De strijd om de onderkant van de energiemarkt
De winstgevendheid van energiecentrales op kolen en gas in Europa, de VS en Australië staat in toenemende mate onder druk door de opkomst van hernieuwbare energie. Net als de tabaksindustrie verleggen mijnbouw- en oliebedrijven hun focus naar ontwikkelingslanden. Zowel Peabody Energy Inc. (een van de grootste kolenbedrijven van de VS) als Exxon Mobile verklaarde recent dat fossiele energiebronnen belangrijk zijn voor een betaalbare energievoorziening voor de armen.
Het enige probleem voor bedrijven in olie, kolen en gas is dat de marktontwikkeling ze niet meezit. Een recente studie van Kepler Chevreux laat zien dat deze bedrijven zelfs onder het business as usual-scenario van het Internationaal Energie Agentschap, dat wil zeggen zonder klimaatbeleid, forse verliezen kunnen verwachten. Paradoxaal genoeg worden die verliezen alleen maar hoger als de prijs van fossiele brandstoffen stijgt. Dus hoe hoger de olieprijs, hoe hoger het verlies volgens Kepler Chevreux wordt.
De oorzaak daarvan heeft alles te maken met de opkomst van duurzame energiebronnen. De geest is uit de fles en in een toenemend aantal gebieden in de wereld is elektriciteit van zon- en wind, eventueel aangevuld met een micro-grid, goedkoper dan het traditionele elektriciteitsmodel van grote kolen-, gas- en oliecentrales met een groot elektriciteitsnetwerk. Met als bijkomende uitdaging: de kostprijs van zon- en windenergie daalt, terwijl de kostprijs van kolen, olie en gas stijgt door een combinatie van regelgeving en het opraken van makkelijk winbare voorraden.
