Gaat door het leven als Stephan Okhuijsen.
Studeerde ooit wiskunde/informatica en later ook nog even filosofie. Maar zonder resultaat. Lang werkzaam in de ICT als project/programma/interim manager. En doet nu ook nog wat datadingen via Datagraver.
Bestuurlijk actief geweest in een sportvereniging, een jongerenvereniging, een journalistenvereniging, in alle lagen van de organisatie van de SP, een school en bij SG zelf.
Bloggend opgevallen met zijn serie over de Europese Grondwet. Daar nooit meer van hersteld.
Houdt zich bezig met alternatieven voor het huidige politieke en maatschappelijke systeem, klimaat en privacy.
Nieuwsjunk, datamartelaar en informatieverslinder. Online sinds 1993.
Was ook even columnist bij RTLZ.
Thermometer tussenstanden
Veel te doen geweest afgelopen weken over zijdelingse feiten in het inmiddels beruchte laatste IPCC rapport. En toen was het ook nog ineens heel koud. Dus dachten velen dat het allemaal wel mee zou vallen met die opwarming van de aarde. Sterker nog, de laatste 10 jaar was er geen sprake van opwarming, zo riepen velen elkaar na.
Tijd dus voor weer wat nuchterheid. Klimaatverandering is niet iets wat van dag op dag of zelfs van jaar op jaar goed waarneembaar is. Daarom maar even de belangrijkste maandelijkse metingen van de afwijkingen van de temperatuur op vele plaatsen op en boven de aarde samengevat in een overzicht met een voortschrijdend gemiddelde van de laatste 132 maanden. Waarom nou precies 132 maanden? Dat is 11 jaar namelijk. En dat komt overeen met de zonnecyclus. Eventuele tijdelijke fluctuaties daardoor vallen dan weg. Zie hier het resultaat:

(Recente grafieken van Nederland verderop in deze post)
Nog even over die 11 jaar. Die zorgen er ook voor dat in het laatste jaar (2009) de lopende gemiddelden niet meer beïnvloed worden door het extreem warme jaar 1998. Een lichte terugval is er daardoor te zien, maar ook niet meer dan dat.
De getallen komen van de 5 belangrijkste metingen op dit moment. U kunt ze hier samen vinden.
Ja, en om de oplettende lezers voor te zijn, het klopt dat niet alle metingen even lang lopen. De satellietmetingen begonnen pas eind jaren zeventig. Dus voor die mensen dezelfde grafiek even zonder de satellieten er in:

Privacy The Game
Show me the money
Dit verhaal gaat eigenlijk alleen maar over getallen, grote getallen. Over beter gezegd, geld, veel geld.
Een voorstelling maken van veel geld is lastig boven een bepaalde grens. Mij lukt het nog wel tot enige miljoenen om er een gevoel bij te hebben. Maar boven de 100 miljoen ben ik kwijt. Maar om zaken in de (economische) wereld een beetje in context te kunnen plaatsen, is het wel handig om de grote getallen in ieder geval in verhouding tot elkaar te vatten.
Deze week ging dat helemaal mis. Ik kreeg het volgende artikel onder ogen en ergens halverwege moest ik afhaken. Hier even mijn samenvatting vanuit Nederlands perspectief met wat aanvullingen en updates:
Eerst gingen we van goederen naar goud of andere dure metalen. Toen van goud naar papiertjes (iou’s). Toen van papiertjes naar elektronisch geld. En nu uiteindelijk naar wiskundig geld. Anders kan ik het niet uitdrukken. Derivaten zijn slechts een complexe formule, ver af staand van de werkelijke waarde in de werkelijke wereld. “Werkelijkheid” is dan ook een abstract begrip geworden in de economie, net als waarde.
Kunst op zondag | Gerhard Richter

Gerhard Richter, Red-Blue-Yellow, 1972
Het werk van deze man is omvangrijk en divers. Ben nog niet klaar met hem. Aanleiding voor het opnemen in de Koz-reeks is dit artikel.
Pijnpunt politieke participatie
Eerst een plaatje, dan een praatje:

Ooit las ik ergens dat met het huidige ledental van politieke partijen alle actieve leden ook gelijk alle vaste politieke rollen vervulden. Hierbij is het uitgangspunt dat van iedere organisatie met vrijwilligers ongeveer 10% actief is. En bij de politieke rollen moet u denken aan alle bestuursleden lokaal, regionaal en landelijk en alle raadsleden, parlementsleden, regeringsleden etc….
Ik kon de bron niet meer achterhalen en was inmiddels zelf nieuwsgierig geworden naar de opbouw van dit punt en de bijkomende pijn, waarover straks meer. Dus heb ik het maar even uitgezocht (spreadsheet in ODS formaat). En daar deze week de meest actuele cijfers van de ledentallen van de politieke partijen uitkwamen, zijn die meegenomen. Onze infographics man Ad van der Stok heeft ze gelijk in het bovenstaande overzicht gevat.
U ziet daar rechtsonder dat ongeveer tweederde van de actieve leden nodig zijn om alle vaste plaatsen te vervullen. Dus niet helemaal zoals ik oorspronkelijk het punt mee kreeg, maar toch een heel eind in de buurt.
Waarom is dit problematisch? Om twee redenen.
Ten eerste is er op deze wijze weinig ruimte voor selectie op kwaliteit en vaardigheden. Wie actief wil zijn, zal ook snel meespelen in het spel. Een andere mogelijkheid is er niet. Dat is niet goed voor het bestuur van de partijen en niet goed voor het bestuur van dit land (op alle niveaus).