weten er minder van dan ze zouden willen. Natuurlijk zijn er archieven, maar het kan heel lang duren voordat die worden vrijgegeven. Dat de Britten tijdens de Tweede Wereldoorlog alle Duitse codeberichten konden lezen, werd pas dertig jaar na dato erkend en voor zover ik weet duurde het nog eens veertig jaar tot alle stukken openbaar waren. Maar ook een onderzoeker die toegang heeft tot alle overgebleven stukken, zal regelmatig moeten raden wat bedoeld kan zijn geweest met codewoorden en toespelingen. Historici zijn natuurlijk vertrouwd met embargo’s en contextverlies, maar als het gaat om de geschiedenis van een geheime dienst, zijn de problemen groter.

Kim Philby

Je merkt dat op elke pagina van The Writer and the Traitor, het boek dat de Britse journalist Robert Verkaik wijdde aan de vriendschap tussen Graham Greene en Kim Philby. Tijdens de Tweede Wereldoorlog maakte de laatste een bliksemcarrière bij de Britse buitenlandse inlichtingendienst MI6. Op tweeëndertigjarige leeftijd stond hij aan het hoofd van alle Britse tegen de Sovjet-Unie gerichte contraspionage. Later was hij gestationeerd in Washington. En dat terwijl hij, zoals zou blijken, werkte voor Stalin. Als hoofd van de contraspionage kon hij alle aanwijzingen die tegen hem bestonden, laten verdwijnen; een overloper die hem kon ontmaskeren merkte te laat dat Philby Moskou had ingelicht. Niemand weet wat er van deze Konstantin Volkov is geworden.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Closing Time | Hellripper

In je eentje een hele band zijn – best lastig, maar toch zijn er de nodige artiesten die het kunnen en doen. Zo ook de Schot James McBain, die in zijn eentje Hellripper vormt. Kun je wel lekker je eigen ding doen, en hoef je geen rekening te houden met anderen, enzo. De kwaliteit van de muziek hoeft er niet onder te lijden, blijkt wel weer.

Closing Time | Dispossessed

Dispossessed was een Australische extreme metalband, die actief waren tussen 2015 en 2019. Naar ik begrepen heb, hebben de bandleden een Aboriginal-achtergrond, en zingen ze onder andere over hoe ellendig kolonialisme en racisme zijn, en dat hun land gestolen is. De pissigheid daarover klinkt door in de muziek, zullen we maar zeggen.

Closing Time | De krant

Ook in Closing Time volgen we dagelijks het nieuws.

En dan wel  ‘op de muziek van….’, waarbij soms er een liedje te binnen schiet dat past bij het nieuws van vandaag.

De Britse percussiegroep Stomp leest ook de krant. Dat gaat gepaard met wat human beatbox: de mens als trommel en de krant als gerommel.

Wie deze groep wil zien moet wachten tot november om naar het dichtsbijzijnde theater te gaan (Brussel,  Koninklijk Circus).

Closing Time | Ataegina

We schrijven het jaar 1995. Folk metal bestaat al, als genre, maar nog niet zo lang – slechts een jaar of vier eerder werd het genre uitgevonden (voor zover je daar van kan spreken) door Skyclad. Het Portugese Moonspell brengt zijn debuutalbum Wolfheart uit: een interessante combinatie van meer gothic en death metal, met een klein vleugje folk, die de band wereldwijd op de kaart zet in het genre. Behalve: de ‘special edition’ van het album heeft een bonusnummer, Ataegina, waarbij dat vleugje folk een vrachtlading folk is. In het Portugees gezongen ook nog. Leuk leuk leuk!

Closing Time | Boltgun

Weten jullie nog, die rapper die Minecraft raps maakt? Dan Bull? Die doet blijkbaar ook raps van andere games. Zoals Boltgun, een boomer shooter – oftewel een first person shooter in de stijl van de oude Doom en Quake games. Erg amusant, voor zowel nostalgische boomers die games willen spelen die lijken op die van hun jeugd, als voor liefhebbers van Warhammer 4ok.

Closing Time | Style Council – Shout it to the top

When you’re down on the bottom there’s nothing else / But to shout to the top

Pop-soul-jazz band The Style Council (1982 – 1989), opgericht door Paul Weller (ex- rock band The Jam) en Michael Talbot (voorheen o.a. Dexys Midnight Runners), mag gerekend worden tot de bandjes met menig protestsong op hun naam. Het was er in de 80’er jaren ook voor muzikanten eigenlijk geen ontkomen aan om enig geluid tegen het Thatcher-regime te laten horen.

Closing Time | Tamás

Heerlijke instrumentale hardrock met veel, heel veel gitaarsolo’s. In de traditie van Vai en Satriani. En omdat ik, zomaar, zin had in wat Hongaars. Tamás Szekeres brengt al albums uit sinds ’89. Dreamlake is ook van aan het begin van zijn carrière, uit 1994. Heb dit overigens leren kennen via mijn moeder – ergens is het toch goed gegaan met de opvoeding.

 

Volgende