‘Trumppaaien’ of internationaal recht steunen. Een duivels dilemma?

door Laurien Crump De presentatie van het jaarverslag van de NAVO donderdag 26 maart, stond in het teken van de steun van de secretaris-generaal aan de onrechtmatige Amerikaans-Israëlische oorlog in Iran. Het leek wel een déjà-vu van de NAVO-top in juni vorig jaar, toen de Amerikaanse bombardementen op Iran alle persconferenties domineerden. Wederom heeft een roekeloze actie van Trump de NAVO op 1-0 achterstand gezet. Wederom zoekt Rutte zijn heil in het alles op alles zetten om Trump gunstig te stemmen. Waar het aan de vooravond van de NAVO-top beperkt bleef tot Whatsappjes vol met lof, zei de NAVO-chef dit keer op Amerikaanse televisie dat de Amerikanen Trump moesten steunen, omdat hij onze veiligheid waarborgt. En dat een dik half jaar voor de Amerikaanse midterm-verkiezingen. Internationale media tuimelen over Rutte heen met kritiek. De NAVO-secretaris generaal hoort immers de stem van alle NAVO-landen te laten horen (inclusief de kritische premier Sánchez) en steunt hiermee verdere afbreuk van internationaal recht. In de Nederlandse media is er een ander debat losgebarsten. Behalve alle kritische geluiden zijn er ook journalisten die de kritiek op Rutte als ‘gemakzuchtig’ bestempelen en beargumenteren dat Rutte geen andere keus heeft. Het is Ruttes taak om de Amerikanen – koste wat kost – binnenboord te houden; zonder de Amerikanen is er geen NAVO meer en zonder Amerikaanse steun zou Oekraïne verloren zijn. Het debat wordt geframed als een tegenstelling tussen ‘principes’ (de critici) en ‘pragmatisme’, tussen ‘gemakzucht’ en ‘politiek vernuft’, en tussen internationaal recht en internationale veiligheid. Natuurlijk wordt Rutte geconfronteerd met een duivels dilemma en is hij bepaald niet de enige die voor Trump buigt. Hetzelfde geldt voor de Tweede Kamer: een motie om de oorlog in Iran te veroordelen als ‘een schending van het internationaal recht’ werd alleen door de indieners gesteund (DENK, GroenLinks-PvdA, SP, PvdD en Volt).[1] De geschetste tegenstelling tussen principes en pragmatisme is echter een valse tegenstelling. Het ‘principiële’ perspectief is niet zo ingewikkeld: de Amerikaanse sloopkogelpolitiek heeft internationaal recht naar de prullenbak verwezen en Iran is daar het zoveelste voorbeeld van. Trump heeft zich door Netanyahu een oorlog in laten rommelen zonder duidelijke doelstellingen, zonder plan, en zonder exit-strategie. Wederom waren zijn schoonzoon Kushner en zijn zakenvriendje, vastgoedmagnaat Witkoff, de onderhandelaars. Ze hadden geen nucleaire experts meegenomen, zoals gebruikelijk is, maar zeiden zich goed te hebben ‘ingelezen’. Op het moment dat een nucleair akkoord volgens experts die ‘toevallig’ in de buurt waren – zoals de Britse nationale veiligheidsadviseur Jonathan Powell – binnen handbereik was, bevalen Kushner en Witkoff Trump aan om een oorlog te starten. Ondertussen zijn de inwoners van Iran niet alleen onderdrukt, maar ook in groten getale ontheemd, staat het licht ontvlambare Midden-Oosten in vuur en vlam, wordt Libanon een tweede Gaza en staan de energievoorziening en economie wereldwijd op instorten. Er moeten wel heel goede redenen zijn om dat beleid te willen ondersteunen. Ook met een pragmatische bril op zijn die redenen weinig overtuigend. Het meest gebruikte argument is steeds weer – ook inzake Venezuela, Groenland en andere onrechtmatige avonturen – dat we Trump gunstig moeten stemmen om de Amerikaanse steun aan Oekraïne niet op het spel te zetten. Maar hoe zit het eigenlijk met die steun? Alle huidige militaire steun is goedgekeurd onder Biden of betaald door Europa. Onder Trump is er geen enkel nieuw wapenpakket goedgekeurd. In drie dagen oorlog in Iran zijn er meer patriot-raketten afgevuurd (ca. 800) dan in vier jaar oorlog in Oekraïne (ca. 600). Door de oorlog in Iran zijn de ‘vredesbesprekingen’ van Rusland, Oekraïne en de VS uitgesteld. Politiek gezien ziet het er nog veel slechter uit. Niet alleen is steun voor Oekraïne duidelijk geen prioriteit, maar Trumps entourage maakt er wel tijd voor om de tegenstanders van Oekraïne openlijk te steunen. Dat geldt niet alleen voor Poetin, die na ieder gesprekje met Trump de bombardementen op Oekraïne opvoert, maar ook voor de populistische leiders Orbán en Fico. Het is geen toeval dat zowel Orbán als Fico na Rubio’s bezoekje in februari hun steun aan Oekraïne opzegden, door respectievelijk de 90 miljard euro voor Oekraïne in de EU en door de noodvoorraad energie te blokkeren. Vicepresident Vance bezocht Orbán om zijn verkiezingscampagne te steunen, een campagne die gebouwd was op een anti-Oekraïnesentiment met verkiezingsposters waarop gedreigd wordt met een mogelijke invasie van Oekraïne in Hongarije. Zelensky stuurt ondertussen radeloze berichtjes de wereld in omdat Trump hem verder onder druk zet om ook de door Rusland niet veroverde stukjes Donbas aan Poetin cadeau te doen. Over welke Amerikaanse steun aan Oekraïne hebben we het dus precies? De voortdurende angst dat de Verenigde Staten Oekraïne laten vallen leidt er vooral toe dat Trump meer ruimte krijgt, niet alleen om zijn sloopkogelpolitiek ook buiten het westelijk halfrond welig te laten tieren, maar ook om Zelensky de duimschroeven verder aan te draaien. De Groenlandepisode heeft ons geleerd dat Trump alleen inbindt als je hem het mes op de keel zet – iets wat hij zelf overigens als de kern van transactionalisme bestempelt: net zolang doorduwen totdat je tegenstander breekt of totdat je op weerstand stuit. Over wat voor NAVO hebben we het precies als het ‘bondgenootschap’ alleen maar overeind kan worden gehouden door het alsmaar meebuigen met de grillen van een Amerikaanse autocraat? Zelfs als het doel de middelen zou heiligen, moet dat doel wel duidelijk gedefinieerd zijn. De Amerikaanse betrokkenheid bij de NAVO lijkt immers steeds meer op een Trojaans paard: van binnenuit wordt de NAVO in rap tempo uitgehold, niet alleen in moreel opzicht, maar ook vanuit veiligheidsperspectief. Onze wereld is er bepaald niet veiliger op geworden sinds Trump oorlog voert in Iran – om over Oekraïne nog maar te zwijgen. Een pragmatische kosten-batenanalyse leert ons dat het ‘Trumppaaien’ er met name toe leidt dat autocraten zoals Poetin, Netanyahu en Trump zelf meer ruimte krijgen. Is het dilemma dus wel zo duivels? Ook vanuit pragmatisch perspectief is het niet raadzaam om onze ziel aan de duivel te verkopen. [1] Motie van het lid Van Baarle c.s. over de oorlog in Iran veroordelen als een schending van het internationaal recht Dit artikel verscheen eerder bij het Montesquieu Instituut. Laurien Crump is onderzoeker en buitenlandexpert aan het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis van de Radboud Universiteit.

Closing Time | Tamás

(Bewerk) Heerlijke instrumentale hardrock met veel, heel veel gitaarsolo’s. In de traditie van Vai en Satriani. En omdat ik, zomaar, zin had in wat Hongaars. Tamás Szekeres brengt al albums uit sinds ’89. Dreamlake is ook van aan het begin van zijn carrière, uit 1994. Heb dit overigens leren kennen via mijn moeder – ergens is het toch goed gegaan met de opvoeding.

 

Foto: "Trump Maga Rally in Charlotte, North Carolina" by The Epoch Times is licensed under CC BY-NC 2.0

Trump: geen diagnose, wel een patroon

Donald Trump haalt regelmatig weer een cognitieve test. Althans, dat zegt hij zelf, en hij zegt het vaak genoeg om het tot campagneritueel te verheffen: een perfecte score. Alweer. De conclusie volgens Trump: geniaal. De conclusie volgens de test zelf: geslaagd voor een screening die bedoeld is om vroege signalen van cognitieve achteruitgang te detecteren. Een niet-perfecte score wijst op problemen.

Die test heet de Montreal Cognitive Assessment, de MoCA. In de kliniek is het een laagdrempelige screening voor onder meer Alzheimer en andere vormen van dementie. Artsen gebruiken hem om te zien of verder onderzoek nodig is. Niet om iemand tot stabiel genie te kronen. Het feit dat Trump er telkens op terugkomt, en dat die test volgens zijn eigen woorden regelmatig wordt herhaald, suggereert vooral dat er reden is om te blijven screenen. In de geneeskunde herhaal je geen simpele check-ups omdat alles zo uitzonderlijk goed gaat.

Ook steeds meer neurologen en geriatrische specialisten laten in media en vakreacties doorschemeren dat het patroon opvalt: de nadruk op een eenvoudige screening, het herhalen ervan, en het publieke gedrag van Trump dat moeilijk te rijmen is met de bravoure waarmee de uitslag wordt verkocht. Ze formuleren dat meestal omzichtig, met de bekende disclaimer dat een diagnose op afstand onzinnig is. Tegelijk stellen ze wel vast dat herhaald testen en opvallend gedrag precies de omstandigheden zijn waarin je normaal gesproken juist verder kijkt, niet achterover leunt.

Foto: European People's Party (cc)

In Hongarije wint Magyar misschien, maar het systeem blijft staan

De verleiding is groot om de opkomst van Péter Magyar te zien als een klassieke regimewissel. Zestien jaar Viktor Orbán en Fidesz zouden eindigen, de illiberale staat wordt ingeruild voor iets wat weer meer op een democratie lijkt, en Brussel kan opgelucht ademhalen. De realiteit oogt aanzienlijk weerbarstiger.

De cijfers voeden de illusie van een breuk. Peilingen suggereren dat Magyar met zijn Tisza-partij zelfs een tweederdemeerderheid kan halen, voldoende om grondwet en instituties te hervormen. Tegelijk erkennen vrijwel alle analisten dat het systeem dat Orbán heeft opgebouwd diep verankerd is in media, rechtspraak en economie. Dat systeem verdwijnt niet automatisch bij een verkiezingsverlies.

En daar zit het eerste probleem. Hongarije functioneert al jaren als wat politicologen een verkiezingsautocratie noemen: verkiezingen bestaan, terwijl het speelveld structureel scheef en anti-democratisch is. Onder Orbán is de rechterlijke macht uitgehold, media geconcentreerd in handen van de staat en bevriende oligarchen, en het kiesstelsel aangepast ten gunste van de zittende macht. Dat zijn geen beleidskeuzes die je met één verkiezing terugdraait; het zijn infrastructuren van macht.

Het tweede probleem is persoonlijker: Magyar zelf. Hij presenteert zich als breuk met het systeem, terwijl hij er rechtstreeks uit voortkomt. Hij was jarenlang insider binnen Fidesz en kent de mechanismen van binnenuit. Dat maakt hem electoraal aantrekkelijk, omdat hij geloofwaardig kan spreken over corruptie. Het roept tegelijk een andere vraag op: waarom zou iemand die in dat systeem functioneerde het fundamenteel ontmantelen, in plaats van het zelf te gaan gebruiken?

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Quote du Jour | Journalistiek als publieke waarde

Journalistiek is zélf ook een publieke waarde die beschermd moet worden. Veel betrouwbare informatie verdwijnt achter een betaalmuur of verzuipt in een zee van kunstmatig gegenereerde nonsens of bewust gemanipuleerde troep. Daardoor wordt goed geïnformeerd zijn meer en meer een luxe die sommigen zich kunnen veroorloven, terwijl anderen overgeleverd zijn aan gratis, vaak onbetrouwbare ‘content’, nepnieuws of propaganda. Daarom is De Correspondent volledig advertentievrij en door leden gefinancierd, en hebben wij geen harde betaalmuur voor
onze verhalen. Zo blijft onze onafhankelijkheid gewaarborgd en is onze journalistiek toegankelijk voor iedereen – ook voor wie geen lidmaatschap kan betalen.

Foto: Andrea Piacquadio on Pexels

Linkse of rechtse wetenschap is een categoriefout

COLUMN - door Joyce Weeland

De wetenschap krijgt vaak het verwijt dat zij links is en dat dit ten koste gaat van de kwaliteit. Volgens onderzoeker Joyce Weeland is wetenschap niet links of rechts: de geloofwaardigheid wordt juist bedreigd zodra wetenschappelijke bevindingen politiek worden geframed.

Op universiteiten ontbreekt het aan diverse ideologische perspectieven en dit schaadt het vertrouwen in de wetenschap. Onder meer Andreas de Block en Musa al-Gharbi zetten dit verwijt uitgebreid uiteen in hun boeken en recent verscheen in NRC nog een opiniestuk over ‘linkse dominantie’ op universiteiten. Echter, de roep om ‘ideologische diversiteit’ op de universiteit klinkt misschien aantrekkelijk, maar het is een categoriefout. De universiteit is geen parlement waar elke overtuiging recht heeft op zetels.

Dat relatief veel wetenschappers progressief stemmen, betekent niet automatisch dat wetenschappelijke bevindingen vertekend zijn

Het idee dat wetenschap ‘links’ is omdat veel wetenschappers progressief stemmen, is misleidend. Hoogleraren stemmen inderdaad gemiddeld linkser dan andere beroepsgroepen, maar ze zijn niet ideologisch homogener dan professionals in andere sectoren. Hun politieke oriëntatie past in een breder patroon waarbij beroepen met veel cultureel kapitaal (zoals wetenschappers en kunstenaars) vaker naar links leunen, terwijl beroepen met veel economisch kapitaal (zoals CEO’s en managers) vaker rechts georiënteerd zijn (Van de Werfhorst, 2020).
Dat relatief veel wetenschappers progressief stemmen, betekent daarnaast niet dat wetenschappelijke bevindingen vertekend zijn. Wetenschap ontleent haar geloofwaardigheid aan transparantie, peer review en replicatie. Dat systeem is expliciet ontworpen om individuele aannames, voorkeuren en vooroordelen uit te filteren. Als bepaalde opvattingen nauwelijks voorkomen in de academie, kan dat evengoed betekenen dat ze empirisch niet standhouden. Sommige politieke ideologieën liggen verder af van empirische bevindingen dan andere.

Onderzoeksagenda’s

Ook het argument dat onderzoek bevooroordeeld is en vooral linkse thema’s behandelt, is discutabel. Onderzoeksagenda’s volgen actuele maatschappelijke vraagstukken en beschikbare data, geen partijprogramma’s. Zo steeg het aantal publicaties over gezondheidsongelijkheid significant in landen die door Europese bezuinigingen werden getroffen (Pietrovito et al., 2026).
Dat is geen ideologische ruk naar links, maar een reactie op reële maatschappelijke verschuivingen. Wetenschap volgt problemen, zij creëert ze niet. Echter, wetenschappers doen soms aan zelfcensuur, vanuit een afhankelijkheid van financiering en publicatiekansen, uit zelfbescherming of bezorgdheid om het welzijn van (sociale) groepen (Clark et al., 2023).

Rechtse stemmers missen thema’s als criminaliteit en de kosten van klimaatbeleid

De progressieve agenda van wetenschappers zou daarnaast ook het vertrouwen in de wetenschap beschadigen, bijvoorbeeld omdat het niet aansluit bij de belevingswereld van niet-wetenschappers.
Rechtse stemmers missen thema’s als migratie, criminaliteit en de kosten van klimaatbeleid. Sociale veiligheid in een diverse samenleving verdient serieuze academische aandacht, juist omdat simplistische frames schade en verdere polarisatie veroorzaken (Albarosa & Elsner, 2023Van Assche et al., 2023). En inderdaad, de kosten van klimaatbeleid zijn reëel en soms pijnlijk. Maar oplossingen voor klimaatbeleid worden onderzocht omdat we weten dat het negeren van klimaatverandering de maatschappelijke en economische kosten uiteindelijk alleen maar hoger zouden maken (Caruso, de Marcos & Noy, 2024Newman & Noy, 2023).

Het echte probleem

Het echte probleem rondom vertrouwen in de wetenschap wordt hiermee zorgvuldig vermeden: het vertrouwen in wetenschap wordt actief ondermijnd en daalt vooral waar politici en opiniemakers haar systematisch framen als ‘woke’, ‘activistisch’ of ‘elitair’. Wantrouwen is een gevolg van een politieke strategie die kennis verdacht maakt.

Niet een vermeend linkse universiteit tast het vertrouwen aan, maar het systematisch zaaien van twijfel

Hiermee wordt de vertrouwenskwestie omgedraaid: niet een vermeend linkse universiteit tast het vertrouwen aan, maar het systematisch zaaien van twijfel over wetenschap. Onderzoek laat bijvoorbeeld zien dat mensen die zichzelf als ‘rechts’ beschrijven juist méér vertrouwen hebben in wetenschap in landen waar rechtse partijen de wetenschap niet aanvallen.
Deze mensen hebben minder vertrouwen zodra juist rechtse politici dat wél doen. Hetzelfde geldt spiegelbeeldig voor linkse mensen in landen waar linkse partijen wetenschap in twijfel trekken (Mede et al., 2023Lasco & Curato, 2019).

Het kan beter

Dit alles betekent niet dat wetenschappers zichzelf niet kritisch hoeven te bevragen, we niet hoeven te streven naar diversiteit op de universiteit, of dat we zaken niet beter kunnen doen. Allereerst: conclusies die gebaseerd zijn op feiten zijn niet per definitie objectief. Data en onderzoeksresultaten krijgen pas betekentis na interpretatie. Transparantie over uitgangspunten, gemaakte keuzes en positionaliteit is daarom cruciaal en dit zouden we in de wetenschap nog verder kunnen versterken.

Maak zichtbaar vanuit welk perspectief onderzoeksresultaten worden geduid

Zo is het in kwalitatief onderzoek gebruikelijk om je eigen positionaliteit als onderzoeker te bevragen, maar wordt dit in kwantitatieve studies niet of nauwelijks expliciet gemaakt. Het doel hierbij is niet om onderzoeksresultaten te relativeren, maar om zichtbaar te maken vanuit welk perspectief ze worden geduid.
De wetenschappelijke agenda wordt daarnaast vaak door een relatief klein groepje mensen met veel invloed bepaald. Beslissingen over wat wordt onderzocht hangen daarbij ook af van schaars beschikbare middelen, zoals financiering. Ook heeft de wetenschap nog een enorme kans om de maatschappelijke impact te vergroten door bevindingen beter en toegankelijker te communiceren, zodat inzichten niet alleen binnen academische kringen blijven, maar ook voor het grote publiek begrijpelijk en bruikbaar zijn.
Wie de kwaliteit en het vertrouwen in wetenschap echt wil versterken, moet stoppen met haar te reduceren tot een cultureel strijdtoneel. Investeren in een grote diversiteit aan onderzoeksprogramma’s, open science en betere wetenschapscommunicatie helpen hierbij meer dan ideologische quota. Kortom: de universiteit hoeft niet ‘rechtser’ te worden. Ze moet onafhankelijk blijven. Dat is iets heel anders.


Dit artikel verscheen eerder bij Sociale Vraagstukken. Joyce Weeland is onderzoeker en werkt als Associate Professor bij de afdeling Jeugd en Gezin aan de Erasmus School of Social and Behavioural Sciences.

Literatuur
Albarosa, E., & Elsner, B. (2023). Forced migration and social cohesion: Evidence from the 2015/16 mass inflow in GermanyWorld Development167, 106228.

Burgers, F., Duiveman, A., & Hogeweg, L. (2026, 13 februari). Linkse dominantie op de universiteit ondergraaft vertrouwen in wetenschap. NRC. https://www.nrc.nl/nieuws/2026/02/13/linkse-dominantie-op-de-universiteit-ondergraaft-vertrouwen-in-wetenschap-a4919609

Caruso, G., de Marcos, I., & Noy, I. (2024). Climate changes affect human capitalEconomics of Disasters and Climate Change8(1), 157-196.

Clark, C. J., Jussim, L., Frey, K., Stevens, S. T., Al-Gharbi, M., Aquino, K., … & Von Hippel, W. (2023). Prosocial motives underlie scientific censorship by scientists: A perspective and research agendaProceedings of the National Academy of Sciences120(48), e2301642120.

Lasco, G., & Curato, N. (2019). Medical populismSocial Science & Medicine, 221, 1-8.

Newman, R., & Noy, I. (2023). The global costs of extreme weather that are attributable to climate changeNature Communications14(1), 6103.

Mede, V., Berger, S., Besley, J., Brick, C., Joubert, M., … Metag, J. (2025). Trust in scientists and their role in society across 68 countriesNature Human Behaviour, 9(4), 713-730.

Pietrovito, F., Rancan, A., Resce, G., & Santangelo, A. E. (2026). Do fiscal constraints affect health inequality research? A bibliometric perspective (No. esdp26102). University of Molise, Department of Economics.

Van Assche, J., Ardaya Velarde, S., Van Hiel, A., & Roets, A. (2023). Trust is in the eye of the beholder: How perceptions of local diversity and segregation shape social cohesionFrontiers in Psychology13, 1036646.

Van de Werfhorst, H. G. (2020). Are universities left‐wing bastions? The political orientation of professors, professionals, and managers in EuropeThe British Journal of Sociology, 71(1), 47-73.

Foto: Max Kukurudziak on Unsplash

Brand als boodschap: van theorie naar lucifer

De onderstaande video uit Ontario, Canada voelt als een concrete, rauwe illustratie van wat How to Blow Up a Pipeline van Andreas Malm theoretisch probeert te duiden.

Een werknemer steekt een distributiecentrum in brand, filmt het moment van ontsteking en zet het online. Geen paniek, geen onsamenhangend geschreeuw. Eén zin: “All you had to do was pay us enough to live.” Daarna vuur en een gebouw dat verdwijnt.

Dat is geen uitbarsting zonder richting. Dit is communicatie, zij het in de meest destructieve vorm denkbaar.

Malm stelt dat sabotage van eigendom een rationele escalatie kan zijn wanneer politieke en sociale kanalen structureel falen. Hij plaatst dat buiten geweld tegen personen en probeert er een strategisch kader omheen te bouwen. Veel kritiek richt zich op de vraag of dat onderscheid houdbaar blijft. Tegelijk legt hij wel iets bloot: frustratie stapelt zich op tot het moment waarop symbolische actie plaatsmaakt voor materiële ingreep.

Wat in Ontario gebeurt, lijkt op een ongepolijste versie van die gedachte. Geen beweging, geen strategie, geen discipline. Wel dezelfde onderliggende conclusie: praten levert niets op, dus volgt een daad die niet genegeerd kan worden.

En eigenlijk is het logisch. In de VS ontvangen miljoenen mensen die voltijd werken bij bedrijven als McDonalds en Walmart bijvoorbeeld voedselbonnen van de staat, terwijl de bedrijven miljardenwinsten maken, en niemand die daar iets aan lijkt te willen doen. Wie decennia aan loonstagnatie, toenemende onzekerheid en structurele afhankelijkheid ondergaat, gaat hier anders tegenaan kijken. Dan verschuift de vraag van legitimiteit naar effectiviteit. Wat werkt nog? Wat dwingt aandacht af?

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Closing Time | Groots Systeemontwrichtend Concert in Budapest

Mijn hypochondrische oom Willem placht bij elke verkiezing te zeggen: ‘Of je nou door de hond of door de kat wordt gebeten….’. Dat was zijn keukentafel-analyse, waarmee hij wilde beweren dat de poppetjes kunnen wisselen, maar het systeem zou hetzelfde blijven.

In Hongarije zullen ze zulke ooms ook wel hebben. Grote vraag daar is nu: krijgen die ooms gelijk of zal een nederlaag van Viktor Orban een nieuwe politiek onder leiding van Peter Magyar Hongarije in de vaart der democratische volkeren doen opstuwen?

Foto: Lad Hara Caingcoy on Unsplash

De wereldwijde repressie van het maatschappelijk middenveld

CIVICUS is een internationale alliantie die zich inzet voor de versterking van burgerparticipatie en het maatschappelijk middenveld wereldwijd. De organisatie brengt elk jaar een rapport uit waarin de ruimte voor burgeracties in beeld wordt gebracht. Dat gaat dan over het respect in beleid, wetgeving en praktijk voor de vrijheid van vereniging, meningsuiting en vreedzame vergadering en de mate waarin staten deze fundamentele rechten beschermen. Het rapport over 2025 is onlangs gepubliceerd. Het laat een aanmerkelijk daling zien van de ruimte die burgers krijgen, ook in het rijkere deel van de wereld. 

Slechts 39 van de 198 landen en gebieden hebben nu een open burgerlijke ruimte-rating, wat aangeeft dat fundamentele vrijheden in die landen over het algemeen worden gerespecteerd, vergeleken met 83 landen die nu worden beoordeeld als landen met een repressieve of totaal gesloten burgerlijke ruimte, wat wijst op routinematige onderdrukking van fundamentele burgerlijke vrijheden. Drieënzeventig procent van de wereldbevolking leeft onder deze beperkte omstandigheden. Bijna 31 procent woont in landen waar de burgerlijke ruimte volledig gesloten is. Dat zijn dan landen in het Midden-Oosten, China en Rusland. In Europa verschuiven Frankrijk, Duitsland en Italië van een beoordeling als ‘beperkt’ naar ‘belemmerd’, wat wijst op een verslechterend klimaat voor het maatschappelijk middenveld in de Europese Unie (EU). Georgië en Servië vallen in de categorie ‘repressief’, de op één na slechtste beoordeling voor de burgerlijke ruimte, en Zwitserland in de categorie ‘beperkt’, net als Nederland. Nederland krijgt een score van 75/100 vanwege repressie van Extinction Rebellion op straat en de tegenwind van de Tweede Kamer waar een motie van JA21 werd aangenomen om XR de ANBI status te ontnemen. Europese landen die het beter doen zijn onder andere Noorwegen, Estland, IJsland en Portugal. De ratings zijn gebaseerd op rapportages van met CIVICUS geliëerde organisaties en onderzoeksinstellingen op het gebied van burgerlijke vrijheden. 

Quote du Jour | Het is wel weer duidelijk…

QUOTE - … waar de prioriteiten liggen. Van het kabinet, welteverstaan.

Gemeenten zijn verrast door de middelen die zijn weggevallen in de Voorjaarsnota die 27 maart is gepubliceerd. Eerder heeft Marianne van der Sloot, voorzitter van de VNG-commissie PSI, in diverse media al haar ongenoegen en zorgen geuit over de bezuiniging op proactieve dienstverlening voor bijstand.

Maar dit blijkt nog maar het halve verhaal van de bezuinigingen die vallen op gemeentelijk terrein en vooral invloed hebben op werkende armen. Van der Sloot: ‘Het is onverteerbaar. Het zet de bestaanszekerheid van veel inwoners onder druk.’

De PDC beschermt niets, behalve vooroordelen

De Professional Darts Corporation heeft een probleem opgelost dat niemand echt had: dat iemand die een pijl kan gooien, dat blijkbaar anders doet als diegene transgender is, en dat die daar dan voordeel uit haalt. Alsof er ergens een geheime spier zit waardoor deze mensen de triple 20 verdacht vaak weten te vinden.

De realiteit is pijnlijk en simpel. Noa-Lynn van Leuven won gewoon toernooien, inclusief gemengde evenementen, en bleek dus goed in darten. Dat is het hele probleem. Die kwaliteit maakte jaloers.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Volgende