Europese regeringsleiders zijn deze week op Cyprus voor een informele top. De op één na kleinste lidstaat is de eerste helft van dit jaar de roulerend voorzitter van de EU. De helft van het land is nog steeds bezet door Turkije, elders bezetten de Britten ook nog altijd een gebied voor hun militaire bases en inlichtingendiensten. Maar daarover zal het op deze top niet gaan. Terwijl de EU-leiders praten over de oorlogen in het Midden-Oosten en Oekraïne hebben de Cyprioten de Britse oorlogsmachine op de agenda gezet in de campagne voor de parlementsverkiezingen komende maand.
Meer dan de helft van de kiezers in de Republiek Cyprus wil de Britse militaire bases op het eiland in de oostelijke Middellandse Zee sluiten, zo blijkt uit een nieuwe peiling van de Cypriotische omroep. De peiling weerspiegelt de grote zorgen van de Cyprioten na een droneaanval op een hangar voor Amerikaanse spionagevliegtuigen op een Britse basis op Cyprus, aan het begin van de oorlog met Iran. De onvrede bestond al langer vanwege de steun van de Britten aan Israël in de Gaza-oorlog. Groot-Brittannië gebruikte zijn luchtmachtbasis in Akrotiri, op het zuidelijke schiereiland van het eiland, om honderden spionagevluchten boven Gaza uit te voeren, en stuurde ook militaire vrachtvliegtuigen naar Israël en straaljagers om Jemen te bombarderen. In Akroteri en Nicosia vonden demonstraties plaats tegen de Britten. Demonstranten van de linkse oppositiepartij AKEL trokken de besneeuwde bergen van Troodos in om te protesteren tegen de aanwezigheid van een spionagebasis daar op de hoogste top van hun land [foto].
Melanie Steliou, parlementskandidaat voor AKEL in Limassol, het kiesdistrict naast Akrotiri, is niet verrast over de uitkomst van de peiling: “De Britse regering probeert het verhaal te verspreiden dat de bases de Cyprioten beschermen tegen Iraanse drones. Maar ze beschermen Cyprus of de Cyprioten niet. Ze beschermen hun koloniale bezittingen, die ze gebruiken om andere landen te vernietigen. En dat is wat we in gedachten moeten houden en waar we nooit de strijd voor echte onafhankelijkheid en dekolonisatie voor mogen opgeven.” De Cypriotische president Nikos Christodoulides heeft gezegd dat hij een “open en eerlijk gesprek met de Britse regering” wil voeren over de bases.
Ook al staat de buitenlandse bezetting van het land niet op de EU-agenda, Cyprus wil als voorzitter op de top wel van de gelegenheid gebruik maken om de zorgen over de veiligheid van het land onder de aandacht te brengen van de Europese collega’s. Cyprus is geen NAVO-lid en daarom des te meer geïnteresseerd in de uitleg van de EU van artikel 42.7 van het Unieverdrag dat voorziet in theorie in wederzijdse bijstand in geval van een gewapende agressie tegen een lidstaat. “We hebben artikel 42.7, en we weten niet wat er gaat gebeuren als een lidstaat dit artikel activeert”, vertelde Christodoulides voorafgaand aan de top.
In de campagne voor de verkiezingen op 24 mei gaan de huidige regeringspartij Democratische Rally DISY en oppositiepartij AKEL aan kop met beide iets meer dan 20%. Het parlement van Cyprus telt officieel 80 zetels, maar de 24 zetels voor Turkse inwoners zijn al meer dan zestig jaar niet bezet. Achtergrond zijn de gewelddadige conflicten in de jaren zestig en zeventig tussen Griekse en Turkse strijdgroepen. In 1974 greep het Turkse leger in, bezette het noordelijke deel van het eiland en riep de Republiek Noord Cyprus uit, een staat die alleen door Turkije wordt erkend. In 2016 sloten de Grieks-Cypriotische leider Anastasiades en de Turkse leider Akinci een principe akkoord over een federatief verband van een Griekse en een Turkse zone op het eiland. De onderhandelingen over de uitwerking van dat akkoord onder leiding van de VN mislukten echter. Het probleem is ook dat de kwestie veel verder gaat dan een etnisch conflict. Cyprus ligt op een plek waar van alles bij elkaar komt: oude vetes tussen Griekenland en Turkije, de invloed van de Russen in de regio, de bemoeienis van de Amerikanen met het Midden-Oosten, de strijd om de energiebronnen, de belangen van de EU en van het Verenigd Koninkrijk.
De EU heeft indertijd ingestemd met het lidmaatschap van het geografisch buiten Europa gelegen Cyprus omdat Griekenland dreigde de toelating van Oost- Europese landen te blokkeren. Inmiddels toont het geen enkele verantwoordelijkheid om een oplossing te vinden voor het verdeelde, bezette land. De moeizame relatie met Turkije staat hoger op de prioriteitenlijst. De regeringsleiders die deze week te gast waren in Cyprus betekenden niet veel meer voor het land dan de toeristen die er in- en uitvliegen.